RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Strafrecht
Zittingsplaats Lelystad
Parketnummers: 16/228619-25; 16/177225-26 (t.t.z. gevoegd)
Tegenspraak
Vonnis van de meervoudige kamer van 2 september 2026 in de strafzaak van:
[verdachte] ,
geboren op [1985] in [geboorteplaats] ,
gedetineerd in de [verblijfplaats]
hierna: de verdachte.
1. Zitting
De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 19 augustus 2026.
Op de zitting waren aanwezig:
2. Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij, samengevat:
onder parketnummer 16/228619-25:
feit 1primair
in de periode van 11 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te Almere [slachtoffer] heeft belaagd (gestalkt);
subsidiair
in de periode van 11 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te Almere [slachtoffer] heeft gedwongen iets te doen, niet te doen of te dulden;
feit 2
in de periode van 11 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te Almere [slachtoffer] heeft bedreigd;
feit 3
in de periode van 10 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te Almere [slachtoffer] heeft mishandeld;
feit 4
op 4 augustus 2025 en/of 23 augustus 2025 te Almere een auto van [slachtoffer] heeft beschadigd;
feit 5
op 29 juli 2025 te Almere een armband, zonnebril en mobiele telefoon van [slachtoffer] uit haar auto en 1.000 euro van haar bankrekening heeft weggenomen;
onder parketnummer 16/177225-26:
in de periode van 7 december 2025 tot en met 2 februari 2026 te Almere [slachtoffer] heeft bedreigd.
De rechtbank nummert de bij de dagvaardingen met de parketnummers 16/228619-25 en 16/177225-26 ten laste gelegde feiten respectievelijk als de feiten 1 tot en met 5 en feit 6.
De tenlastelegging onder parketnummer 16/228619-25 is op de pro forma zitting van 22 mei 2026 nader omschreven. De volledige tekst van de beschuldigingen onder beide parketnummers staat in bijlage I bij dit vonnis.
3. Ontvankelijkheid van de officier van justitie
Standpunt van de verdediging
De advocaat voert aan dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de vervolging van feit 1 primair, wegens het ontbreken van een klacht.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat [slachtoffer] haar klacht heeft ingetrokken en het Openbaar Ministerie om die reden niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de vervolging voor feit 1 primair.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank overweegt dat [slachtoffer] op 31 juli 2025 aangifte heeft gedaan van onder andere stalking, bedreiging en diefstal. Zij heeft daarbij een klacht ingediend met het uitdrukkelijke verzoek tot vervolging van de dader over te gaan. Bij het in ontvangst nemen van de klacht is aan [slachtoffer] medegedeeld dat zij binnen acht dagen deze klacht kon intrekken. Een dag later, op 1 augustus 2025, heeft de politie telefonisch contact opgenomen met [slachtoffer] , in welk gesprek zij te kennen gegeven dat zij de aangifte wenste in te trekken en niet wilde dat de verdachte vervolgd zou gaan worden.
Met de officier van justitie en de raadsvrouw beschouwt de rechtbank deze mededeling van [slachtoffer] als het intrekken van de klacht. Omdat de klacht tijdig is ingetrokken en het misdrijf belaging slechts op klacht vervolgbaar is, is het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging van feit 1 primair.
4. Bewijs
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat kan worden bewezen dat de verdachte de feiten 1 subsidiair tot en met 6 heeft gepleegd.
De standpunten van de officier van justitie worden – voor zover van belang voor de beoordeling – besproken in paragraaf 4.3.
Standpunt van de verdediging
De advocaat verzoekt de rechtbank om de verdachte (gedeeltelijk) vrij te spreken van de feiten.
De advocaat voert verschillende verweren over het bewijs. Deze worden – voor zover van belang voor de beoordeling – hierna besproken onder paragraaf 4.3.
Oordeel van de rechtbank
Bewijsmiddelen feiten 1 subsidiair (dwang), 2 (bedreiging, 3 (mishandeling), 4 (beschadiging), 5 (diefstal), 6 (bedreiging)
De rechtbank oordeelt dat de feiten 1 subsidiair tot en met 6 zijn bewezen. De rechtbank baseert dit oordeel op de bewijsmiddelen die in bijlage II van dit vonnis staan.
Er zijn meerdere feiten bewezen verklaard. De bewijsmiddelen worden alleen gebruikt voor het feit of de feiten waarover deze gaan.
Bewijsoverwegingen
4.3.2.1. Betrouwbaarheid verklaring [slachtoffer]
De advocaat voert in haar verweren meermaals aan dat [slachtoffer] is teruggekomen op haar eerdere aangiftes en bij de rechter-commissaris heeft verklaard dat zij dingen heeft aangedikt, zodat haar eerdere verklaringen niet kunnen worden meegewogen bij de beoordeling van het bewijs.
De rechtbank overweegt dat [slachtoffer] bij de rechter-commissaris gedeeltelijk is teruggekomen op haar eerdere verklaringen die zij bij de politie heeft afgelegd. Echter, de rechtbank constateert dat de verklaringen in de aangiften van [slachtoffer] op onderdelen worden ondersteund door objectieve bewijsmiddelen en ook door de verklaring van de verdachte. De rechtbank acht het daarom ongeloofwaardig dat [slachtoffer] in haar vier aangiften (op 29 juli 2025, 31 juli 2025, 4 augustus 2025 en 23 augustus 2025), waarin zij gedetailleerd aangeeft wat er is gebeurd, niet de waarheid zou hebben verklaard. De rechtbank gaat daarom uit van de inhoud van de aangiftes.
4.3.2.2. Dwang (feit 1 subsidiair)
De advocaat voert aan dat er geen sprake is geweest van wederrechtelijkheid, omdat er sprake was van een relatie tussen [slachtoffer] en de verdachte en van wederkerig contact.
De rechtbank overweegt dat het enkele feit dat er in de ten laste gelegde periode sprake was van een relatie en van wederkerig contact, niet wegneemt dat de verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan dwang. De rechtbank overweegt dat de verdachte [slachtoffer] heeft gedwongen te dulden dat de verdachte veelvuldig contact met haar opnam en haar controleerde, door haar veelvuldig te bellen en berichten van dwingende en dreigende aard te sturen, en door – door middel van een in haar auto geplaatste tracker – te achterhalen waar zij was en haar te laten weten dat hij wist waar zij was. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank feit 1 subsidiair wettig en overtuigend bewezen.
4.3.2.3. Bedreiging (feit 2)
De advocaat verzoekt de verdachte partieel vrij te spreken van het onderdeel van de beschuldiging dat ziet op dat de verdachte zou hebben gedreigd met “je denkt dat ik mijn wapen heb weggedaan.” De verdachte heeft verklaard dat hij zich niet kan voorstellen dat hij dat heeft gezegd, dat hij geen wapen heeft en er is nooit een wapen bij hem is aangetroffen.
De rechtbank overweegt dat de vraag of de verdachte al dan niet in het bezit was van een wapen niet van belang is voor de vraag of de verdachte heeft gezegd: “je denkt dat ik mijn wapen heb weggedaan.” Immers, indien de verdachte nooit een wapen zou hebben gehad, betekent dit niet dat de verdachte de bedreiging niet heeft kunnen uiten. De rechtbank heeft ook geen enkele reden om op dit punt aan de verklaring van [slachtoffer] te twijfelen. De rechtbank acht op basis van de bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte op meerdere momenten in de ten laste gelegde periode [slachtoffer] heeft bedreigd.
4.3.2.4. Mishandeling (feit 3)
De advocaat verzoekt de verdachte vrij te spreken van het onderdeel van de beschuldiging dat ziet op de mishandeling op 10 juli 2025 en partieel vrij te spreken voor de mishandeling op 23 augustus 2025 voor zover dit ziet op het slaan op het hoofd.
De rechtbank acht op basis van de inhoud van de bewijsmiddelen wettig en overtuigend bewezen dat [slachtoffer] op 10 juli, 29 juli en 23 augustus 2025 door de verdachte is mishandeld, inclusief het slaan tegen het hoofd van [slachtoffer] op 23 augustus 2025.
4.3.2.5. Beschadiging (feit 4)
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de deur en motorkap van de auto van [slachtoffer] op 23 augustus 2025 heeft beschadigd. Dat ligt anders voor de vernieling van de spiegel van de auto van [slachtoffer] op 4 augustus 2025. Net als de officier van justitie en de advocaat komt de rechtbank tot de conclusie dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is dat de verdachte de spiegel opzettelijk heeft vernield. Verdachte zal van dat deel worden vrijgesproken.
4.3.2.6. Diefstal (feit 5)
De advocaat voert aan dat de verdachte de goederen uit de auto heeft gehaald, omdat deze in het zicht lagen. De rechtbank begrijpt dit verweer aldus, dat de verdachte deze goederen veilig wilde stellen, om te voorkomen dat deze door iemand gestolen zouden worden, en niet het oogmerk had zich deze goederen wederrechtelijk toe te eigenen. Ook voert de advocaat aan dat er geen opzet was op het wegnemen van de € 1.000,- van de bankrekening van [slachtoffer] . Dit was enkel om [slachtoffer] te jennen.
De rechtbank overweegt dat uit de bewijsmiddelen volgt dat de verdachte de armband, de zonnebril en de mobiele telefoon van [slachtoffer] uit haar auto heeft weggenomen. Ook heeft de verdachte € 1.000,- van de bankrekening van [slachtoffer] naar zijn eigen bankrekening overgeschreven. Uit de bewijsmiddelen volgt eveneens dat de verdachte het oogmerk had zich deze goederen en dit geld wederrechtelijk toe te eigenen en dat hij hierover als heer en meester heeft beschikt. Namelijk, in berichten aan een vriendin met de naam ‘ [naam 1] ’ schreef de verdachte dat hij de goederen uit de auto van [slachtoffer] heeft gehaald en haar rekening leeg heeft gehaald, omdat zij ‘schijt’ aan hem heeft. In een spraakbericht aan [slachtoffer] zegt de verdachte dat zij de goederen niet terug zou krijgt als zij niet vertelt wat ze allemaal bij de politie had gezegd. De rechtbank concludeert op grond van dit alles dat de verdachte zich wel degelijk genoemde goederen en het geldbedrag wederrechtelijk heeft toegeëigend en niet slechts had meegenomen omdat ze in het zicht lagen of om [slachtoffer] te jennen. Dat de verdachte de goederen en het geldbedrag op een later moment heeft teruggegeven aan [slachtoffer] doet daar niets aan af. Op basis van het voorgaande acht de rechtbank feit 5 wettig en overtuigend bewezen.
4.3.2.7. Bedreiging (feit 6)
De advocaat voert aan dat [slachtoffer] geen aangifte heeft gedaan en dat niet is gebleken dat er een redelijke vrees bij haar is ontstaan.
De rechtbank stelt het volgende voorop. Voor een veroordeling voor bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, is vereist dat de bedreigde daadwerkelijk op de hoogte is geraakt van de bedreiging en dat door de bedreiging, gelet op de aard daarvan en de omstandigheden waaronder deze heeft plaatsgevonden, bij de betrokkene in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat deze het leven zou kunnen verliezen en dat het opzet van de verdachte daarop was gericht. Niet is vereist dat daadwerkelijk vrees is ontstaan bij de betrokkene.
De rechtbank overweegt dat de door de verdachte gedane uitlatingen in het algemeen geschikt zijn om de vrees teweeg te brengen dat de geadresseerde het leven zou kunnen verliezen. De aard van de uitlatingen van de verdachte leveren daarom een bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht op. De verdachte heeft de uitlatingen gedaan terwijl hij telefonisch in gesprek was met [slachtoffer] , waardoor deze uitlatingen haar hebben bereikt. De rechtbank komt daarmee tot een bewezenverklaring van feit 6.
Bewezenverklaring
De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte:
1. subsidiair
in de periode van 11 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 in Nederland, een ander, te weten [slachtoffer] , door enige andere feitelijkheid en door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid gericht tegen die ander wederrechtelijk heeft gedwongen iets te dulden, te weten dat hij, verdachte, contact met haar opneemt en die [slachtoffer] controleert door:- binnen 2 dagen 40 keer kort achter elkaar (anoniem) te bellen,- veelvuldig (dreigende) tekst- en/of spraakberichten te sturen met daarin onder andere de teksten "je denkt dat ik mijn wapen heb weggedaan","ik schroef je kop eraf',"zonder gevoel gewoon, jouw vieze kanker vieze gore hart, he als je die hebt, dat had focking gekookt op je rug moeten hangen, he lekker bij je stuit zodat de honden er bij kunnen, zodat ze hem lekker kunnen afbijten, kankerhoer! Ik zweer het ik gun jou echt de kankerdood! En dat kind gaat echt niet komen, geloof mij het kind gaat niet komen.","Om eerlijk te zijn was ik eergisteren echt onderweg naar je. Na 480 km ben ik omgedraaid. Omdat ik wou voorkomen dat er koppen gingen rollen. Zo gek word ik hier dus van. Laat het niet zover komen please." en"Beter ga je nu heel snel die kankertelefoon opnemen. Weer een leugen, kankerhoer. Ik regel vanavond vervoer. Ik kom je persoonlijk daar ophalen. Jij bent gewoon het probleem. Jij wil liegen, dan moet je ook de consequenties ervaren. Je wou dat je mij nooit had ontmoet.", en - een tracker in de auto van die [slachtoffer] te plaatsen en die [slachtoffer] berichten te sturen dat hij, verdachte, (altijd) weet waar die [slachtoffer] is en te vragen: "waarom ben jij al een half uur op [locatie] ?", "He, vanmiddag ben je gewoon fucking 55 minuten lang bij die kankerleier geweest, bij die [naam 2] . He, wat doe je daar steeds? He, effe je post ophalen toch? Vuile vieze smerige tering flikker. He met je wortel,toch? dat is wortel toch? Dat was toch een vriend., en vriendinnetje van [naam 3] van het voetbal ook? Zeg maar, geef daar maar eens antwoord op!" en "JA? Je moest je post halen toch? Wat dee je, wat dee je dan 55 minuten bij die rooien. Geef daar is effe antwoord op [slachtoffer (voornaam)] . Wat deed je daar 55 minuten lang dan weer?";
2in de periode van 11 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te [plaats] , althans in Nederland, [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, door die [slachtoffer] meerdere tekst- en/of spraakberichten te sturen en haar daarbij dreigend de woorden toe te voegen- "je denkt dat ik mijn wapen heb weggedaan",- "ik schroefje kop eraf',- "zonder gevoel gewoon, jouw vieze kanker vieze gore hart, he als je die hebt, dat had focking gekookt op je rug moeten hangen, he lekker bij je stuit zodat de honden er bij kunnen, zodat ze hem lekker kunnen afbijten, kankerhoer! Ik zweer het ik gun jou echt de kankerdood! En dat kind gaat echt niet komen, geloof mij het kind gaat niet komen.",- "Beter ga je nu heel snel die kankertelefoon opnemen. Weer een leugen, kankerhoer. Ik regel vanavond vervoer. Ik kom je persoonlijk daar ophalen. Jij bent gewoon het probleem. Jij wil liegen, dan moet je ook de consequenties ervaren. Je wou dat je mij nooit had ontmoet." en - "Om eerlijk te zijn was ik eergisteren echt onderweg naar je. Na 480km ben ik omgedraaid. Omdat ik wou voorkomen dat er koppen gingen rollen. Zo gek word ik hier dus van. Laat het niet zover komen please."althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;
3in de periode van 10 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te [plaats] [slachtoffer] heeft mishandeld, door haar -op 10 juli 2025 tegen het been te schoppen en bij de keel te pakken en/of bij de armen vast te pakken en tegen een trap te duwen en -op 29 juli 2025 meermalen tegen het gezicht te slaan en aan de haren te trekken en-op 23 augustus 2025 eenmaal, tegen het hoofd te slaan en bij de arm vast te pakken;
4op 23 augustus 2025 te [plaats] opzettelijk en wederrechtelijk een auto (deur en motorkap), te weten een Seat Ibiza met kenteken [kenteken] , die aan een ander, te weten aan [slachtoffer] , toebehoorde heeft beschadigd;
5op 29 juli 2025 te [plaats] , uit de auto met kenteken [kenteken] van [slachtoffer] een armband, zonnebril, mobiele telefoon en van de bankrekening van die [slachtoffer] een geldbedrag van ongeveer 1000 euro, die aan die [slachtoffer] , toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
6
in de periode van 7 december 2025 tot en met 2 februari 2026 te [plaats] , althans in Nederland, [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [slachtoffer] via de telefoon dreigend de woorden toe te voegen - "Jij hebt mij vies genaaid, jij komt nog aan de beurt" en
- " Ik ga zo iets zeggen, dan pak ik een paar jaar erbij" en - "Dan weet ik dat ik een paar jaar erbij ga krijgen. Vanavond krijg jij bezoek" en - “Ik zweer het je, ik maak je kapot! Ze mogen het allemaal weten. Ik maak je af. Ik maak je echt af , serieus! Ga je morgen die kankerbrief maken, of ga je mijn leven verder verzieken?” en - "Ik ga je kapot maken. Je mag naast je dooie tante gaan liggen."althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.
De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.
De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldiging voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt de verdachte niet.
5. Kwalificatie en strafbaarheid
Kwalificatie
De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:
1. subsidiair een ander door een feitelijkheid, gericht tegen die ander, wederrechtelijk dwingen iets te dulden, meermalen gepleegd;
2 bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd;
3 mishandeling, meermalen gepleegd;
4 opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen;
5 diefstal, meermalen gepleegd;
6 bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.
Strafbaarheid feiten en verdachte
De feiten en de verdachte zijn strafbaar.
6. Straf en maatregel
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie eist dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 395 dagen, met aftrek van het voorarrest. Daarnaast eist de officier van justitie dat aan de verdachte tbs met dwangverpleging wordt opgelegd. Deze maatregel dient ongemaximeerd te zijn, omdat de verdachte naast het bedreigen van het slachtoffer, hetzelfde slachtoffer ook heeft mishandeld. De verdachte is bovendien eerder veroordeeld voor geweldsfeiten.
Standpunt van de verdediging
De advocaat voert aan dat bij strafoplegging dient te worden volstaan met een gevangenisstraf die overeenkomt met de tijd die de verdachte al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Daarnaast voert de advocaat aan dat geen tbs met dwangverpleging dient te worden opgelegd. Gelet op discrepanties in de verschillende rapportages, zijn de rapportages onvoldoende zorgvuldig tot stand gekomen, waardoor er onduidelijkheid is over de vastgestelde stoornissen. De advocaat stelt dat er geen sprake is van een hoog recidiverisico en dat kan worden volstaan met tbs met voorwaarden. Het lijkt erop dat de verdachte eerder niet de juiste behandeling heeft gekregen, omdat eerder andere stoornissen zijn vastgesteld. De verdachte dient daarom een tweede kans te krijgen in de vorm van tbs met voorwaarden. Hiertoe dient dan een maatregelenrapport te worden opgemaakt. Indien tbs met dwangverpleging wordt opgelegd, dient deze maatregel gemaximeerd te worden. Ook verzoekt de advocaat om, indien de rechtbank overweegt de maatregel TBS met dwangverpleging op te leggen, het onderzoek te heropenen en de deskundigen die het Pro Justitia rapport hebben opgesteld nader te horen.
Oordeel van de rechtbank
Bij het bepalen van de straf en de maatregel houdt de rechtbank rekening met de ernst van de gepleegde feiten en de omstandigheden waaronder de verdachte deze feiten heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee.
Ernst en omstandigheden van de feiten
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan bedreiging en mishandeling van zijn partner, [slachtoffer] . De verdachte heeft zijn partner in een periode van een half jaar meermalen bedreigd, vernederd en fysiek mishandeld. Ook heeft de verdachte zijn partner gedwongen te dulden dat hij contact met haar opnam en controleerde waar zij was. Daarnaast heeft de verdachte goederen van zijn partner weggenomen en een geldbedrag van haar rekening naar zichzelf overgemaakt. Dit deed hij naar eigen zeggen, omdat zij ‘schijt’ aan hem zou hebben en hij haar wilde jennen. Uit de chat- en telefoongesprekken komt naar voren dat de verdachte zich de goederen en het geldbedrag heeft toegeëigend en het wel of niet teruggeven van de goederen als drukmiddel heeft gebruikt. Al deze gedragingen en de veelvuldigheid daarvan schetsen een beeld van een relatie waarin de verdachte controle en dwang wilde uitoefenen op zijn partner. De verdachte heeft op de zitting aangegeven spijt te hebben van zijn bedreigingen, maar kwalijk is dat hij zijn handelen in het algemeen heeft gebagatelliseerd door de schuld van zijn impulsieve gedrag bij het slachtoffer te leggen en geen verantwoordelijkheid heeft genomen.
Persoonlijke omstandigheden van de verdachte
Bij haar beslissing heeft de rechtbank ook rekening gehouden met:
- een uittreksel justitiële documentatie betreffende de verdachte van 13 juli 2026 (het strafblad);
- een psychiatrisch rapport van 18 april 2026, opgemaakt door de psychiater die de verdachte heeft onderzocht;
- een psychologisch rapport van 19 april 2026, opgemaakt door de klinisch psycholoog die de verdachte heeft onderzocht;
- een aanvullend briefrapport pro Justitia van 1 juli 2026 waarin de psychiater en de psycholoog aanvullende vragen van de advocaat beantwoorden.
6.3.2.1. Strafblad
Uit het strafblad van de verdachte blijkt dat hij eerder (in 2020) is veroordeeld voor geweldsfeiten gepleegd tegen zijn toenmalige partner. Aan de verdachte is toen onder meer opgelegd een tbs met voorwaarden. De tbs met voorwaarden is beëindigd in augustus 2024.
6.3.2.2. Psychiatrisch rapport
De psychiater stelt een antisociale persoonlijkheidsstoornis vast met borderline kenmerken en stoornissen in het gebruik van cannabis en cocaïne, beiden matig-ernstig en in vroege remissie in een gereguleerde omgeving. Deze stoornissen waren ten tijde van de gepleegde feiten aanwezig.
De psychiater rapporteert dat de gerichtheid van de verdachte op directe eigen behoeftebevrediging en gebrek aan empathie maken dat hij normen en waarden, maar ook grenzen van anderen als onderschikt beschouwt. De verdachte heeft moeite met afstand en nabijheid en heeft angst voor afwijzing en vermeende verlating. In zijn partnerrelaties is er terugkerend sprake van wantrouwen om belogen, bedrogen en verlaten te worden door de ander. Vanuit zijn persoonlijkheidsstoornis is er sprake van impulsiviteit en een gebrekkige emotie- en agressieregulatie. Eventueel middelengebruik zal bij een persoonlijkheidsstoornis met borderline trekken het risico op controleverlies met als gevolg agressie zonder meer verhogen. Voorafgaand aan en ten tijde van de feiten was er sprake van oplopende spanningen in de partnerrelatie die gepaard gingen met gevoelens van machteloosheid, frustraties en boosheid. Gezien de ernst van de persisterende psychopathologie en het feit dat in het verleden soortgelijke escalerende partnerdynamiek herhaaldelijk bij een tekortschietende coping geleid heeft tot controleverlies, impuls- en agressiedoorbraken naar anderen, is het hoogstwaarschijnlijk dat dit ook nu van invloed is geweest op het denken en handelen van de verdachte. Echter, de verdachte raakte ten tijde van de feiten niet geheel overspoeld of was niet onbekend met deze dynamiek en de risico’s. De psychiater adviseert daarom om de verdachte de feiten verminderd toe te rekenen.
De psychiater schat het risico op geweldsrecidive in als hoog bij het wegvallen van de kaders en toezicht. Het risico op geweld binnen een partnerrelatie wordt op lange termijn op hoog ingeschat, evenals het risico op extreem ernstig dan wel dodelijk geweld.
De psychiater rapporteert dat voor de vermindering van het risico op recidive behandeling van de persoonlijkheidsstoornis en de stoornissen in het gebruik van cocaïne en cannabis is aangewezen. De behandeling dient klinisch te zijn, intensief en langdurig met alertheid op het voorkomen van een mogelijke schijnaanpassing en tegenoverdracht bij het behandelteam. Tbs met voorwaarden wordt niet als haalbaar gezien, omdat de verdachte zich al eerder heeft weten te onttrekken aan behandeling en zelfs een kader met tbs met voorwaarden en een forensische setting niet afdoende is gebleken om recidive te voorkomen. Tbs met voorwaarden wordt bovendien niet als passende interventie gezien vanwege het risico op een impasse in het behandeltraject door het optreden van schijnaanpassing en het meer gericht zijn op resocialisatie. De psychiater adviseert daarom het opleggen van een tbs met dwangverpleging van overheidswege.
6.3.2.3. Psychologisch rapport
De psycholoog constateert dat er bij de verdachte sprake is van een antisociale persoonlijkheidsstoornis met borderline trekken. Tevens zijn er matige tot ernstige stoornissen in het gebruik van cocaïne en cannabis aanwezig, beide in remissie in een gereguleerde omgeving. Vanwege het structurele karakter van de persoonlijkheidsproblematiek was hiervan ook sprake ten tijde van de feiten. De persoonlijkheidsstoornis werkte door in de gepleegde feiten en zijn terug te voeren op gebrekkige emotie- en impulsregulatie. De verdachte kon minder dan een gemiddelde mens zijn gedragskeuzes bijstellen. Daarom adviseert de psycholoog de feiten in verminderde mate toe te rekenen.
De psycholoog schat de kans op herhaling van (relationeel) gewelddadig delictgedrag in als hoog. De psycholoog rapporteert dat de verdachte al snel kan worden overschat in zijn mogelijkheden en intenties, terwijl hij ook in staat is een positievere, sociaal wenselijk façade in stand te houden.
De psycholoog acht een langdurig, intensief, klinisch behandeltraject aangewezen binnen een forensische setting. Van belang is te voorkomen dat de verdachte voortijdig, vanuit schijnaanpassing een resocialisatietraject inzet en daarmee wederom ongrijpbaar wordt voor behandelaars en eventuele toezichthouders.
De psycholoog adviseert oplegging van een tbs met dwangverpleging van overheidswege, omdat binnen een lichter forensisch kader een langdurige, intensieve klinische behandeling niet gegarandeerd kan worden.
Betrouwbaarheid van de rapportages
De rechtbank heeft geen reden om aan de inhoud van de deskundigenrapporten aangaande de diagnostiek en het gegeven advies te twijfelen. De deskundigen hebben op een goede en gedegen wijze verantwoording afgelegd over de wijze waarop zij tot de conclusies en gegeven adviezen zijn gekomen. Naast de door hen opgestelde rapportages, zijn zij ook nog zorgvuldig ingegaan op aanvullende vragen van de verdediging. Daarin hebben de psychiater en de psycholoog nog nader uitleg gegeven en verantwoording afgelegd over hoe zij tot hun conclusies en adviezen zijn gekomen.
Toerekeningsvatbaarheid
De rechtbank neemt de conclusies en het advies van voornoemde deskundigen over, op de in de rapportages genoemde gronden. De rechtbank concludeert dat de hiervoor bewezen verklaarde feiten in verminderde mate aan de verdachte kunnen worden toegerekend. De rechtbank zal hiermee rekening houden bij het bepalen van de strafmaat.
Oplegging van de straf
Gelet op de aard en de ernst van de feiten oordeelt de rechtbank dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gerechtvaardigd is. De rechtbank neemt in strafverzwarende zin in aanmerking dat de verdachte eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten: geweld binnen een partnerrelatie. In strafverminderende zin houdt de rechtbank rekening met de verminderde toerekeningsvatbaarheid. Alles afwegend acht de rechtbank een gevangenisstraf gelijk aan de tijd die de verdachte al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, namelijk 372 dagen, passend en geboden.
Oplegging van de maatregel
De rechtbank ziet zich, gelet op de problematiek rondom de verdachte in combinatie met de aard en de ernst van de bewezen verklaarde feiten voor de vraag gesteld of er aanleiding is om de verdachte ter beschikking te stellen, al dan niet met verpleging van overheidswege.
6.3.5.1. Juridisch kader
Om de maatregel van terbeschikkingstelling (hierna: tbs) te kunnen opleggen dient, op grond van het eerste lid van artikel 37a van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr), de vraag te worden beantwoord of bij de verdachte ten tijde van het begaan van het feit een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens bestond, het door hem begane feit een misdrijf is waarop een gevangenisstraf van vier jaar of meer is gesteld, dan wel behoort tot de in deze bepaling omschreven misdrijven (sub 1), en daarnaast of de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel eist (sub 2).
Gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens
De rechtbank stelt op basis van de hiervoor genoemde adviezen vast dat bij de verdachte sprake is van een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens, namelijk een antisociale persoonlijkheidsstoornis met borderline trekken. Bovendien is er sprake van stoornissen in het gebruik van cocaïne en cannabis, beide in remissie. Hiervan was ook sprake ten tijde van de bewezen verklaarde feiten.
Recidiverisico
Uit de adviezen blijkt dat de deskundigen het risico op herhaling van gewelddadig delictgedrag hoog inschatten. Het risico op geweld binnen een partnerrelatie, evenals het risico op extreem ernstig dan wel dodelijk geweld wordt op lange termijn ook als hoog ingeschat. Dit beeld wordt door het strafblad van de verdachte bevestigd. Ook is eerder geprobeerd de verdachte te behandelen in het kader van tbs met voorwaarden, maar kennelijk heeft dit niet het gewenste resultaat gehad. Mogelijk is de schijnaanpassing van de verdachte mede de oorzaak daarvan. Met de deskundigen acht de rechtbank daarom het risico op recidive hoog.
6.3.5.2. Conclusie
Aan de wettelijke vereisten voor oplegging van de tbs-maatregel is voldaan, omdat ten tijde van het begaan van de bewezen verklaarde feiten bij verdachte sprake was van een ziekelijke stoornis van de geestvermogens en de onder 2 en 6 bewezen verklaarde bedreigingen en de onder 5 bewezen verklaarde diefstallen misdrijven betreffen als genoemd in artikel 37a, eerste lid, onder 2, Sr. Gelet op het recidiverisico eist de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen het opleggen van de tbs-maatregel.
De rechtbank heeft overwogen of er een andere (lichtere) mogelijkheid is dan het opleggen van een tbs-maatregel met dwangverpleging. Echter, uit hetgeen verdachte ter terechtzitting heeft verklaard, blijkt dat verdachte geen verantwoordelijkheid neemt voor de bewezen verklaarde feiten en er onvoldoende van doordrongen is dat hij zal moeten werken aan de door de deskundigen geconstateerde stoornissen. De verdachte heeft enkel geprobeerd de feiten mooier voor te stellen en bovendien het bestaan van de stoornissen ontkend en wekt niet de indruk werkelijk te beseffen dat hij hulp nodig heeft. Om die reden, en gelet op het duidelijke advies van de deskundigen op dit punt, ziet de rechtbank geen mogelijkheid om een tbs met voorwaarden op te leggen. Het voorgaande afwegende, ziet de rechtbank geen andere mogelijkheid dan om ten aanzien van de bewezen verklaarde feiten de terbeschikkingstelling van de verdachte te gelasten en daarbij te bepalen dat hij van overheidswege wordt verpleegd.
Gemaximeerde tbs
Anders dan de officier van justitie is de rechtbank, gelet op de aard van de bewezenverklaarde feiten, van oordeel dat de totale duur van de maatregel wel gemaximeerd is. De rechtbank stelt vast dat de bewezenverklaarde bedreigingen en de diefstal geen misdrijven zijn die gericht zijn tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. Hoewel de verdachte ook wordt veroordeeld voor mishandelingen van hetzelfde slachtoffer, kan daarvoor geen tbs worden opgelegd. De verbaal geuite bedreigingen jegens het slachtoffer zijn weliswaar bedreigingen met enig misdrijf tegen het leven gericht maar zijn niet van dien aard dat daarmee de lichamelijke integriteit van het slachtoffer is aangetast. De maximale duur van de terbeschikkingstelling is daarom beperkt tot vier jaren.
6.3.5.3. Beslissing voorwaardelijk verzoek verdediging
Zoals hiervoor reeds is overwogen is de rechtbank van oordeel dat de adviezen van de psychiater en psycholoog goed gemotiveerd en beargumenteerd zijn. De vragen die de rechtbank naar aanleiding van de rapporten had zijn in de beantwoording van de aanvullende vragen vervat. De rechtbank ziet geen reden om te twijfelen aan de deskundigheid van de psycholoog en de psychiater en wijst het voorwaardelijke verzoek van de verdediging tot het nader horen van de deskundigen af, nu daartoe geen noodzaak bestaat.
7. In beslag genomen voorwerpen
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie vordert dat de onder de verdachte in beslag genomen telefoon verbeurd wordt verklaard.
Standpunt van de verdediging
De advocaat voert geen verweer over het beslag.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank zal het in beslag genomen voorwerp, te weten de telefoon (Apple IPhone 11) (goednummer: 3579130), verbeurd verklaren. Met behulp van dit voorwerp zijn de onder 1 subsidiair en 2 bewezen verklaarde feiten begaan.
8. Toegepaste wetsartikelen
De opgelegde straf en maatregel en beslissing op het beslag zijn gebaseerd op de volgende wetsartikelen:
- Artikel 33, 33a, 37a, 37b, 57, 284, 285, 300, 310 en 350 van het Wetboek van Strafrecht.
9. De beslissing
De rechtbank:
ontvankelijkheid officier van justitie
- verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging van verdachte ten aanzien van het onder 1 primair ten laste gelegde;
bewezenverklaring
strafbaarheid feit
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 5.1 is vermeld;
strafbaarheid verdachte
- verklaart de verdachte strafbaar voor het onder 1 subsidiair tot en met 6 bewezenverklaarde;
straf en maatregel
- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 372 (driehonderd tweeënzeventig) dagen;
- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- gelast dat verdachte ter beschikking wordt gesteld en beveelt dat hij van overheidswege wordt verpleegd;
beslag feiten 1 en 2
- verklaart het volgende voorwerp verbeurd:
telefoon (Apple IPhone 11) (goednummer: 3579130).
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. S.M. van Lieshout, voorzitter, mr. B.F. Hammerle en mr. A.E. van der Wal, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.C. Kasper-Kerkdijk als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 2 september 2026.
Mrs. Van Lieshout en Van der Wal zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.
Bijlage I: De tenlastelegging
Aan de verdachte is na nadere omschrijving van de tenlastelegging ten laste gelegd dat:
in de zaak met parketnummer 16/228619-25:
1hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 11 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te Almere, althans in Nederland, wederrechtelijkstelselmatigopzettelijkinbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer] , door haar- binnen 2 dagen 44 keer kort achter elkaar (anoniem) te bellen,- veelvuldig (dreigende) tekst- en/of spraakberichten te sturen met daarin ondere andere de teksten "je denkt dat ik mijn wapen heb weggedaan","ik schroefje kop eraf","zonder gevoel gewoon, jouw vieze kanker vieze gore hart, he als je die hebt, dat had focking gekookt op je rug moeten hangen, he lekker bij je stuit zodat de honden er bij kunnen, zodat ze hem lekker kunnen afbijten, kankerhoer! Ik zweer het ik gun jou echt de kankerdood! En dat kind gaat echt niet komen, geloof mij het kind gaat niet komen.","Om eerlijk te zijn was ik eergisteren echt onderweg naar je. Na 480km ben ik omgedraaid. Omdat ik wou voorkomen dat er koppen gingen rollen. Zo gek word ik hier dus van. Laat het niet zover komen please." en/of"Beter ga je nu heel snel die kankertelefoon opnemen. Weer een leugen, kankerhoer. Ik regel vanavond vervoer. Ik kom je persoonlijk daar ophalen. Jij bent gewoon het probleem. Jij wil liegen, dan moet je ook de consequenties ervaren. Je wou dat je mij nooit had ontmoet.", en/of- een tracker in de auto van die [slachtoffer] te plaatsen en/of die [slachtoffer] berichten te sturen dat hij, verdachte, (altijd) weet waar die [slachtoffer] is en/of te vragen: "waarom ben jij al een half uur op [locatie] ?","He, vanmiddag ben je gewoon fucking 55 minuten lang bij die kankerleier geweest, bij die [naam 2] . He, wat doe je daar steeds? He, effe je post ophalen toch? Vuile vieze smerige tering flikker. He met je wortel,toch? dat is wortel toch? Dat was toch een vriend., een vriendinnetje van [naam 3] van het voetbal ook? Zeg maar, geef daar maar eens antwoord op!" en/of "JA? Je moest je post halen toch? Wat dee je, wat dee je dan 55 minuten bij die rooien. Geef daar is effe antwoord op [slachtoffer (voornaam)] . Wat deed je daar 55 minuten lang dan weer?"met het oogmerk die [slachtoffer] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 11 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te Almere, althans in Nederland, een ander, te weten [slachtoffer] , door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid gericht tegen die ander wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen en/of te dulden, té weten contact met hem, verdachte, te onderhouden en/of dat hij, verdachte, contact met haar opneemt en/of die [slachtoffer] controleert en/of locatiegegevens van (de auto van die) [slachtoffer] verkrijgt, door:- binnen 2 dagen 44 keer kort achter elkaar (anoniem) te bellen,- veelvuldig (dreigende) tekst- en/of spraakberichten te sturen met daarin ondere andere de teksten "je denkt dat ik mijn wapen heb weggedaan","ik schroef je kop eraf',"zonder gevoel gewoon, jouw vieze kanker vieze gore hart, he als je die hebt, dat had focking gekookt op je rug moeten hangen, he lekker bij je stuit zodat de honden er bij kunnen, zodat ze hem lekker kunnen afbijten, kankerhoer! Ik zweer het ik gun jou echt de kankerdood! En dat kind gaat echt niet komen, geloof mij het kind gaat niet komen.","Om eerlijk te zijn was ik eergisteren echt onderweg naar je. Na 480km ben ik omgedraaid. Omdat ik wou voorkomen dat er koppen gingen rollen. Zo gek word ik hier dus van. Laat het niet zover komen please." en/of"Beter ga je nu heel snel die kankertelefoon opnemen. Weer een leugen, kankerhoer. Ik regel vanavond vervoer. Ik kom je persoonlijk daar ophalen. Jij bent gewoon het probleem. Jij wil liegen, dan moet je ook de consequenties ervaren. Je wou dat je mij nooit had ontmoet.", en/of- een tracker in de auto van die [slachtoffer] te plaatsen en/of die [slachtoffer] berichten te sturen dat hij, verdachte, (altijd) weet waar die [slachtoffer] is en/of te vragen: "waarom ben jij al een half uur op [locatie] ?", "He, vanmiddag ben je gewoon fucking 55 minuten lang bij die kankerleier geweest, bij die [naam 2] . He, wat doe je daar steeds? He, effe je post ophalen toch? Vuile vieze smerige tering flikker. He met je wortel,toch? dat is wortel toch? Dat was toch een vriend., een vriendinnetje van [naam 3] van het voetbal ook? Zeg maar, geef daar maar eens antwoord op!" en/of"JA? Je moest je post halen toch? Wat dee je, wat dee je dan 55 minuten bij die rooien. Geef daar is effe antwoord op [slachtoffer (voornaam)] . Wat deed je daar 55 minuten lang dan weer?"
2hij op een of meer momenten in of omstreeks de periode van 11 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te Almere, althans in Nederland [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [slachtoffer] meerdere tekst- en/of spraakberichten te sturen en haar daarbij dreigend de woorden toe te voegen- "je denkt dat ik mijn wapen heb weggedaan",- "ik schroefje kop eraf',- "zonder gevoel gewoon, jouw vieze kanker vieze gore hart, he als je die hebt, dat had focking gekookt op je rug moeten hangen, he lekker bij je stuit zodat de honden er bij kunnen, zodat ze hem lekker kunnen afbijten, kankerhoer! Ik zweer het ik gun jou echt de kankerdood! En dat kind gaat echt niet komen, geloof mij het kind gaat niet komen.",- "Beter ga je nu heel snel die kankertelefoon opnemen. Weer een leugen, kankerhoer. Ik regel vanavond vervoer. Ik kom je persoonlijk daar ophalen. Jij bent gewoon het probleem. Jij wil liegen, dan moet je ook de consequenties ervaren. Je wou dat je mij nooit had ontmoet." en/of- "Om eerlijk te zijn was ik eergisteren echt onderweg naar je. Na 480km ben ik omgedraaid. Omdat ik wou voorkomen dat er koppen gingen rollen. Zo gek word ik hier dus van. Laat het niet zover komen please."althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking
3hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 10 juli 2025 tot en met 23 augustus 2025 te Almere [slachtoffer] heeft mishandeld, door haar -op 10 juli 2025 tegen het been te schoppen en/of bij de keel te pakken en/of bij de armen vast te pakken en/of tegen een trap te duwen en/of -op 29 juli 2025 meermalen, althans eenmaal, tegen het gezicht te slaan en/of aan de haren te trekken en/of-op 23 augustus 2025 meermalen, althans eenmaal, tegen het hoofd en/of tegen de nek te slaan en/of bij de arm vast te pakken;
4hij op of omstreeks 4 augustus 2025 en/of 23 augustus 2025 te Almere opzettelijk en wederrechtelijk een auto (spiegel, deur en/of motorkap), te weten een Seat Ibiza met kenteken [kenteken] , in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te weten aan [slachtoffer] , toebehoorde heeft vernield, beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt;
5hij op of omstreeks 29 juli 2025 te Almere, althans in Nederland, (uit de auto met kenteken [kenteken] van [slachtoffer] ) een armband, zonnebril, mobiele telefoon en/of (van de bankrekening van die [slachtoffer] ) een geldbedrag van ongeveer 1000 euro, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
in de zaak met parketnummer 16/177225-26:
hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 7 december 2025 tot en met 2 februari 2026 te Almere, althans in Nederland, [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [slachtoffer] (via de telefoon) dreigend de woorden toe te voegen - "Jij hebt mij vies genaaid, jij komt nog aan de beurt" en/of- "Ik ga zo iets zeggen, dan pak ik een paar jaar erbij" en/of- "Dan weet ik dat ik een paar jaar erbij ga krijgen. Vanavond krijg jij bezoek" en/of- “Ik zweer het je, ik maak je kapot! Ze mogen het allemaal weten. Ik maak je af. Ik maak je echt af , serieus! Ga je morgen die kankerbrief maken, of ga je mijn leven verder verzieken?” en/of- "Ik ga je kapot maken. Je mag naast je dooie tante gaan liggen."althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.
Bijlage II: Bewijsmiddelen
Bewijsmiddelen feit 1 subsidiair (dwang) en 2 (bedreiging)
Verdachte heeft op de zitting van 19 augustus 2026 onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
Het zou kunnen dat ik de dingen tegen [slachtoffer (voornaam)] heb gezegd of naar haar heb verstuurd die in de tenlastelegging staan vermeld. Ik heb mij in de emotie laten gaan en heb daardoor meerdere keren dingen tegen haar gezegd of naar haar gestuurd gezegd die ik niet had moeten zeggen of sturen. De precieze woorden kan ik me niet herinneren. Op 19 juli 2025 heb ik in een spraakbericht aan haar gezegd wat ook in de tenlastelegging staat: “Beter ga je nu…nooit had ontmoet”.
Ik wist dat [slachtoffer (voornaam)] op 29 juli 2025 een half uur op de [locatie] was geweest, door de GPS-tracker. Ik heb tegen haar gezegd dat ik dat wist. Ik had een tracker in haar auto geplaatst.
Ik heb [slachtoffer (voornaam)] vaak gebeld. Als u vraagt of dat 40 keer kort achter elkaar op 30 en 31 juli 2025 is geweest, anoniem, dan zal dat wel kloppen.
Aangeefster [slachtoffer] heeft onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
[verdachte (voornaam)] verwijderde steeds de berichten nadat hij deze had gestuurd naar mij. [verdachte (voornaam)] stuurde onder andere "Ik schroef je kop eraf."
Op 19 juli 2025 stuurde [verdachte (voornaam)] meerdere spraakberichten met de volgende teksten: "Beter ga je nu heel snel die kankertelefoon opnemen. Weer een leugen, kankerhoer. Ik regel vanavond vervoer. Ik kom je persoonlijk daar ophalen. Jij bent gewoon het probleem. Jij wil liegen, dan moetje ook de consequenties ervaren. Je wou dat je mij nooit had ontmoet."Ik ben bang voor [verdachte (voornaam)] . Ik ben bang dat hij mij, en mijn ongeboren kind, van het leven berooft. Ik denk dat hij daartoe in staat is. [verdachte (voornaam)] heeft meerdere keren aangegeven dat hij in het bezit is van een vuurwapen, dat hij mogelijk heeft verkocht.
Op 29 juli 2025 was ik in de woning waar [verdachte (voornaam)] verblijft, in [plaats] . Ik hoorde dat [verdachte (voornaam)] verwijten begon te maken. Ik hoorde dat [verdachte (voornaam)] zei: "Je denkt dat ik mijn wapen heb weggedaan."
Voordat ik op vakantie ging, hoorde ik dat [verdachte (voornaam)] zei "Ik wil nog één keer vastzitten, en dat is voor jou.” [verdachte (voornaam)] deed vaker soortgelijke uitspraken tegen mij. Tijdens mijn vakantie in Spanje, van vrijdag 11 juli tot dinsdag 29 juli 2025, heb ik meerdere berichten en spraakmemo's ontvangen van [verdachte (voornaam)] .
Op 19 juli 2025 ontving ik een spraakbericht van [verdachte (voornaam)] . Ik voeg een korte samenvatting toe van dit bericht: "Jij gaat niet lachen. Jij voelt je zo stoer. Ik gun je echt de dood. Dat kind gaat echt niet komen, geloof mij. Ik wil niet met jou een kind. Jij hebt een probleem."
Op maandag 21 juli, om 23:57 uur, ontving ik meerdere tekstberichten van [verdachte (voornaam)] met de volgende inhoud: "Om eerlijk te zijn was ik eergisteren echt onderweg naar je. Na 480km ben ik omgedraaid. Omdat ik wou voorkomen dat er koppen gingen rollen. Zo gek word ik hier dus van. Laat het niet zover komen please."
Op 31 juli 2025 werd ik gebeld door een anoniem telefoonnummer. Ik nam op. Ik hoorde een tem die ik herkende als [verdachte (voornaam)] . Ik hoorde dat de stem zei: "Met [verdachte (voornaam)] . Waarom ben je al een halfuur op [locatie] ?".
[verdachte (voornaam)] heeft de afgelopen twee dagen op verschillende manieren en moment contact met mij gezocht via mijn werktelefoon. Vandaag, 31 juli 2025, heb ik 40 gemiste anonieme oproepen.
In een proces-verbaal van bevindingen betreffende onderzoek telefoon van de verdachte is onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
Ik, verbalisant, deed onderzoek naar data die werd veiliggesteld van de telefoon van verdachte [verdachte] .
Belhistorie:29 juli 2025 (aangifte van mishandeling)Ik zie dat er op deze data 13x door de verdachte naar aangever word gebeld.31 juli 2025 (aangifte van stalking, bedreiging en diefstal)Ik zie dat er op deze data 49x door de verdachte naar de aangever word gebeld.4 augustus 2025 (aangifte van vernieling)Ik zie dat er op deze data 112x door de verdachte naar de aangever word gebeld.23 augustus 2025 (aangifte vernieling en mishandeling)Ik zie dat er op deze data [.] door de verdachte naar de aangever word gebeld.
In een proces-verbaal van bevindingen betreffende uitwerking chatgesprekken met bijbehorende bijlagen is onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
Ik bekeek de foto’s van chatgesprekken met " [verdachte (voornaam)] ”.
[..] : = [verdachte (voornaam)]
A: = Aangeefster
Foto 3
23:57 [..] : Om eerlijk te zijn was ik eergisteren echt onderweg naar je. Na 480km ben ik omgedraaid. Omdat ik wou voorkomen dat er koppen gingen rollen. Zo gek word ik hier dus van. Laat het niet zover komen please.
In een proces-verbaal van bevindingen betreffende uitwerking spraakberichten is onder meer het volgende gerelateerd:
(…)
Ik las in de aangifte dat aangever verklaarde dat op de geluidsbestanden [verdachte] te horen was.(...)Bestand 1: [bestand 1]Zonder gevoel gewoon, jouw vieze kanker vieze gore hart, he als je die hebt, die had focking gekookt op je rug moeten hangen, he lekker bij je stuit zodat de honden er bij kunnen, zodat ze hem lekker kunnen afbijten, kankerhoer! Ik zweer het ik gun jou echt de kankerdood! En dat kind gaat echt niet komen, geloof mij het kind gaat niet komen.
(…)
Bestand 6: [bestand 2]
Ik weet alles, elke fucking locatie waar je bent geweest.(...)Bestand 9: [bestand 3]He, vanmiddag ben je gewoon fucking 55 minuten lang bij die kankerleier geweest, bij die [naam 2] . He, wat doe je daar steeds? He, effe je post ophalen toch? Vuile vieze smerige tering flikker. He met je wortel, toch? dat is wortel toch? Dat was toch een vriend., een vriendinnetje van [naam 3] van het voetbal ook? Zeg maar, geef daar maar eens antwoord op!(...)Bestand 13: [bestand 4]JA? Je moest je post halen toch? Wat dee je , wat dee je dan 55 minuten bij die rooien. Geef daar is effe antwoord op [slachtoffer (voornaam)] . Wat deed je daar 55 minuten lang dan weer?
(…)
Bestand 18: [bestand 5]
Nu wil ik effe weten wat heb je allemaal gezegd bij de politie [slachtoffer (voornaam)] . Anders krijg jij
helemaal geen spullen terug want dan kanker ik ze weg.
Bewijsmiddelen feit 3 (mishandeling)
De verdachte heeft tijdens de zitting van 19 augustus 2026 onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
Op 10 juli 2025 heb ik aan [slachtoffer (voornaam)] tas getrokken en is er een worsteling ontstaan. Ik heb haar een zet naar buiten gegeven en heb met mijn knie haar been geraakt. Op 29 juli 2025 is er een worsteling ontstaan met [slachtoffer (voornaam)] , het kan zijn dat die blauwe plek door mij komt. Op 23 augustus 2025 heb ik [slachtoffer (voornaam)] geslagen.
Aangeefster [slachtoffer] heeft onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
Op 10 juli 2025 was ik aanwezig in de woning waar [verdachte (voornaam)] verblijft, in [plaats] . [verdachte (voornaam)] schopte mij tegen de achterzijde van mijn rechterbovenbeen. [verdachte (voornaam)] pakte mij vast bij mijn keel. [verdachte (voornaam)] trok aan mijn schoudertas, die ik om had. [verdachte (voornaam)] pakte mijn linker bovenarm vast met zijn handen. [verdachte (voornaam)] duwde mij tegen de trap in de hal. Ik had een blauwe plek op de achterzijde van mijn rechterbovenbeen, de binnenzijde van mijn linker bovenbeen en mijn linker bovenarm. Mijn rechterknie was dik. Mijn keel en hals waren rood. Ik had na de mishandeling en de volgende dag veel moeite met lopen.
Op 29 juli 2025 was ik in de woning waar [verdachte (voornaam)] verblijft, in [plaats] . Ik voelde dat [verdachte (voornaam)] mij meerdere keren sloeg op de linkerzijde van mijn gezicht en dat [verdachte (voornaam)] meerdere keren aan mijn haar trok. Ik heb het gevoel dat ik delen van de mishandeling kwijt ben. Ik heb pijn aan de linkerzijde van mijn hoofd. Ik heb een kloppend en bonkend gevoel in de linker- en voorzijde van mijn gezicht. Ik heb letsel aan mijn linkeroogkas. Mijn linkeroogkas is blauw. De linkerzijde van mijn gezicht is opgezet en dik.
Ik voeg de foto’s van het letsel toe aan de aangifte.
Op 23 augustus 2025 bevond ik mij op de [adres] te [plaats] .Terwijl ik terug de woning in wilde lopen, voelde ik dat [verdachte (voornaam)] aan mijn linkerarm trok. Ik heb hier ook een blauwe plek. Ik voelde dat hij mij terug wilde trekken. Ik probeerde mij los te rukken en schreeuwde dat hij mij los moest laten.Ik wilde de deur openen, maar voelde dat [verdachte (voornaam)] mij met zijn rechterhand vasthield en met zijn linkerhand de deur dichttrok. Ik voelde vervolgens één slag op mijn achterhoofd. [verdachte (voornaam)] sloeg echt hard, ik voelde een pijnscheut op mijn achterhoofd. De politie heeft foto’s van mijn letsel gemaakt.
Aanvulling verbalisant:
Letsel waargenomen bij de aangeefster:- blauwe plekken op de linkerarm, ter hoogte van de schouder en onderarm;
- blauwe plekken op het achterhoofd.
Het letsel op het linker ooglid. Is door [verdachte (voornaam)] veroorzaakt op 29 juli 2025.
De blauwe plek achter het oor is op 29 juli 2025 door [verdachte (voornaam)] veroorzaakt. De op de foto opgenomen op pagina 25 van het einddossier zichtbare rode kras in de hals is door [verdachte (voornaam)] veroorzaakt. Hij had me teruggetrokken aan het hengsel van de tas.
In een proces-verbaal van bevindingen betreffende onderzoek telefoon van de verdachte is onder meer het volgende gerelateerd:
Ik, verbalisant, deed gericht onderzoek in de berichten die zijn verstuurd door de
verdachte. (…) Ik zag een bericht dat door het slachtoffer aan de verdachte is gestuurd op 10 juli 2025 te 23:04:08 uur met de volgende inhoud:’Laat Mij met rust, ik wil je niet meer spreken. Er was opnieuw geen reet aan de hand. (…) Ik zit nu in het ziekenhuis er is een foto gemaakt van me been. Ik kan er niet op lopen. Jij blijft maar je handjes gebruiken. (…) Jij gaat veelste ver. Me kaak is dik, me been zit een gigantisch verdikking. Ga jij maar eens nadenken. En laat mij met rust.(…)’
In een proces-verbaal van bevindingen betreffende beschrijving camerabeelden is onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
Filmpje van 23 augustus 2025
Ik zie de woning aan de [adres] te [plaats] in beeld. Voor de woning staat een witte Seat Ibiza met naast het voertuig een vrouw met blond lang haar, welke later bleek te zijn [slachtoffer] . Voor het voertuig staat een man in het zwart gekleed welke later bleek te zijn, [verdachte] .Ik zag dat [verdachte] met zijn rechterhand [slachtoffer] bij haar arm vastpakte. Ik zag dat [slachtoffer] zich lostrok van [verdachte] . Ik zag dat [verdachte] zijn rechterarm ophief en met kracht met zijn arm uithaalde en [slachtoffer] driemaal hard tegen haar hoofd sloeg. Ik hoor dat [slachtoffer] hier begint te schreeuwen. [slachtoffer] :”aahhh, au, [verdachte (voornaam)] hou op, [verdachte (voornaam)] hou nou op". Dit schreeuwt [slachtoffer] tussen het slaan van [verdachte] door. Ik zie dat [slachtoffer] met haar armen haar hoofd vasthoudt.
Bewijsmiddelen feit 4 (beschadiging)
De verdachte heeft op de zitting van 19 augustus 2026 onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
Op 23 augustus 2025 heb ik een deuk in de auto van [slachtoffer (voornaam)] geschopt en op de motorkap geslagen.
Aangeefster [slachtoffer] heeft onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
Op 23 augustus 2025 zag ik dat [verdachte (voornaam)] tegen de portier van de bestuurderszijde van mijn voertuig aan sloeg. Ik zag dat [verdachte (voornaam)] dit deed met een vuistslag met zijn rechterhand. Ik zag dat [verdachte (voornaam)] één keer met zijn rechterhand op de motorkap van mijn auto sloeg. Ik heb schade aan mijn auto. Ik heb schade aan mijn deur aan de bestuurderszijde van de auto. Dit was voor dit voorval niet het geval, deze schade is ontstaan door [verdachte (voornaam)] .
In een proces-verbaal van bevindingen betreffende beschrijving camerabeelden is onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
Filmpje van 23 augustus 2025 18:01:40 uurIk zie de woning aan de [adres] te [plaats] in beeld. Voor de woning staat een witte Seat Ibiza met naast het voertuig een vrouw met blond lang haar, welke later bleek te zijn, [slachtoffer] . Voor het voertuig staat een man in het zwart gekleed, welke later bleek te zijn [verdachte] .Ik zie dat [verdachte] op de witte Seat Ibiza afloopt en met zijn rechtervoet met kracht een trap tegen de bestuurdersportier aangeeft. Ik hoor op het filmpje een harde doffe klap van de trap. Ik zie dat [verdachte] naar de voorzijde van het voertuig loopt en met zijn rechterhand een harde klap op de motorkap geeft.
Bewijsmiddelen feit 5 (diefstal)
De verdachte heeft op de zitting van 19 augustus 2026 onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
Ik heb een telefoon, een armband en een zonnebril uit de auto van [slachtoffer (voornaam)] gehaald en ik heb 1.000 euro van haar bankrekening gehaald.
Aangeefster [slachtoffer] heeft onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
Op 31 juli 2025 kwam ik aan bij mijn auto te [plaats] , betreffende een witte Seat Ibiza met kenteken [kenteken] . Ik heb aldaar gekeken in de goederen die nog in mijn auto stonden van de vakantie. Ik zag dat ik de volgende goederen misten:- gouden armband;- zonnebril van het merk ’Rayban’;- privételefoon van het merk ’Oppo Reno’, type A74.Ik vermoed dat [verdachte (voornaam)] deze goederen uit mijn auto heeft weggenomen. [verdachte (voornaam)] was op dat moment de enige met de autosleutel. [verdachte (voornaam)] was de enige die toegang had tot mijn auto.Op diezelfde dag zag ik dat er 1.000 euro was afgeschreven van mijn bankrekening. Ik zag dat dit geld was overgeschreven naar een bankrekening op naam van [verdachte] , met als beschrijving 'boodschappen’.
In een proces-verbaal van bevindingen betreffende onderzoek telefoon van de verdachte is onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende gerelateerd:
Ik, verbalisant, deed onderzoek naar data die werd veiliggesteld van de telefoon van verdachte [verdachte] . Ik zag een bericht wat door de verdachte was verstuurd op via whatsapp aan ’ [naam 1] ' op 31 juli 2025 te 17:04:47 uur met de volgende inhoud;'Schatje er zijn wat problemen hier bij mij. Me ex heeft aangifte gedaan van verduistering en mishandeling? (…) Ik heb een gps in haar auto gehangen en haar rekening leeg gehaald Omdat ze schijt aan mij heeft. Beidehand aan het doen Is. Haar laptops uit haar auto gehaald haar telefoon Enz. Nu is ze naar het politie burea gereden en daar heb ze aangifte gedaan.(…)'
Bewijsmiddelen feit 6 (bedreiging)
De verdachte heeft tijdens de zitting van 19 augustus 2026 onder meer – zakelijk weergegeven – het volgende verklaard:
Het klopt dat ik, terwijl ik in de PI zat, de dingen tegen [slachtoffer (voornaam)] heb gezegd die in de tapgesprekken staan opgenomen.
In een proces-verbaal van bevindingen betreffende uitwerking tapgesprekken is onder meer het volgende gerelateerd:
(…)
Datum en tijd: 07-12-2025 21:17:31
Beller: [verdachte]
Gebelde: [slachtoffer]
(…)
Samenvatting:
(…)
[verdachte (voornaam)] blijft weer schreeuwen over oude onderwerpen. Zegt: Jij hebt mij vies genaaid, jij komt nog aan de beurt.
(…)
Datum en tijd: 07-12-2025 21:32:26
Beller: [verdachte]
Gebelde: [slachtoffer]
(…) Samenvatting: (…)
"Ik ga zo iets zeggen, dan pak ik een paar jaar erbij."
"Dan weet ik dat ik een paar jaar erbij ga krijgen. Vanavond krijg jij bezoek."
(…)
Datum en tijd: 02-02-2026 22:40:40
Beller : [verdachte]
Gebelde: [slachtoffer]
(…)
Samenvatting:
(…)
[slachtoffer (voornaam)] , ik zweer het je, ik maak je kapot! Ze mogen het allemaal weten. Ik maak je af. Ik maak je echt af, serieus! ga je morgen die kankerbrief maken, of ga je mijn leven verder verzieken!
(…)
Hij zegt ook: Je mag naast je dooie kanker tante gaan liggen.