ECLI:NL:RBMNE:2026:6355

ECLI:NL:RBMNE:2026:6355

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 15-09-2026
Datum publicatie 16-09-2026
Zaaknummer 16.155212.25 (P)
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Lelystad

Samenvatting

De (minderjarige) verdachte wordt veroordeeld voor het medeplegen van een poging tot opzettelijke een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is. Hij heeft een cobra 6 met daaraan vastgemaakt twee literflessen terpentine, een zogenaamde vuurwerk-brandstof-combinatie, aangestoken voor een woning waar eerder al dergelijke explosies hadden plaatsgevonden. Door onbekende reden is de lont uitgegaan en is het niet ontploft. Aan de verdachte wordt een werkstraf van 40 uur en een jeugddetentie van 30 dagen met aftrek van het voorarrest, waarvan 26 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren en bijzondere voorwaarden opgelegd.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Lelystad

Parketnummer: 16.155212.25 (P)

Tegenspraak

Vonnis van de meervoudige kamer van 15 september 2026 in de strafzaak van:

[verdachte] ,

geboren op [2008] te [geboorteplaats] ,

wonende aan de [adres 1] , [postcode] te [plaats] , (hierna: [verdachte (voornaam)] )

1. Zitting

De strafzaak van [verdachte (voornaam)] is inhoudelijk behandeld op de besloten zitting van 1 september 2026.

Op de zitting waren aanwezig:

2. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt [verdachte (voornaam)] ervan dat hij, samengevat:

op 9 januari 2025 in [plaats] samen met een ander geprobeerd heeft om een ontploffing bij een pand teweeg te brengen door een vuurwerk-brandstof-combinatie (hierna: vbc) in aanraking te brengen met open vuur.

De volledige tekst van de beschuldiging staat in bijlage I bij dit vonnis.

3. Bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat kan worden bewezen dat [verdachte (voornaam)] het feit heeft gepleegd.

Standpunt van de verdediging

De advocaat voert geen verweer over het bewijs.

Oordeel van de rechtbank

Bewijsmiddelen

[verdachte (voornaam)] bekent dat hij het feit heeft gepleegd, namelijk dat hij samen met een ander heeft geprobeerd om een vbc tot ontploffing te brengen. Door en namens hem is niet om vrijspraak van dat feit gevraagd. Daarom hoeft de rechtbank de inhoud van de bewijsmiddelen niet op te schrijven en noemt zij alleen de bewijsmiddelen waarop zij haar oordeel baseert:

- de verklaring van [verdachte (voornaam)] op de terechtzitting van 1 september 2026;

- een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] van 12 januari 2025;

- een rapport NFI-explosievenonderzoek van 21 februari 2025.

Bewijsoverwegingen

Uit de hierboven genoemde bewijsmiddelen volgt dat [verdachte (voornaam)] door anderen is benaderd om samen met iemand een vbc bij de woning aan de [adres 2] tot ontploffing te brengen. [verdachte (voornaam)] zou daarvoor geld krijgen. Toen [verdachte (voornaam)] de lont van de vbc aanstak, is deze lont om onbekende redenen niet verder ontbrand. De ontploffing heeft daardoor niet plaatsgevonden.

Uit het explosievenonderzoek van het NFI wordt duidelijk dat als de vbc wel tot ontploffing was gekomen, de flessen terpentine uiteengereten zouden worden en er een vuurbal was ontstaan van meerdere meters in doorsnede. Hierdoor hadden in de omgeving aanwezige brandbare materialen kunnen ontsteken en zo tot brand kunnen leiden. Er was dus gevaar voor de in de woning aanwezige goederen en nabijgelegen panden en auto’s.

Bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat [verdachte (voornaam)] :

op 9 januari 2025 te [plaats] , tezamen en in vereniging met anderen, ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededaders voorgenomen misdrijf om opzettelijk een ontploffing teweeg te brengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen, te weten voor het pand aan de [adres 2] en de in dat pand aanwezige goederen en in de nabijheid gelegen panden en/of auto's te duchten was, een super cobra 6, met daaraan gebonden twee flessen terpentine, zijnde een zogenaamde vuurwerk-brandstof-combinatie, heeft aangestoken en vervolgens nabij de voordeur van de woning aan de [adres 2] heeft geplaatst en/of gegooid, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. [verdachte (voornaam)] wordt daarvan vrijgesproken.

4. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:

medeplegen van een poging tot opzettelijk een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is.

Strafbaarheid feit en [verdachte (voornaam)]

Het feit en [verdachte (voornaam)] zijn strafbaar.

5. Straf

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie eist dat [verdachte (voornaam)] wordt veroordeeld tot:

een jeugddetentie van 30 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 27 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar, met de bijzondere voorwaarden zoals is geadviseerd door de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) en door de jeugdreclassering van [organisatie 1] ;

een taakstraf van 40 uur, te vervangen door 20 dagen jeugddetentie als [verdachte (voornaam)] deze taakstraf niet of niet goed uitvoert.

Standpunt van de verdediging

De advocaat voert aan dat het aandeel van [verdachte (voornaam)] in het geheel gering is geweest. Hij was destijds pas 16 jaar oud. Hij heeft zich goed gehouden aan de schorsingsvoorwaarden. De advocaat heeft verzocht om in het voordeel van [verdachte (voornaam)] mee te wegen dat [verdachte (voornaam)] zelf heeft aangegeven dat hij de voorwaarden wil voortzetten, terwijl dat strikt genomen niet meer nodig is gelet op het lage recidiverisico.

Het toezicht en de begeleiding lopen al 15 maanden, wat gezien kan worden als een straf. Een onvoorwaardelijke straf heeft geen pedagogisch karakter meer.

De advocaat heeft primair verzocht om aan [verdachte (voornaam)] een geheel voorwaardelijke taakstraf in de vorm van een werkstraf op te leggen met de geadviseerde bijzondere voorwaarden.

Subsidiair heeft de advocaat verzocht om een deels voorwaardelijke taakstraf in de vorm van een werkstraf op te leggen.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank legt aan [verdachte (voornaam)] een jeugddetentie op voor de duur van 30 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan 26 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren. Aan de voorwaardelijke jeugddetentie worden de volgende bijzondere voorwaarden verbonden, kort gezegd:

- het hebben van een positieve dagbesteding;

- het hebben van een positieve vrijetijdsbesteding;

- wonen bij [organisatie 2] ;

- meewerken aan het begeleidingstraject bij [organisatie 3] ;

- meewerken aan hulpverlening;

- een contactverbod met de slachtoffers en de medeverdachten.

Daarnaast legt de rechtbank aan [verdachte (voornaam)] een taakstraf, in de vorm van een werkstraf op voor de duur van 40 uur.

Bij het bepalen van deze straf houdt de rechtbank rekening met de ernst van het gepleegde feit en de omstandigheden waaronder [verdachte (voornaam)] dit feit heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank de persoonlijke omstandigheden van [verdachte (voornaam)] mee.

Ernst en omstandigheden van het feit

[verdachte (voornaam)] heeft samen met een ander geprobeerd om een ontploffing bij een woning te veroorzaken. Dit heeft hij gedaan door een Cobra 6, met daaraan vastgemaakt twee literflessen terpentine, aan te steken. Door onbekende reden is de lont uitgegaan, waardoor de ontploffing niet heeft plaatsgevonden en het bij een poging is gebleven. Als het wel tot ontploffing was gekomen, had deze vbc een vuurbal van meerdere meters in doorsnede veroorzaakt, waardoor er groot gevaar voor de goederen en woningen in de omgeving zou zijn ontstaan.

Extra ernstig maakt het dat de betreffende woning in de dagen ervoor al twee keer eerder doelwit was geweest, waarbij er wel een ontploffing heeft plaatsgevonden. [verdachte (voornaam)] wist dit.

Meer dan eens verschijnen er berichten in de media over explosies die hebben plaatsgevonden door dit soort vuurwerk en de gevolgen daarvan. Het tast de algemene gevoelens van veiligheid binnen de samenleving aan en in het bijzonder de gevoelens van veiligheid van de bewoners van de woning. De bewoners waren al voor de poging waar [verdachte (voornaam)] bij betrokken was hun huis uit gevlucht. Ze zagen geen andere mogelijkheid dan ergens anders te verblijven voor hun eigen veiligheid. Uit de toelichting op de vorderingen van de benadeelde partijen blijkt dat dit alles grote impact heeft op hun levens.

[verdachte (voornaam)] heeft zich hier niet om bekommerd ten tijde van het feit, maar liet zich alleen leiden door de toezegging dat hij geld zou krijgen voor het plegen van dit feit.

Persoonlijke omstandigheden van [verdachte (voornaam)]

Bij haar beslissing heeft de rechtbank ook rekening gehouden met:

- een uittreksel justitiële documentatie (strafblad) van [verdachte (voornaam)] van 22 juli 2026, waaruit blijkt dat [verdachte (voornaam)] niet eerder met justitie in aanraking is geweest;

- een reclasseringsadvies van 20 augustus 2026, uitgebracht door [organisatie 1] ;

- een advies van 20 augustus 2026, uitgebracht door de Raad.

[organisatie 1] heeft gerapporteerd dat [verdachte (voornaam)] zich goed heeft gehouden aan de schorsingsvoorwaarden. Hij is bij de politie niet meer negatief in beeld geweest. Daarom bestaat het beeld dat dit een eenmalig incident is geweest waarbij [verdachte (voornaam)] de gevolgen voor de slachtoffers, maar ook voor zichzelf, op geen enkele wijze heeft overzien. Er zijn geen grote zorgen over de beïnvloedbaarheid van [verdachte (voornaam)] . Sinds juli 2026 woont hij bij [organisatie 2] en heeft hij daar een goede start gemaakt.

De kans op herhaling wordt klein geschat. Het is wel van belang dat hij snel een baan vindt, zodat hij niet in de verleiding komt om een strafbaar feit te plegen om snel aan geld te komen. Op zitting heeft [verdachte (voornaam)] verteld dat hij een bezorgbaan heeft gevonden en vindt dat hij hier genoeg mee verdient.

[organisatie 1] heeft geadviseerd om een onvoorwaardelijke taakstraf in de vorm van een werkstraf en een voorwaardelijke jeugddetentie op te leggen. Als bijzondere voorwaarden wordt geadviseerd dat [verdachte (voornaam)] een positieve dagbesteding en vrijetijdsbesteding heeft, bij [organisatie 2] blijft wonen, meewerkt aan het begeleidingstraject bij [organisatie 3] en aan hulpverlening als de jeugdreclassering dat nodig vindt, en een contactverbod met de slachtoffers.

De Raad heeft gerapporteerd dat zowel het algemeen recidive risico als het dynamisch risicoprofiel uitkomt op laag. [verdachte (voornaam)] stond open voor mediation, maar dat bleek in deze casus niet mogelijk.

De Raad heeft, gelet op de zwaarte van het feit, een onvoorwaardelijke jeugddetentie overwogen, maar vindt dat toch niet passend omdat [verdachte (voornaam)] first offender is en er veel beschermende factoren zijn die daarmee worden doorkruist. Een voorwaardelijke jeugddetentie kan [verdachte (voornaam)] motiveren zijn positieve ontwikkeling vast te houden en niet opnieuw de fout in te gaan. Voortzetting van jeugdreclasseringstoezicht met de inzet van [organisatie 3] en [organisatie 2] is noodzakelijk. [verdachte (voornaam)] maakt momenteel een grote verandering door richting zijn zelfstandigheid. Voorzetting van begeleiding en toezicht is daarbij in het belang van [verdachte (voornaam)] . De Raad heeft dezelfde bijzondere voorwaarden geadviseerd als [organisatie 1] , maar heeft bij het contactverbod ook een contactverbod met de mededaders genoemd. Daarnaast wordt een taakstraf in de vorm van een werkstraf passend geacht om aan [verdachte (voornaam)] duidelijk te maken dat dit gedrag niet geaccepteerd wordt.

Strafkader

Om in vergelijkbare zaken zoveel mogelijk gelijk te straffen, werken strafrechters met landelijke oriëntatiepunten. Deze zijn gebaseerd op opgelegde straffen in andere, vergelijkbare zaken. Het oriëntatiepunt voor minderjarigen voor brandstichting waarbij er sprake is van aanzienlijke schade gevaarzetting is in beginsel een onvoorwaardelijke jeugddetentie.

De rechtbank houdt er in strafverminderende zin rekening mee dat het gaat om een poging, en in strafverzwarende zin dat het gaat om medeplegen.

Gelet op het feit dat [verdachte (voornaam)] first offender is, het een eenmalig incident lijkt te zijn en de positieve ontwikkeling die [verdachte (voornaam)] de afgelopen tijd heeft doorgemaakt, vindt de rechtbank het niet nodig dat hij een langere jeugddetentie krijgt dan hij al heeft gehad door de voorlopige hechtenis. Wel zal de rechtbank een grotendeels voorwaardelijke jeugddetentie opleggen met bijzondere voorwaarden. Dit omdat het belangrijk is dat [verdachte (voornaam)] niet opnieuw de fout ingaat en zijn goede lijn vasthoudt. Gelet op de ernst van deze feiten zal aan [verdachte (voornaam)] daarnaast een onvoorwaardelijke taakstraf in de vorm van een werkstraf worden opgelegd.

De rechtbank wijkt enigszins af van de eis van de officier van justitie, maar dat verschil komt doordat de rechtbank heeft berekend dat [verdachte (voornaam)] 4 dagen in voorlopige hechtenis heeft gezeten en de officier van justitie is uitgegaan van 3 dagen.

De voorlopige hechtenis

Het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis zal worden opgeheven.

6. Vordering benadeelde partij

Vordering van de benadeelde partijen

[slachtoffer 2] , [slachtoffer 5] , [slachtoffer 4] (geboren op [2008] ), [slachtoffer 4] (geboren op [2005] ) en [slachtoffer 3] hebben zich gesteld als benadeelde partij en vorderen [verdachte (voornaam)] te veroordelen tot het betalen van een schadevergoeding van € 2.000,- vermeerderd met de wettelijke rente. Dit bedrag bestaat uit een vergoeding van immateriële schade (smartengeld).

Verder verzoeken de benadeelde partijen de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.

Omdat de vorderingen van de benadeelde partijen allemaal gelijk zijn, worden de vorderingen hier gezamenlijk behandeld.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat de vorderingen van de benadeelde partijen volledig kunnen worden toegewezen met vermeerdering van de wettelijke rente. Ook kan de schadevergoedingsmaatregel worden opgelegd, waarbij het aantal dagen gijzeling op nihil gesteld moet worden. De schade moet hoofdelijk worden opgelegd.

Standpunt van de verdediging

De advocaat heeft primair verzocht om de benadeelde partijen niet-ontvankelijk te verklaren. De ontstane schade is dusdanig verweven met de feiten van de dagen ervoor, dat onvoldoende is vast te stellen wat de rechtstreekse schade is die is ontstaan door het handelen van [verdachte (voornaam)] . Om dit uit te zoeken is een te grote belasting van het strafgeding.

Subsidiair heeft de advocaat verzocht om de immateriële schade te beperken tot € 250,- per benadeelde partij. De categorie waarop de schade is gebaseerd is toegespitst op een voltooid delict, terwijl het hier gaat om een poging en de benadeelde partijen niet thuis waren ten tijde van het delict.

De advocaat heeft verzocht om het aantal dagen gijzeling bij een schadevergoedingsmaatregel op nihil te stellen.

Oordeel van de rechtbank

Vergoeding van immateriële schade is op grond van art. 6:106 aanhef en sub b BW mogelijk als de benadeelde partij lichamelijk letsel heeft opgelopen, is aangetast in zijn eer en goede naam of ‘op andere wijze’ in zijn persoon is aangetast. De rechtbank begrijpt dat de vorderingen van de benadeelde partijen in dit geval op deze laatste grondslag zijn gebaseerd.

Uit de rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat van aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ in ieder geval sprake is als het slachtoffer geestelijk letsel (psychische schade) heeft opgelopen. Het bestaan van geestelijk letsel moet naar objectieve maatstaven worden vastgesteld. Als geestelijk letsel niet kan worden vastgesteld, kan de aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ volgen uit de aard en de ernst van de normschending (het strafbare feit) en de gevolgen daarvan. De gevolgen moeten met concrete gegevens worden onderbouwd. In uitzonderlijke situaties kunnen de nadelige gevolgen voor het slachtoffer zó voor de hand liggen dat ook zonder nadere onderbouwing kan worden aangenomen dat sprake is van een aantasting in de persoon.

In dit geval is naar het oordeel van de rechtbank sprake van zo’n uitzonderlijke situatie, zodat de benadeelde partijen recht hebben op vergoeding van immateriële schade.

Uit de onderbouwing blijkt dat de benadeelde partijen gevolgen ondervinden van het geheel aan bedreigingen op 6 januari 2025, een ontploffing op 8 januari 2025 en de poging tot een ontploffing op 9 januari 2025 (feit 1 in deze zaak). Het is naar het oordeel van de rechtbank niet eenvoudig vast te stellen welke schade rechtstreeks door feit 1 is veroorzaakt. De rechtbank splitst de vordering daarom tussen dat deel dat voor toewijzing gereed ligt en een deel ten aanzien waarvan partijen vanwege de beperkingen van het strafproces hun stellingen en onderbouwingen niet genoegzaam naar voren hebben kunnen brengen. De rechtbank stelt het toewijsbaar te achten gedeelde van de immateriële schade naar billijkheid vast op € 250,- per benadeelde partij, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 9 januari 2025 tot aan de dag der algehele voldoening.

De rechtbank is van oordeel dat de behandeling van het overige deel van de vorderingen een onevenredige belasting van het strafgeding zou opleveren. De vorderingen zullen daarom in zoverre niet-ontvankelijk worden verklaard en de rechtbank zal bepalen dat de benadeelde partijen dit deel van de vordering alleen bij de burgerlijke rechter kunnen aanbrengen.

Daarnaast legt de rechtbank ten behoeve van alle benadeelde partijen de schadevergoedingsmaatregel aan [verdachte (voornaam)] op, zodat (kort gezegd) de benadeelde partijen de schadevergoeding niet zelf bij [verdachte (voornaam)] hoeven te incasseren, maar dat de Staat dit voor hen doet. Als een verdachte de schadevergoeding niet (volledig) betaalt, kan gijzeling (een vorm van vrijheidsbeneming van de verdachte) worden toegepast. Gelet op de jonge leeftijd van [verdachte (voornaam)] in deze zaak vindt de rechtbank het echter niet passend om gijzeling aan de schadevergoedingsmaatregel te verbinden. De rechtbank bepaalt de duur van de gijzeling daarom op nul dagen.

[verdachte (voornaam)] mag de schadevergoeding ook rechtstreeks betalen aan de benadeelde partijen. Als hij dat heeft gedaan, is hij niet langer verplicht om aan de Staat te betalen.

Omdat [verdachte (voornaam)] het strafbare feit waarvoor schadevergoeding wordt toegekend samen met mededaders heeft gepleegd, zijn zij daarvoor samen aansprakelijk (juridische term: hoofdelijk aansprakelijk). Voor zover een van de mededaders een bedrag aan de benadeelde partijen heeft betaald, hoeft [verdachte (voornaam)] dat deel van de schadevergoeding niet meer aan de benadeelde partijen te betalen.

7. Toegepaste wetsartikelen

De opgelegde straf is gebaseerd op de volgende wetsartikelen:

- 45, 47, 77a, 77g, 77i, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg en 157 van het Wetboek van Strafrecht.

8. De beslissing

straf en/of maatregel

De rechtbank:

bewezenverklaring

strafbaarheid feit

- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4.1 is vermeld;

strafbaarheid verdachte

- verklaart [verdachte (voornaam)] strafbaar voor het bewezen verklaarde;

- veroordeelt [verdachte (voornaam)] tot een taakstraf bestaande uit een werkstraf van 40 uren;

- beveelt dat voor het geval [verdachte (voornaam)] de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 20 dagen jeugddetentie;

- veroordeelt [verdachte (voornaam)] tot een jeugddetentie van 30 dagen;

- bepaalt dat de tijd, door [verdachte (voornaam)] vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de jeugddetentie in mindering zal worden gebracht;

- bepaalt dat van de jeugddetentie een gedeelte van 26 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat [verdachte (voornaam)] de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;

- stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast;

- als voorwaarden gelden dat [verdachte (voornaam)] :

* zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

* ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

* medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met het vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;

- stelt als bijzondere voorwaarden dat [verdachte (voornaam)] gedurende de proeftijd:

* op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met de medeverdachte [medeverdachte] (geboren op [2008] ) en de slachtoffers:

- [slachtoffer 2] (geboren op [1982] );

- [slachtoffer 3] (geboren op [1982] );

- [slachtoffer 4] (geboren op [2008] );

- [slachtoffer 4] (geboren op [2005] );

- [slachtoffer 5] (geboren op [2011] ),

zolang de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht;

* een positieve dagbesteding heeft in de vorm van school en/of stage en zich houdt aan het schoolrooster;

* een positieve vrijetijdsbesteding heeft in de vorm van werken en/of sporten;

* zal wonen bij [organisatie 2] en zich zal houden aan de daar geldende afspraken en regels;

* zal meewerken aan het begeleidingstraject van [organisatie 3] , zolang als nodig is in overleg met de jeugdreclassering;

* zal meewerken aan hulpverlening indien de jeugdreclassering dit nodig acht;

- waarbij de gecertificeerde instelling [organisatie 1] Midden-Nederland opdracht wordt gegeven als bedoeld in artikel 77aa, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en [verdachte (voornaam)] ten behoeve daarvan te begeleiden;

vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [slachtoffer 2]

vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [slachtoffer 5]

vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [slachtoffer 4] (geboren op [2008] )

vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [slachtoffer 4] (geboren op [2005] )

vordering tot schadevergoeding van benadeelde partij [slachtoffer 3]

voorlopige hechtenis

- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.C. Piet, voorzitter, en mrs. H. den Haan en S.M. van Meer, (kinder)rechters, in tegenwoordigheid van mr. B.T. Feenstra als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 15 september 2026.

Bijlage I: De tenlastelegging

Aan [verdachte (voornaam)] is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 9 januari 2025 te [plaats] , in elk geval in Nederland,tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf omopzettelijkeen ontploffing teweeg te brengen,terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen, te weten voor het pand aan de

[adres 2] en/of de in dat pand aanwezige goederen en/of in de nabijheidgelegen panden en/of auto's te duchten was,een super cobra 6, althans (zwaar) vuurwerk, met daaraan gebonden twee flessenterpentine, in elk geval een ontvlambare vloeistof, zijnde een zogenaamdevuurwerk-brandstof-combinatie, met open vuur in aanraking heeft gebracht en/ofaangestoken en/of (vervolgens) nabij de voordeur van de woning aan de

[adres 2] heeft geplaatst en/of gegooid,terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand