ECLI:NL:RBMNE:2026:6228

ECLI:NL:RBMNE:2026:6228

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 09-09-2026
Datum publicatie 09-09-2026
Zaaknummer 16/303759-24
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Veroordeling voor (medeplegen) mensenhandel, (medeplegen) mishandeling door opzettelijke benadeling van de gezondheid met voorbedachten rade en (medeplegen) van seks met een onmachtige of geestelijk beperkte/opzetverkrachting. De verdachte heeft twee adolescente mannen als seksslaaf behandeld door hen afhankelijk te maken, drugs te verstrekken en seksdates te organiseren met de verdachte en anderen. Onderzoek naar detentiegeschiktheid verdachte wegens fysieke gezondheidstoestand. De verdachte is op dit moment detentiegeschikt en rechtbank veroordeelt hem tot een gevangenisstraf van 6 jaar m.a. Voordat de verdachte wordt ingesloten voor het uitzitten van de gevangenisstraf zal door het openbaar ministerie worden gekeken of de situatie van de verdachte is veranderd en of dit gevolgen heeft voor de detentiegeschiktheid. De rechtbank legt daarnaast een contactverbod op met de slachtoffers voor 5 jaar. Vorderingen benadeelde partijen volledig toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummer: 16/303759-24

Tegenspraak (art. 279 Sv)

Vonnis van de meervoudige kamer van 9 september 2026 in de strafzaak van:

[verdachte] ,

geboren op [1964] in [geboorteplaats] ,

verblijvende op het adres [adres] in [woonplaats] ,

(hierna: de verdachte).

1. Zitting

De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 15 juli 2026. Het onderzoek is gesloten op 9 september 2026. Daarna is direct uitspraak gedaan.

Op de zitting waren aanwezig:

[slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] zullen in het vervolg alleen bij hun voornamen worden genoemd.

2. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij, samengevat:

feit 1

in de periode van 4 november 2023 tot en met 24 september 2024 in Amersfoort en/of Huizen samen met anderen, met voorbedachten rade [slachtoffer 1] heeft mishandeld door opzettelijk zijn gezondheid te benadelen door harddrugs aan hem toe te dienen of beschikbaar te stellen, waardoor hij verslaafd raakte, blackouts kreeg en in psychoses terecht kwam;

feit 2

in de periode van 4 november 2023 tot en met 30 juni 2024 in Amersfoort en/of Huizen samen met anderen met [slachtoffer 1] , van wie verdachte wist dat deze niet of onvolkomen in staat was om zijn wil te bepalen, handelingen heeft gepleegd die (mede) bestonden uit seksueel binnendringen van het lichaam van [slachtoffer 1] ;

feit 3

zich in de periode van 1 juli 2024 tot en met 24 september 2024 in Amersfoort en/of Huizen samen met anderen schuldig heeft gemaakt aan schuld- of opzetverkrachting van [slachtoffer 1] ;

feit 4

in de periode van 4 november 2023 tot en met 24 september 2024 in Huizen seksuele handelingen heeft verricht met [slachtoffer 1] , terwijl hij wist of moest weten dat [slachtoffer 1] slachtoffer was van mensenhandel;

feit 5

zich in de periode van 4 november 2023 tot en met 24 september 2024 in Huizen samen met anderen schuldig heeft gemaakt aan seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] (mensenhandel);

feit 6

in de periode van 1 juni 2022 tot en met 30 november 2023 in Huizen samen met anderen met voorbedachten rade [slachtoffer 2] , die bij hem woonde, heeft mishandeld door opzettelijk zijn gezondheid te benadelen, door harddrugs aan hem toe te dienen of beschikbaar te stellen, waardoor hij verslaafd raakte;

feit 7

in de periode van 1 juni 2022 tot en met 30 november 2023 in Huizen samen met anderen met [slachtoffer 2] , van wie verdachte wist dat deze niet of onvolkomen in staat was om zijn wil te bepalen, handelingen heeft gepleegd die (mede) bestonden uit seksueel binnendringen van het lichaam van [slachtoffer 2] ;

feit 8

zich in de periode van 1 juni 2022 tot en met 30 november 2023 in Huizen samen met anderen schuldig heeft gemaakt aan seksuele uitbuiting van [slachtoffer 2] (mensenhandel).

De volledige tekst van de beschuldiging staat in bijlage I bij dit vonnis.

3. Bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat kan worden bewezen dat de verdachte de feiten 1, 2, 3, 5, 6, 7 en 8 heeft gepleegd. Voor de feiten 6, 7 en 8 vindt de officier van justitie medeplegen niet te bewijzen.

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de verdachte moet worden vrijgesproken van feit 4.

De standpunten van de officier van justitie worden – voor zover van belang voor de beoordeling – besproken in paragraaf 3.3.

Standpunt van de verdediging

De advocaten verzoeken de rechtbank primair om de verdachte vrij te spreken van alle ten laste gelegde feiten.

Subsidiair verzoeken de advocaten om de verdachte vrij te spreken van de voorbedachten rade van feit 1, het medeplegen bij feit 2, het medeplegen en de opzetverkrachting onder feit 3, en het medeplegen en de voorbedachten rade van feit 6.

De advocaten voeren verschillende verweren over het bewijs. Deze worden – voor zover van belang voor de beoordeling – hierna besproken onder paragraaf 3.3.

Oordeel van de rechtbank

Vrijspraak feit 4

De rechtbank oordeelt dat feit 4 (seksuele handelingen met [slachtoffer 1] als slachtoffer van mensenhandel) niet is bewezen en zal de verdachte daarvan vrijspreken. De rechtbank legt hierna uit waarom.

Bewijsmiddelen feit 1, feit 2, feit 3, feit 5, feit 6, feit 7 en feit 8

De rechtbank oordeelt dat feit 1 (medeplegen van mishandeling met voorbedachte rade van [slachtoffer 1] ), feit 2 (medeplegen van het seksueel binnendringen bij de wilsonbekwame [slachtoffer 1] ), feit 3 (medeplegen van opzetverkrachting van [slachtoffer 1] ), feit 5 (medeplegen van mensenhandel in de vorm van seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] ), feit 6 (mishandeling met voorbedachten rade van [slachtoffer 2] ), feit 7 (het seksueel binnendringen van de wilsonbekwame [slachtoffer 2] ) en feit 8 (mensenhandel in de vorm van(seksuele uitbuiting van [slachtoffer 2] ) zijn bewezen. De rechtbank baseert dit oordeel op de bewijsmiddelen die in bijlage II van dit vonnis staan.

Er zijn meerdere feiten bewezen verklaard. De bewijsmiddelen worden alleen gebruikt voor het feit of de feiten waarover deze gaan.

Bewijsoverwegingen

Inleiding

[slachtoffer 2] is geboren op [2003] en worstelt al van jongs af aan met psychische problematiek zoals ADHD en psychotische episodes. Zijn ouders gaan op jonge leeftijd uit elkaar. Uit verklaringen van familieleden van [slachtoffer 2] blijkt dat hij voor het eerst wordt opgenomen in een GGZ kliniek als hij 14-16 jaar oud is. Rond die leeftijd wil [slachtoffer 2] ook niet meer naar school, waarna hij uiteindelijk stopt met de middelbare school. Rond die tijd begint [slachtoffer 2] ook met rondzwerven waarbij hij steeds minder vaak thuis is en zijn ouders minder zicht op hem hebben.

In de zomer van 2022 leert [slachtoffer 2] de verdachte kennen. [slachtoffer 2] is dan 18 jaar oud en de verdachte is 58 jaar oud. Het contact tussen de verdachte en [slachtoffer 2] wordt steeds intensiever en sinds de zomer van 2022 wordt het contact ook seksueel. [slachtoffer 2] komt steeds vaker bij de verdachte thuis in [woonplaats] en gaat uiteindelijk ook bij de verdachte in huis wonen. De verdachte en [slachtoffer 2] gebruiken vaak samen drugs en verrichten seksuele handelingen met elkaar, en soms ook samen met andere personen. In de periode dat [slachtoffer 2] en de verdachte contact hebben, wordt [slachtoffer 2] ook meerdere keren opgenomen in een GGZ kliniek. De psychische toestand van [slachtoffer 2] verslechtert in die tijd en zijn drugsgebruik neemt problematische vormen aan.

Op 6 november 2023 wordt [slachtoffer 2] wederom opgenomen in een GGZ kliniek omdat het heel slecht met hem gaat. Een psychiatrisch verpleegkundige van de afdeling waar [slachtoffer 2] wordt opgenomen, beschrijft [slachtoffer 2] als bijna dierlijk. [slachtoffer 2] is psychotisch en verslaafd en zijn IQ is van 100 gedaald naar 55-60. Tijdens zijn opname begint [slachtoffer 2] tegen behandelaars te praten over wat hij heeft meegemaakt. [slachtoffer 2] benoemt dan ook dat hij seks zou hebben gehad tegen zijn wil. Nadat [slachtoffer 2] is opgenomen, eindigt na een tijdje het contact tussen hem en de verdachte.

Vervolgens, een aantal maanden later, leert de verdachte [slachtoffer 1] kennen. [slachtoffer 1] is geboren op [2003] binnen een Afghaans gezin. [slachtoffer 1] verklaart dat hij in spanning leeft, omdat er thuis veel ruzie en geschreeuw is. Diverse gezinsleden kamp(t)en met trauma’s en psychische problematiek. Bij [slachtoffer 1] werd gesproken over ADHD en/of autisme. Na de basisschool gaat [slachtoffer 1] naar het speciaal voortgezet onderwijs en er zijn aanwijzingen dat hij werd gepest.

In die periode, als [slachtoffer 1] ongeveer 12 jaar oud is, leert hij via het online spelprogramma ‘ Minecraft ’ de medeverdachte [medeverdachte] kennen. [medeverdachte] is dan 50 jaar oud. Via de chat van het spel werd het contact tussen [slachtoffer 1] en [medeverdachte] intensiever en werd er op een gegeven moment ook gesproken over seks. Toen [slachtoffer 1] 13/14 jaar oud was vond de eerste fysieke afspraak tussen [slachtoffer 1] en [medeverdachte] plaats, waarna er al snel sprake was van het verrichten van seksuele handelingen tussen [medeverdachte] en [slachtoffer 1] .

[slachtoffer 1] gaat in mei 2019 op 15-jarige leeftijd bij [medeverdachte] en diens partner in [woonplaats] wonen en [medeverdachte] neemt de zorg voor [slachtoffer 1] van de ouders over. [medeverdachte] presenteerde zich vanaf die tijd richting derden als pleegvader van [slachtoffer 1] en noemde hem zijn pleegzoon.

In de jaren daarna komen er diverse meldingen bij verschillende hulpinstanties binnen over de zorgelijke situatie van [slachtoffer 1] met betrekking tot zijn drugsgebruik. Het gaat dan om meldingen over onwel worden en buiten bewustzijn raken (out gaan) door het gebruik van drugs, maar ook over de mentale- en fysieke gezondheidstoestand van [slachtoffer 1] en de thuissituatie van [slachtoffer 1] bij [medeverdachte] . Het drugsgebruik van [slachtoffer 1] en de daaruit voortvloeiende (GHB)verslaving worden steeds problematischer en diverse hulpverleners raken betrokken. Op meerdere momenten komt de politie ter plaatse wegens zorgelijke meldingen over de gezondheid van [slachtoffer 1] . Uit de daarvan opgemaakte mutaties blijkt ook dat er signalen zijn dat [slachtoffer 1] sinds jonge leeftijd een seksuele relatie heeft met [medeverdachte] en dat hij (onvrijwillige) seks heeft met vrienden van [medeverdachte] in ruil voor drugs.

Een van de personen waar [slachtoffer 1] seks mee heeft, is de verdachte. De verdachte leert [slachtoffer 1] in april 2024 kennen via de app Grindr. [slachtoffer 1] is dan 20 jaar oud en de verdachte is 60 jaar oud. De verdachte en [slachtoffer 1] spreken steeds vaker af en hebben dan ook seks met elkaar. [slachtoffer 1] verblijft ook steeds vaker voor langere tijd bij de verdachte thuis, waar zij samen seks hebben en drugs gebruiken. Bij deze seksdates zijn ook vaak anderen betrokken, waaronder ook regelmatig de medeverdachte [medeverdachte] .

Onder de naam 03Octopus wordt in juni 2024 een onderzoek gestart naar de situatie rondom [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] . Op 24 september 2024 wordt de verdachte aangehouden en wordt zijn woning doorzocht. Ook de medeverdachte [medeverdachte] wordt aangehouden.

De context waarin de feiten hebben plaatsgevonden

De rechtbank zal allereerst iets opmerken over de context waarin de feiten hebben plaatsgevonden. De verdediging heeft op dit punt aangevoerd dat het uitgangspunt bij seks tussen meerderjarige personen is dat zij seksuele autonomie hebben. De feiten moeten worden gezien in de context van een bepaalde ‘scene’ met eigen mores, waarbij drugsgebruik tijdens de seks (‘chemsex’) en grote leeftijdsverschillen tussen diegenen die seks met elkaar hebben gangbaar is.

De rechtbank begrijpt dat de verdediging deze context ter sprake brengt. De vraag die in deze zaak van belang is, is echter of [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] , door de omstandigheden waarin zij verkeerden toen zij contact hadden met de verdachte en zijn medeverdachten, wel in staat waren om als meerderjarigen vrij te kiezen voor de seks en de manier waarop de seks plaatsvond. En in het verlengde daarvan, of de verdachte kennis droeg van deze omstandigheden en zich daarvan rekenschap heeft gegeven.

Voordat de rechtbank toekomt aan het beantwoorden van deze vragen, zal zij eerst per slachtoffer ingaan op het gebruik en de betrouwbaarheid van hun afgelegde verklaringen. Daarna zullen de ten laste gelegde feiten worden besproken. De rechtbank volgt in haar overwegingen in grote lijnen de tijdlijn waarin de feiten zich hebben afgespeeld en zal eerst de feiten ten aanzien van [slachtoffer 2] bespreken (feiten 6 tot en met 8) en daarna de feiten ten aanzien van [slachtoffer 1] (feiten 1 tot en met 5).

Feiten ten aanzien van [slachtoffer 2]

Gebruik van verklaring [slachtoffer 2] voor het bewijs

is meerdere keren gehoord bij de politie. De verdediging heeft op een eerdere zitting verzocht om [slachtoffer 2] nader te horen bij de rechter-commissaris en dit verzoek is door de rechtbank toegewezen op grond van artikel 182 van het Wetboek van Strafvordering (Sv). De rechter-commissaris heeft vervolgens afgezien van het horen van [slachtoffer 2] als getuige, omdat de gezondheid of het welzijn van [slachtoffer 2] door het afleggen van een verklaring in gevaar wordt gebracht. De rechter-commissaris heeft de rechtbank in overweging gegeven om [slachtoffer 2] om die reden ook niet te horen op zitting. De verdediging heeft het verweer gevoerd dat zij geen effectief en adequaat ondervragingsrecht heeft kunnen uitoefenen ten aanzien van [slachtoffer 2] en dat zijn belastende verklaring bij de politie daarom niet kan worden gebruikt voor het bewijs.

Allereerst stelt de rechtbank vast dat de verdediging ondanks een consequent en herhaald verzoek tot het horen van [slachtoffer 2] als getuige geen behoorlijke en effectieve ondervragingsmogelijkheid heeft gehad. Hiervoor is wel een goede reden. Uit de verklaring van de behandelend psychiater van [slachtoffer 2] blijkt namelijk dat sprake is van ernstige traumatisering bij [slachtoffer 2] . Het is een zeer kwetsbare onzekere jongeman, bekend met psychotische decompensaties, middelenmisbruik, PTSS, ASS en zwakbegaafdheid. De psychiater vermeldt dat deelname aan het getuigenverhoor voor [slachtoffer 2] zeer belastend zal zijn en dat er sprake is van een groot en gegrond risico op acute verslechtering van zijn psychiatrisch welzijnsbeeld en toename van psychotische en PTSS symptomen. Op de zitting heeft de advocaat van [slachtoffer 2] toegelicht dat zijn gezondheidssituatie nog altijd hetzelfde is. De rechtbank stelt dan ook vast dat door de gezondheid en het welzijn van [slachtoffer 2] in gevaar wordt gebracht als hij alsnog nader zou worden gehoord.

De vervolgvraag is of de verklaring die [slachtoffer 2] bij de politie heeft afgelegd alsnog gebruikt kan worden voor het bewijs. Volgens de (post-) Keskin-jurisprudentie van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens en de Hoge Raad, moet de rechtbank bij de beoordeling van een dergelijk verweer de volgende toets toepassen. Als de verdediging – ondanks het nodige initiatief daartoe – geen behoorlijke en effectieve ondervragingsmogelijkheid heeft gehad, kan een getuigenverklaring toch voor het bewijs worden gebruikt als is voldaan aan de eisen van een eerlijk proces. Dat houdt in het bijzonder in dat (i) de bewezenverklaring niet in beslissende mate op die verklaring wordt gebaseerd, dan wel (indien de bewezenverklaring wel in beslissende mate op die verklaring wordt gebaseerd) (ii) het ontbreken van een behoorlijke en effectieve mogelijkheid om de desbetreffende getuige te ondervragen in voldoende mate wordt gecompenseerd.

Naar het oordeel van de rechtbank is de verklaring van [slachtoffer 2] evenwel niet ‘sole or decisive’ en niet ‘determinative for the outcome of the case’. Hetgeen de rechtbank bewezen acht, vindt steun in ander bewijsmateriaal. Zo worden de aan de verdachte ten laste gelegde seksuele handelingen en de omstandigheden waaronder die plaatsvonden, de psychische gesteldheid van [slachtoffer 2] en zijn afhankelijkheidsrelatie tot de verdachte onder andere bevestigd door de verklaringen van de verdachte zelf en de chatgesprekken die de verdachte met anderen heeft gevoerd. De bewezenverklaring rust dan ook in belangrijke mate op de inhoud van de overige bewijsmiddelen. Gelet hierop zijn compenserende factoren voor het niet kunnen horen van [slachtoffer 2] niet noodzakelijk. Een en ander afwegende is de rechtbank van oordeel dat, ondanks het ontbreken van de mogelijkheid om [slachtoffer 2] als getuige te horen, voldaan is aan de eisen van een eerlijk proces.

Betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer 2]

In zijn algemeenheid moet zorgvuldig worden omgegaan met verklaringen van getuigen in strafzaken, zoals in dit geval ook met de verklaringen van [slachtoffer 2] . Met name in zeden- en mensenhandelzaken is bij de beoordeling van de betrouwbaarheid en de waardering van verklaringen van vermeende slachtoffers en/of aangevers behoedzaamheid op zijn plaats. De betrouwbaarheid van zowel belastende als ontlastende verklaringen kan onder druk staan of negatief beïnvloed worden door angst, maar ook door gevoelens van voortdurende loyaliteit en/of afhankelijkheid. Ook kan sprake zijn van andere waarden en normen dan die ten grondslag liggen aan de strafwetgeving.

[slachtoffer 2] heeft meerdere verklaringen afgelegd over wat er in de ten laste gelegde periode is gebeurd met de verdachte. Voornamelijk in het eerste verhoor heeft [slachtoffer 2] een uitgebreide verklaring afgelegd. Naarmate de tijd vorderde, bleek [slachtoffer 2] door zijn psychische toestand minder goed in staat om een verklaring af te leggen. De rechtbank ziet in zijn latere verklaringen ook dat [slachtoffer 2] minder gedetailleerd en minder goed navolgbaar wordt. Zo verklaart [slachtoffer 2] in zijn laatste verhoor op 4 maart 2025 wisselend over wanneer hij voor het eerst seks had met de verdachte en kan hij zich veel dingen niet meer herinneren. [slachtoffer 2] heeft echter ook op meerdere momenten aan verschillende hulpverleners zijn verhaal gedaan. De rechtbank ziet in zijn eerste verklaring bij de politie en zijn verklaringen tegen hulpverleners dat deze in de kern overeen komen en consistent zijn. [slachtoffer 2] verklaart bijvoorbeeld consistent over dat er seksuele handelingen met de verdachte en met anderen hebben plaatsgevonden en dat dit ook tegen zijn wil is gebeurd. Ook verklaart hij consistent over zijn drugsgebruik bij seksdates en dat hij deze drugs van de verdachte kreeg. Bij de beoordeling van de betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer 2] weegt de rechtbank ook zeker mee dat die op belangrijke punten steun vinden in andere bewijsmiddelen, waaronder ook de verklaring van de verdachte zelf, en daarmee ook verifieerbaar zijn. Dat er op detailniveau inconsistenties in zijn verklaringen zitten, maakt deze verklaringen op zichzelf nog niet onbetrouwbaar. Deze inconsistenties kunnen namelijk worden verklaard door de psychische schade die [slachtoffer 2] heeft opgelopen door zijn hevige drugsgebruik en traumatische ervaringen.

De rechtbank acht de verklaringen van [slachtoffer 2] dan ook op belangrijke punten betrouwbaar en bruikbaar voor het bewijs.

Kwetsbaarheid [slachtoffer 2] en ongelijkwaardige relatie met de verdachte

Voordat de rechtbank de feiten ten aanzien van [slachtoffer 2] bespreekt, vindt zij het belangrijk om de situatie van [slachtoffer 2] te schetsen. Uit medische informatie over [slachtoffer 2] blijkt dat hij in april 2022 zou beginnen met een traumabehandeling en dat sprake is van een psychotische stoornis. Hij blowde destijds veel. Als de verdachte [slachtoffer 2] leert kennen in juni 2022 leidt [slachtoffer 2] een zwervend bestaan. [slachtoffer 2] vindt in deze moeilijke periode steun bij de verdachte. De verdachte beschrijft [slachtoffer 2] als een zielig ventje met een verwaarloosd uiterlijk. In chatberichten stuurt de verdachte naar verschillende contacten dat [slachtoffer 2] is verstoten door zijn ouders en onderdak bij hem vindt. Hij omschrijft [slachtoffer 2] als een super lieve jongen die beschadigd is en een flinke rugzak heeft. De verdachte was zich dus bewust van de kwetsbaarheid van [slachtoffer 2] . Het drugsgebruik van [slachtoffer 2] neemt sinds de verdachte hem kent problematischere vormen aan. De verdachte geeft aan dat hij vermoedde dat hij [slachtoffer 2] nooit nuchter heeft gezien. Onder andere door zijn drugsgebruik, werd zijn psychische problematiek ook steeds merkbaarder en heftiger. Door het telkens blijven verstrekken van drugs aan [slachtoffer 2] heeft de verdachte [slachtoffer 2] steeds afhankelijker van hem gemaakt. [slachtoffer 2] was dus al kwetsbaar toen hij de verdachte ontmoette, maar werd door zijn toenemende drugsgebruik en de daarmee samenhangende verslechtering van zijn psychische gesteldheid steeds kwetsbaarder. Hierdoor leunde [slachtoffer 2] in steeds grotere mate op de verdachte. De relatie tussen de verdachte en [slachtoffer 2] is dan ook ongelijkwaardig te noemen. In dit licht moeten de feiten dan ook worden gezien.

Feit 6 – mishandeling met voorbedachten rade van [slachtoffer 2]

Onder feit 6 is aan de verdachte ten laste gelegd dat hij samen met anderen de gezondheid van [slachtoffer 2] opzettelijk met voorberdachten rade heeft benadeeld door hem harddrugs toe te dienen, te verstrekken of deze beschikbaar te stellen waardoor [slachtoffer 2] verslaafd is geraakt. De verdediging voert aan dat de verdachte en [slachtoffer 2] gezamenlijk drugs gebruikten en hier beiden aan verslaafd waren. [slachtoffer 2] wilde samen met de verdachte drugs gebruiken en een veroordeling komt erop neer dat het gezamenlijk gebruiken van drugs strafbaar zou worden gesteld.

De rechtbank volgt de verdediging hierin niet. Uit de bewijsmiddelen blijkt dat [slachtoffer 2] bij de verdachte kennis heeft gemaakt met verschillende harddrugs en dat de verdachte deze drugs voor [slachtoffer 2] kocht en deze vervolgens aan hem heeft verstrekt/beschikbaar heeft gesteld. Ten gevolge van het harddrugsgebruik bij de verdachte is [slachtoffer 2] hieraan ook verslaafd geraakt.

Het klopt dat de verdachte zelf ook verslaafd was aan drugs en gezamenlijk met [slachtoffer 2] drugs gebruikte. Er is echter geen sprake van twee ‘gelijkwaardige’ verslaafden die gezamenlijk drugs gebruiken. De verdachte was namelijk vanaf het moment dat hij [slachtoffer 2] ontmoette op de hoogte van zijn kwetsbaarheid en de daaruit voortvloeiende ongelijkwaardige relatie tussen hun beiden. De verdachte was de persoon die de drugs regelde voor [slachtoffer 2] en voor hemzelf. Hij had hierdoor ook de controle over het drugsgebruik van [slachtoffer 2] .

Het is een feit van algemene bekendheid dat het gebruik van harddrugs grote risico’s heeft voor de gezondheid. Zo werken harddrugs niet alleen ernstig verslavend, maar kan je er ook, zeker bij veelvuldig gebruik, buiten bewustzijn van raken (out gaan) en black-outs van krijgen. De verdachte is op de hoogte van het feit dat het drugsgebruik van [slachtoffer 2] problematische vormen aannam. In chatberichten aan ‘ [L] ’ begin 2023 schrijft de verdachte bijvoorbeeld dat [slachtoffer 2] steeds meer drugs wil gebruiken en daardoor ook out gaat. Het moet daarom voor de verdachte ook duidelijk zijn geweest wat de gevolgen van het verstrekken en/of beschikbaar stellen van de drugs voor de gezondheid van [slachtoffer 2] zijn geweest.

Door het telkens verstrekken en/of beschikbaar te stellen van harddrugs aan [slachtoffer 2] heeft de verdachte willens en weten de aanmerkelijke kans aanvaard dat de gezondheid van [slachtoffer 2] zou worden benadeeld. De rechtbank acht dus bewezen dat de verdachte opzettelijk de gezondheid van [slachtoffer 2] heeft benadeeld.

De rechtbank acht ook bewezen dat sprake is van voorbedachten rade. Voor een bewezenverklaring van dit bestanddeel moet komen vast te staan dat de verdachte zich gedurende enige tijd heeft kunnen beraden op het te nemen of het genomen besluit en hij niet heeft gehandeld in een ogenblikkelijke gemoedsopwelling, zodat hij de gelegenheid heeft gehad na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap te geven. Doordat de verdachte gedurende een langere tijd steeds weer drugs aan [slachtoffer 2] heeft verstrekt en/of beschikbaar heeft gesteld, heeft hij zich iedere keer ruimschoots kunnen beraden op het te nemen besluit en heeft hij de gelegenheid gehad om na te denken over de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap te geven.

Feit 7 – seksueel binnendringen van de wilsonbekwame [slachtoffer 2]

Het staat niet ter discussie dat de verdachte en [slachtoffer 2] seks hebben gehad, waarbij sprake was van seksueel binnendringen van [slachtoffer 2] . De verdachte verklaart dat de seks tussen [slachtoffer 2] en hem altijd met wederzijdse instemming was. [slachtoffer 2] verklaart zelf dat hij vaak seks heeft gehad met de verdachte terwijl hij dit eigenlijk niet wilde. De vraag die de rechtbank moet beantwoorden is of [slachtoffer 2] op het moment van de seksuele handelingen door zijn drugsgebruik en psychische problematiek wel in staat was om zijn wil ten aanzien van de seksuele handelingen te bepalen of om weerstand te bieden tegen de seksuele verlangens van de verdachte. Daarnaast moet de rechtbank vaststellen dat de verdachte hiervan wetenschap had en in die situatie toch seksuele handelingen heeft verricht.

De rechtbank is van oordeel dat [slachtoffer 2] gedurende de gehele tijd dat hij met de verdachte een seksuele relatie had, niet in staat was om zijn wil ten aanzien van de seksuele handelingen met de verdachte te bepalen. Dit komt door de combinatie van zijn kwetsbaarheid (zie hiervoor), zijn constante drugsgebruik en het hebben van meerdere psychische stoornissen waarvoor hij in behandeling was bij de GGZ. Daarnaast was [slachtoffer 2] afhankelijk van de verdachte om in zijn drugsverslaving te voorzien, waardoor hij ook niet in staat was om weerstand te bieden aan de seksuele verlangens van de verdachte.

Zoals hiervoor al overwogen, was de verdachte op de hoogte van de kwetsbaarheid van [slachtoffer 2] en zijn psychische problematiek. De verdachte verklaart dat [slachtoffer 2] altijd onder invloed was als zij seks hadden en dat hij [slachtoffer 2] nooit nuchter heeft gezien. Als de politie de verdachte vraagt waaruit bleek dat [slachtoffer 2] instemde met de seks, verklaart de verdachte dat hij [slachtoffer 2] geen nee hoorde zeggen of hem niet hoorde zeggen dat hij het niet wilde. Door [slachtoffer 2] telkens maar drugs te blijven verstrekken, heeft de verdachte ervoor gezorgd dat [slachtoffer 2] de seks willoos onderging. De verdachte wist dus niet alleen van de situatie van [slachtoffer 2] , maar heeft deze situatie zelf verergerd en in stand gehouden en telkens seks met hem gehad. De rechtbank acht de beschuldiging onder feit 7 dan ook wettig en overtuigend bewezen.

Feit 8 – seksuele uitbuiting van [slachtoffer 2] (mensenhandel)

Aan de verdachte is mensenhandel ten laste gelegd zoals omschreven in artikel 273f, eerste lid, sub 1 en sub 4 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr). Dit artikel staat in titel XIII, de titel die ziet op ‘de misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid’. Uit de wetsgeschiedenis en de jurisprudentie over dit wetsartikel volgt dat mensenhandel is gericht op uitbuiting. Het belang van het individu staat voorop: dat belang is behoud van zijn of haar lichamelijke of geestelijke integriteit en vrijheid.

De in artikel 273f Sr verboden gedragingen beïnvloeden de wil en/of beperken de keuzemogelijkheid van het slachtoffer. De gedragingen leiden tot het ontbreken van de vrijwilligheid bij het slachtoffer om bepaalde handelingen te verrichten. Bij de beantwoording van de vraag of sprake is van ‘uitbuiting’ in de zin van artikel 273f, eerste lid, Sr, komt onder meer betekenis toe aan de aard en duur van de te verrichten seksuele activiteiten, de beperkingen die dit voor het slachtoffer meebrengt en het economisch voordeel dat daarmee door de verdachte is behaald. In het geval van prostitutiewerkzaamheden (of in dit geval het hebben van seksafspraken) zal er – gelet op de forse inbreuk op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer – in het geval van gebruik van enig dwangmiddel en enig gewin door de verdachte al snel sprake zijn van uitbuiting.

Instemming van het slachtoffer met de beoogde of bestaande uitbuiting is niet relevant indien één van de in artikel 273f Sr genoemde dwangmiddelen is gebruikt. Bij het dwangmiddel ‘misbruik maken van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht’ is er sprake van een relationele ongelijkheid of van het brengen in zo’n situatie van ongelijkheid, waardoor de keuzevrijheid wordt beperkt. Met een ‘kwetsbare positie’ wordt (onder andere) een situatie bedoeld waarin het slachtoffer geen andere werkelijke of aanvaardbare keuze heeft dan het misbruik te ondergaan. De verdachte moet zich wel bewust zijn van de relevante feiten en omstandigheden van het slachtoffer waaruit het overwicht voortvloeit, dan wel van de kwetsbare positie van het slachtoffer. De verdachte moet tenminste voorwaardelijk opzet hebben ten aanzien van die omstandigheden en/of de kwetsbare positie.

[slachtoffer 2] is als kwetsbaar persoon door de verdachte volledig afhankelijk van hem gemaakt. [slachtoffer 2] woonde bij de verdachte in, de verdachte kocht alles voor [slachtoffer 2] en voorzag hem van drugs waardoor [slachtoffer 2] verslaafd is geraakt. De verdachte was niet alleen op de hoogte van de verslaving van [slachtoffer 2] , maar heeft [slachtoffer 2] ook verslaafd gehouden door hem telkens maar drugs te blijven verstrekken. [slachtoffer 2] werd hierdoor steeds meer afhankelijk van de verdachte om in zijn verslaving te voorzien. Door zijn kwetsbaarheid, verslaving en afhankelijkheid was [slachtoffer 2] niet meer in staat om voor zichzelf een weloverwogen keuze te maken. Hierdoor kon de verdachte op elk gewenst moment [slachtoffer 2] inzetten voor zijn eigen seksuele verlangens. Uit chatberichten van de verdachte naar ‘ [A] vriend [verdachte] ’ blijkt dat de verdachte zelf ook van mening was dat hij [slachtoffer 2] afhankelijk van hem maakte. Door in die situatie zelf seksuele handelingen met [slachtoffer 2] te verrichten, seksdates te regelen en daarbij ook anderen seksuele handelingen met [slachtoffer 2] te laten verrichten, heeft de verdachte [slachtoffer 2] als een zogenaamde seksslaaf behandeld. Naar het oordeel van de rechtbank kan worden bewezen dat de verdachte door misbruik van overwicht en door misbruik van zijn kwetsbare positie [slachtoffer 2] telkens weer heeft bewogen om seks te hebben met hem en met anderen.

Geen medeplegen

De rechtbank zal de verdachte wel vrijspreken van het onder de feiten 6, 7 en 8 ten laste gelegde medeplegen, omdat niet is gebleken dat de verdachte de feiten samen met iemand anders heeft gepleegd.

Feiten ten aanzien van [slachtoffer 1]

Betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer 1]

De rechtbank zal zich allereerst ambtshalve uitlaten over de betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer 1] . [slachtoffer 1] heeft bij de politie meerdere verklaringen afgelegd over wat er is gebeurd met de verdachte en met de medeverdachte [medeverdachte] . [slachtoffer 1] is hierover ook gehoord door de rechter-commissaris. De verdediging heeft toen ook de gelegenheid gehad om [slachtoffer 1] te ondervragen.

De verklaringen die [slachtoffer 1] heeft afgelegd zijn uitgebreid, gedetailleerd en op relevante punten consistent. [slachtoffer 1] heeft bij de politie meermaals verklaringen afgelegd over de seksuele handelingen die hij met de verdachte heeft verricht. Ook heeft hij verklaringen afgelegd over de seksdates die voor hem werden gemaakt met de verdachte, de medeverdachte [medeverdachte] en anderen. Hij heeft ook verklaard dat hij in ruil voor de seks drugs kreeg. De rechtbank weegt bij de beoordeling over de betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer 1] ook mee dat die op belangrijke punten steun vinden in andere bewijsmiddelen en daarmee verifieerbaar zijn. Zo vindt de verklaring van [slachtoffer 1] onder andere bevestiging in mutaties van de politie, getuigenverklaringen, chatberichten en ook in de verklaring van de verdachte zelf. Dit draagt bij aan de betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer 1] .

De verklaringen van [slachtoffer 1] bevatten ook een aantal inconsistenties. Zo heeft hij bijvoorbeeld wisselend verklaard over wanneer hij voor het eerst kennis heeft gemaakt met harddrugs. Het feit dat in de verklaringen van [slachtoffer 1] op onderdelen inconsistenties of zelfs tegenstrijdigheden voorkomen, maakt deze verklaringen op zichzelf nog niet onbetrouwbaar. Deze verschillen kunnen namelijk veroorzaakt zijn door de feilbaarheid van het menselijke geheugen, als gevolg van tijdsverloop of teweeggebracht zijn onder invloed van emoties die (mede) ontstaan zijn door het delict. Daarbij speelt ook mee dat [slachtoffer 1] , mede vanwege excessief drugsgebruik, geheugenstoornissen heeft ontwikkeld en hij met enige regelmaat psychotisch is geweest. Bij twee van de verhoren heeft de politie opgemerkt dat [slachtoffer 1] verward was en [slachtoffer 1] heeft zelf ook verklaard dat hij tijdens een verhoor in een psychose zat. Het gaat echter om de totale indruk van die verklaringen en de wijze waarop deze zijn afgelegd. In de kern is de verklaring van [slachtoffer 1] altijd consistent geweest.

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de verklaringen van [slachtoffer 1] op belangrijke punten betrouwbaar en bruikbaar voor het bewijs.

Kwetsbaarheid [slachtoffer 1] en ongelijkwaardige relatie

De rechtbank zal ook hier eerst de situatie schetsen waarin [slachtoffer 1] zich bevond voor en tijdens het contact met de verdachte voordat zij de feiten bespreekt. De verdachte leert [slachtoffer 1] kennen via de app Grindr. De rechtbank gaat uit van de verklaring van [slachtoffer 1] dat hij 4 april 2024 voor het eerst contact heeft gehad met de verdachte. [slachtoffer 1] woont dan al 6 jaar bij de medeverdachte [medeverdachte] in huis en is in veel dingen afhankelijk van [medeverdachte] als ‘pleegvader’. Sinds hij bij [medeverdachte] woont is het drugsgebruik van [slachtoffer 1] steeds problematischer geworden. De verdachte beschrijft [slachtoffer 1] op het moment dat hij [slachtoffer 1] leert kennen als een jongen die schreeuwde om aandacht zowel bij de GGZ als Jellinek. In chats met anderen omschrijft de verdachte [slachtoffer 1] als een jongen met veel diagnoses die zich moeilijk bindt. De verdachte verstrekt de al verslaafde [slachtoffer 1] drugs en blijft dit ook doen. De gevolgen van het drugsgebruik van [slachtoffer 1] worden steeds heftiger. De verdachte geeft aan dat [slachtoffer 1] nooit nuchter was.. Ook geeft de verdachte aan dat hij niet dacht dat [slachtoffer 1] , als hij zichtbaar onder invloed was, in staat was om beslissingen te nemen. [slachtoffer 1] gaat regelmatig ‘out’ of belandt door het drugsgebruik in psychoses. Ondanks dat de verdachte dit meermaals meemaakt, blijft hij [slachtoffer 1] drugs verstrekken. Door dit te doen maakt de verdachte [slachtoffer 1] steeds kwetsbaarder en meer afhankelijk van hem. De relatie tussen de verdachte en [slachtoffer 1] is dan ook ongelijkwaardig te noemen. In dit licht moeten de feiten dan ook worden gezien.

Feit 1 – medeplegen van mishandeling met voorbedachten rade van [slachtoffer 1]

Onder feit 1 is aan de verdachte ten laste gelegd dat hij samen met anderen de gezondheid van [slachtoffer 1] opzettelijk met voorberdachten rade heeft benadeeld door hem harddrugs toe te dienen, te verstrekken of deze beschikbaar te stellen waardoor [slachtoffer 1] (verder) verslaafd is geraakt. De verdediging heeft ook hier aangevoerd dat sprake is van een situatie waarin twee meerderjarige personen gezamenlijk drugs gebruiken in de context van chemsex. Het initiatief voor het gebruik komt vanuit [slachtoffer 1] (vanuit zijn verslaving) en de verdachte gaat daar vanuit zijn verslaving in mee.

Ook ten aanzien van [slachtoffer 1] gaat de rechtbank niet mee in de visie van de verdediging dat hier sprake is van ‘gelijkwaardige’ verslaafden die gezamenlijk drugs gebruiken. De verdachte was namelijk vanaf het moment dat hij [slachtoffer 1] ontmoette op de hoogte van zijn kwetsbaarheid en de daaruit voortvloeiende ongelijkwaardige relatie tussen hun beiden. De verdachte was de persoon die in verregaande mate de drugs regelde voor de seksdates. Hij had hierdoor ook de controle over het drugsgebruik van [slachtoffer 1] .

Zoals hiervoor bij de bespreking van feit 6 (over [slachtoffer 2] ) al is overwogen, is het een feit van algemene bekendheid dat het gebruik van harddrugs grote risico’s heeft voor de gezondheid en ernstige schade kan veroorzaken. [slachtoffer 1] was ernstig verslaafd, ging na inname van drugs geregeld out (vaak gedurende de seks) en kwam door het gebruik van drugs ook geregeld in psychoses terecht. De verdachte en de medeverdachte [medeverdachte] waren van de verslaving van [slachtoffer 1] en van de genoemde gevolgen op de hoogte. Door de verdachte en [medeverdachte] werd hierover namelijk uitgebreid gecommuniceerd. Toch heeft de verdachte [slachtoffer 1] telkens drugs gegeven en ter beschikking gesteld. Dit deed hij in samenspraak en overleg met [medeverdachte] . Door het telkens verstrekken en/of beschikbaar te stellen van harddrugs aan [slachtoffer 1] heeft de verdachte de verslaving van [slachtoffer 1] in stand gehouden en willens en weten de aanmerkelijke kans aanvaard dat de gezondheid van [slachtoffer 1] zou worden benadeeld. De rechtbank acht dus bewezen dat de verdachte samen met een ander opzettelijk de gezondheid van [slachtoffer 1] heeft benadeeld.

De rechtbank acht ook hier bewezen dat sprake is van voorbedachten rade. Doordat de verdachte gedurende een langere tijd steeds weer drugs aan [slachtoffer 1] heeft verstrekt en/of beschikbaar heeft gesteld, heeft hij zich iedere keer ruimschoots kunnen beraden op het te nemen besluit en heeft hij de gelegenheid gehad om na te denken over de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap te geven.

Feit 2 – medeplegen van seksueel binnendringen terwijl [slachtoffer 1] wilsonbekwaam was

Het staat niet ter discussie dat de verdachte samen met medeverdachte [medeverdachte] seks heeft gehad met [slachtoffer 1] , waarbij sprake was van seksueel binnendringen van [slachtoffer 1] . De verdachte verklaart dat de seks met [slachtoffer 1] altijd met wederzijdse instemming was. De vraag die de rechtbank ook ten aanzien van [slachtoffer 1] moet beantwoorden, is of hij op het moment van de seksuele handelingen door zijn drugsgebruik wel in staat was om zijn wil ten aanzien van de seksuele handelingen te bepalen of om weerstand te bieden tegen de seksuele verlangens van de verdachte. Daarnaast moet de rechtbank vaststellen dat de verdachte hiervan wetenschap had en in die situatie toch seksuele handelingen heeft verricht.

De verdediging voert aan dat [slachtoffer 1] nog voldoende in staat was om zijn wil te bepalen en dat hij de seks dus zelf wilde. [slachtoffer 1] verklaart zelf dat hij de seks met de verdachte en [medeverdachte] niet wilde. Door zijn drugsgebruik was hij zo van de wereld dat hij verstijfde en hierdoor geen weerstand kon bieden. Hij durfde ook geen nee te zeggen tegen de seks omdat hij bang was dat de verdachte en medeverdachte [medeverdachte] hem dan niet meer in zijn drugsverslaving zouden voorzien. Het is ook meermaals voorgekomen dat hij out ging door het drugsgebruik en uitgekleed wakker werd. In de chatgroep is te lezen dat [slachtoffer 1] na een seksdate aan de verdachte en de medeverdachte vraagt wat er allemaal is gebeurd.

De rechtbank is van oordeel dat [slachtoffer 1] door zijn kwetsbaarheid, zijn constante drugsgebruik en zijn afhankelijkheidsrelatie met de verdachte en medeverdachte [medeverdachte] altijd in een dergelijke staat van verminderd bewustzijn dan wel lichamelijke onmacht verkeerde, dat hij niet in staat was zijn wil ten aanzien van de seksuele handelingen te bepalen of zijn wil kenbaar te maken. Zoals hiervoor al overwogen, was de verdachte op de hoogte van de kwetsbaarheid van [slachtoffer 1] . Ook was de verdachte op de hoogte van het problematische drugsgebruik van [slachtoffer 1] en maakte hij regelmatig mee dat [slachtoffer 1] out ging van de drugs en hierdoor in een psychose belandde. De verdachte heeft [slachtoffer 1] nooit nuchter gezien en geeft zelf in zijn verhoor bij de politie ook toe dat [slachtoffer 1] niet in staat was om zijn wil te bepalen als hij drugs had gebruikt. In die toestand heeft de verdachte zeer regelmatig seksdates gehad met [slachtoffer 1] , waarbij hijzelf, de medeverdachte [medeverdachte] en ook anderen seks hadden met [slachtoffer 1] . De verdachte en [medeverdachte] hadden veel contact met elkaar over het hebben en organiseren van de seksdates en over het drugsgebruik van [slachtoffer 1] . Door [slachtoffer 1] telkens maar drugs te blijven verstrekken, hebben de verdachte en [medeverdachte] [slachtoffer 1] in de positie gebracht dat hij de seks maar willoos onderging en geen weerstand kon bieden tegen hun seksuele verlangens. De rechtbank acht feit 2 dan ook wettig en overtuigend bewezen.

Feit 3 – medeplegen opzetverkrachting van [slachtoffer 1]

Onder feit 3 wordt de verdachte beschuldigd van dezelfde handelingen als onder feit 2, maar de feiten zijn gesplitst in verband met de op 1 juli 2024 in werking getreden Wet seksuele misdrijven. Voor een bewezenverklaring van opzetverkrachting is vereist dat diegene weet dat het niet anders kan zijn dan dat de wil tot het seksuele contact bij de ander ontbreekt. Verwijzend naar wat de rechtbank hiervoor bij feit 2 heeft overwogen, is de rechtbank van oordeel dat ook feit 3 wettig en overtuigend kan worden bewezen.

Feit 5medeplegen van seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] (mensenhandel )

Onder feit 5 wordt de verdachte ervan beschuldigd dat hij zich als medepleger schuldig heeft gemaakt aan de seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] . [slachtoffer 1] woonde vanaf zijn twaalfde jaar bij de medeverdachte [medeverdachte] in huis en hij werd in alles afhankelijk gemaakt van [medeverdachte] . Vanaf jonge leeftijd had [slachtoffer 1] al seks met [medeverdachte] en maakte [medeverdachte] seksdates voor en met [slachtoffer 1] . De rechtbank stelt vast dat [medeverdachte] zich al schuldig maakte aan de seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] toen [slachtoffer 1] nog minderjarig was. Toen kenden de verdachte en [slachtoffer 1] elkaar nog niet.

Als de verdachte en [slachtoffer 1] elkaar leren kennen via Grindr in april 2024, weet de verdachte eerst nog niet veel over de situatie waarin [slachtoffer 1] verkeerde. De verdachte leert [medeverdachte] kennen als de pleegvader van [slachtoffer 1] die hem naar de verdachte brengt en weer ophaalt. Naar het oordeel van de rechtbank kan de verdachte in die periode nog niet worden gezien als medepleger van de seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] . Dit verandert echter na verloop van tijd. Rond half juli 2024 verblijft [slachtoffer 1] een weekend lang bij de verdachte thuis en vanaf dan intensiveert het contact tussen de verdachte en medeverdachte [medeverdachte] . Uit de chatberichten tussen de verdachte en [medeverdachte] blijkt dat zij nauw contact houden over het doen en laten van [slachtoffer 1] , zijn drugsgebruik en zijn seksleven. De rechtbank is van oordeel dat de verdachte vanaf dat moment als medepleger kan worden aangemerkt bij de seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] . Uit de chatberichten blijkt dat de verdachte en [medeverdachte] het seksleven van [slachtoffer 1] volledig bepaalden. Voor en met [slachtoffer 1] werden profielen aangemaakt op gaysites als Grinder en Bullchat om zo seksdates voor [slachtoffer 1] te regelen. Van deze seksdates profiteerden de verdachte en [medeverdachte] doordat zij actief deelnamen aan de seks of doordat zij daar getuige van waren. De dates vonden veelal plaats in de woning van de verdachte waar [medeverdachte] [slachtoffer 1] naartoe bracht. Uit de verklaring van [slachtoffer 1] volgt dat deze seksuele contacten niet vrijwillig waren, maar door hem werden ondergaan om zo aan drugs te kunnen komen. Door de verslaafde [slachtoffer 1] , die geen kant op kon omdat hij in alles afhankelijk was van de verdachten en van de drugs, steeds weer harddrugs aan te bieden en te verstrekken hielden de verdachten [slachtoffer 1] in hun macht en behandelden zij hem als een zogenaamde seksslaaf. [slachtoffer 1] had door het excessieve drugsgebruik soms geen enkele herinnering meer aan de seksuele handelingen die hadden plaatsgevonden.

Naar het oordeel van de rechtbank hebben de verdachte en medeverdachte [medeverdachte] door misbruik van overwicht en zijn kwetsbare positie [slachtoffer 1] telkens weer bewogen om seksuele diensten te verrichten. Hiermee is sprake van seksuele uitbuiting en de rechtbank acht feit 5 dan ook wettig en overtuigend bewezen.

Feit 4 – vrijspraak seksuele handelingen met [slachtoffer 1] als slachtoffer van mensenhandel

Onder feit 4 wordt de verdachte ervan beschuldigd dat hij seks heeft gehad met [slachtoffer 1] als slachtoffer van mensenhandel (artikel 273g Sr). De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de verdachte moet worden vrijgesproken van feit 4, omdat de situatie dat de verdachte tegelijkertijd uitbuiter en klant is van de seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] zich lastig laat verenigen.

De rechtbank heeft hiervoor vastgesteld dat de verdachte al seks had met [slachtoffer 1] voordat hij de seksuele uitbuiter van [slachtoffer 1] werd. Naar oordeel van de rechtbank is een bewezenverklaring van het feit als neergelegd in artikel 273g Sr voor de periode voor 11 juli 2024 in beginsel wel mogelijk. Daarvoor is echter wel vereist dat de verdachte in de periode voor 11 juli 2024 wist of kon weten dat [slachtoffer 1] seksueel werd uitgebuit door [medeverdachte] . De rechtbank kan dat op basis van het dossier niet vaststellen en zal de verdachte daarom vrijspreken van feit 4.

Bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte:

feit 1

in de periode van ongeveer 4 april 2024 tot en met 24 september 2024 te Amersfoort en Huizen, tezamen en in vereniging met een ander met voorbedachten rade

[slachtoffer 1] (geboren [2003] ), heeft mishandeld,

en opzettelijk de gezondheid van die [slachtoffer 1] heeft benadeeld,

hebbende verdachte, en zijn mededader, die [slachtoffer 1] telkens

opzettelijk (hard)drugs verstrekt en die (hard)drugs aan die [slachtoffer 1] beschikbaar gesteld (zoals onder andere GHB, GBL, 3MMC, LSD en ketamine),

ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] blackouts kreeg en in psychoses terecht kwam;

feit 2

in of omstreeks de periode van 4 april 2024 tot en met 30 juni 2024 te Amersfoort en Huizen

tezamen en in vereniging met anderen, met [slachtoffer 1] , van wie hij, verdachte, wist dat deze in staat van bewusteloosheid, verminderd bewustzijn of lichamelijke onmacht

verkeerde, immers was die [slachtoffer 1] zwaar verslaafd aan (hard)drugs en had

hij door dat harddrugsgebruik met regelmaat blackouts en kreeg hij

met regelmaat psychoses,

dat deze [slachtoffer 1] niet of onvolkomen in staat is zijn wil daaromtrent

te bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden,

een of meer handelingen heeft gepleegd die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] ,

te weten

het doen van zijn, verdachtes, penis in de anus en mond van die [slachtoffer 1] ,

en het doen van die [slachtoffer 1] penis in zijn, verdachtes, anus en mond,

en het aftrekken van die [slachtoffer 1] en die [slachtoffer 1] hem, verdachte, laten aftrekken

en het aanraken van die [slachtoffer 1] op zijn, [slachtoffer 1] , naakte lichaam,

en het laten aanraken door die [slachtoffer 1] van zijn, verdachtes, lichaam;

feit 3

in of omstreeks de periode van ongeveer 1 juli 2024 tot en met 24 september 2024 te Amersfoort en Huizen, tezamen en in vereniging met anderen, met een persoon, te weten [slachtoffer 1] , een of meer seksuele handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam heeft verricht,

te weten

het doen van zijn, verdachtes, penis in de anus en mond van die [slachtoffer 1] ,

en het doen van die [slachtoffer 1] penis in zijn, verdachtes, anus en mond,

en het aftrekken van die [slachtoffer 1] en die [slachtoffer 1] hem, verdachte, laten aftrekken

en het aanraken van die [slachtoffer 1] op zijn, [slachtoffer 1] , naakte lichaam,

en het laten aanraken door die [slachtoffer 1] van zijn, verdachtes, lichaam,

terwijl hij, verdachte en zijn mededader wisten dat bij die [slachtoffer 1] daartoe de wil ontbrak, immers was die [slachtoffer 1] zwaar verslaafd aan (hard)drugs en had hij door dat harddrugsgebruik met regelmaat blackouts en kreeg hij met regelmaat psychoses;

feit 5

in of omstreeks de periode van ongeveer te 11 juli 2024 tot en met 24 september 2024 te Huizen en elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander

A) een ander, te weten [slachtoffer 1] , telkens door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en door misbruik van een kwetsbare positie,

- heeft vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgenomen,

met het oogmerk van seksuele uitbuiting van die [slachtoffer 1] (sub 1°)

en

- heeft bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van diensten van seksuele aard

waarvan verdachte en verdachtes mededader wisten dat die [slachtoffer 1] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard (sub 4°)

zijnde en/of hebbende hij, verdachte, en zijn mededader

- die [slachtoffer 1] (hard)drugs gegeven, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] verder verslaafde raakte en black-outs kreeg en

-foto's en video’s gemaakt van die [slachtoffer 1] terwijl hij seksuele handelingen uitvoerde en naakt was en

- die foto’s en video’s verstuurd naar contacten van hem,

verdachte, en

- voor en met die [slachtoffer 1] accounts en/of profielen aangemaakt en

-(seks) afspraken gemaakt met derden met en voor die [slachtoffer 1] en die [slachtoffer 1] voor de afspraak telkens (hard)drugs verstrekt en

- zelf ook heeft deelgenomen aan de seksafspraken van die [slachtoffer 1]

en aldus die [slachtoffer 1] als een (zogenaamde) seksslaaf behandeld;

feit 6

in de periode van ongeveer 1 juni 2022 tot en met 6 november 2023 te Huizen met voorbedachten rade [slachtoffer 2] (geboren [2003] ),

die door verdachte werd verzorgd en in huis was opgenomen,

heeft mishandeld,

en opzettelijk de gezondheid van die [slachtoffer 2] heeft benadeeld,

hebbende verdachte die [slachtoffer 2] telkens opzettelijk (hard)drugs verstrekt en die (hard)drugs aan die [slachtoffer 2] beschikbaar gesteld (zoals onder andere GHB, GBL, 3MMC en ketamine),

ten gevolge waarvan die [slachtoffer 2] (zwaar) verslaafd raakte;

feit 7

in de periode van ongeveer 1 juni 2022 tot en met 6 november 2023 te Huizen,

met [slachtoffer 2] , van wie hij, verdachte, wist dat deze in staat van verminderd bewustzijn of lichamelijke onmacht verkeerde,

dan wel aan een zodanige psychische stoornis leed (immers was [slachtoffer 2] in behandeling bij de GGZ en gebruikte die [slachtoffer 2] medicatie en was hij in therapie

en had die [slachtoffer 2] ADHD

en had hij school verlaten voordat hij 15 jaar oud was

en was die [slachtoffer 2] verslaafd aan harddrugs en regelmatig (zwaar) onder invloed)

dat deze [slachtoffer 2] niet of onvolkomen in staat is zijn wil daaromtrent te bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden,

een of meer handelingen heeft gepleegd die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2] ,

te weten

het doen van zijn, verdachtes, penis in de anus van die [slachtoffer 2] ,

en het aftrekken van die [slachtoffer 2] en die [slachtoffer 2] hem, verdachte, laten aftrekken

en het aanraken van die [slachtoffer 2] op zijn, [slachtoffer 2] , naakte lichaam,

en het laten aanraken door die [slachtoffer 2] van zijn, verdachtes, lichaam;

feit 8

in de periode van ongeveer 1 juni 2022 tot en met 6 november 2023 te Huizen,

A) een ander, te weten [slachtoffer 2] ,

telkens door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en

door misbruik van een kwetsbare positie,

- heeft gehuisvest,

met het oogmerk van seksuele uitbuiting van die [slachtoffer 2] (sub 1°)

en

- heeft bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard (sub 4°)

zijnde en/of hebbende hij, verdachte

- die [slachtoffer 2] in huis genomen (omdat de thuissituatie van die [slachtoffer 2] niet goed was en omdat die [slachtoffer 2] niet langer in een GGZ instelling wilde verblijven) en die

[slachtoffer 2] blijvend onderdak verschaft in zijn woning,

- die [slachtoffer 2] (hard)drugs gegeven, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 2] (zwaar) verslaafd raakte en

- zelf met die [slachtoffer 2] seksuele handelingen uitgevoerd op ieder moment dat hij verdachte, dit wenste, en

- foto’s en video's gemaakt van die [slachtoffer 2] terwijl hij seksuele handelingen uitvoerde en naakt was en

- die foto’s verstuurd naar contacten van hem, verdachte, en

- voor en met die [slachtoffer 2] accounts en/of profielen aangemaakt, en

- ( seks) afspraken gemaakt met derden met en voor die [slachtoffer 2] al dan niet tegen betaling en

- die [slachtoffer 2] voor de afspraak telkens (hard)drugs verstrekt en

- zelf ook heeft deelgenomen aan de seksafspraken van die [slachtoffer 2]

en aldus die [slachtoffer 2] als een (zogenaamde) seksslaaf behandeld.

De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.

De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldiging voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt de verdachte niet.

4. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:

feit 1:

het medeplegen van mishandeling gepleegd met voorbedachten rade, meermalen gepleegd;

feit 2:

het medeplegen van met iemand van wie hij weet dat hij in staat van bewusteloosheid, verminderd bewustzijn of lichamelijke onmacht verkeert, handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd;

feit 3:

het medeplegen van opzetverkrachting, meermalen gepleegd;

feit 5:

mensenhandel, terwijl de in artikel 273f, eerste lid onder 1º en 4º van het Wetboek van Strafrecht omschreven feiten worden gepleegd door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd;

feit 6:

mishandeling gepleegd met voorbedachten rade, meermalen gepleegd;

feit 7:

met iemand van wie hij weet dat hij in staat van verminderd bewustzijn of lichamelijke onmacht verkeert of met iemand van wie hij weet dat hij aan een zodanige psychische stoornis lijdt dat hij niet of onvolkomen in staat is zijn wil daaromtrent te bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden, handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd;

feit 8:

mensenhandel, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid feiten en verdachte

De feiten en de verdachte zijn strafbaar.

5. Straf en maatregel

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie eist dat de verdachte wordt veroordeeld tot:

- een gevangenisstraf van 6 jaar, met aftrek van het voorarrest.

De officier van justitie eist daarnaast dat aan de verdachte wordt opgelegd:

- een contactverbod met [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] als vrijheidsbeperkende maatregel voor de duur van 5 jaar, te vervangen door 2 weken hechtenis voor iedere keer dat de verdachte niet aan de maatregel voldoet.

Standpunt van de verdediging

De advocaten voeren aan dat een gevangenisstraf gelet op de huidige fysieke toestand van de verdachte niet haalbaar en niet wenselijk is. Hij zit al maanden opgesloten in zijn huis omdat hij door zijn fysieke toestand niet naar buiten kan. Hij is een gevangene van zijn eigen slechte gezondheid en dit zal ook niet meer veranderen. De uitzonderlijke persoonlijke omstandigheden moeten prevaleren en de verdediging verzoekt de rechtbank daarom om aan de verdachte een gevangenisstraf op te leggen waarvan het onvoorwaardelijke deel gelijk is aan de tijd die de verdachte in voorarrest heeft gezeten, met daarbij oplegging van een flink voorwaardelijk deel met bijzondere voorwaarden.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank legt aan de verdachte een gevangenisstraf van 6 jaar en een contactverbod met de slachtoffers op. Bij het bepalen van deze straf en maatregel houdt de rechtbank rekening met de ernst van de gepleegde feiten en de omstandigheden waaronder de verdachte deze feiten heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee.

Ernst en omstandigheden van de feiten

De verdachte heeft zich gedurende een lange periode schuldig gemaakt aan mishandeling in de vorm van de benadeling van de gezondheid, ernstige zedenfeiten en seksuele uitbuiting van twee kwetsbare jongvolwassen mannen.

In een moeilijke periode van zijn leven kwam [slachtoffer 2] , verslaafd aan alcohol en softdrugs en met een geschiedenis bij de GGZ, in contact met de verdachte. De verdachte verschafte [slachtoffer 2] onderdak. Vervolgens heeft de verdachte misbruik gemaakt van de kwetsbaarheid van [slachtoffer 2] . Hij heeft [slachtoffer 2] bij hem thuis kennis laten maken met harddrugs en heeft dit vervolgens vrijwel constant aan hem verstrekt. [slachtoffer 2] is uiteindelijk ook verslaafd geraakt aan verschillende harddrugs. De verdachte heeft hiermee de gezondheid van [slachtoffer 2] ernstig benadeeld. Door het drugsgebruik was [slachtoffer 2] telkens zo onder invloed, dat hij niet in staat was om weerstand te bieden aan de seksuele verlangens van de verdachte. De verdachte heeft seks gehad met [slachtoffer 2] terwijl hij door zijn drugsgebruik en psychische problematiek niet in staat was zijn wil daarover te bepalen. Ook heeft hij met [slachtoffer 2] meerdere seksdates gehad met anderen, waarbij [slachtoffer 2] altijd onder invloed was. Met zijn handelen heeft de verdachte [slachtoffer 2] volledig afhankelijk van hem gemaakt. De verdachte heeft de kwetsbare [slachtoffer 2] als zogenaamde seksslaaf behandeld en zonder scrupules ingezet voor zijn eigen seksuele genot.

Dat heeft een grote impact gehad op de gezondheid en seksuele ontwikkeling van [slachtoffer 2] . [slachtoffer 2] is zeer getraumatiseerd en zijn al bestaande psychotische decompensaties zijn verergerd. Ook kampt hij tot op de dag van vandaag nog met zijn verslaving aan harddrugs. Door het drugsgebruik en de psychoses is grote schade aan het brein van [slachtoffer 2] veroorzaakt, waardoor zijn IQ aanzienlijk verlaagd is. De inschatting is dat hij hierdoor nooit zelfstandig zal kunnen leven. [slachtoffer 2] zal altijd afhankelijk blijven van 24-uurszorg. De gevolgen van het handelen van de verdachte zullen [slachtoffer 2] voor de rest van zijn leven zichtbaar en voelbaar blijven.

Uiteindelijk is het misbruiken van [slachtoffer 2] gestopt omdat hij voor langere tijd werd opgenomen in een GGZ kliniek, waarbinnen uiteindelijk ieder contact van [slachtoffer 2] met de verdachte is verboden. De hulpverleners omschrijven de staat waarin [slachtoffer 2] werd opgenomen als bijna dierlijk, iemand waar geen contact mee mogelijk was. Dit geeft aan hoeveel schade de verdachte met zijn handelen bij [slachtoffer 2] heeft aangericht.

Een paar maanden nadat het contact tussen de verdachte en [slachtoffer 2] is gestopt, leert de verdachte [slachtoffer 1] kennen. [slachtoffer 1] bevindt zich bij medeverdachte [medeverdachte] in een vergelijkbare situatie als [slachtoffer 2] . [slachtoffer 1] was een kwetsbare jongen die toen hij 15 jaar was onderdak vond bij medeverdachte [medeverdachte] , die zich opwierp als pleegvader maar sinds enige jaren daarvoor al seks met hem had. Ook [slachtoffer 1] raakte verslaafd aan harddrugs en het middelengebruik werd zo rond de tijd dat verdachte in beeld kwam gereguleerd en gemonitord door [medeverdachte] . [medeverdachte] wist dat [slachtoffer 1] seks (ook met anderen) zag als ruilmiddel voor drugs. Evenals [medeverdachte] heeft de verdachte heeft misbruik gemaakt van de kwetsbaarheid van [slachtoffer 1] en de situatie waar [slachtoffer 1] zich in bevond. De verdachte heeft seks met hem gehad, terwijl hij door zijn psychische problematiek en drugsgebruik niet in staat was om “nee” te zeggen. Door [slachtoffer 1] telkens weer opnieuw drugs te verstrekken, heeft de verdachte [slachtoffer 1] verslaafd gehouden aan drugs. De gevolgen van het drugsgebruik van [slachtoffer 1] waren zeer problematisch. [slachtoffer 1] ging vaak out en belandde door het drugsgebruik in psychoses.

Ook voor [slachtoffer 1] zijn de gevolgen van het handelen van de verdachte zeer ernstig. [slachtoffer 1] kampt door wat hij heeft meegemaakt met een complexe vorm van PTSS. Hij heeft nog steeds veel last van spanningen en somberheid en heeft soms nog een doodswens. [slachtoffer 1] verlangt anderzijds naar een normaal leven, maar dat is door de gevolgen van wat hem is aangedaan nog lang niet aan de orde.

De verdachte heeft ernstige inbreuk gemaakt op de fundamentele rechten van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , zoals menselijke waardigheid en persoonlijke vrijheid. De verdachte zag [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] als zijn bezit waarmee hij, zo lang de afhankelijkheidssituatie in stand bleef, op seksueel gebied kon doen en laten wat hij wilde. De verdachte heeft met zijn handelen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] een onbezorgde jeugd ontnomen. Zij zijn ook ernstig gestoord in hun seksuele ontwikkeling. De kans om hun seksualiteit met leeftijdsgenoten te kunnen ontdekken is [A] mede door de verdachte op grove wijze ontnomen.

De rechtbank ziet in het handelen van de verdachte een duidelijk patroon. De verdachte is, nadat [slachtoffer 2] werd opgenomen in een GGZ-instelling, vrij snel op zoek gegaan naar een nieuwe kwetsbare adolescent die hij kon gebruiken voor zijn eigen seksuele verlangens en heeft hier [slachtoffer 1] voor gevonden. Uiteindelijk is door de aanhouding van de verdachte de mishandeling in de vorm van benadeling van de gezondheid van de slachtoffers, het misbruik van beiden en de seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] gestopt. De verdachte bestempelt zichzelf nog steeds als de persoon die [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] heeft geholpen, maar hij is juist de persoon die mede [A] voor de rest van hun leven onomkeerbaar heeft beschadigd. De rechtbank vindt het zeer kwalijk dat de verdachte nog steeds niet inziet dat hij verkeerd heeft gehandeld en wat de gevolgen daarvan zijn voor de slachtoffers.

Persoonlijke omstandigheden van de verdachte

Strafblad

Uit het strafblad van de verdachte van 30 april 2026 blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten. Dit weegt de rechtbank niet in strafverminderende of strafverzwarende zin mee.

Rapporten en adviezen

De rechtbank heeft ook kennisgenomen van meerdere over de verdachte opgemaakte deskundigenrapporten en adviezen:

Een triple persoonlijkheidsonderzoeksrapport van forensisch milieuonderzoeker [B] , GZ-psycholoog [C] en psychiater [D] van 13 oktober 2025;

Een aanvullend neuropsychologisch en neurologisch onderzoek van klinisch neuropsycholoog [E] en neuroloog. [F] van 17 oktober 2025;

Een reclasseringsadvies van [G] van 20 februari 2026;

Een advies detentiegeschiktheid van [H] , huisarts en medisch adviseur Dienst Justitiële Inrichtingen van 6 juli 2026.

Het triple persoonlijkheidsonderzoek

De deskundigen schrijven dat bij de verdachte sprake is van een ernstige stoornis in het gebruik van alcohol, een ernstige stoornis in het gebruik van GHB en een ernstige stoornis in het gebruik van andere middelen (waaronder designerdrugs). Na het overlijden van de echtgenote van de verdachte verviel hij in het gebruik van alcohol, maar begon hij ook met het gebruik van andere drugs. In de jaren voorafgaand aan zijn aanhouding was er derhalve sprake van ernstige verslavingsproblematiek. Tijdens dit onderzoek worden daarnaast kwetsbaarheden in de persoonlijkheid gezien. De deskundigen spreken in dit verband van een aanpassingsstoornis met verlaagde stemming. De kwetsbaarheden in de persoonlijkheid, die alle passen bij het zogenaamde cluster B (borderline, narcistisch en theatraal) worden mogelijk uitvergroot door de aanwezige aanpassingsstoornis. Mogelijk hebben deze kwetsbaarheden een meer prominente rol (gehad) in het leven van de verdachte, waardoor gesproken zou kunnen worden van een persoonlijkheidsstoornis. Een dergelijke diagnose wordt, door het ontbreken van een eenduidig beeld van het algemeen functioneren van de verdachte voorafgaand aan het overlijden van zijn vrouw, uitgesteld. De verdachte heeft bij het onderzoek aangegeven te kampen met gevolgen van traumatische ervaringen. Tijdens het onderzoek zijn echter geen aanwijzingen gevonden voor een klinisch beeld van ontregeling, passend bij een posttraumatische stressstoornis. Bij de verdachte is sprake van ernstige en complexe lichamelijke problematiek. Zijn hartfunctie is sterk beperkt, er is sprake van levercirrose en blijkens de informatie van het ziekenhuis ook van diabetes type II. Sinds 2016 is hij drager van hiv. Eind 2022 raakte hij na een ernstige infectie (sepsis) in coma en liep daardoor zenuwschade aan zijn onderbeen op. Op basis van dit onderzoek worden geen aanwijzingen gevonden voor een seksuele stoornis.

Ten tijde van de ten laste gelegde feiten was er bij de verdachte sprake van ernstige demoralisering, een aanpassingsstoornis met verlaagde stemming en problematisch gebruik van middelen. De kwetsbaarheden in de persoonlijkheid van de verdachte waren ook ten tijde van deze feiten aanwezig. Vanuit de geschetste psychopathologie wordt de zoektocht van de verdachte naar veel seksuele contacten begrepen. Dit betekent echter niet dat er een dwingend verband bestaat tussen de psychopathologie en de ten laste gelegde feiten. Dat hij over de grenzen van anderen (slachtoffers) ging, wordt niet verklaard vanuit deze psychopathologie. Er zijn geen aanwijzingen dat de verdachte niet in staat is de aard en wederrechtelijkheid van het hem ten laste gelegde te begrijpen. Evenmin zijn er aanwijzingen dat de verdachte niet zou kunnen handelen naar dit begrip. Het excessieve middelengebruik vond veelal plaats om het seksueel contact te faciliteren en was dus niet (deels) oorzakelijk voor dit seksueel contact. Onderzoekers adviseren dan ook de ten laste gelegde feiten volledig aan de verdachte toe te rekenen.

Aangezien de deskundigen geen dwingend verband zien tussen de geconstateerde psychopathologie en het ten laste gelegde en er daarnaast – mede hierdoor – geen inzichtelijke geïndividualiseerde risicoanalyse gemaakt kan worden, ontbreekt het aan aanknopingspunten tot het adviseren van een interventie met het oog op het verlagen van het risico.

Aanvullend neuropsychologisch en neurologisch onderzoek

De neuroloog en neuropsycholoog hebben onderzocht of bij de verdachte sprake is van neurologische en/of cognitieve deficiënties die de gedragskeuzes en gedragingen van de verdachte tijdens de feiten beïnvloedden. Uit het onderzoek blijkt dat er geen aanwijzingen zijn voor neurocognitieve stoornissen bij de verdachte. Hoewel binnen het intelligentieprofiel de informatieverwerking van de verdachte relatief zwakker lijkt te zijn dan zijn verbale begripsvermogen, vallen zijn cognitieve vaardigheden binnen de normale grenzen voor iemand met een vergelijkbare achtergrond. Het is niet waarschijnlijk dat de gevonden klachten en problemen van invloed zijn geweest op de gedragskeuzes en gedragingen van de verdachte ten tijde van de feiten.

Reclasseringsadvies

De reclassering schat het risico op recidive in als laag gelet op de huidige fysieke situatie van de verdachte. Hij heeft namelijk een dwarslaesie en is rolstoelafhankelijk. Ondanks de lage kans op recidive, acht de reclassering het zinvol om het onlangs gestarte reclasseringstoezicht voort te zetten. De reclassering adviseert om een (deels) voorwaardelijke straf met verschillende bijzondere voorwaarden op te leggen.

Actuele gezondheidstoestand van de verdachte

De advocaten hebben op zitting de actuele gezondheidstoestand van de verdachte toegelicht. Recent heeft de verdachte een TIA gehad waardoor hij weer een paar dagen opgenomen is geweest in het ziekenhuis. Hij heeft recent ook een operatie gehad aan zijn stembanden. De verdachte heeft 24/7 hele intensieve zorg nodig en komt nauwelijks de deur uit sinds hij thuis is. Zijn levensverwachting is niet heel positief.

Detentiegeschiktheidsonderzoek

Bij de beoordeling van detentie(on)geschiktheid wordt de vraag beantwoord of de

benodigde zorg in of vanuit detentie geleverd kan worden en of er onevenredige

schade door detentie opgetreden is of te verwachten valt. Het advies is gebaseerd op verschillende brieven van behandelend artsen en schriftelijke informatie van verschillende behandelaren.

De verdachte heeft een uitgebreide medische voorgeschiedenis. Er is sinds jaren sprake van chronische aandoeningen van onder andere het hart en de longen. Er is ook sprake van een chronische infectieziekte, welke momenteel goed onder controle is. Sinds jaren is de verdachte bekend met verslavingsproblematiek. Hij is hiervoor bij meerdere psychische zorginstellingen in behandeling en opgenomen geweest. Hij gebruikt veel medicijnen op chronische basis. In september 2025 heeft de verdachte door een aandoening van het ruggenmerg een verlamming van de benen, vanaf de romp gekregen. Na de ziekenhuis opname is de verdachte van oktober 2025 tot eind januari 2026 opgenomen geweest in een revalidatiekliniek. Daaropvolgend is revalidatie voortgezet vanuit huis. De verdachte functioneert geheel rolstoel gebonden. De verdachte is thuis in zijn aangepaste omgeving met hulpmiddelen grotendeels zelfstandig. Eenmaal per dag heeft hij thuiszorg. In de thuissituatie wordt de verdachte momenteel ondersteund door zorgprofessionals van een GGZ verslavingskliniek. Momenteel bestaat de zorg van de verslavingskliniek voornamelijk uit het analyseren van de mogelijke risicosituaties en een recente terugval van drugsgebruik (GHB), om zo een grotere terugval te kunnen voorkomen.

Bovenstaande beschrijving van de medische toestand van de verdachte geeft een indruk van een kwetsbare man, op zowel lichamelijk als psychisch vlak. Bovengenoemde zorg is veelomvattend, en in een detentiesetting in eerste instantie, in ieder geval bij aanvang van een eventuele detentie, naar inschatting van de medisch adviseur alleen leverbaar in het JCvSZ (Justitieel Centrum voor Somatische Zorg). Hier is 24 uur per dag medische en verpleegkundige zorg voorhanden. Ook kan hier psychologische zorg en ondersteuning verleend worden. Mocht er behoefte zijn aan een fysiotherapeutische behandeling, in het kader van het voortzetten van revalidatie in de thuissituatie, dan kan dat tijdens detentie gecontinueerd worden. Op deze manier acht de medisch adviseur de zorg in detentie voor de verdachte leverbaar en verwacht de medisch adviseur van een detentie voor de verdachte geen onevenredige schade.

De op te leggen straf en maatregel

Gevangenisstraf

De verdediging stelt zich op het standpunt dat een gevangenisstraf niet haalbaar is door de fysieke toestand van de verdachte. De rechtbank onderschrijft dat de verdachte afhankelijk is van intensieve zorg. De rechtbank leest echter in het advies over de detentiegeschiktheid van de verdachte dat de zorg die hij nodig heeft, kan worden geboden in het JCvSZ. Een detentie geeft naar verwachting geen onevenredige schade voor de verdachte. De rechtbank ziet daarom in de fysieke toestand van de verdachte geen belemmering voor het opleggen van een gevangenisstraf. De rechtbank vindt een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf ook de enige passende straf in deze zaak, gelet op aard, de ernst en de hoeveelheid van de feiten. De verdediging voert verder nog aan dat de gezondheidssituatie van de verdachte dagelijks verandert en dat daarom moeilijk te voorspellen is hoe de verdachte eraan toe zal zijn op het moment dat hij de straf zou moeten gaan uitzitten. Voordat de verdachte wordt ingesloten voor het uitzitten van de gevangenisstraf zal echter door het openbaar ministerie worden gekeken of de situatie van de verdachte is veranderd en of dit gevolgen heeft voor de detentiegeschiktheid. De rechtbank ziet geen aanleiding om, vooruitlopend op een eventuele verandering in de gezondheidssituatie van de verdachte, geen gevangenisstraf op te leggen.

De rechtbank heeft voor het bepalen van de duur van de gevangenisstraf gekeken naar oriëntatiepunten en straffen die worden opgelegd in soortgelijke zaken. De landelijke oriëntatiepunten zijn gebaseerd op opgelegde straffen in andere, vergelijkbare zaken. Hierin zijn onder andere de volgende oriëntatiepunten opgenomen:

een gevangenisstraf van 30 maanden voor seksuele uitbuiting van meerderjarigen (categorie III);

een gevangenisstraf van 24 maanden voor verkrachting met beperkte mate van dwang.

De rechtbank neemt in strafverzwarende zin verder nog het volgende mee. De verdachte heeft kort na elkaar dezelfde feiten gepleegd bij twee verschillende slachtoffers. Uit de schriftelijke verklaring van de verdachte blijkt dat de verdachte nog steeds niet inziet dat hij fout heeft gehandeld en op meerdere manieren misbruik heeft gemaakt van de slachtoffers. Hij neemt geen verantwoordelijkheid voor de gevolgen van zijn handelen voor de slachtoffers. Daarnaast houdt de rechtbank er in strafverzwarende zin rekening mee dat hij een aantal feiten in nauwe en bewuste samenwerking met een ander heeft gepleegd, dat steeds sprake is geweest van het meermalen plegen van de feiten en meerdere ernstige feiten zich in een lange periode hebben voorgedaan.

De rechtbank komt in vergelijking tot de officier van justitie tot een iets kortere bewezenverklaarde periode ten aanzien van [slachtoffer 2] . Ondanks dat, is de rechtbank van oordeel dat de eis van de officier van justitie in dit geval passend is.

De rechtbank legt aan de verdachte een gevangenisstraf van 6 jaar, met aftrek van het voorarrest, op.

Tenuitvoerlegging van de straf

De gevangenisstraf zal worden tenuitvoergelegd binnen de penitentiaire inrichting, totdat aan de verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend.

Contactverbod

Gelet op het bewezenverklaarde en de uitdrukkelijke wens van de slachtoffers, ziet de rechtbank aanleiding om ter beveiliging van de slachtoffers en ter voorkoming van stafbare feiten een vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38v Sr op te leggen. Deze maatregel houdt in dat de verdachte op geen enkele wijze – direct of indirect – contact mag opnemen met de slachtoffers [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] . De rechtbank legt deze vrijheidsbeperkende maatregel op voor de duur van vijf jaren. Voor iedere keer dat de verdachte deze maatregel overtreedt, zal vervangende hechtenis worden toegepast voor de duur van twee weken, met een maximum van zes maanden. Toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichtingen ingevolge de opgelegde maatregel niet op.

6. In beslag genomen voorwerpen

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie vordert dat de verdovende middelen en de gegevensdragers worden onttrokken aan het verkeer. De officier van justitie vordert dat de alcoholdoekjes en de kortingspasjes verbeurd worden verklaard, tenzij de verdachte deze goederen terug wil.

Standpunt van de verdediging

De verdediging verzoekt teruggave van alle gegevensdragers, de kortingspasjes en de alcoholdoekjes.

Oordeel van de rechtbank

Verbeurdverklaring

De rechtbank zal de in beslag genomen voorwerpen, te weten:

- een videocamera (828393)

- een Samsung Galaxy A52 (828390)

- een SanDisk SD kaart (828383)

- een SanDisk MicroSD (828382)

- een Samsung A54 (828360)

en

- een Acer Aspire 5750 P5WE0 (828378),

verbeurd verklaren. Op deze gegevensdragers zijn beelden van seksuele handelingen met [slachtoffer 1] dan wel chats met betrekking tot de bewezenverklaarde feiten aangetroffen. Met behulp van deze voorwerpen zijn de bewezen verklaarde feiten begaan.

Onttrekking aan het verkeer

De rechtbank zal de in beslag genomen voorwerpen, te weten meerdere verdovende middelen (G3413688, G3413685, G3413703, G3413713, G3413678, G3413718, G3409403, G3413694, G3409753 en G3413715) onttrekken aan het verkeer. Deze voorwerpen zijn van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang. Met behulp van deze dan wel soortgelijke voorwerpen zijn de bewezen verklaarde feiten begaan.

De rechtbank zal ook de mogelijk verdovende middelen (G3409794, G3409813 en G3409753) onttrekken aan het verkeer. Uit het dossier blijkt niet met zekerheid dat dit daadwerkelijk verdovende middelen zijn. Deze voorwerpen zijn echter aangetroffen bij een grote hoeveelheid verdovende middelen. Deze voorwerpen maken hierdoor onderdeel uit van een gezamenlijkheid van voorwerpen waarvan het ongecontroleerde bezit in strijd is met het algemeen belang. Deze voorwerpen kunnen dienen tot het begaan van soortgelijke misdrijven.

Teruggave aan verdachte

De rechtbank zal teruggave gelasten aan de verdachte van de in beslag genomen voorwerpen, te weten:

- een SanDisk MicroSD Ultra A1 (828384);

- een beveiligingscamera (828398);

- een USB Stick Take Ms (828391);

- een Sandisk MicroSD (828375);

- SanDisk Extreme MicroSD (828374);

en

- een Samsung Galaxy A8 (828362);

- drie kortingspasjes (829717);

- negen alcoholdoekjes (829716).

Op de gegevensdragers zijn geen relevante bevindingen met betrekking tot de bewezenverklaarde feiten aangetroffen. De voorwerpen zijn niet vatbaar voor verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer en het belang van strafvordering verzet zich niet tegen teruggave.

7. Vordering benadeelde partij

Vordering van de benadeelde partijen

Inleiding

[slachtoffer 2] heeft zich gesteld als benadeelde partij en vordert de verdachte te veroordelen tot het betalen van een schadevergoeding van € 20.000,- voor feiten 6, 7 en 8, vermeerderd met de wettelijke rente. Dit bedrag bestaat uit immateriële schade (smartengeld). Verder verzoekt de benadeelde partij de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.

[slachtoffer 1] heeft zich gesteld als benadeelde partij en vordert de verdachte te veroordelen tot het hoofdelijk betalen van een schadevergoeding van € 10.000,- voor feiten 1, 2, 3 en 5, vermeerderd met de wettelijke rente. Dit bedrag bestaat ook uit immateriële schade (smartengeld). Verder verzoekt de benadeelde partij de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie vordert dat de vorderingen van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] volledig worden toegewezen, met toepassing van de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. De officier van justitie vordert hoofdelijke toewijzing van de vordering van [slachtoffer 1] .

Standpunt van de verdediging

De advocaten stellen zich op het standpunt dat bij toewijzing de vordering van [slachtoffer 2] moet worden gematigd tot een bedrag van € 10.000,- en de vordering van [slachtoffer 1] moet worden gematigd tot een bedrag van € 7.500,-. De verdediging verzoekt om de vordering van [slachtoffer 1] niet hoofdelijk toe te wijzen, omdat in de zaak van de medeverdachte [medeverdachte] een hoger bedrag aan schadevergoeding hoofdelijk is toegewezen en de situatie moet worden voorkomen dat de verdachte voor dat hogere schadebedrag aansprakelijk kan worden gesteld.

Oordeel van de rechtbank

Vordering van [slachtoffer 2]

Grondslag

Vergoeding van immateriële schade is op grond van artikel 6:106 sub b van het Burgerlijk Wetboek (BW) mogelijk als de benadeelde partij lichamelijk letsel heeft opgelopen, is aangetast in zijn eer en goede naam of ‘op andere wijze’ in zijn persoon is aangetast. De rechtbank begrijpt dat de vordering van de benadeelde partij in dit geval op deze laatste grondslag is gebaseerd.

Uit de rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat van aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ in ieder geval sprake is als het slachtoffer geestelijk letsel (psychische schade) heeft opgelopen. Het bestaan van geestelijk letsel moet naar objectieve maatstaven worden vastgesteld. Als geestelijk letsel niet kan worden vastgesteld, kan de aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ volgen uit de aard en de ernst van de normschending (het strafbare feit) en de gevolgen daarvan. De gevolgen moeten met concrete gegevens worden onderbouwd. In uitzonderlijke situaties kunnen de nadelige gevolgen voor het slachtoffer zó voor de hand liggen dat ook zonder nadere onderbouwing kan worden aangenomen dat sprake is van een aantasting in de persoon.

De benadeelde partij heeft voldoende gegevens verstrekt waaruit blijkt dat hij geestelijk letsel heeft opgelopen door de gepleegde strafbare feiten. Uit de verklaring van de psychiater blijkt dat bij [slachtoffer 2] sprake is van ernstige traumatisering, psychotische decompensaties en middelengebruik door de bewezen verklaarde feiten. [slachtoffer 2] heeft daarnaast een posttraumatische stressstoornis door wat hij heeft meegemaakt. Uit de verklaring van zijn begeleider blijkt dat [slachtoffer 2] door het misbruik, trauma en drugsgebruik cognitief beschadigd is en een ontwikkelingsachterstand heeft opgelopen. Door het drugsgebruik heeft [slachtoffer 2] last van psychoses en is zijn IQ van ongeveer 100 naar 55-60 gedaald. De gevolgen voor [slachtoffer 2] zijn naar alle waarschijnlijkheid levenslang.

Gelet op de ernst van de feiten en de ernst van de gevolgen voor [slachtoffer 2] en de vergoeding die in soortgelijke zaken wordt toegekend, is de rechtbank van oordeel dat de gevraagde vergoeding van € 20.000,- billijk is. De rechtbank wijst de vordering van de benadeelde partij daarom volledig toe.

Wettelijke rente

De rechtbank wijst de gevorderde wettelijke rente toe vanaf 1 juni 2022, de begindatum van de bewezenverklaarde pleegperiode, tot de dag dat de verdachte de schadevergoeding volledig heeft betaald. De rechtbank neemt deze datum als startdatum van de wettelijke rente omdat de rechtbank van oordeel is dat op die datum de schade is ontstaan.

Proceskosten

Bij vorderingen tot schadevergoeding is de hoofdregel dat de partij die ongelijk krijgt, de proceskosten van de andere partij moet vergoeden. Omdat de vordering tot schadevergoeding wordt toegewezen, moet de verdachte de kosten vergoeden die de benadeelde partij heeft gemaakt.

De rechtbank is van oordeel dat op dit moment niet vast staat dat de benadeelde partij kosten heeft gemaakt voor het indienen en toelichten van de vordering en begroot de kosten daarom op nihil.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank legt de schadevergoedingsmaatregel aan de verdachte op, zodat (kort gezegd) de benadeelde partij de schadevergoeding niet zelf bij de verdachte hoeft te incasseren, maar dat de Staat dit voor hem doet. De rechtbank bepaalt daarom dat de verdachte een bedrag van € 20.000,- aan de Staat moet betalen.

Dit bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2022 tot de dag dat de verdachte het volledige bedrag heeft betaald.

Als de verdachte de schadevergoeding niet (volledig) betaalt, kan gijzeling (een vorm van vrijheidsbeneming van de verdachte) worden toegepast voor de duur van 125 dagen. De gijzeling komt niet in de plaats van de verplichting om te betalen. Ook als gijzeling wordt toegepast, blijft de verdachte dus verplicht om de schadevergoeding te betalen.

De verdachte mag de schadevergoeding ook rechtstreeks betalen aan de benadeelde partij. Als hij dat heeft gedaan, is hij niet langer verplicht om aan de Staat te betalen.

Vordering van [slachtoffer 1]

Grondslag

De rechtbank begrijpt dat ook de vordering van de benadeelde partij in dit geval is gebaseerd op de grondslag dat de benadeelde partij ‘op andere wijze’ in zijn persoon is aangetast. De benadeelde partij heeft voldoende gegevens verstrekt waaruit blijkt dat hij geestelijk letsel heeft opgelopen door de gepleegde strafbare feiten. Bij [slachtoffer 1] is sprake van PTSS, een stoornis in middelengebruik en een psychotische stoornis. Door de arts in opleiding tot psychiater wordt vermoed dat de psychotische klachten worden geluxeerd door de trauma en herbeleving hierbij. Uit het dossier volgt verder dat [slachtoffer 1] door de drugs die hij van de verdachte verstrekt kreeg meermaals in een psychose is geraakt. De advocaat van de benadeelde partij heeft op de zitting aangegeven dat [slachtoffer 1] nog steeds een belast leven leidt. Door de complexheid van zijn PTSS is nog niet begonnen met de behandeling hiervan. Hij slikt nog steeds zware medicatie om zijn spanningen te beheersen.

Gelet op de ernst van de feiten en de ernst van de gevolgen voor [slachtoffer 1] en de vergoeding die in soortgelijke zaken wordt toegekend, is de rechtbank van oordeel dat de gevraagde vergoeding van € 10.000,- billijk is. De rechtbank wijst de vordering van de benadeelde partij daarom volledig toe.

Wettelijke rente

De rechtbank wijst de gevorderde wettelijke rente toe vanaf 4 april 2024, de begindatum van de bewezenverklaarde pleegperiode, tot de dag dat de verdachte de schadevergoeding volledig heeft betaald. De rechtbank neemt deze datum als startdatum van de wettelijke rente omdat de rechtbank van oordeel is dat op die datum de schade is ontstaan.

Proceskosten

Bij vorderingen tot schadevergoeding is de hoofdregel dat de partij die ongelijk krijgt, de proceskosten van de andere partij moet vergoeden. Omdat de vordering tot schadevergoeding wordt toegewezen, moet de verdachte de kosten vergoeden die de benadeelde partij heeft gemaakt.

De rechtbank is van oordeel dat op dit moment niet vast staat dat de benadeelde partij kosten heeft gemaakt voor het indienen en toelichten van de vordering en begroot de kosten daarom op nihil.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank legt de schadevergoedingsmaatregel aan de verdachte op, zodat (kort gezegd) de benadeelde partij de schadevergoeding niet zelf bij de verdachte hoeft te incasseren, maar dat de Staat dit voor hem doet. De rechtbank bepaalt daarom dat de verdachte een bedrag van € 10.000,- aan de Staat moet betalen. Dit bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 april 2024 (datum ontstaan schade) tot de dag dat de verdachte het volledige bedrag heeft betaald.

Als de verdachte de schadevergoeding niet (volledig) betaalt, kan gijzeling (een vorm van vrijheidsbeneming van de verdachte) worden toegepast voor de duur van 75 dagen. De gijzeling komt niet in de plaats van de verplichting om te betalen. Ook als gijzeling wordt toegepast, blijft de verdachte dus verplicht om de schadevergoeding te betalen.

Hoofdelijkheid

Omdat de verdachte de strafbare feiten waarvoor schadevergoeding wordt toegekend (voor de verdachte dus een totaalbedrag van € 10.000,-) samen met een mededader heeft gepleegd, zijn zij daarvoor samen aansprakelijk (juridische term: hoofdelijk aansprakelijk). Hetzelfde geldt voor de toe te wijzen proceskosten. Voor zover de mededader een bedrag aan de benadeelde partij of aan de Staat heeft betaald, hoeft de verdachte dat deel van de schadevergoeding en de proceskosten niet meer aan de benadeelde partij of aan de Staat te betalen.

8. Toegepaste wetsartikelen

De opgelegde straf en maatregelen en beslissing op het beslag zijn gebaseerd op de artikelen 33, 33a, 36b, 36c, 36d, 38v, 38w, 47, 57, 242 (nieuw), 243 (oud), 243 (nieuw), 254 (nieuw), 273f en 301 van het Wetboek van Strafrecht.

9. De beslissing

De rechtbank:

vrijspraak

- verklaart feit 4 niet bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij;

bewezenverklaring

strafbaarheid feit

- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4.1 is vermeld;

strafbaarheid verdachte

- verklaart de verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;

straf en maatregel

- veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 6 jaren;

- bepaalt dat de tijd, door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

- beveelt dat voor het geval niet aan de maatregel wordt voldaan de maatregel wordt vervangen door twee weken hechtenis, met een maximum van zes maanden;

beslag – feiten 1, 2, 3, 5, 6, 7 en 8

- verklaart de volgende voorwerpen verbeurd:

- verklaart de volgende voorwerpen onttrokken aan het verkeer:

- gelast de teruggave aan de verdachte van de volgende voorwerpen:

vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [slachtoffer 2] – feiten 6, 7 en 8

vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [slachtoffer 1] – feiten 1, 2, 3 en 5

Dit vonnis is gewezen door mr. J. Edgar, voorzitter, mr. C.S.K. Fung Fen Chung en mr. L.M. Reijnierse, rechters, in tegenwoordigheid van mr. R.I. van Balkom als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 9 september 2026.

Bijlage I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is na nadere omschrijving van de tenlastelegging ten laste gelegd dat:

feit 1

hij in of omstreeks de periode van ongeveer 04 november 2023 tot en

met 24 september 2024 te Amersfoort en/of Huizen en/of elders in

Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

(al dan niet met voorbedachten rade)

[slachtoffer 1] (geboren [2003] ),

heeft mishandeld,

en/of opzettelijk de gezondheid van die [slachtoffer 1] heeft benadeeld,

hebbende verdachte, en/of zijn mededader(s), die [slachtoffer 1] telkens

opzettelijk (hard)drugs toegediend en/of verstrekt en/of die (hard)drugs

aan die [slachtoffer 1] beschikbaar gesteld (zoals onder andere GHB, GBL,

3MMC, LSD en ketamine),

(ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] (zwaar) verslaafd raakte en/of

blackouts kreeg en/of in psychoses terecht kwam);

feit 2

Hij in of omstreeks de periode van 04 november 2023 tot en met 30 juni 2024 te Amersfoort en/of Huizen en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met [slachtoffer 1] , van wie hij, verdachte, wist dat deze in staat van

bewusteloosheid, verminderd bewustzijn of lichamelijke onmacht

verkeerde,

dan wel aan een zodanige psychische stoornis, psychogeriatrische

aandoening of verstandelijke handicap leed

(immers was die [slachtoffer 1] zwaar verslaafd aan (hard)drugs en/of had

hij door dat harddrugsgebruik met regelmaat blackouts en/of kreeg hij

met regelmaat psychoses)

dat deze [slachtoffer 1] niet of onvolkomen in staat is zijn wil daaromtrent

te bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden,

een of meer handelingen heeft gepleegd die bestonden uit of mede

bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die

[slachtoffer 1] ,

te weten

het doen van zijn, verdachtes, penis en/of vingers in de anus en/of

mond van die [slachtoffer 1] ,

en/of het doen van die [slachtoffer 1] penis en/of vingers in zijn,

verdachtes, anus en/of mond,

en/of het aftrekken van die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 1] hem,

verdachte, laten aftrekken

en/of het aanraken van die [slachtoffer 1] op zijn, [slachtoffer 1] , naakte

lichaam,

en/of het laten aanraken door die [slachtoffer 1] van zijn, verdachtes,

lichaam;

feit 3

hij in of omstreeks de periode van ongeveer 01 juli 2024 tot en met 24

september 2024 te Amersfoort en/of Huizen en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen

met een persoon, te weten [slachtoffer 1] ,

een of meer seksuele handelingen

die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen

van het lichaam

heeft verricht,

te weten

het doen van zijn, verdachtes, penis en/of vingers in de anus en/of

mond van die [slachtoffer 1] ,

en/of het doen van die [slachtoffer 1] penis en/of vingers in zijn,

verdachtes, anus en/of mond,

en/of het aftrekken van die [slachtoffer 1] en/of die [slachtoffer 1] hem. verdachte, laten aftrekken

en/of het aanraken van die [slachtoffer 1] op zijn, [slachtoffer 1] , naakte

lichaam,

en/of het laten aanraken door die [slachtoffer 1] van zijn, verdachtes,

lichaam,

terwijl hij, verdachte en/of zijn mededaders, wisten,

althans ernstige reden hadden om te vermoeden

dat bij die [slachtoffer 1] daartoe de wil ontbrak

(immers was die [slachtoffer 1] zwaar verslaafd aan (hard)drugs

en/of had hij door dat harddrugsgebruik met regelmaat blackouts en/of

kreeg hij met regelmaat psychoses);

feit 4

hij in of omstreeks de periode van 04 november 2023 tot en met 24

september 2024 te Huizen en/of elders in Nederland,

seksuele handelingen heeft verricht met [slachtoffer 1] , althans met

een ander,

te weten door zijn, verdachtes, penis en/of vingers in de anus en/of

mond van die [slachtoffer 1] te doen

en/of die [slachtoffer 1] penis en/of vingers in zijn, verdachtes, anus en/of

mond te doen,

en/of zich door die [slachtoffer 1] op zijn, [slachtoffer 1] , naakte lichaam aan

te raken,

en/of door die [slachtoffer 1] zijn, verdachtes, lichaam aan te laten raken,

en/of door die [slachtoffer 1] af te trekken en/of door die [slachtoffer 1] hem,

verdachte, te laten aftrekken en/of

terwijl hij, verdachte, wist en/of ernstige reden had om te vermoeden

dat die [slachtoffer 1]

zich onder de in artikel 273f, eerste lid, onder 1° van het Wetboek van

Strafrecht bedoelde omstandigheden ter beschikkig had gesteld

tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen

betaling,

immers werd die [slachtoffer 1] door medeverdachte [medeverdachte] naar die

sexafspraak met hem, verdachte, gebracht

(en daarna weer opgehaald of mee naar huis genomen)

en/of bleef die medeverdachte [medeverdachte] in de nabijheid van die

[slachtoffer 1] en/of hem, verdachte,

op die [slachtoffer 1] wachten gedurende de sexafspraak en/of wist hij, verdachte, dat die [slachtoffer 1] zwaar verslaafd was aan

harddrug

en kreeg die [slachtoffer 1] in ruil voor de door hem verrichte- en/of

ondergane sexuele handelingen harddrugs,

waardoor hij, verdachte, (aldus) wist of ernstige reden had te vermoeden

dat er misbruik werd gemaakt van de kwetsbare positie van die

[slachtoffer 1] ;

feit 5

hij in of omstreeks de periode van ongeveer te 04 november 2023 tot en

met 24 september 2024 te Huizen en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

A) een ander, te weten [slachtoffer 1] ,

(telkens)

door dwang of (een) andere feiteliikhe(i)d(en)

of door dreiging met (een) andere feitlijkhe(i)d(en),

dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden

voortvloeiend overwicht,

door misbruik van een kwetsbare positie,

- heeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgenomen,

met het oogmerk van seksuele uitbuiting van die [slachtoffer 1] (sub 1°)

en/of

- heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het

verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard

dan wel onder die pmstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft

ondernomen

waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of

redelijkerwijs moest(en) vermoeden

dat die [slachtoffer 1] zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het

verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard (sub 4°)

zijnde en/of hebbende hij, verdachte, en/of zijn mededader(s)

- die [slachtoffer 1] (hard)drugs gegeven, ten gevolge waarvan die

[slachtoffer 1] (zwaar) verslaafd dan wel verder verslaafde raakte en/of

black-outs kreeg en/of

-foto's en/of video’s gemaakt van die [slachtoffer 1] terwijl hij seksuele

handelingen uitvoerde en/of naakt was en/of

:die foto’s en/of video’s verstuurd naar (homo)contacten van hem,

verdachte, en/of

- voor en/of met die [slachtoffer 1] (homo) accounts en/of profielen aangemaakt en/of

-(seks) afspraken gemaakt met klanten/derden met en voor die

[slachtoffer 1] —al dan niet tegen betaling- en/of die [slachtoffer 1] kort voor

de afspraak telkens (hard) drugs verstrekt en/of

-zelf ook heeft deelgenomen aan de seksafspraken van die [slachtoffer 1]

en/of

-het geld voor deze afspraken in ontvangst genomen en/of

en/of aldus die [slachtoffer 1] als een (zogenaamde) seksslaaf behandeld;

feit 6

hij in of omstreeks de periode van ongeveer 01 juni 2022 tot en met 30

november 2023 te Huizen en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

(al dan niet met voorbedachten rade)

[slachtoffer 2] (geboren [2003] ),

(die door verdachte werd verzorgd en/of in huis opgenomen en/of

waarmee hij in gezinsverband samenwoonde)

heeft mishandeld,

en/of opzettelijk de gezondheid van die [slachtoffer 2] heeft benadeeld,

hebbende verdachte, en/of zijn mededader(s),

die [slachtoffer 2] telkens opzettelijk (hard)drugs toegediend en/of verstrekt

en/of die (hard)drugs aan die [slachtoffer 2] beschikbaar gesteld (zoals onder

andere GHB, GBL, 3MMC en ketamine),

(ten gevolge waarvan die [slachtoffer 2] (zwaar) verslaafd raakte);

feit 7

hij in of omstreeks de periode van ongeveer 01 juni 2022 tot en met 30

november 2023 te Huizen en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met [slachtoffer 2] , van wie hij, verdachte, wist dat deze in staat van

bewusteloosheid, verminderd bewustzijn of lichamelijke onmacht

verkeerde,

dan wel aan een zodanige psychische stoornis, psychogeriatrische

aandoening of verstandelijke handicap leed

(immers was [slachtoffer 2] in behan deling bij de GGZ

en/of had die [slachtoffer 2] een bipolaire stoornis

en/of was [slachtoffer 2] verstandelijk beperkt

en/of gebruikte die [slachtoffer 2] medicatie en was hij in therapie

en/of was die [slachtoffer 2] ADHD

en/of had hij school verlaten voordat hij 15 jaar oud was

en/of was die [slachtoffer 2] verslaafd aan harddrugs en regelmatig (zwaar)

onder invloed)

dat deze [slachtoffer 2] niet of onvolkomen in staat is zijn wil daaromtrent te

bepalen of kenbaar te maken of daartegen weerstand te bieden,

een of meer handelingen heeft gepleegd die bestonden uit of mede

bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die

[slachtoffer 2] ,

te weten

het doen van zijn, verdachtes, penis en/of vingers in de anus en/of

mond van die [slachtoffer 2] ,

en/of het doen van die [slachtoffer 2] penis en/of vingers in zijn, verdachtes,

anus en/of mond,

en/of het aftrekken van die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 2] hem, verdachte,

laten aftrekken

en/of het aanraken van die [slachtoffer 2] op zijn, [slachtoffer 2] , naakte lichaam,

en/of het laten aanraken door die [slachtoffer 2] van zijn, verdachtes,

lichaam;

feit 8

hij in of omstreeks de periode van ongeveer 01 juni 2022 tot en met 30

november 2023 te Huizen en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

A) een ander, te weten [slachtoffer 2] ,

(telkens)

door dwang of (een) andere feitelijkhe(i)d(en)

of door dreiging met (een) andere feitlijkhe(i)d(en),

dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden

voortvloeiend overwicht,

door misbruik van een kwetsbare positie,

- heeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgenomen,

met het oogmerk van seksuele uitbuiting van die [slachtoffer 2] (sub 1°)

en/of

- heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het

verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard

dan wel onder die omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft ondernomen

waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of

redelijkerwijs moest(en) vermoeden

dat die [slachtoffer 2] zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het

verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard (sub 4°)

zijnde en/of hebbende hij, verdachte, en/of zijn mededader(s)

- die [slachtoffer 2] in huis genomen, althans bij hem/ [A] laten wonen

(omdat de thuissituatie van die [slachtoffer 2] niet goed was en/of omdat die

[slachtoffer 2] niet langer in een GGZ instelling wilde verblijven) en/of die

[slachtoffer 2] blijvend onderdak verschaft in zijn woning,

- die [slachtoffer 2] (hard)drugs gegeven, ten gevolge waarvan die [slachtoffer 2]

(zwaar) verslaafd dan wel verder verslaafde raakte en/of

- zelf met die [slachtoffer 2] seksuele handelingen uitgevoerd op ieder

moment dat hij verdachte, dit wenste(n), en/of

-foto’s en/of video's gemaakt van die [slachtoffer 2] terwijl hij seksuele

handelingen uitvoerde en/of naakt was en/of

-die foto’s en/of video’s verstuurd naar (homo)contacten van hem,

verdachte, en/of

- voor en/of met die [slachtoffer 2] (homo) accounts en/of profielen

aangemaakt (waarbij hij die [slachtoffer 2] aanduidde als ‘mijn zoon of mijn

boy’), en/of

-(seks) afspraken gemaakt met klanten/derden met en voor die [slachtoffer 2]

- al dan niet tegen betaling- en/of

- die [slachtoffer 2] kort voor de afspraak telkens (hard)drugs verstrekt en/of

- zelf ook heeft deelgenomen aan de seksafspraken van die [slachtoffer 2]

en/of

-het geld voor deze afspraken in ontvangst genomen en/of

en/of aldus die [slachtoffer 2] als een (zogenaamde) seksslaaf behandeld.

Bijlage II: Bewijsmiddelen

Bewijsmiddelen met betrekking tot [slachtoffer 2]

Een geschrift, te weten een verwijzingsbrief aan Wijkgezondheidscentrum [naam 1] van 14 april 2022 van [I] , psycholoog en [J] , psychiater en regiebehandelaar van GGZ Centraal te [plaats] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Naam: [slachtoffer 2]

Geboortedatum: [2003]

Betreft een 18-jarige man, met een blanco somatische voorgeschiedenis en in de psychiatrische voorgeschiedenis bekend met ADHD.

Laatst gestelde classificatie volgens DSM-5, primaire diagnose: Ongespecificeerde schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis.

Enkelvoudige somatische diagnose: Ondervoeding.

Een proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 2] bij de politie op 4 oktober 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

V: Wat moest je allemaal doen in de slaapkamer?

A: Ik ben wezen kijken bij [verdachte] en een andere man dat herinner ik me. We waren samen dingen aan het doen. We zijn ook dingen wezen kijken op de tv.

V: Wat bedoel je met dingen?

A: Zoenen, tongzoenen waar ik nog van mijn tong last van had en in mijn mond ook. Ik heb vooral met [verdachte] ook dat ie gewoon mij pijn deed bij mijn kont, op mijn kont zeg maar.

V: Wat deed [verdachte] bij je kont dat het pijn deed?A: Met zijn piemel erin gaan en zo vaak heeft het veel pijn gedaan.

V: Wat heb jij tegen [verdachte] gezegd wanneer het zo pijn deed in je kont?

A: Dat hij er uit moest gaan met zijn lul.

V: Wat deed [verdachte] dan?

A: Naar voren gaan met zijn lichaam toen hij met zijn penis erin zat.

A: Hij heeft gevraagd of ik met mijn handen in zijn reet ging of ik een dildo wou een rond dildo ding in de buurt van mijn reet.V: Waarom deed [verdachte] een dildo in jouw reet terwijl je dat niet wilde?A: Omdat ik al op zo’n manier lag en ik weet niet als zoiets is en het zit in de buurt van je en het gebeurt. En dan vragen of hij ermee stopt, ik weet niet.V: Ik lees hier ook nog iets anders: "als je niet kan stoppen met drugs en iemand geeft je dat en je kan er niet tegen en je trekt het niet.A: Ik trok het niet toen ik in GZZ zat kon ik het niet dat ze doorgingen met geven. Dat het voorgeschoteld werd of het in een bordje lag. Omdat ik verslaafd was ging ik terug naar dat bordje of naar de drugs.

V: Waar was dat bordje?

A: Stond altijd op het nachtkastje.

V: Waar?

A: Of in het kastje. Bij [verdachte] .

V: Wie hebben er misbruik van jou gemaakt?A: [K] en [verdachte] .V: Wat voor nare dingen heeft [verdachte] bij jou gedaan?A: Dingen tegen mijn zeggen en ook ongewenste dingen zoals aanrakingen die ik niet wou.

V: Wat deed [verdachte] nog meer wat jij niet wilde?

A: Mij laten zitten in zijn huis. Dat vond ik, samen met mij zijn en dan in de ochtend in zijn huis, [verdachte] ging naar zijn werk en dan de deur op slot en dan kon ik niet naar buiten.

V: Hoe vaak gebeurde dat?A: Vier keer.

V: Dus begrijp ik het goed dat jij wel eens aan [verdachte] aan de telefoon zei dat je iets niet wil, maar dat als je bij [verdachte] thuis kwam hij het wel deed bij jou?

A: ja.

V: Hoe zat dat met seks?A: Vaak ging hij zo verder als dat ik niet wilde. Toen ik niet wilde.

Een proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 2] bij de politie op 17 december 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven: O: Over [verdachte] heb je al wat dingen verteld, dat hij wel eens met zijn penis in jouw

kont ging en ook wel eens met een dildo.

V: Wat vond je daarvan?

A: Niet helemaal goed, niet goed.

V: Hoe kon [verdachte] weten dat jij het niet echt goed vond?A: Omdat ik iets had gezegd achteraf, dat ik het niet leuk vond.V: Ervoor of achteraf?A: Achteraf en vooraf. Vooral achteraf.

V: Maakte [verdachte] wel eens foto's of filmpjes tijdens de seks?A: Ja, filmpjes.

V: Dus als jullie seks hadden, had je dan al drugs gebruikt of erna?A: Erna, maar ook ervoor.V: Regelde [verdachte] ook wel eens drugs voor jou?A: Ja.V Wie betaalde dat dan?A: Ik heb een heel klein beetje ervan betaald en [verdachte] de rest.

Een proces-verbaal van bevindingen e-mail van een begeleidster van [slachtoffer 2] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven: Op 3 oktober 2024 ontving ik een e-mail van de begeleidster, waarin zij verklaarde dat [slachtoffer 2] in de afgelopen maanden tegen haar had gezegd dat: - Hij werd opgesloten in de woning van [verdachte] ;- [verdachte] dan ging werken;- Hij het huis van [verdachte] dan niet uit kon en er soms geen eten was;- Er soms dagen waren waarop hij achter elkaar seks had, dit gebeurde soms wekelijks;- Hij niet direct gedwongen werd, maar dat hij ook niet weg kon;- Hij altijd onder invloed van drugs was;- Er foto's en filmpjes werden gemaakt door [verdachte] ;- Hij op seksueel getinte staat en dat deze foto's zonder zijn toestemming op internet zijn gezet.

Een proces-verbaal van verhoor van de verdachte bij de politie op 11 maart 2025, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Adres verdachte: [adres] in [woonplaats]

O: Op 24 september 2024 heeft er een doorzoeking plaats gevonden op de [adres] in [woonplaats] . Er zijn toen diverse goederen in beslag genomen. Waaronder een Samsung A54.V: Van wie is deze mobiele telefoon?A: Die is van mij.

V: Hoe kan je [slachtoffer 2] omschrijven?A: Zielig mannetje, verwaarloosd uiterlijk, afgedankte kleren, veel te grote schoenen met gaten er in, hij was smoezelig vies, verwaarloosd.

V: Wat voor een relatie hadden jij en [slachtoffer 2] ?A: in het begin puur vriendschappelijkV: Maar wanneer veranderde dat?A: Gaande weg in de zomer van 2022.[slachtoffer 2] had flink geblowd. Uiteindelijk wil hij wel iets met mij gaan proberen, aftrekken ofzo en zo is het ontstaan.

V: Wanneer hebben jullie voor het eerst seks gehad?A: Geen idee. Ergens in 2022.

V: Wat voor een drugs gebruikte [slachtoffer 2] ?A: Dat weet ik niet. Aan het begin alleen blowen.V: Hoe gedroeg [slachtoffer 2] zich als hij nuchter was?A: Geen idee.

Hij was nooit nuchter dat vermoedde ik.

V: Hoe vaak was er iemand anders aanwezig als jullie seks hadden?

A: Dat gebeurde ook wel eens af en toe.

V: Hoe kwamen jullie aan die derde persoon?

A: Via dating sites.

V: Wie regelde die derde persoon erbij?

A: Ik meestal.

V: Wie hadden er dan seks met die derde persoon?

A: Wij allebei.

V: Stemde [slachtoffer 2] altijd in met de seks die jullie hadden?

A: Ja.

V: Op welke wijze stemde [slachtoffer 2] hiermee in?

A: Dat ie geen nee zei of dat wil ik niet.

O: We hadden het er over dat [A] zegt dat er een foto in die uitwoon app wordt gedeeld.

V: Over welke foto heeft [A] het?

A: Ik denk een profiel foto van mij en [slachtoffer 2] samen.

V: Heeft [slachtoffer 2] toestemming gegeven voor het delen van deze foto in die uitwoon app?

A: Ik denk het niet. Ik weet het eigenlijk ook gewoon niet.

O: Heb je nog wat aan te vullen?

A: Dat ik hem een zielig jongetje vond, dat ik hem met mijn 10 jaar AA ervaring wel tips kon geven, van zijn verslaving af kon helpen.

Een geschrift, te weten een schriftelijke verklaring van de verdachte over [slachtoffer 2] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

We woonden toen op een gegeven moment samen een poosje, althans ik verschafte [slachtoffer 2] een thuis dacht ik, zorgde voor eten, kleding, geld enz.

Wij zijn nadat we naar een feestje in [plaats] zijn geweest waar we voor het eerst in aanraking zijn gekomen met chems zelf ook chems gaan gebruiken wat je gewoon online kon bestellen, zo hadden wij 3mmc, en ketamine in huis Ook regelde wij via [K] wel eens ghb, speed xtc.

Een proces-verbaal van bevindingen digitaal onderzoek naar de Samsung A54 van de verdachte, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Op 24 september 2024 werd de mobiele telefoon van [verdachte] , geboren [1964] te [geboorteplaats] , in beslag genomen.

Dit betrof een:

Merk : Samsung

Type : A54 5G

Op 30 januari 2023 hebben [verdachte] en en ‘ [L] ’ een chatgesprek over [slachtoffer 2] . [L] geeft aan dat [slachtoffer 2] op dat moment bij hem is en stuurt een foto van [A] samen. [slachtoffer 2] heeft geen bovenkleding aan en [L] zit achter hem en draagt een hemd. Op 31 januari 2023 stuurt [L] dat hij helemaal snapt waarom [verdachte] voor [slachtoffer 2] gaat. Het is een

super lieve jongen, maar helaas wel beschadigd.

Op 11 maart 2023 heeft [verdachte] contact met ‘ [medeverdachte] ’.[verdachte] verstuurt op 11-3-2023: Ik heb een jonger vriendje van 19Ik ken hem al sinds juni vorig jaar... Ontzettend lief joch met ook flinke rugzak.Op 30 april 2023 stuurt [verdachte] een reactie naar ‘ [M] ’.[verdachte] verstuurt op 30-4-2023: Ja was even aan het kijken op Grinder, ik was met mn vriendje [slachtoffer 2] lekker aan het geilen en wilde kijken voor nog een lekkere gast erbij[slachtoffer 2] woont nu zo goed als bij mijHij is fucking lekker en nog zo een jongetje [M] .

Op 28 juli 2023 voert [verdachte] een chatgesprek met ‘ [N] ’:

Op 28 november 2023 heeft [verdachte] een chatgesprek met ' [A] vriend [verdachte] ’:

Chatgesprekken met ‘ [L] ’:

Op 16 augustus 2023 heeft [verdachte] contact met ‘ [P] ’.Op 10 augustus 2023 is [P] bij [slachtoffer 2] en [verdachte] geweest en hebben ze seks gehad. [verdachte] vraagt of [P] nu naar hen kan komen voor seks.

Op 18 februari 2023 heeft [verdachte] contact met ‘ [Q] ’:

Op 21 maart 2023 heeft [verdachte] contact met ‘ [medeverdachte] ’:

Op 3 mei 2023 krijgt [verdachte] een bericht van zijn goede vriend ‘ [A] vriend [verdachte] ’:

Op 29 mei 2023 heeft [verdachte] een chatgesprek met ‘ [R] ’:

Tussen 6 november 2023 en 13 november 2023 zoekt [verdachte] veelvuldig contact met [slachtoffer 2] . Op dat moment is [slachtoffer 2] opgenomen bij de GGZ. [verdachte] scheldt hem uit, wenst hem dood en bedreigt hem. Daarnaast probeert [verdachte] mogelijk een reactie van [slachtoffer 2] te ontlokken door hem te vertellen dat hij ( [verdachte] ) drugs gaat gebruiken, een voorstel te doen om drugs mee te nemen als hij op bezoek gaat bij [slachtoffer 2] .

In de telefoon van [verdachte] kwam ik een chatgesprek tegen waarin [verdachte] contact heeft met een 48-jarige man die kennelijk een profiel van [verdachte] en [slachtoffer 2] heeft gevonden op een homosite. Het totale contact heeft geduurd van 15 augustus 2023 tot en met 21 oktober 2023. In de gehele chat worden door [verdachte] foto’s gestuurd van [slachtoffer 2] en ook foto’s waarop te zien is dat [slachtoffer 2] iemand oraal bevredigd.

Een proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 1] (de dochter van de verdachte) bij de politie op 6 november 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

En één keer toen deed mijn vader weer niet open. Dus ik ging naar binnen. Toen lag hij op de bank met [slachtoffer 2] in zijn armen en ze lagen allebei naakt in elkaar gestrengeld en helemaal buiten westen.

Een proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 2] (de oma van [slachtoffer 2] ) op 14 januari 2025 bij de politie, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

V: Heeft [slachtoffer 2] verslavingen?A: Ja die drugs toendertijd.V: Kunt u precies aangeven sinds wanneer is hij verslaafd is?A: Sinds hij met die mannen omgaat.

V: Wanneer is [slachtoffer 2] echt verslaafd geworden?

A: De laatste driejaar, sinds hij echt zware dingen gebruikt, zoals snuiven.

V: Hoe vaak kwam [slachtoffer 2] bij [verdachte] ?A: Soms was [slachtoffer 2] daar de hele week.

V: Was [slachtoffer 2] afhankelijk van [verdachte] ?A: Dat denk ik wel, van de drugs. Omdat [slachtoffer 2] daar toch altijd weer terug ging en [slachtoffer 2] altijd weer drugs kreeg bij [verdachte] .

Een proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 3] (de vader van [slachtoffer 2] ) op 4 februari 2025, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

V: Is [slachtoffer 2] wel eens opgenomen geweest?A: Ja, volgens mij is het toen begonnen in de [naam 2] in [plaats] . [slachtoffer 2] was toen een jaar of 15 a 16. Hij was toen al gestopt met school.

V: Wat wist [verdachte] over de verstandelijke beperking van [slachtoffer 2] ?A: Zou bijna zeggen dat het hem niets zou interesseren. Als [slachtoffer 2] maar gaf wat ze wilden dan.... [slachtoffer 2] is echt veranderd in die tijd, echt een zombie geworden.

V: Was [slachtoffer 2] afhankelijk van [verdachte] ?A: Ja voor drugsgebruik, ook voor drank. [slachtoffer 2] is daar verslaafd aan geraakt.

Bewijsmiddelen met betrekking tot [slachtoffer 1]

Een geschrift, te weten de akte van geboorte van [slachtoffer 1] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Geslachtsnaam: [slachtoffer 1]

Voornamen: [slachtoffer 1]

Dag van geboorte: eenentwintig december tweeduizenddrie

Een proces-verbaal van een informatief gesprek met [slachtoffer 1] op 24 september 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

[slachtoffer 1] verklaarde:

zijn geheugen sinds drie maanden achteruitgaat door zijn ghb gebruik;

hij al twee jaar verslaafd is aan ghb;

hij sinds vier maanden ghb dagelijks gebruikt;

hij continu ghb moet gebruiken;

de laatste keer dat hij zich kan herinneren dat hij seks heeft gehad twee weken geleden was;

hij die persoon van een App had ontmoet;

zij ergens in [plaats] seks hebben gehad;

die persoon [verdachte] heet;

hij met [medeverdachte] naar [plaats] is geweest;

[medeverdachte] dan in de gaten kan houden wat er gebeurt, omdat hij het meestal niet kan onthouden omdat hij vaak in een psychose belandt;

[medeverdachte] hem één, twee keer per maand ergens naar toe brengt;

hij [verdachte] zeven maanden geleden heeft leren kennen;

hij via een feestje in [plaats] ghb was gaan gebruiken;

hij bij [verdachte] andere dingen, Keta, 3MC en GBL was gaan uitproberen;

[medeverdachte] de sleutel heeft;

- hij om de twee uur twee ml GHB nodig heeft.

Een proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 1] bij de politie op 25 oktober 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

V: En hoe kom je dan aan GHB?

A: eerst ging [plaats] om daar te halen en anders was het [plaats] .

V: En in [plaats] ? Bij wie ging je dat halen?

A: Bij [verdachte] .

V: En hoeveel heb je bij [verdachte] gekocht?

A: Ehm, een of twee keer. En de rest van de tijd wilde hij er geen geld ervoor om de een of andere reden.

V: En hoe vaak moet je dan bijvoorbeeld in [plaats] zijn om GHB te krijgen?

A: Eerst was het elk weekend. Maar toen bijna de hele week.

En ik was ook seksueel ontdekkend dus ik wilde ook wat seks hebben. Dus ik ging daar een beetje op datingsapps kijken.

V: En die komt dan naar [plaats] ?

A: Ja.

V: En dat was al vanaf het begin? Of was dat eerst wat experimenteren met [verdachte] ? Of?

A: Ja, dat. Ja in het begin. Even later was ik zo verslaafd dat ik gewoon om de zoveel uur moest krijgen. Ik heb wel eens seks gehad met [verdachte] . Maar omdat je onder invloed bent van GHB, dan vind je het eerst allemaal leuk en als je dan weer nuchter bent, dan denk je van oh..

V: En hoe is dan de seks? Welke handelingen verricht [verdachte] bij jou en welke handelingen verricht jij bij [verdachte] ?

A: Nou dat was zo aan de invloed, dus dat kan ik niet goed herinneren. Een beetje aftrekken of zo. Soms pijpen of zo.

Eh, kijken of andere jongens bij wouden komen.

V: Ja. En als die erbij waren, wat gebeurde er dan?

A: Eh soms wat meer, soms niet. Maar soms ook echt seks.

V: Penetreren of gepenetreerd worden?

A: Beide.

Een proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 1] bij de politie op 12 november 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

O: Op een gegeven moment ben je gaan wonen bij [medeverdachte] in [plaats] .

A: Ja.

V: Maar heb je ook seks gehad met [medeverdachte] ?

A: Ja.

O: in de telefoon van [medeverdachte] staat ook, staan ook afspraken die gemaakt zijn om seks te hebben met de anderen.

A: Klopt.

V: En dan met anderen erbij? En waar had je die seksdates?

A: In [plaats] . Met drugs. Bij [verdachte] .

V: Wat deed [verdachte] dan?

A: Die zat even op chats te kijken of zo.

V: En dan?

A: Ja, heel veel foto’s en dingen op internet zetten, zonder toestemming. Ik kreeg van mensen uit [plaats] te horen, ja je lag met elkaar op de bank en naakt en daar heeft die foto’s van gemaakt en dat heeft die online gegooid met anderen. toen mensen zeiden van, je staat op Grinder. Ja, ik denk, ik ga ook maar eens een keer op Grinder voor de gein kijken. Nou, toen zag ik in een keer een account van [verdachte] , wat onder mijn naam viel.

V: Wat zag jij op de foto’s?

A: Nou dat ik zwaar onder invloed was. Dat de geest uit het lichaam was. Ik kon gewoon aan de ogenstand zien dat ik gewoon helemaal niet helder was.

V: Huizen. Wat is daar nog meer gebeurd?

A: ja. Ik ging knock out en dan lag ik in een keer naakt ofzo. Ik ging out van de G. Ik kom bij en ik lig in een keer naakt onder…of ik was verplaatst ineens om de een of andere reden. G is GHB, GBL.

V: En wat is daar dan gebeurd? Je hebt GHB op?

A: Ja seksuele handelingen.

V: Door wie?

A: [verdachte] en [medeverdachte] .

V: In welke periode was dit?

A: In de zomer.

V: Afgelopen zomer?

A: Ja, toen was het echt op het hoogtepunt van mijn G-verslaving. En drugsverslaving.

A: De laatste keer kan ik wel herinneren dat ik zwaar GHB op had. [medeverdachte] had ook GHB op en dan greep hij mij in een keer bij mijn kont en penetreerde mij. Ik was gelukkig zwaar verdoofd onder de GHB. Onder de G. En de andere drugs. Anders had ik het nooit toegelaten.

V: Wanneer was die laatste keer dan? Die keer dat hij je bij de kont greep?

A: september of augustus.

V: Van dit jaar?

A: Ja. In [plaats]

V: Wat deed [verdachte] toen?

A: Die zat er een beetje bij te kijken.

V: Ik begrijp dat jij het niet wilde op dat moment?

A: Nee, want ik verstijfde en werd helemaal bleek. Maar ik denk, ik neem meer drugs dan voel ik er niets meer van.

V: Er zou ook in [plaats] een verkrachting hebben plaatsgevonden. Wat weet jij daarvan?

A: Nou ja, dat in één keer [medeverdachte] in mij zat. Wij hadden heel veel G op. Allebei. Ik verkrampte en verstijfde. Ik kon niks meer. Ik bevroor gewoon volledig.

V: En wat deed [medeverdachte] toen?

A: Doorgaan en ik werd helemaal wit. En [verdachte] zat heel dominant toe te kijken. Ik durfde ook geen nee te zeggen.

V: Waar ben je dan bang voor wat ze gaan doen?

A: Dat ze die G weghalen en de drugs weghalen. Zodat ik niet meer op het moment een dosis kon krijgen.

V: En betaalde je voor de GHB?

A: In de vorm van seks. Nou dat je met je lichaam maar betaalt.

Een proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 1] bij de politie op 26 november 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

V: De vorige keer vertelde je volgens mij ook dat [verdachte] ook afspraakjes maakte voor jou.

A: ja als hij iemand van mijn eigen leeftijd kon vinden of zo, er waren wel een paar mensen van mijn eigen leeftijd gekomen. Via [verdachte] .

V: Hoe ging dat verder dan?

A: Dat weet ik niet dan was ik zwaar onder invloed.

V: De afspraakjes die [verdachte] voor jou maakte, kreeg je daar wat voor?

A: Alleen drugs. Dat stond daar je kon het zelf doen.

V: Hoe kwam jij bij het huis van [verdachte] ?

A: Meestal door [medeverdachte] .

V: En hoe ging je weer naar huis?

A: Ook door [medeverdachte] .

V: Hoe heb je [verdachte] leren kennen?

A: Via Grinder. April, dit jaar.

V: De eerste keer seks tussen jou en [verdachte] , wat kan je daarover vertellen. Welke periode was dat?

A: Weet ik niet, ik was zwaar onder invloed.

V: De eerste keer verliep moeizaam, hoe kwam dat?

A: Ik denk door overdosering. Was in zijn huis in de woonkamer.

V: Die eerste keer in de woonkamer, kan je je nog herinneren waar je toen bij kwam?

A: Ik lag boven op bed terwijl ik op de bank out ging.

V: Er was in september een weekend dat het mis is gegaan, begin september. Kan je daar wat over vertellen?

A: Ik ging out met kleding aan, even later ligt je kleding ergens anders, bijvoorbeeld op de bank en ik word in een keer wakker in bed. Bij [verdachte] . Ik lag op de bank in een keer lig je naakt in bed.

V: Voelde je aan je lichaam dat er iets gebeurd was wat jou deed vermoeden dat je verkracht was?

A: pijn aan mijn achterkant.

Een proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 1] bij de rechter-commissaris op 12 augustus 2025, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Wanneer heb jij [verdachte] leren kennen, [verdachte] ?

Vorig jaar in april.

Via een ontmoetingsapp.

Wat wist [verdachte] over jouw drugsgebruik?

Dat het vooral GHB was. Hij keek er niet naar.

Wanneer is dan de eerste keer seks geweest met [verdachte] ?

Een paar weken later dacht ik.

Wat herinner jij je ervan?

Niet zo heel veel.

Als je dan een afspraak maakte, wat kreeg jij in ruil of als betaling voor de seks met die personen?

Drugs.

En was dat bij [verdachte] zo? Ja.

En hoe was dat bij [medeverdachte] ? Ook.

Wat wilde [verdachte] in ruil hebben als een betaling voor de drugs die jij gebruikte? Uh plezier.

En waar bestond dat uit? Uit seks.

Een proces-verbaal van verhoor van de verdachte bij de politie op 2 oktober 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven: A: Ik heb [slachtoffer 1] , ik denk een maand of zes, zeven terug, in het voorjaar, via de datingapp Grindr leren kennen. [slachtoffer 1] vindt aanraken door vreemden moeilijk. Hij heeft klassiek autisme. Maar daarnaast neemt het niet weg dat onze eerste ontmoeting via een gaydating site ging. Maar wat al wel snel bleek en ook gevraagd is tijdens één van de eerste chats op Grindr, heb jij chems in huis en gebruik je chems. Dat werd door [slachtoffer 1] aan mij gevraagd. Wij zouden samen gaan funnen, dat is seksen. Het eerste wat [slachtoffer 1] doet als hij binnenkomt, is vragen, waar staat de GHB of GBL. [slachtoffer 1] vertelde mij dat hij verslaafd is aan GHB, dat hij daar een probleem mee heeft. Hij mag graag bij mij zijn, omdat hij dan eventjes weg is van huis. Dan brengt zijn pleegvader [medeverdachte] hem naar mij toe. Dat is nu een x aantal keren gebeurd.V: Hoe heb je [medeverdachte] leren kennen?A: Uiteindelijk via [slachtoffer 1] , want hij bracht hem en haalde hem op.V: Wat voor soort contact heb je met [medeverdachte] ?A: In het begin was hij de taxichauffeur die bezorgd was om zijn pleegzoon. Uiteindelijk was [medeverdachte] een gay die eventueel dingen wilde ontdekken met [slachtoffer 1] en mij.Ik was altijd aan het funnen en wie betaalde de chems, ik.V: [getuige 4] heeft verklaard dat [slachtoffer 1] altijd heel beneveld bij jou vandaan kwam A: Als [getuige 4] zegt dat dat beneveld is, is dat prima. V: [medeverdachte] heeft op 25 september 2024 verklaard dat hij een keer gebeld is door jou, omdat [slachtoffer 1] in een psychose was beland en out was gegaan. Hoe komt het dat je [medeverdachte] hebt gebeld en niet een ambulance?A: Out gaan tijdens het gebruik van chems is niet heel schokkend. Die psychose, daar wist ik geen raad mee.

V: Dan blijft de vraag, waarom niet een ambulance of de politie bellen?

A: Omdat ik dat niet nodig achtte.

Een proces-verbaal van verhoor van de verdachte bij de politie op 11 maart 2025, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

A: Ik heb naaktfoto’s en filmpjes van [slachtoffer 1] gemaakt.

V: Wat voor een relatie had jij met [slachtoffer 1] ?A: Uhhh seksuele relatie. Ja. Gaandeweg kwam ik er achter dat hij heeft een aardige rugzak had.V: Deelde jij jou drugs met [slachtoffer 1] ? A: Ja als ik iets neem dan mocht hij pakken V: Hoe gedroeg [slachtoffer 1] zich als hij nuchter was?A: Durf niet te zeggen of ik hem ooit nuchter gezien heb.V: Als hij bij jou aankwam voor een afspraak of gewoon aankwam, was hij dan onder invloed?

A: Als hij eenmaal binnen was dan gingen we iets gebruiken om in de stemming te komen.V: Als [slachtoffer 1] zichtbaar onder invloed was, was [slachtoffer 1] dan in staat om beslissingen te nemen? A: Nee dat denk ik niet.V: Toen je hem leerde kennen. Wat kan je vertellen over de mentale gesteldheid van [slachtoffer 1] kort voor je aanhouding?A:Een jongen die schreeuwde om aandacht. Zowel bij GGZ als Jellinek, maar vooral bij GGZ dat hij opgenomen wilde worden voor zijn problemen.V: In welke toestand was [slachtoffer 1] als je seks met hem had? A: Nou meestal wel onder invloed.V: Wie regelde de seksdates?A: Dat deden we beiden.O: Ook verklaarde [slachtoffer 1] dat jij zonder zijn toestemming foto’s op internet zette.

A: Later ben ik binkdate gaan nemen dat is een wat exclusievere gerenommeerde site. En ik weet wel dat ik daar foto’s heb geplaatst maar op een plek voor premium leden en dat was afgeschermd.O: Uit onderzoek blijkt dat [slachtoffer 1] meerdere malen “out” (bewusteloos) is geraakt door de drugs.V: Wat kan je daar over verklaren in het kort?A: Als hij out ging, ging ik in de zorg modus.O: Er is onderzoek gedaan in de telefoon Samsung A54.V: In de chat zeg jij “ [slachtoffer 1] is heel kwetsbaar maar oom ( […] ) heel lief’. Wat bedoelde je daar mee?A: Dat ik hem zielig vond, ja, hij had niet echt vrienden volgens mij, als hij de kans kreeg dan uhh pakte hij meer als afgesproken was.V: Wanneer kwam je daar achter dat [slachtoffer 1] kwetsbaar was?A: Het werd me richting de zomer steeds meer duidelijk dat als ik even niet oplette of er meerdere mensen over de vloer waren stiekem wat pakte en ook heel veel pakte.O: Uit het onderzoek in de telefoon Samsung A54 kwam ook een chat naar voren tussen jou en [A] . Ook is op de foto’s te zien dat [L] seks heeft met [slachtoffer 1] in jouw woning.V: Wat kan je daar over verklaren?A: Dat zal dan wel plaats gevonden hebben denk ik. V: Wat is de reden dat je deze foto’s gestuurd hebt?A: Ik denk dat we er nog een mannetje bij wilde.O: In dezelfde chat tussen jou en [A] is te lezen dat [A] vraagt wie [slachtoffer 1] is. Jij antwoord daarop: Twink van 20.. vele diagnose.. autisme enz bind zich moeilijk enz enz.. dus wordt wel lastig daten helaas.. maar als hij wap en om is.. zooo gei als een kanarie. V: Wat kan je hier over verklaren?A: Dat is denk ik een omschrijving. Aan het hele begin van [slachtoffer 1] .

Een proces-verbaal van verhoor van een hulpverlener van Veilig Thuis op 6 november 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

V: Wat kan je vertellen over [slachtoffer 1] ?A: Op 29 maart 2024 heb ik voor het eerst contact gehad [toevoeging rechtbank: naar aanleiding van een politiezorgmelding]. Ik heb hem toen gebeld. [slachtoffer 1] is toen naar kantoor gekomen. Hij was toen naar kantoor gekomen met een oudere man, later kwam ik erachter dat dit [medeverdachte] was.V: Wat voor een indruk maakte [slachtoffer 1] op jou toen jij hem de eerste keer zag?A: Uh in mijn mening was [slachtoffer 1] op dat moment, verward, vermagerd en verwaarloosd. Als ik diepere vragen ging stellen, dan kwam [slachtoffer 1] niet meer tot een antwoord.V: Hoe vaak hadden jullie telefonisch contact?

A: Ik zal [slachtoffer 1] altijd wel 1 keer per maand gesproken hebben.

V: Wat was dan de aanleiding dan [slachtoffer 1] contact met jou zocht?

A: Uhh, ik had het idee dat het op momenten was dat het zeer slecht ging met [slachtoffer 1] . Als ik dan contact had met [slachtoffer 1] dan gaf hij aan dat hij in een psychose te zitten en veel drugs gebruikt te hebben. De GGZ gaf aan dat er sprake was van dusdanig veel drugsgebruik dat een opname niet mogelijk is en daarom kreeg [slachtoffer 1] medicijnen en werd hij naar huis gestuurd.A: Ik heb hem 17 mei 2024 fysiek gezien. [slachtoffer 1] gaf aan dat hij op een feestje was geweest met oudere mannen. Hij kon niet aangeven hoe hij daar was gekomen. Er zou iets van app contact geweest zijn. Dit gebeurde vaker in gesprekken bij [slachtoffer 1] . Als ik door vroeg op bepaalde zorgelijke situatie dan kreeg ik van hem het antwoord dat hij het zich niet kon herinneren. Op 7 juni 2024 heb ik die dag ook nog genoteerd dat [slachtoffer 1] de hele week in Huizen gezeten zou hebben waar iemand hem GHB gegeven zou hebben.V: Wat voor een relatie had [medeverdachte] met [slachtoffer 1] ?A: Wat ik zag was dat [slachtoffer 1] afhankelijk was van [medeverdachte] .V: Hoe zag je dit?A: Door hoe [slachtoffer 1] over [medeverdachte] sprak, bijvoorbeeld het was [medeverdachte] die [slachtoffer 1] de GHB toediende want [slachtoffer 1] kon dit zelf niet. [medeverdachte] bracht [slachtoffer 1] naar alle afspraken. [slachtoffer 1] wilde koste wat het kost met [medeverdachte] samen blijven wonen. [slachtoffer 1] gaf bij mij aan dat [medeverdachte] belangrijk voor hem was en dat [medeverdachte] hem beschermt.A: Op zaterdag 13 juli 2024 om 07.18 uur heb ik een sms bericht van [slachtoffer 1] gehad. Hierin vraagt hij of ik hem kan ophalen.Naar aanleiding van het sms bericht dat [slachtoffer 1] mij op zaterdag 13 juli 2024 stuurde heb ik met [slachtoffer 1] sms en telefonisch contact gehad. [slachtoffer 1] heeft mij in een telefoon gesprek aangegeven dat hij weer in [plaats] geweest was. Dat er daar GHB gebruikt werd en dat [slachtoffer 1] in een psychose kwam.

Een proces-verbaal van verhoor van een hulpverlener Jellinek/JIT (jeugd interventie team) op 8 november 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven: V: Wanneer heb jij voor het eerst contact gehad met [slachtoffer 1] ? A: Dit was op 16 augustus 2024. V: Wat voor een indruk maakte [slachtoffer 1] op jou toen jij hem de eerste keer zag? A: Ik dacht het is een hele kwetsbare jongen. Hij was 9 van de 10 keer zwaar onder invloed. Ik vond dat hij er ongezond uit zag. Ik vond hem vermagerd. [slachtoffer 1] was ook niet echt spraakzaam totdat hij een dosis van zijn GHB had genomen dan werd hij wel spraakzaam.V: Wat was de rol van de heer [medeverdachte] bij de huisbezoeken? A: Hij deed zich voor als voogd/begeleider. Hij ontfermde zich over [slachtoffer 1] , beheerde zijn agenda. Ik had voorgesteld dat ik de zorg voor het toeleiden naar hulp op mij zou nemen omdat ik alle lijntjes had. Maar hier was de heer [medeverdachte] het niet mee eens. Als wij met [slachtoffer 1] de woning uitgingen dan was [slachtoffer 1] vaak opener dan dat hij in de woning was. V: Hoe komt dat denk je? A: Ik dat [slachtoffer 1] dan meer vrijuit kon spreken. Ik zou niet weten anders waarom. [medeverdachte] heeft mij verteld dat hij de GHB beheerde van [slachtoffer 1] .

V: Wat heeft [slachtoffer 1] jou verteld over de periode dat hij bij [medeverdachte] woonde? A: Dat de heer [medeverdachte] zijn GHB beheerde. Toch had [slachtoffer 1] best vaak een overdosis. Ik vroeg mij zelf af hoe dit kon aangezien [medeverdachte] het beheerde. Verder heeft [slachtoffer 1] tijdens wandelingen ook wel eens verteld dat hij seksueel misbruikt werd in het weekend en dat hij tegen zijn zin drugs moest gebruiken.

V: Heeft [slachtoffer 1] jou verteld waar hij verkracht is?

A: Bij [verdachte] .

V: Wat heeft [slachtoffer 1] je allemaal verteld over [verdachte] ? A: Dat [slachtoffer 1] in ruil voor seks GHB kreeg. De GHB die [verdachte] had die verkocht [verdachte] niet maar gaf deze alleen in ruil voor seks.V: Heeft [slachtoffer 1] jouw tekstberichten gestuurd met betrekking tot de verkrachting of het dwingen van het gebruik van drugs? A: Ja, 1 keer. Dit was op 11 september 2024. [slachtoffer 1] stuurde mij toen: "Levensgevaarlijk, bijna geen GHB. Ben al met [L] nieuwe proberen te regelen en dit weekend is het vier dagen weer mis gegaan bij [verdachte] "

Een geschrift, te weten informatie van mw. [S] , psycholoog en mw. [T] , klinisch psycholoog van 2 januari 2025:

In juli 2024 was [slachtoffer 1] in [woonplaats] en raakte hij in een psychose. Is dit gedocumenteerd? En zo ja, wat is erover gedocumenteerd

28-04-24: belangrijkste punten: gebruik van 26-4 op 27-4: GHB, cocaïne, mogelijk ketamine en slaap/kalmeringsmiddelen. Gebruik van 27-4 op 28-4: 0,5 gr GHB en Quetiamine. Daarnaast weinig slaap. In 72u, mogelijk maar 7 uur. En weinig eten en slaap. Middelengebruik was bij een ”feestje” in [woonplaats] . Bracht [medeverdachte] hem naartoe. Op de man af gevraagd of er ook sprake was van misbruik. Dat weet hij niet, want was voor een deel buiten bewust zijn. [medeverdachte] noemt zelf dat hij vermoedt dat er eerder wel sprake van is geweest.

Welke verklaring of uitleg gaf [slachtoffer 1] zelf over zijn klachten, ziektes of letsels

Cliënt deed hier nauwelijks uitspraken over, relateerde de klachten vaak aan drugsgebruik. [medeverdachte] deed meestal het woord.

Welke klachten zijn gedocumenteerd met betrekking tot seksueel misbruik?

Belangrijk hierbij te benoemen is dat [medeverdachte] altijd bij de gesprekken aanwezig was, en vaak het woord deed. [slachtoffer 1] heeft wel eens verteld dat hij zich prostitueerde voor drugs.

Een proces-verbaal van bevindingen uitwerking tapgesprekken, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Gesprek tussen [medeverdachte] ( [telefoonnummer medeverdachte] ) en [verdachte] ( [telefoonnummer verdachte] ) op d.d. 8 augustus 2024

[telefoonnummer medeverdachte] : We kunnen ook afspreken dat als je [slachtoffer 1] wil zien, dat ik ook even meekom, maar dat ik ’s avonds weer weg ga

[verdachte] : Dat zou ik heel fijn vinden, dat meen ik echt. Ik heb wel echt een zwak ontwikkeld voor dat mannetje, dat kan ik niet ontkennen.

[verdachte] : Ik wil best nog wel een flesje GHB voor hem halen. Ik heb nog wat staan, je mag het meenemen de volgende keer als je hier komt.

Tapgesprek tussen [verdachte] [telefoonnummer verdachte] en [medeverdachte] [telefoonnummer medeverdachte] d.d. 8 augustus 2024

[verdachte] : En die zei ook van weetje [slachtoffer 1] , het is leuk, het is geil maar het is iedere keer wat, hij zit iedere keer in psychoses (ntv). Jij kan dat niet allemaal controleren constant want je bent zelf onder invloed, vandaag of morgen gaat het echt een keer goed mis en dan heb je ellende als die komt te overlijden of weet ik veel wat dus besef dat wel.

Tapgesprek tussen [medeverdachte] [telefoonnummer medeverdachte] en [telefoonnummer L] ‘ [L] ’ d.d. 9 augustus 2024

[medeverdachte] : Zelfde als gisteren heeft hij bij [verdachte] wat gebruikt en na een half uur wilde hij weer wat hebben. Hij begon met GHB, toen wou hij de GBL hebben na een half uur. Ik zeg nee dat gaat niet gebeuren, na 1,5 uur mag je pas hebben. Uiteindelijk had hij [verdachte] wel zo ver gekregen dat hij na een uurtje toch weer wat krijg. Ik zeg [verdachte] maar niet zo veel. Maar dan draait [slachtoffer 1] zich eerst om, kijkt hij mij aan; ik moet dan eerst toestemming geven.

[medeverdachte] : Ik kan je wel vertellen, met [slachtoffer 1] kan ik heel goed botommen, maar ook toppen.

[L] : Dat geloof ik wel. Ik weet dat hij beide is, maar hij heeft zijn momenten. Dan is hij alleen dat of alleen de andere, dus. Dat weet ik, dat als we gaan afspreken, dan zorg ik dat we of van beide of van één van de ene erbij zou kunnen zijn. Want dan kan jij in ieder geval beleven waar jij het meeste van kan genieten.

Tapgesprek tussen [medeverdachte] [telefoonnummer medeverdachte] ( [medeverdachte] ) en [verdachte] [telefoonnummer verdachte] ( [verdachte] ) d.d. 10 augustus 2024

[verdachte] : Ik had dat flesje voor [slachtoffer 1] gehaald want hij vond GBL te sterk en ik denk als jij daar beter op gaat en we voorkomen dat hij in psychoses komt en weet ik veel wat, dan is het goed.

[medeverdachte] : Ik had al met [L] afgesproken. Ik zeg: ik heb hier een flesje voor [slachtoffer 1] met GHB, om te overbruggen. Dan neem ik dat wel mee, dan kan hij dat gebruiken.

Een proces-verbaal van bevindingen onderzoek naar de iPhone X van [medeverdachte] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Op 24 september 2024 werd de iPhone X aan de [adres] in beslag genomen. De gebruiker van deze telefoon met het telefoonnummer ' [telefoonnummer medeverdachte] ' is [medeverdachte] . Tevens is de ‘Device Name’ van de iPhone X 'iPhone van [medeverdachte] en is de ‘last used MSISDN’ ook het telefoonnummer ‘ [telefoonnummer medeverdachte].

Chat WhatsApp [medeverdachte] – [verdachte] 12/8/2024

Van

Datum en tijd

Inhoud

[medeverdachte]

12-8-2024 10:56:22

Hey luiverd zou jij voor mij het nummer van [K] kunnen doorsturen en eventueel het adres. Kan ik zodra ik mijn inkomen heb een nieuw flesje ghb halen voor [slachtoffer 1] .

[medeverdachte]

12-8-2024 14:21:0

Dank voor de gezellige avond /nacht [verdachte] . Het heeft [slachtoffer 1] en mij dichter bij elkaar gebracht, vanmiddag heerlijke seks gehad. Hij wou 2.5 ghb heeft hij ook gehad en ik moest ook van [slachtoffer 1] meedoen heb wel iets minder genomen.

Groepschat WhatsApp [medeverdachte] – [verdachte] – [slachtoffer 1]

19/9/2024

Van

Datum en tijd

Inhoud

[slachtoffer 1] :

19-9-2024 17:38 uur

Komen wel eerst naar jou heb je nog genoeg condooms?

[verdachte] :

19-9-2024 18:17 uur

Ja heb er genoeg

[verdachte] :

19-9-2024 23:42 uur

Jongens thuis inmiddels

[slachtoffer 1] :

20-9-2024 03:55 uur

Wat is er allemaal gebeurd

[medeverdachte] :

20-9-2024 03:59 uur

We hebben geneukt [slachtoffer 1] , verder is er weinig gedaan

[slachtoffer 1] :

20-9-2024 06:09 uur

Wat is er mis gegaan bij vannacht of laatste tijden?

[medeverdachte] :

20-9-2024 06:10 uur

Je hebt vannacht /gisteravond iets te snel gems achter elkaar gebruikt

[slachtoffer 1] :

20-9-2024 07:27 uur

Weten jullie wat er gebeurd is allemaal ????

[medeverdachte] :

20-9-2024 07:36 uur

Je hebt gbl aangezien als ghb, en dus te veel gedoseerd. Na ongeveer een half uur heb je een lijntje gesnopen en heb je geslamd. Daarna was je even afwezig en toen je weer wat bij kwam was je botergeil en hebben jij en ik seks gehad, heb je geneukt en ass play gedaan. Weer wat later ben je op mijn pik gaan rijden en heb je heerlijk geneukt voor een 20/30 min.

Een proces-verbaal van bevindingen digitaal onderzoek naar de Samsung A54 van de verdachte, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Op 21 juli 2024 hebben [verdachte] en ‘ [chatnaam medeverdachte] ’ contact.

Van

Datum en tijd

Inhoud

[chatnaam medeverdachte]

21-7-2024 16:21 uur

Gisteravond ook bij jou thuis

terwijl hij naar jou toegaat voor de seks ook met anderen erbij.

[verdachte]

21-7-2024 16:23 uur

We hadden een leuke gast erbij en later nog een. Maar op een onbewaakt moment slok uit de fles gbl genomen te hebben vertelde een van die jongens….gevolg hij ging compleet out..

[chatnaam medeverdachte]

21-7-2024 16:29 uur

En als ik Seks met je zou hebben gaat hij direct weg bij mij, dat gaat hem niet eens lukken want in alles is hij afhankelijk van mij.

Op 11 augustus 2024 hebben [verdachte] en ‘ [chatnaam medeverdachte] ’ contact over dat [slachtoffer 1] naar [verdachte] wilt voor ‘fun en seks’.

Van

Datum en tijd

Inhoud

[verdachte]

11-8-2024 17:10:32

Wat wil [slachtoffer 1] .. drugs..?

[chatnaam medeverdachte]

11-8-2024 17:13:19

Hij vraagt of je ook 3mmc hebt

[verdachte]

11-8-2024 17:14:34

3mmc voldoende.. geen gbl

[chatnaam medeverdachte]

11-8-2024 17:16:54

Kun je R halen voor [slachtoffer 1] ?

[verdachte]

11-8-2024.17:18:40

Dan moet ik naar Dealer in Hilversum nu..?

[chatnaam medeverdachte]

11-8-2024 17:19:27

Keta R 1 gram Keta S 1 gram hoeveel kost het?

[verdachte]

11-8-2024 17:22:28

Is 40 euro als je van elk 1 gram koopt volgens mij toch..

[chatnaam medeverdachte]

11-8-2024 17:23:47

Moet je er wat voor hebben?

[verdachte]

11-8-2024 17:24:33

Ja dat is wel fair lijkt mij.. ij doe 20 en jullie ook

[verdachte]

11 -8-202417:25:25

Dus jij 10 en [slachtoffer 1] 10 en ik 20

Op 12 augustus 2024 Hebben [verdachte] en ' [chatnaam medeverdachte] ’ een gesprek over de seksdate die afgelopen avond/nacht heeft plaatsgevonden bij [verdachte] thuis.

Van

Datum en tijd

Inhoud

[chatnaam medeverdachte]

12-8-2024 08:45 uur

We zijn thuis, en ik heb met jullie heel erg genoten

[verdachte]

12-8-2024 08:50 uur

Nou ik vond het ook heel bijzonder grote eer dat ik hierin een onderdeel van was [medeverdachte]

[verdachte]

12-8-2024 08:59 uur

[slachtoffer 1] hoeft niet te betalen.. is goed zo

[chatnaam medeverdachte]

12-8-2024 09:00 uur

Lieverd ik heb heel erg genoten met jou en [verdachte] . Ik hou van jou en ook van [verdachte]

[chatnaam medeverdachte]

12-8-2024 09:01 uur

Heb ik net aan [slachtoffer 1] gestuurd

[chatnaam medeverdachte]

12-8-2024 14:21 uur

Dank voor de gezellige avond /nacht [verdachte] . Het heeft [slachtoffer 1] en mij dichter bij elkaar gebracht, vanmiddag

heerlijke seks gehad. Hij wou 2.5 ghb heeft hij ook gehad

Een proces-verbaal van bevindingen (melding adres van de verdachte), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Op 13 juli 2024 kregen wij het verzoek te gaan naar de [adres] te [woonplaats] . Ter plaatse hoorde ik [slachtoffer 1] , in woorden van gelijke strekking verklaren dat:

hij in een psychose geraakt was en niet wist wat er was gebeurd;

hij dacht dat hij een gezellige avond zou hebben en hij geholpen moet worden aan zijn GHB-verslaving;

hij van alles gebruikt had en de persoon een kennis van een chat was

hij vervolgens niet meer precies wist wanneer hij hier kwam.

Een proces-verbaal van bevindingen (melding adres [medeverdachte] ), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Op 21 september 2024 kregen wij de opdracht met spoed te gaan naar de [adres] te [woonplaats] . Ik hoorde [medeverdachte] zeggen dat zijn pleegzoon op de bank lag en dat hij angstig was om dood te gaan. Ik hoorde [slachtoffer 1] zeggen dat hij ketamine en GHB had gebruikt. Ook had hij drugs geslamd.

Ik, verbalisant [verbalisant] hoorde [slachtoffer 1] zeggen dat:

hij de laatste twee a vier weken vaker last had van black-outs en dat hij zich niks meer weet te herinneren;

hij sinds zes maanden seksueel contact heeft met een man;

hij deze man via een dating applicatie kent genaamd Grindr;

hij door [medeverdachte] naar de man wordt toegebracht en dat [slachtoffer 1] altijd onder invloed is van drugs als hij naar die man toe gaat;

hij soms te veel drugs gebruikt en dat hij daarna een black-out heeft en niks meer weet van de afspraak

Op de vraag of de man naar hem luistert als [slachtoffer 1] zou aangeven dat hij dit niet fijn vond, hoorde ik [slachtoffer 1] zeggen dat er dan niet geluisterd wordt naar hem;

hij met meerdere mannen tegelijkertijd seks zou hebben.

Wat ons, verbalisanten, opviel was dat [slachtoffer 1] zijn telefoons telkens terug gaf aan [medeverdachte] . Wij zagen dat wanneer [slachtoffer 1] vervolgens de telefoons wilde gebruiken, om te Whatsappen of om foto’s te verwijderen, dat [slachtoffer 1] om de telefoons vroeg bij [medeverdachte] en dat [medeverdachte] ze vervolgens aan hem gaf.

Een proces-verbaal van doorzoeking woning van de verdachte aan de [adres] in [woonplaats] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Op 24 september 2024 ben ik binnengetreden in de woning [adres] te [woonplaats] . Op het aanrecht werden seksattributen en middelen aangetroffen die het bewustzijn beïnvloeden, welke in combinatie voor seksuele doeleinden gebruikt kunnen worden. In de koelkast vond het onderzoeksteam een wit kopje met vloeistof die, bleek later door FO geconstateerd, positief testte op GBL (grondstof voor GHB). Het bed in slaapkamer 2 lag bezaaid met seksattributen met name gericht op penetratie, een ontbijtbordje met wit poeder met de tekst erbij geschreven 3 MMC, wat volgens een sneltest van de forensische opsporing 2MMC bleek te zijn, een basepijp en verschillende naalden. Tot slot zijn in verschillende kamers glazen aangetroffen met een gele vloeistof (woonkamer, slaapkamer en zolder). Deze vloeistof testte op een sneltest van de FO positief op GBL.

Een proces-verbaal van doorzoeking woning van [medeverdachte] aan de [adres] in [woonplaats] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Op 24 september 2024 vond een doorzoeking plaats in de woning gelegen aan de [adres] te [woonplaats] . [medeverdachte] en [slachtoffer 1] werden samen in een tweepersoonsbed aangetroffen. Aan [medeverdachte] gevraagd of er drugs aanwezig waren. [medeverdachte] antwoordde hierop dat op het nachtkastje naast het bed een klein flesje GHB stond. Daarnaast wees [medeverdachte] op een kluis in de slaapkamer. [medeverdachte] verklaarde dat de sleutel van de kluis aan zijn sleutelbos hing. In de kluis is een 0,5 liter drinkflesje aangetroffen met vermoedelijk GHB.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand