RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Utrecht
Zaaknummer: C/16/600807 / FA RK 25-1960
Datum uitspraak: 22 juli 2026
Beschikking echtscheiding
in de zaak van
[de vrouw] ,
hierna te noemen de vrouw,
wonend in [woonplaats] ,
advocaat mr. M. Jozefzoon-Flipse uit Utrecht,
en
[de man] ,
hierna te noemen de man,
wonend in Marokko.
1. Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
het verzoekschrift van de vrouw, ontvangen op 8 oktober 2025;
het bericht van de vrouw van 10 februari 2026.
Er heeft geen mondelinge behandeling plaatsgevonden.
2. De beoordeling
De vrouw heeft een verzoekschrift tot echtscheiding met nevenvoorzieningen (verzoeken die samenhangen met de echtscheiding) ingediend. De rechtbank verklaart de vrouw niet-ontvankelijk in haar verzoeken. Dat betekent dat de rechtbank haar verzoeken niet inhoudelijk behandeld. De rechtbank zal deze beslissing toelichten.
Uit artikel 4.2. van het Procesreglement Echtscheiding volgt dat de vrouw het originele betekeningsexploot (het officiële stuk waaruit blijkt dat een deurwaarder het verzoekschrift aan de man heeft betekend) moet overleggen. De vrouw heeft dat ondanks herhaald verzoek van de rechtbank daartoe nagelaten. Ook heeft zij geen klemmende redenen aangevoerd waarom zij het betekeningsexploot niet heeft overgelegd (artikel 2.3 van het Procesreglement Echtscheiding). De vrouw heeft de rechtbank enkel bericht dat het de bedoeling is om de procedure te wijzigen naar een gezamenlijk verzoek tot echtscheiding en dat zij de rechtbank hierover binnen de gestelde termijn nader zal berichten. Dat heeft zij niet gedaan. Bovendien kan een eenzijdig verzoek tot echtscheiding niet worden omgezet naar een gemeenschappelijk verzoek tot echtscheiding. Het betreft namelijk een andere procedure. Partijen moeten dan dus samen een nieuw verzoekschrift indienen.
3. De beslissing
De rechtbank:
verklaart de vrouw niet-ontvankelijk in haar verzoek.
Deze beschikking is gegeven door mr. D.S. Terporten-Hop, (kinder)rechter en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van mr. F. de Kleijn, griffier op 22 juli 2026.
!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR HANDTEKENING SECRETARIS!
!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR HANDTEKENING RECHTER!
!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR STEMPELS!
Tegen de eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
- de verschenen partij(en), binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- de niet verschenen partij(en), binnen drie maanden na de betekening van de beschikking aan hem/haar in persoon of binnen drie maanden nadat deze op een andere manier is betekend en openbaar is gemaakt door het plaatsen van een uittreksel van de beschikking in de Staatscourant.