ECLI:NL:RBMNE:2026:5796

ECLI:NL:RBMNE:2026:5796

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 12-08-2026
Datum publicatie 23-08-2026
Zaaknummer 12039862 \ UC EXPL 26-30
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Verschil over uitleg commissieregeling. Kantonrechter volgt uitleg werkneemster, want zij mocht erop vertrouwen dat haar uitleg juist was. Werkgever heeft niet voldaan aan informatieplicht.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Utrecht

Zaaknummer: 12039862 \ UC EXPL 26-30 BJvd/61199

Vonnis van 12 augustus 2026

in de zaak van

[eiseres] ,

wonend in [woonplaats] ,

eisende partij,

hierna te noemen: [eiseres] ,

gemachtigde: mr. C.A.B. Zeevenhooven,

tegen

LABB B.V.,

gevestigd in Utrecht,

gedaagde partij,

hierna te noemen: Labb,

gemachtigde: mr. N. Asrish.

1. De procedure

De kantonrechter heeft de volgende stukken ontvangen:

- de dagvaarding met producties 1 tot en met 8,- de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 13,

- de akte van [eiseres] met aanvullende producties 9 en 10,

- de pleitnota van [eiseres] ,

- de pleitnota van Labb.

Op 18 juni 2026 heeft de mondelinge behandeling plaatsgevonden. Daarbij is verschenen mevrouw [eiseres] met haar gemachtigde mr. C.A.B. Zeevenhooven. Namens Labb zijn verschenen mevrouw [A] , [functie 1] bij Labb en de heer [B] , [functie 2] bij Labb , met de gemachtigde mr. N. Asrish. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat er tijdens de mondelinge behandeling is besproken.

2. De kern van de zaak

[eiseres] werkte op basis van een arbeidsovereenkomst voor Labb. Nadat de arbeidsovereenkomst was geëindigd heeft [eiseres] zich op het standpunt gesteld dat zij nog recht heeft op een commissie die zij gedurende haar dienstverband bij Labb heeft opgebouwd. Volgens [eiseres] is een commissieplan afgesproken op basis waarvan zij nog recht heeft op € 130.000,00 bruto. In deze procedure vordert [eiseres] betaling van dat bedrag, vermeerderd met de wettelijke verhoging. Volgens Labb legt [eiseres] het commissieplan verkeerd uit. De kantonrechter oordeelt dat [eiseres] erop mocht vertrouwen dat haar uitleg van het commissieplan juist was. Omdat de uiteindelijke jaarcijfers van Labb ten tijde van deze procedure nog niet bekend zijn (gemaakt) stelt de kantonrechter Labb in de gelegenheid om de definitieve jaarcijfers te overleggen. Op basis daarvan kan de commissie van [eiseres] worden berekend. Alle verdere beslissingen worden aangehouden.

3. De achtergrond van de zaak

[eiseres] was sinds 11 november 2024 bij Labb werkzaam in de functie van [functie 3] . Dit was op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, die op 11 november 2025 is geëindigd. [eiseres] had een basissalaris van € 130.000,00 bruto per jaar. In de arbeidsovereenkomst is een commissieplan opgenomen. Daarover is in de ‘’Key terms of Employment’’ het volgende bepaald:

‘’ Commission plan: The (OTE) on-target earning will be € 260k, consisting out of 100% base (130k) + 80% ICP (104k) + 20% TCP (26k). Target details of the ICP and TCP will be discussed during the first month of employment and will be determined in a separate CP and TCP agreement.’’

Dit commissieplan houdt in dat er naast het vaste jaarsalaris aanspraak kan worden gemaakt op een commissie van maximaal € 130.000,00 bruto.

Partijen hebben uiteindelijk geen aparte overeenkomst gesloten over het commissieplan. Tussen partijen zijn daar in medio maart 2025 gesprekken over gevoerd. Toen is bepaald dat er geen splitsing tussen het ICP (Individual Compensation Plan) en TCP (Team Compensation Plan) zou plaatsvinden, maar dat het target in het commissieplan zou worden vastgesteld op basis van het teamtarget over de regio’s in het Verenigd Koninkrijk en de Benelux. De afspraken zijn als volgt per mail bevestigd.

Op 14 maart 2025 mailt de heer [C] , [functie 4] bij Labb (hierna: [C] ) het volgende aan [eiseres] :

‘’Hi [eiseres (voornaam)] ,

Here are the new targets, split by type (organic aka radiated growth / new aka new logo).

Happy to discuss,

[C] ’’

Op 17 maart 2025 mailt [eiseres] [C] terug, met de heer [D] , [functie 5] bij Labb (hierna: [D] ) in de cc,

‘’(…) Just a double check – these numbers are burned revenue, correct?

So, based on this overview, my total target would be € 18.6M burned revenue and would result into the following commission plan, correct?:

a. On target Earnings (OTE) is € 260K (130K base + 130K commission), based on team reaching € 18.6M target

b. <50% reached = 15% reduction

<75% reached = 10% reduction

>75% reached = 0 % reduction

Example £2m of £3.2 reached = 62,5% reached. Meaning 10% reduction, meaning [eiseres (voornaam)] gets 52% of base.

If so – I think this makes sense and agreed. (…)’’

Op 19 maart 2025 reageert [C] in een mail aan [eiseres] , met [D] in de cc:

‘’Yes total growth € 2.4m / total revenue € 18.6m’’

Vervolgens vraagt [eiseres] per e-mail op 28 april 2025 nog een bevestiging van [D] met betrekking tot het commissieplan op basis van haar voorbeeld en zoals het is besproken in de e-mails. Daar geeft [D] diezelfde dag nog akkoord op.

4. De beoordeling

De verschillende uitleg van partijen van het commissieplan

[eiseres] vordert op basis van (haar uitleg van) het commissieplan betaling van een bedrag van € 130.000,00 bruto, vermeerderd met de wettelijke rente en de wettelijke verhoging. Partijen verschillen van mening hoe het commissieplan moet worden uitgelegd.

De uitleg volgens [eiseres]

[eiseres] stelt - consequent - dat het target van het commissieplan ziet op een totale omzet van € 18,6 miljoen.

De uitleg volgens Labb

Labb heeft haar standpunt over de uitleg van het commissieplan een aantal keer gewijzigd. (1) Op 28 augustus 2025 schreef mevrouw [A] , [functie 1] bij Labb (hierna: [A] ) in een e-mail aan [eiseres] dat [eiseres] niet in aanmerking zou komen voor een commissie, omdat haar jaarcontract vóór de einddatum is beëindigd. Dit terwijl er geen sprake was van een vroegtijdige beëindiging, maar een niet-verlenging van het contract van [eiseres] . (2) Vervolgens werd op 10 september 2025 door de gemachtigde van Labb het standpunt ingenomen dat [eiseres] geen recht zou hebben op een commissie vanwege meerdere redenen, maar voornamelijk vanwege de tegenvallende financiële resultaten van Labb.

Daarna neemt Labb op 15 september 2025 het standpunt in dat [eiseres] geen recht zou hebben op een commissie omdat het groei-target van € 2,4 miljoen niet behaald is. Aan dit standpunt wordt ook in deze procedure vastgehouden door Labb. Volgens Labb ziet het target niet (alleen) op de totale omzet, maar (ook) op een groei van € 2,4 miljoen (namelijk: € 0,6 miljoen Organic growth en € 1,8 miljoen New (nieuwe klanten)) bovenop het ‘starting committed’ van € 16,2 miljoen. Labb stelt dat duidelijk was dat in de tabel (zoals te zien in 3.3. van dit vonnis) de nadruk is gelegd op groei (Growth) en dat [eiseres] had moeten begrijpen dat het commissieplan gebaseerd was op groei.

De ‘total revenue’ was op 15 september 2025 € 15,9 miljoen, wat een negatieve groei van € 0,3 miljoen inhoudt. Labb heeft op basis daarvan de volgende berekening gemaakt: -0,3 / 2,4 = -12,5%. Met de reductie van 15% komt Labb uit op een percentage van -27,5% van € 130.000,00 = € 0,00. ‘(4) Op 23 februari 2026 heeft Labb [eiseres] laten weten dat uit de voorlopige jaarcijfers blijkt dat het uiteindelijke resultaat toch iets positiever is, namelijk voorlopig € 16,9 miljoen, zodat er een positieve groei is van € 0,7 miljoen. Op basis daarvan heeft Labb [eiseres] een commissie uitbetaald van € 18.200,00, want 0,7 / 2,4 = 29%, met een reductie van 15% = 14% en 14% van € 130.000,00 = € 18.200,00.

De kantonrechter volgt de uitleg van [eiseres] voor het bepalen van de hoogte van de commissie

De kantonrechter is van oordeel dat de uitleg van [eiseres] , namelijk dat het target ziet op een totale omzet van € 18,6 miljoen, moet worden gevolgd voor het vaststellen van de hoogte van de commissie. Dat wordt hieronder toegelicht.

Om vast te stellen welke uitleg moet worden gegeven aan het commissieplan moet worden gekeken naar de overeenkomst, maar ook naar wat partijen verder nog gezegd en gedaan hebben en wat zij op grond daarvan van elkaar mochten verwachten. Daarbij is ook van belang dat in de relatie werkgever-werknemer de werkgever een informatieplicht heeft tegenover de werknemer over de arbeidsvoorwaarden. Het is aan de werkgever om de werknemer duidelijk te informeren over alle bestanddelen van het loon, inclusief de variabele beloning. In de arbeidsovereenkomst is ook vastgelegd dat er een aparte (ICP- en TCP-)overeenkomst zou worden gesloten.

Blijkbaar is er tussen partijen onduidelijkheid ontstaan over de uitleg van het commissieplan. Die onduidelijkheid komt voor rekening van Labb als werkgever. De kantonrechter is namelijk van oordeel dat Labb [eiseres] niet voldoende duidelijk heeft geïnformeerd over het commissieplan, terwijl dit om een zeer substantieel deel van haar inkomen ging. Om te beginnen is de in de arbeidsovereenkomst toegezegde commissie-overeenkomst - die meer duidelijkheid had kunnen geven - nooit opgesteld. Labb heeft [eiseres] slechts per mail een tabel gestuurd, zonder enige verdere uitleg. Het is [eiseres] geweest die zich vervolgens heeft ingespannen om van tevoren meer duidelijkheid te krijgen over de uitleg van het commissieplan. Nadat de tabel aan [eiseres] was toegestuurd, heeft [eiseres] zowel bij de [functie 4] als bij de [functie 5] gevraagd om bevestiging dat haar uitleg van het commissieplan juist was. Die uitleg ging uit van ‘€ 18,6M burned revenue’ en ‘team reaching €18,6M target’. [C] antwoordde op de vraag van [eiseres] of haar berekening juist was: 'Yes total growth € 2.4m / total revenue € 18.6m'. Hoewel hij hier de groei dus wel noemde, volgt de kantonrechter Labb niet in haar standpunt dat voor [eiseres] daarmee voldoende duidelijk was, of had moeten zijn, dat het behalen van die groei een absolute voorwaarde (door [eiseres] genoemd: een knock-out voorwaarde’) vormde voor het toekennen van een commissie. Op zijn minst had dan van [C] verwacht mogen worden dat hij in reactie op haar rekenvoorbeeld niet ‘yes’ schreef, maar ‘no’, gevolgd door een toelichting. [eiseres] heeft nog een dubbelcheck gedaan bij [D] , die ook niet is aangeslagen op het rekenvoorbeeld van [eiseres] . Tijdens de mondelinge behandeling heeft [eiseres] toegelicht dat zij uit de antwoorden van [C] en [D] begreep dat haar uitleg juist was, namelijk dat het commissieplan was gebaseerd op een totale omzet van € 18,6 miljoen. Zij mocht deze antwoorden redelijkerwijs zo begrijpen. Als groei tot een bepaald niveau voor Labb een tweede harde voorwaarde was voor het verkrijgen van commissie, had Labb dit duidelijk aan [eiseres] moeten uitleggen. In dat geval had [C] niet met ‘yes’ moeten antwoorden op de uitleg van [eiseres] , maar had hij duidelijk moeten maken dat alleen bij een bepaalde groei van Labb recht op een commissie bestond. Voor de volledigheid merkt de kantonrechter daarbij nog op dat niet ter discussie staat dat de functie van [eiseres] niet alleen bestond uit het werven van nieuwe klanten, maar ook voor een groot deel uit het behouden van bestaande klanten.

Labb hoeft de wettelijke verhoging niet te betalen

De kantonrechter is van oordeel dat Labb de wettelijke verhoging over (het nog vast te stellen) commissiebedrag niet hoeft te betalen. Labb heeft uitgelegd dat het vaststellen van de commissie-uitkering jaarlijks in februari wordt gedaan aan de hand van de voorlopige jaarcijfers. Op dat moment wordt de commissie voorlopig vastgesteld en wordt er 75% van het bedrag uitbetaald. De laatste 25% volgt op het moment dat de jaarcijfers definitief zijn. Labb heeft toegelicht dat zij bij uitzondering het (volgens Labb) volledige commissiebedrag aan [eiseres] heeft uitgekeerd in plaats van 75% daarvan, nadat uit de voorlopige jaarcijfers bleek dat [eiseres] recht had op een commissie. Aangezien de definitieve jaarcijfers eerder nog niet bekend waren is Labb niet te laat geweest met de betaling van de commissie. Ook op het moment dat de mondelinge behandeling plaatsvond waren de jaarcijfers nog niet definitief.

Als [eiseres] uiteindelijk recht heeft op een hogere commissie dan Labb al heeft uitbetaald, dan is de kantonrechter van oordeel dat Labb ook over dat aanvullende bedrag geen wettelijke verhoging verschuldigd is. De wettelijke verhoging is bedoeld als prikkel tot nakoming voor de werkgever om het loon op tijd te betalen en dat is hier niet aan de orde. Partijen verschillen fundamenteel van mening over de uitleg van het commissieplan, met ieder hun argumenten. Om het geschil op te lossen is een uitspraak van de kantonrechter nodig. De wettelijke verhoging dient in dit geval niet het doel waarvoor deze bedoeld is en zal daarom niet worden toegewezen.

Labb mag een akte nemen om haar definitieve jaarcijfers te onderbouwen

De (voorlopige en definitieve) jaarcijfers zijn door Labb nog niet overgelegd. De definitieve jaarcijfers waren nog niet vastgesteld ten tijde van de mondelinge behandeling. Dat het definitieve resultaat over 2025 € 16,9 miljoen is en de commissie op basis hiervan juist berekend is, is door [eiseres] bij gebrek aan wetenschap betwist. Labb heeft de gestelde cijfers op geen enkele manier onderbouwd met stukken. Tijdens de mondelinge behandeling heeft de heer [B] toegelicht dat de definitieve cijfers in juni of juli 2026 zouden worden vastgesteld. De kantonrechter zal Labb in de gelegenheid stellen om bij akte inzicht te geven in de definitieve jaarcijfers over 2025, voor zover voor de berekening benodigd en - op basis van die omzet en de hiervoor genoemde uitleg van het commissieplan - de hoogte van de uit te betalen commissie te berekenen. Daarbij kan uiteraard rekening worden gehouden met het al uitgekeerde bedrag aan commissie van € 18.200,00. [eiseres] mag vervolgens bij antwoordakte hierop reageren. Daarna zal in beginsel de kantonrechter het toe te kennen bedrag vaststellen.

De kantonrechter geeft partijen in overweging om op basis van hetgeen in dit tussenvonnis is overwogen, in combinatie met de definitieve cijfers, in overleg te treden. Partijen kunnen dan in gezamenlijkheid de juiste berekening maken en zo mogelijk en desgewenst op basis hiervan tot een definitieve toekenning komen. Als partijen deze suggestie volgen kunnen zij dat verwerken in hun na te noemen aktes. Indien zij de suggestie niet volgen zal de kantonrechter naar aanleiding van de beide aktes een verdere beslissing nemen.

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

5. De beslissing

De kantonrechter

bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van woensdag 9 september 2026 voor het nemen van een akte door Labb over wat is vermeld onder 4.11, waarna [eiseres] op de rol van 4 weken daarna een antwoordakte kan nemen,

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.R. Creutzberg en in het openbaar uitgesproken op 12 augustus 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand