ECLI:NL:RBMNE:2026:3046

ECLI:NL:RBMNE:2026:3046

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 03-06-2026
Datum publicatie 03-06-2026
Zaaknummer 16/262979-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

De verdachte is midden in de nacht het huis van zijn ouders binnengedrongen en heeft vervolgens zijn vader met fors geweld aangevallen. De verdachte wordt veroordeeld voor poging tot doodslag, poging tot zware mishandeling en bedreiging van zijn vader, mishandeling van zijn moeder en huisvredebreuk. De rechtbank volgt de adviezen van de deskundigen en oordeelt dat de verdachte sterk verminderd toerekeningsvatbaar is en legt een gevangenisstraf op van acht maanden. Daarnaast legt de rechtbank een voorwaardelijke tbs-maatregel op.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummer: 16/262979-25

Tegenspraak

Verkort vonnis van de meervoudige kamer van 3 juni 2026 in de strafzaak van:

[verdachte] ,

geboren op [1998] in [geboorteplaats] ,

ingeschreven op het adres [adres] in [woonplaats] ,

gedetineerd in de [verblijfplaats] ,

hierna: de verdachte.

1. Zitting

De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 13 mei 2026. Het onderzoek is gesloten op 3 juni 2026.

Op de zitting waren aanwezig:

2. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij, samengevat:

feit 1 primair

op 6 oktober 2025 in [woonplaats] heeft geprobeerd om zijn vader ( [slachtoffer 2] ) opzettelijk van het leven te beroven;

feit 1 subsidiair

op 6 oktober 2025 in [woonplaats] heeft geprobeerd om zijn vader ( [slachtoffer 2] ) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen;

feit 2 primair

op 6 oktober 2025 in [woonplaats] heeft geprobeerd om zijn vader ( [slachtoffer 2] ) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen;

feit 2 subsidiair

op 6 oktober 2025 in [woonplaats] zijn vader ( [slachtoffer 2] ) heeft mishandeld;

feit 3

op 6 oktober 2025 in [woonplaats] zijn vader ( [slachtoffer 2] ) heeft bedreigd;

feit 4

op 6 oktober 2025 in [woonplaats] zijn moeder ( [slachtoffer 1] ) heeft mishandeld;

feit 5

op 6 oktober 2025 in [woonplaats] de woning van zijn ouders ( [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] ) zonder toestemming is binnengedrongen.

De volledige tekst van de beschuldiging staat in bijlage I van dit vonnis.

3. Bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat kan worden bewezen dat de verdachte de (primaire) feiten heeft gepleegd. De standpunten van de officier van justitie worden – voor zover van belang voor de beoordeling – besproken in paragraaf 3.3.

Standpunt van de verdediging

De advocaat verzoekt de rechtbank allereerst om de verdachte vrij te spreken van het eerste feit; zowel de poging tot doodslag als de poging tot zware mishandeling. Daarnaast verzoekt de advocaat om de verdachte vrij te spreken van de primaire beschuldiging van het tweede feit; de poging tot zware mishandeling. De advocaat refereert zich verder, met enkele opmerkingen, aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de rest van de beschuldiging; de mishandeling en bedreiging van zijn vader, de mishandeling van zijn moeder en de huisvredebreuk. De advocaat voert verschillende verweren over het bewijs. Deze worden – voor zover van belang voor de beoordeling – hierna besproken in paragraaf 3.3.

Oordeel van de rechtbank

Bewijsmiddelen

De rechtbank oordeelt dat de (primaire) feiten zijn bewezen. De bewezenverklaring is gebaseerd op de inhoud van de bewijsmiddelen die in dit verkorte vonnis nog niet zijn opgenomen. Als hoger beroep wordt ingesteld, zal het vonnis worden aangevuld met een bijlage met daarin de inhoud van de bewijsmiddelen.

Vastgestelde feiten

Op grond van de inhoud van de bewijsmiddelen stelt de rechtbank de volgende feiten vast. In de vroege ochtend van 6 oktober 2025 is de verdachte het huis van zijn ouders in [woonplaats] binnengedrongen door via het dakraam de slaapkamer van zijn ouders binnen te stappen. Hij schreeuwde direct dat hij zijn vader kwam vermoorden. Zijn ouders zijn naar beneden gevlucht. De verdachte heeft vervolgens zijn vader vele malen over het hele lichaam geschopt en geslagen, ook op het hoofd. De verdachte heeft een mes uit de keuken gepakt en heeft dit mes bij het geslachtsdeel van zijn vader gehouden terwijl hij het geslachtsdeel vasthad en riep ‘ik snij je lul eraf’. De verdachte heeft hierbij het scrotum van zijn vader geraakt, waardoor een wond is ontstaan. Op enig moment is het geweld naar de achtertuin verplaatst, waar de moeder van de verdachte met een bezemsteel heeft geprobeerd om haar man te ontzetten. De verdachte heeft deze bezemsteel afgepakt, is gehurkt achter zijn vader gaan zitten en heeft deze bezemsteel tegen de keel van zijn vader gedrukt terwijl hij riep ‘ik maak je kapot’. Op dat moment nam de vader afscheid van zijn vrouw en zakte hij weg. Het is de moeder toen gelukt om de bezemsteel los te krijgen. Door deze worsteling is de stok met kracht tegen de borst van de vader geschoten, met een gebroken rib als gevolg. Direct daarna arriveerde de politie. Tijdens de worsteling heeft de verdachte ook tweemaal zijn moeder een duw gegeven.

Opzet op de dood en op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel

De rechtbank is van oordeel dat de verdachte (vol) opzet heeft gehad op de dood van zijn vader en op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel aan zijn vader.

Het opzet op de dood van vader (feit 1) leidt de rechtbank allereerst af uit de uitlatingen van de verdachte, die bij binnenkomst al riep dat hij zijn vader kwam vermoorden en ook tijdens het geweld nog heeft geroepen dat hij hem wilde doodmaken. Terwijl hij de bezemsteel tegen de keel van zijn vader drukte, riep de verdachte: ‘ik maak je kapot’.

Daar komt bij dat het drukken van de bezemsteel tegen de keel van zijn vader, terwijl de verdachte met veel kracht aan de bezemsteel trok (dus tegen de keel aan), naar de uiterlijke verschijningsvorm zozeer gericht is geweest op het doden van zijn vader, dat dit naar het oordeel van de rechtbank eveneens wijst op (vol) opzet op de dood. De vader dacht dat hij dood zou gaan en nam al afscheid van zijn vrouw. Bovendien is hij daadwerkelijk weggezakt.

Ook het opzet op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel (feit 2) blijkt uit de uitlatingen en acties van de verdachte. Hij pakte hardhandig de penis van zijn vader beet en riep ‘ik snij je lul eraf’ terwijl hij er een mes bij hield. Daarbij heeft de verdachte ook daadwerkelijk met een mes in het scrotum van vader geprikt. Ook heeft de verdachte zijn vader vele malen geschopt en geslagen, zowel tegen het lichaam als op het hoofd. Dit geweld was naar de uiterlijke verschijningsvorm zozeer gericht geweest op het zwaar verwonden van zijn vader, dat naar het oordeel van de rechtbank sprake was van (vol) opzet op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel.

De bedreiging van zijn vader, de mishandeling van zijn moeder en huisvredebreuk

De verdachte heeft op de zitting bekend dat hij de bedreigingen richting zijn vader heeft geuit, dat hij zijn moeder heeft geduwd en dat hij het huis van zijn ouders wederrechtelijk is binnengedrongen.

Bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte:

feit 1 primair

op 6 oktober 2025 te [woonplaats] ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk zijn vader, [slachtoffer 2] , van het leven te beroven,

de keel van die [slachtoffer 1] met een bezemsteel heeft vastgeklemd/dicht gedrukt, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

feit 2 primair

op 6 oktober 2025 te [woonplaats] ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen

- die [slachtoffer 1] op de grond heeft geslagen/geduwd,

- het geslachtsdeel van die [slachtoffer 1] heeft vastgepakt,

- in het geslachtsdeel van die [slachtoffer 1] heeft geprikt met een mes,

- meermalen die [slachtoffer 1] heeft geslagen en geschopt tegen zijn benen en andere plekken op zijn lichaam,

- meermalen die [slachtoffer 1] , al dan niet met een vuist, heeft geslagen tegen zijn hoofd/gezicht, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid en

terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn vader tot wie verdachte in familierechtelijke betrekking stond;

feit 3

op 6 oktober 2025 te [woonplaats] zijn vader, [slachtoffer 2] , heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en met zware mishandeling, door die [slachtoffer 1] dreigend de woorden toe te voegen

- ‘Ik kom die klootzak vermoorden’,

- “Ik snij je lul eraf”, en

- “Ik maak je kapot”,

en door het geslachtsdeel van die [slachtoffer 1] vast te pakken en een mes ter hoogte van de onderzijde van zijn geslachtsdeel te houden;

feit 4

op 6 oktober 2025 te [woonplaats] [slachtoffer 1] heeft mishandeld door die [slachtoffer 2] meermalen te duwen tegen het lichaam, terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn moeder tot wie verdachte in familierechtelijke betrekking stond;

feit 5

op 6 oktober 2025 te [woonplaats] in de woning, te weten de woning aan [adres] te [woonplaats] , bij een ander, te weten bij [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] , in gebruik wederrechtelijk is binnengedrongen.

De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.

De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldiging voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt de verdachte niet.

4. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:

feit 1 primair: poging tot doodslag;

feit 2 primair: poging tot zware mishandeling, terwijl de schuldige het misdrijf begaat tegen zijn vader tot wie hij in familierechtelijke betrekking staat;

feit 3: bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht en met zware mishandeling;

feit 4: mishandeling, terwijl de schuldige het misdrijf begaat tegen zijn moeder tot wie hij in familierechtelijke betrekking staat;

feit 5: in de woning bij een ander in gebruik, wederrechtelijk binnendringen.

Strafbaarheid feiten en verdachte

De feiten en de verdachte zijn strafbaar. Er is namelijk niets gebleken dat de strafbaarheid van de feiten of de verdachte wegneemt.

5. Straf en maatregel

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie eist dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van tien maanden, met aftrek van het voorarrest. De officier van justitie eist verder dat aan de verdachte de maatregel tot terbeschikkingstelling met voorwaarden (hierna: tbs met voorwaarden) wordt opgelegd, waarbij het – kort samengevat – gaat om de volgende voorwaarden:

geen strafbaar feit plegen;

meewerken aan reclasseringstoezicht;

meewerken aan time-out;

niet naar het buitenland;

opneming in een zorginstelling;

ambulante behandeling;

begeleid wonen of verblijf in maatschappelijke opvang;

verbod verdovende middelen;

alcoholverbod;

dagbesteding.

Standpunt van de verdediging

De advocaat verzoekt de rechtbank om rekening te houden met de sterk verminderde toerekeningsvatbaarheid van de verdachte en stelt dat het voorarrest als onvoorwaardelijk strafdeel voldoende is. De advocaat verzoekt verder om tbs met voorwaarden op te leggen en benadrukt dat het van belang is dat de verdachte zo snel mogelijk terecht kan in een kliniek voor behandeling.

Oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de straf en de maatregel houdt de rechtbank rekening met de ernst van de gepleegde feiten en de omstandigheden waaronder de verdachte deze feiten heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee.

Ernst en omstandigheden van de feiten

De verdachte is midden in de nacht, kennelijk in psychotische toestand, het huis van zijn ouders binnengedrongen. Daar heeft hij zijn vader aangevallen. Hij heeft geprobeerd hem te doden en om hem zwaar te verwonden. Tijdens deze geweldsexplosie heeft hij zijn vader geduwd, geschopt, geslagen, geprikt met een mes en heeft hij een bezemsteel tegen de keel van zijn vader gedrukt. Beide ouders waren op dat moment bang dat de vader zou overlijden. Voor en tijdens het geweld uitte de verdachte meerdere bedreigingen tegen zijn vader. Hoewel het geweld tegen zijn vader was gericht, heeft de verdachte ook zijn moeder twee keer een duw gegeven.

Deze nacht is angstaanjagend geweest voor de ouders. Dit blijkt ook uit de slachtofferverklaring die de moeder tijdens de zitting heeft voorgelezen. Uit diezelfde slachtofferverklaring, en overigens ook uit het dossier, blijkt verder dat de ouders van de verdachte al jaren bezig zijn met het verkrijgen van de passende hulp voor hun zoon, die met ernstige psychische problematiek kampt. De ouders vreesden al langer dat het op deze manier uit de hand zou lopen. Het is heel verdrietig dat het inderdaad is gekomen tot een geweldsuitbarsting die voor de ouders een verschrikkelijke ervaring moet zijn geweest, met verstrekkende gevolgen voor de hele familie. De rechtbank hoopt dat deze strafzaak tot het inzetten van de juiste hulp leidt.

Strafblad

De rechtbank heeft gekeken naar het strafblad van de verdachte van 26 maart 2026. Hieruit blijkt dat de verdachte niet eerder voor een soortgelijk strafbaar feit is veroordeeld. De rechtbank weegt het strafblad dan ook niet in strafverzwarende zin mee.

Pro Justitia rapportages

Verder heeft de rechtbank het rapport van 11 februari 2026 van GZ-psycholoog A.G. van der Weijden en het rapport van 12 februari 2026 van psychiaters E. Henselmans en J. Marx gelezen. Uit deze rapporten volgt dat bij de verdachte sprake is van complexe en langdurig bestaande problematiek, waarin schizofrenie centraal staat, gecombineerd met ADHD, trauma gerelateerde problematiek en een stoornis in het gebruik van meerdere middelen. Deze stoornissen waren aanwezig ten tijde van de feiten en hebben een sterke invloed gehad op de gedragskeuzes en gedragingen van de verdachte.

Volgens de deskundigen verkeerde de verdachte op het moment van de feiten in een psychotisch toestandsbeeld waarbij er een voor hem bekend waanbeeld speelde dat er sprake zou zijn geweest van seksueel misbruik door zijn ouders. Dit beeld heeft een dusdanige spanning veroorzaakt dat de verdachte onvoldoende in staat is geweest weerstand te bieden aan zijn neiging om verhaal te halen bij zijn vader. De verdachte was de grip op de realiteit kwijt in die zin dat hij niet kon inzien dat zijn gedachten mogelijk onwaar waren en dat hij de gevolgen van zijn gedrag onvoldoende heeft kunnen inzien. Er heerste een dusdanige woede in hem dat hij zijn agressieve uitspatting niet heeft kunnen voorkomen. Tegelijk lijkt hij enig besef te hebben gehad van het gevaar van zijn agressieve gedrag en zien de deskundigen een onderscheid tussen impulsieve, pathologisch beïnvloede gedragskeuzes en momenten waarop betrokkene wél enige bewuste overweging kon maken. Zijn keuzemomenten waren zeer beperkt, maar niet volledig afwezig; hij ervoer innerlijke strijd, enige reflectie en spijt over zijn handelen. Concluderend adviseren de deskundigen de feiten in sterk verminderde mate toe te rekenen aan de verdachte.

Gelet op de aanwezige psychische problematiek bij de verdachte, schatten de deskundigen het risico dat de verdachte opnieuw ontregeld en impulsief of agressief gedrag zal vertonen in als matig-hoog tot hoog. Met name bij toename van stress, psychotische ontregeling of middelengebruik is het risico op herhaling hoog. Hierdoor blijft voortdurende monitoring, externe sturing en adequate behandeling noodzakelijk om de kans op recidive te beperken. Gezien de aard en ernst van de vastgestelde psychotische stoornis, in combinatie met impulsiviteit en het middelengebruik, achten de deskundigen het noodzakelijk dat de verdachte wordt opgenomen in een forensische kliniek. De deskundigen adviseren om tbs met voorwaarden op te leggen. Gezien het risico op herhaling en de aangewezen intensieve behandeling binnen een forensisch klinische setting is het kader van tbs met voorwaarden namelijk noodzakelijk.

De rapporten van de deskundigen zijn duidelijk en goed te volgen. Hun conclusies worden gedragen door hun bevindingen. De rechtbank neemt die conclusies daarom over.

Reclasseringsadvies

Tot slot heeft de rechtbank kennisgenomen van het reclasseringsadvies van 29 april 2026. De reclassering adviseert positief over tbs met voorwaarden en ziet voldoende mogelijkheden om met interventies binnen dat kader de risico's te beperken of het gedrag te veranderen. Volgens de reclassering heeft de verdachte motivatie voor hulpverlening en begeleiding en toont hij besef van de noodzaak tot het langdurige en intensieve karakter van het beoogde traject. Dit biedt mogelijkheden tot het inzetten van een klinische behandeling. De reclassering adviseert om als voorwaarden te stellen de voorwaarden zoals de officier van justitie die heeft geëist, onder begeleiding en toezicht van de reclassering en met dadelijke uitvoerbaarheid van deze voorwaarden.

Straf

Gelet op de ernst van het geweld dat de verdachte heeft gebruikt, is de rechtbank van oordeel dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf de enige passende straf is. Daar komt bij dat de verdachte het geweld midden in de nacht tegen zijn ouders heeft gepleegd, in hun eigen huis. Zoals gezegd neemt de rechtbank de conclusies en het advies van de deskundigen over. De rechtbank rekent de hiervoor bewezen verklaarde feiten daarom in sterk verminderde mate aan de verdachte toe. De rechtbank is van oordeel dat een gevangenisstraf van acht maanden passend is. Een langere gevangenisstraf, zoals de officier van justitie heeft geëist, is gelet op de sterk verminderde toerekenbaarheid niet passend. De officier van justitie heeft haar strafeis mede onderbouwd met het argument dat de verdachte vast moet blijven zitten totdat een kliniek voor hem gevonden is in het kader van de tbs-maatregel met voorwaarden. Dat is een invoelbaar argument, maar het kan naar het oordeel van de rechtbank geen reden zijn om aan iemand een langere gevangenisstraf op te leggen.

Maatregel: tbs met voorwaarden

De rechtbank is verder van oordeel dat aan de verdachte een tbs-maatregel met voorwaarden moet worden opgelegd. Aan de wettelijke eisen voor de oplegging wordt voldaan. Ten eerste bestond ten tijde van het plegen van het bewezenverklaarde een ziekelijke stoornis van de geestvermogens bij de verdachte. Ten tweede zijn de poging tot doodslag, de poging tot zware mishandeling en de bedreiging van zijn vader misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld of die worden genoemd in artikel 37a Wetboek van Strafrecht. Tot slot eist de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen, de oplegging van de maatregel.

Uit de hiervoor besproken rapporten blijkt dat de verdachte te kampen heeft met zodanige problematiek, dat het vanuit veiligheidsoogpunt onverantwoord is om hem onbehandeld in de maatschappij te laten terugkeren. Het risico op recidive wordt door de deskundigen ingeschat als hoog als passende behandeling en begeleiding ontbreken. Op de zitting zijn de in het reclasseringsadvies opgenomen voorwaarden aan de verdachte voorgehouden en de verdachte heeft zich tot naleving van al die voorwaarden bereid verklaard.

Alles overwegende vindt de rechtbank de oplegging van de tbs-maatregel met voorwaarden passend en noodzakelijk. De rechtbank zal de maatregel met de daarbij in de beslissing vermelde voorwaarden opleggen. De rechtbank is van oordeel dat dit niet alleen nodig is, maar ook de meest passende oplossing is voor de verdachte om de juiste hulp en begeleiding te krijgen.

Dadelijke uitvoerbaarheid

De rechtbank zal vanwege het geconstateerde, hoge recidivegevaar bevelen dat de maatregel dadelijk uitvoerbaar is. Dat betekent dat voor de verdachte de voorwaarden gelden, ook als de zaak nog niet onherroepelijk zou worden als tegen dit vonnis hoger beroep wordt ingesteld.

Bij omzetting naar tbs met dwangverpleging

De maatregel wordt opgelegd wegens een misdrijf dat is gericht tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer anderen, zodat de maatregel niet gemaximeerd zal zijn als de tbs met voorwaarden wordt omgezet in een terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege.

De voorlopige hechtenis

Omdat er ernstig rekening mee gehouden moet worden dat aan de verdachte een vrijheidsbenemende maatregel kan worden opgelegd (namelijk door omzetting in tbs met dwangverpleging als hij zich niet aan de voorwaarden houdt), heft de rechtbank de voorlopige hechtenis niet op. De rechtbank vindt het wel van belang dat, als er een plek bij [instelling] of een overbruggingsplek beschikbaar is, terwijl dit vonnis nog niet onherroepelijk is, de verdachte daar direct naartoe kan. De rechtbank zal daarom bevelen dat de voorlopige hechtenis wordt geschorst met ingang van het tijdstip waarop de verdachte voor zijn klinische behandeling in [instelling] of een overbruggingsplek zal worden opgenomen..

De rechtbank is zich ervan bewust dat de tbs met voorwaarden niet mag worden omgezet in een tbs met dwangverpleging als het vonnis nog niet onherroepelijk is. Om een vangnet te creëren voor het geval de verdachte de aan de tbs verbonden voorwaarden overtreedt in de periode waarin de uitspraak nog niet onherroepelijk is, wordt de voorlopige hechtenis geschorst onder dezelfde voorwaarden als die aan de tbs-maatregel verbonden zijn. Zou de verdachte de in dat kader te stellen voorwaarden niet naleven, terwijl dit vonnis nog niet onherroepelijk is, bestaat de mogelijkheid om de opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis te bevelen. Op die manier worden de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen gewaarborgd.

6. Toegepaste wetsartikelen

De opgelegde straf en maatregel zijn gebaseerd op de volgende wetsartikelen:

artikelen 37a, 38, 38a, 45, 57, 138, 285, 287, 300, 302 en 304 van het Wetboek van Strafrecht.

7. De beslissing

De rechtbank:

bewezenverklaring

- verklaart bewezen dat de verdachte de feiten heeft gepleegd, zoals hierboven in paragraaf 3.4 is omschreven;

- verklaart het overige dat in de beschuldiging staat niet bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij;

strafbaarheid feit

- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4.1 is vermeld;

strafbaarheid verdachte

- verklaart de verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;

straf

- veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden;

- bepaalt dat de tijd, door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

maatregel TBS met voorwaarden

- gelast dat de verdachte ter beschikking wordt gesteld en stelt daarbij de volgende voorwaarden betreffende het gedrag van de ter beschikking gestelde:

o de verdachte maakt zich niet schuldig aan een strafbaar feit;

o de verdachte werkt mee aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder andere in:

 de verdachte meldt zich op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe vaak dat nodig is;

 de verdachte laat een of meer vingerafdrukken nemen en laat een geldig identiteitsbewijs zien. Dit is nodig om de identiteit van betrokkene vast te stellen;

 de verdachte houdt zich aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om de verdachte te helpen bij het naleven van de voorwaarden;

 de verdachte helpt de reclassering aan een actuele foto waarop zijn gezicht herkenbaar is. Deze foto is nodig voor opsporing bij ongeoorloofde afwezigheid;

 de verdachte werkt mee aan huisbezoeken;

 de verdachte geeft de reclassering inzicht in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners;

 de verdachte vestigt zich niet op een ander adres zonder toestemming van de reclassering;

 de verdachte werkt mee aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties die contact hebben met de verdachte, als dat van belang is voor het toezicht;

o als de reclassering dat nodig vindt en de verdachte daarmee instemt, kan de verdachte voor een time-out worden opgenomen in een Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) of andere instelling. Deze time-out duurt totdat de reclassering of de verdachte deze beëindigt, maar maximaal zeven weken, met de mogelijkheid van verlenging met nog eens maximaal zeven weken, tot maximaal veertien weken per jaar;

o de verdachte gaat niet naar het buitenland of het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden, zonder toestemming van de reclassering;

o de verdachte laat zich opnemen in en behandelen door [instelling] of een soortgelijke zorginstelling, te bepalen door de voor plaatsing verantwoordelijke instantie. De opname start aansluitend aan detentie. De zorginstelling bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op psychische problematiek, verslavingsproblematiek, agressiebeheersing, cognitieve vaardigheden, sociale vaardigheden en/of andere problematiek. Gelet op de problematiek kan onderdeel van de behandeling zijn dat de verdachte voorgeschreven medicatie zal gebruiken. De verdachte houdt zich aan de huisregels en aanwijzingen van de zorginstelling en de behandelaren. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg of verblijf in een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang nodig vindt, werkt de verdachte mee aan de indicatiestelling en plaatsing;

o de verdachte laat zich behandelen door Ambulant Centrum Fivoor of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op psychische problematiek, verslavingsproblematiek, agressiebeheersing, cognitieve vaardigheden, sociale vaardigheden en/of andere problematiek. Gelet op de problematiek kan onderdeel van de behandeling zijn dat de verdachte voorgeschreven medicatie zal gebruiken;

o de verdachte verblijft in een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf start aansluitend aan de klinische opname. De verdachte houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering opstelt;

o de verdachte gebruikt geen verdovende middelen, tenzij de reclassering toestemming heeft gegeven voor het gebruik. De verdachte moet meewerken aan controles. Dit kunnen zijn urineonderzoek/ademonderzoek/speekseltest. De reclassering bepaalt hoe vaak en met welk controlemiddel wordt gecontroleerd;

o de verdachte gebruikt geen alcohol, tenzij de reclassering toestemming heeft gegeven voor het gebruik. De verdachte moet meewerken aan controles. Dit kunnen zijn urineonderzoek/ademonderzoek/speekseltest. De reclassering bepaalt hoe vaak en met welk controlemiddel wordt gecontroleerd;

o de verdachte spant zich in voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delict gedrag;

- geeft opdracht aan de reclassering de ter beschikking gestelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen;

- beveelt dat de terbeschikkingstelling met voorwaarden en het toezicht door de reclassering dadelijk uitvoerbaar zijn;

voorlopige hechtenis

- schorst de voorlopige hechtenis met ingang van het moment dat verdachte wordt opgenomen en daarmee feitelijk ter beschikking wordt gesteld bij [instelling] of een soortgelijke instelling, dan wel indien daar op dat moment nog geen plek beschikbaar is, in een soortgelijke instelling ter overbrugging van de tijd tot aan de opname, onder dezelfde voorwaarden als die zijn verbonden aan de tbs-maatregel (zoals hiervoor weergegeven) en voorts onder de voorwaarden:

o dat de verdachte, indien de opheffing van de schorsing mocht worden bevolen, zich aan de tenuitvoerlegging van het bevel tot voorlopige hechtenis niet zal onttrekken;

o dat de verdachte, ingeval hij wegens het feit, waarvoor de voorlopige hechtenis is bevolen, tot andere dan vervangende vrijheidsstraf mocht worden veroordeeld, zich aan de tenuitvoerlegging daarvan niet zal onttrekken.

Dit vonnis is gewezen door mr. S. Ourahma, voorzitter, mr. R.P. den Otter en mr. S.E. Garvelink, rechters, in tegenwoordigheid van mr. D. Kiestra als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 3 juni 2026.

Bijlage I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is na wijziging van de tenlastelegging ten laste gelegd dat:

feit 1 primair

hij op of omstreeks 6 oktober 2025 te [woonplaats] ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om opzettelijk een ander, zijn vader, te weten [slachtoffer 2] van het leven te beroven,

- de keel/nek/hals van die [slachtoffer 1] met een stok/bezemsteel heeft vastgeklemd/gewurgd/ dicht gedrukt,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

feit 1 subsidiair

hij op of omstreeks 6 oktober 2025 te [woonplaats] ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een ander, te weten [slachtoffer 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen

- de keel/nek/hals van die [slachtoffer 1] met een stok/bezemsteel heeft

vastgeklemd/gewurgd/ dicht gedrukt,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid,

terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn vader tot wie verdachte in familierechtelijke

betrekking stond;

feit 2 primair

hij op of omstreeks 6 oktober 2025 te [woonplaats] ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een ander, te weten [slachtoffer 2] opzettelijk

zwaar lichamelijk letsel toe te brengen

- die [slachtoffer 1] tegen de grond heeft geslagen/geduwd,

- het geslachtsdeel van die [slachtoffer 1] (stevig) heeft vastgepakt,

- meermalen in het geslachtsdeel van die [slachtoffer 1] heeft geprikt/gestoken met een mes,

- meermalen die [slachtoffer 1] heeft geslagen en/of geschopt tegen zijn benen en/of andere plekken op zijn lichaam,

- meermalen die [slachtoffer 1] , al dan niet met een vuist, heeft geslagen tegen zijn hoofd/gezicht, en/of

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid,

terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn vader tot wie verdachte in familierechtelijke

betrekking stond;

feit 2 subsidiair

hij op of omstreeks 6 oktober 2025 te [woonplaats] [slachtoffer 2] , heeft mishandeld door:

- die [slachtoffer 1] tegen de grond te slaan / duwen,

- het geslachtsdeel van die [slachtoffer 1] (stevig) vast te pakken,

- meermalen in het geslachtsdeel van die [slachtoffer 1] te prikken / steken met een mes,

- meermalen die [slachtoffer 1] te slaan en/of te schoppen tegen zijn benen en/of andere

plekken op zijn lichaam,

- meermalen die [slachtoffer 1] , al dan niet met een vuist, te slaan tegen zijn hoofd/gezicht,

terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn vader tot wie verdachte in familierechtelijke

betrekking stond;

feit 3

hij op of omstreeks 6 oktober 2025 te [woonplaats] zijn vader, te weten [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [slachtoffer 1] dreigend de woorden toe te voegen

- ‘ Ik kom die klootzak vermoorden’,

- “ Ik snij je lul eraf”, en/of

- “ Ik maak je kapot”,

althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking,

en/of door het geslachtsdeel van die [slachtoffer 1] vast te pakken en een mes ter hoogte van de onderzijde van zijn geslachtsdeel te houden;

feit 4

hij op of omstreeks 6 oktober 2025 te [woonplaats] [slachtoffer 1] , heeft mishandeld, door die [slachtoffer 2] meermalen te duwen en/of slaan tegen het lichaam, terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn moeder tot wie verdachte in familierechtelijke betrekking stond;

feit 5

hij op of omstreeks 6 oktober 2025 te [woonplaats] in de woning, het besloten lokaal en/of het besloten erf, te weten de woning aan [adres] te [woonplaats] , bij een ander, te weten bij [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 1] , althans bij een ander of anderen dan bij verdachte, in gebruik wederrechtelijk is binnengedrongen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand