ECLI:NL:RBMNE:2026:5918

ECLI:NL:RBMNE:2026:5918

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 28-08-2026
Datum publicatie 27-08-2026
Zaaknummer UTR 26/187
Rechtsgebied Bestuursrecht; Omgevingsrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Afwijzing handhavingsverzoek tegen buitenopslag van goederen. Een omgevingsvergunning binnenplanse omgevingsplanactiviteit voor het bouwen van stellages ontbreekt, dus is er sprake van een overtreding. De rechtbank vindt handhavend optreden in dit geval onevenredig. De buitenopslag is in strijd met het omgevingsplan maar valt onder het overgangsrecht.

Uitspraak

[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. R.H. de Kamper),

en

De burgemeester en wethouders van de gemeente Gooise Meren

(gemachtigden: J. Timmermans en mr. P .Gomez),

Als derde-partij neemt aan de zaak deel: [derde-partij] B.V. uit [vestigingsplaats] (derde-partij)

(gemachtigde [gemachtigde] ).

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het verzoek om handhavend optreden tegen het gebruik van gronden in strijd met het geldende bestemmingplan op de percelen [adres 1] en [adres 2] in [plaats] (de percelen).

Eiseres woont aan de [adres 3] in [woonplaats] . Tegenover en direct naast de woning van eiseres is derde-partij, een technische groothandel, gevestigd. Eiseres heeft het college op 24 oktober 2024 verzocht handhavend op te treden tegen de geluidsoverlast die zij ervaart van de bedrijfsvoering van derde-partij op de percelen. In aanvulling daarop heeft eiseres het college op 31 december 2024 verzocht ook handhavend op te treden tegen de buitenopslag van goederen op de percelen.

Met het besluit van 12 mei 2025 heeft het college het verzoek om handhaving toegewezen voor zover het betreft de bedrijfsactiviteiten die vóór 7.00 uur op de percelen worden uitgevoerd. Voor het overige is het verzoek afgewezen. Eiseres heeft hiertegen bezwaar gemaakt.

Met het besluit van 4 september 2025 heeft het college het besluit van 12 mei 2025 gewijzigd in die zin dat het college erkent dat ten tijde van de indiening van het handhavingsverzoek sprake was van een overtreding, omdat bedrijfsactiviteiten vóór 7.00 uur plaatsvonden, maar dat nadien geen overtredingen meer zijn vastgesteld. Het college wijst om die reden het handhavingsverzoek op dit punt af. Voor het overige heeft het college het besluit van 12 mei 2025 gehandhaafd.

Met het bestreden besluit van 27 november 2025 op het bezwaar van eiseres heeft het college de besluiten van 12 mei 2025 en 4 september 2025 gehandhaafd, onder aanvulling van de motivering.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Het college heeft gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 6 augustus 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiseres, de gemachtigden van het college en derde-partij.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank moet in deze zaak de vraag beantwoorden of het college het verzoek van eiseres om handhavend op te treden tegen de buitenopslag van goederen op de percelen heeft mogen afwijzen. De rechtbank doet dat aan de hand van de beroepsgronden.

De stellages

3. Eiseres voert aan dat de stellages een bouwwerk zijn en dat daarom voor het plaatsen daarvan een omgevingsvergunning is vereist. Omdat een omgevingsvergunning ontbreekt moet het college handhavend optreden.

4. Het college stelt zich op het standpunt dat de stellages geen bouwwerk zijn, omdat ze demonteerbaar en aanpasbaar zijn, niet verankerd zijn in de grond en het open constructies zijn zonder dichte wanden of gebruiksruimte. Er is daarom geen sprake van een vergunningplicht. Indien de stellages wel als bouwwerk moeten worden aangemerkt en er een omgevingsvergunning is vereist, is het college van mening dat handhavend optreden, gelet op de specifieke omstandigheden van dit geval, disproportioneel is.

5. In de bijlage bij artikel 1.1. van de Omgevingswet is het begrip bouwwerk gedefinieerd als een constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren, met inbegrip van de daarvan deel uitmakende bouwwerkgebonden installaties anders dan een schip dat wordt gebruikt voor verblijf van personen en dat is bestemd en wordt gebruikt voor de vaart.

6. De rechtbank is van oordeel dat de stellages moeten worden aangemerkt als een bouwwerk als bedoeld in de Omgevingswet. De stellages van maximaal 2,5 meter hoog vinden hetzij direct of indirect steun in of op de grond en zijn bedoeld om ter plaatse te functioneren. Dat de stellages verplaatsbaar en demontabel zijn, een open structuur hebben en niet zijn verankerd in de grond maakt niet dat ze niet als bouwwerk kwalificeren.

7. Op grond van artikel 4.2, aanhef en onder k, van bestemmingsplan Oudere Dorp (het bestemmingsplan), dat deel uitmaakt van het tijdelijk deel van het Omgevingsplan van de gemeente Gooise Meren (het omgevingsplan), zijn op de percelen overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, toegestaan met een hoogte van maximaal 3 meter. Gelet op de maximale hoogte van de stellages zijn deze dus niet strijdig met het omgevingsplan, zodat geen sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, waarvoor een vergunning nodig zou zijn. Evenmin is een vergunning voor een (technische) bouwactiviteit nodig, aangezien de stellages niet voldoen aan de in artikel 2.26 van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) genoemde criteria voor vergunningplicht.

Op grond van artikel 22.26 van het Omgevingsplan is het wel verboden zonder omgevingsvergunning een bouwactiviteit te verrichten en het te bouwen bouwwerk in stand te houden en te gebruiken. De stellages vallen niet onder de uitzonderingen op de vergunningplicht van artikel 2.29 van het Bbl. Daarom is wel een vergunning nodig voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit. Omdat niet in geschil is dat derde-partij niet beschikt over een vergunning voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit, is sprake van een overtreding.

8. Het is vaste rechtspraak dat het college in de regel gebruik moet maken van zijn bevoegdheid om handhavend op te treden, ook wel aangeduid als de beginselplicht tot handhaving. De reden voor deze beginselplicht is dat de rechtszekerheid vergt dat de feitelijke situatie in beginsel niet afwijkt van de juridisch toegestane situatie. Door middel van handhavend optreden wordt dit bereikt. Van de beginselplicht tot handhaving bij een overtreding mag alleen worden afgezien als handhavend optreden onevenredig is. Dat is het geval als er in het concrete geval omstandigheden zijn waaraan een zodanig zwaar gewicht toekomt dat het algemeen belang dat gediend is met handhaving daarvoor moet wijken. Zo’n bijzonder geval kan zich bijvoorbeeld voordoen bij concreet zicht op legalisatie, maar ook andere omstandigheden van het concrete geval kunnen leiden tot het oordeel dat handhaving onevenredig is, bijvoorbeeld bij een schending van het gelijkheidsbeginsel of het vertrouwensbeginsel.

9. Niet in geschil is dat ten tijde van het nemen van het bestreden besluit geen concreet zicht bestond op legalisatie. De rechtbank is van oordeel dat handhavend optreden in dit geval onevenredig is en dat van derde-partij niet kan worden gevergd alsnog een omgevingsvergunningprocedure te doorlopen. Bij dit oordeel betrekt de rechtbank dat derde-partij al sinds 1973 op de percelen is gevestigd en voor de bedrijfsvoering al langdurig gebruik maakt van stellages, wat bij de gemeente bekend is, dat de stellages op een afgesloten terrein achter een hek staan waarvoor beplanting is aangebracht en dat de ruimtelijke impact van de stellages beperkt is. Ook zou handhavend optreden de bedrijfsvoering van derde-partij ernstig beperken. Het college heeft dus van handhavend optreden mogen afzien.

Opslag

10. Eiseres voert aan dat buitenopslag op grond van het bestemmingsplan niet is toegestaan en dat het college niet voldoende heeft onderbouwd dat het overgangsrecht van toepassing is ten aanzien van de buitenopslag. Volgens eiser vindt buitenopslag zowel in de buitenruimte vóór de panden op de beide percelen plaats als in de met een hek afgesloten ruimte aan de [adres 1] . Volgens het college is buitenopslag op grond van het overgangsrecht toegestaan.

11. De rechtbank overweegt allereerst dat naar haar oordeel geen sprake is van buitenopslag voor de panden op de beide percelen. De enkele aanwezigheid van goederen voor de panden op door eiseres overgelegde foto’s betekent niet dat kan worden gesproken van buitenopslag. Het gaat hier immers om een momentopname.

12. Tussen partijen is niet in geschil, en de rechtbank stelt vast, dat de opslag naast het pand aan de [adres 1] in strijd is met het bestemmingsplan. Op grond van artikel 4.3, aanhef en onder j, van het bestemmingsplan is opslag van goederen op de onbebouwde grond immers niet toegestaan.

13. In artikel 27.2 van het bestemmingsplan is het gebruiksovergangsrecht geregeld. Dit artikel luidt:

a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet;

b. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in dit lid onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind;

c. (…)

d. dit lid onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

14. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat op de datum van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, 29 april 2010, buitenopslag plaatsvond en heeft dit onderbouwd aan de hand van foto’s van de situatie ter plaatse door de jaren heen. Uit foto’s uit 2008, augustus 2010 en april 2011 blijkt dat de opslag destijds in stellages van twee verdiepingen plaatsvond. Ook uit foto’s van Google Maps uit 2014, 2016, 2017, 2018, 2020 en 2022 blijkt dat voorheen de stellages uit twee verdiepingen bestonden. Volgens het college zijn de stellages verlaagd naar één verdieping, wat eiseres niet heeft betwist. Uit foto’s van juni 2025 en juli 2025 blijkt dat de stellages in juli 2025 lager zijn dan in juni 2025 en lager dan op de foto’s van Google Maps is te zien. Naar het oordeel van de rechtbank heeft het college hiermee voldoende aannemelijk gemaakt dat de omvang van de opslag is verkleind ten opzichte van de peildatum 29 april 2010. Omdat buitenopslag op grond van het voorheen geldende bestemmingsplan […] 1993 was toegestaan is het overgangsrecht van toepassing. Dat betekent dat ten aanzien van de buitenopslag geen sprake is van een overtreding.

Conclusie en gevolgen

15. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van mr. G.M.T.M. Sips, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 28 augustus 2026.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. R.C. Stijnen

Griffier

  • mr. G.M.T.M. Sips

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand