RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
StrafrechtZittingsplaats Lelystad
Parketnummer: 16.232128.20 (vordering verlenging tbs)
Datum uitspraak: 7 september 2026
Datum zitting: 7 september 2026
Beslissing op vordering verlenging terbeschikkingstelling (tbs)
van de betrokkene:
[betrokkene] , geboren op [1983] te [geboorteplaats] ,thans verblijvende in het [verblijfplaats] ,
(hierna: de kliniek).
Advocaat van de betrokkene: mr. J.J. Lieftink, (hierna: de advocaat)
Officier van justitie: mr. S. Mirshahi
1. Terbeschikkingstelling
Deze rechtbank heeft bij vonnis van 23 juli 2021 de betrokkene veroordeeld voor onder meer verkrachting en hem de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege (hierna: tbs) opgelegd.
De tbs is niet in duur gemaximeerd.
De tbs is ingegaan op 4 september 2022 en voor het laatst op 23 september 2024 door deze rechtbank met twee jaar verlengd.
2. Procedure
Vordering
De officier van justitie heeft op 9 juli 2026 gevorderd dat de tbs met twee jaar wordt verlengd.
Stukken
De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:
- het vonnis in de strafzaak;
Zitting
Op de zitting zijn gehoord:
3. Adviezen
De kliniek
De kliniek adviseert om de tbs-maatregel met twee jaar te verlengen.
Diagnose
Bij betrokkene is sprake van een antisociale persoonlijkheidsstoornis met narcistische kenmerken en een hoge mate van psychopathie. Verder zijn er stoornissen in gebruik van middelen, te weten cannabis, cocaïne, amfetamine en benzodiazepine. De eerste drie hiervan zijn al jarenlang in remissie door de opname.
Behandeldoelen en behandelverloop
Op 1 augustus 2024 is een LFPZ-aanvraag ingediend en op 8 april 2025 is die status toegekend. Sinds de plaatsing op de wachtlijst voor de LFPZ is het toestandsbeeld van betrokkene nauwelijks veranderd. Het doet hem goed dat hij op een afdeling is geplaatst waar een lage behandeldruk heerst.
Risico op herhaling van delictgedrag
Het risico op herhaling wordt als hoog ingeschat en een aanvraag tot verlof wordt niet verantwoord geacht.
Toelichting deskundige op zitting
Het is goed dat er nu geen incidenten zijn. De kliniek is niet negatief over zijn inzet op de huidige afdeling. De betrokkene staat op de wachtlijst voor de LFPZ-plaatsing. De wachttijd kan oplopen tot wel tien of twaalf jaar. Er is wel gezocht naar andere mogelijkheden voor de betrokkene, maar zijn zorgindicatie en het feit dat hij gerecidiveerd is tijdens zijn verlof van een eerder opgelegde tbs, maken een aanvraag voor begeleid verlof lastig.
De psychiater en psycholoog
Betrokkene heeft zijn medewerking aan het onderzoek bij de psychiater en psycholoog geweigerd. Hierdoor konden de vragen niet beantwoord worden. De psycholoog merkt wel op dat de beschikbare gegevens geen aanleiding geven om te veronderstellen dat er momenteel alternatieven zijn voor de tbs-maatregel en/of de LFPZ-status.
4. Standpunten
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie vindt dat de vordering moet worden toegewezen en dat de tbs met twee jaar moet worden verlengd.
Standpunt van de advocaat
De advocaat verzet zich niet tegen verlenging van de tbs met twee jaar en heeft de beslissing op de vordering aan de rechtbank overgelaten.
5. Beoordeling
De rechtbank komt op grond van de stukken en wat op de zitting is besproken tot het volgende oordeel.
Maximale duur van de tbs
De tbs-maatregel is opgelegd voor een misdrijf dat is gericht tegen en/of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De tbs is daarom niet in duur gemaximeerd. Verlenging van de tbs is dus mogelijk.
Gebrekkige ontwikkeling en/of ziekelijke stoornis en herhalingsgevaar
De rechtbank stelt op basis van het hiervoor genoemde advies vast dat bij de betrokkene nog altijd sprake is van een gebrekkige ontwikkeling en/of ziekelijke stoornis, namelijk een antisociale persoonlijkheidsstoornis met narcistische kenmerken en een hoge mate van psychopathie en een stoornis in het gebruik van middelen (in remissie).
Uit het advies blijkt dat het risico op herhaling van delictgedrag bij onmiddellijke beëindiging van de tbs nog steeds hoog is.
Verlenging van de maatregel
De veiligheid van anderen en/of de algemene veiligheid van personen en/of goederen eisen dat de tbs wordt verlengd.
Duur van de verlenging
De rechtbank verlengt de tbs, overeenkomstig de vordering en de adviezen, met twee jaar.
De rechtbank heeft als uitgangspunt dat de tbs verlengd moet worden met een termijn van twee jaar, als aannemelijk is dat de behandeling en resocialisatie van de betrokkene nog langer dan een jaar duurt. Alleen in geval van bijzondere omstandigheden kan van dit uitgangspunt worden afgeweken. De rechtbank oordeelt dat in dit geval geen sprake is van zulke bijzondere omstandigheden. De betrokkene staat op dit moment op de wachtlijst voor een LFPZ-plaatsing. Hierdoor kan niet verwacht worden dat de tbs-maatregel binnen een jaar voorwaardelijk beëindigd zal worden. De rechtbank zal de maatregel daarom met twee jaar verlengen.
6. Beslissing
De rechtbank:
verlengt de tbs van [betrokkene] met twee jaar.
Deze beslissing is genomen door:
mr. H.C. Piet, voorzitter,
mr. H. den Haan en mr. J.A. Koorevaar, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. B.T. Feenstra, griffier,
en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 7 september 2026.
De voorzitter en de griffier zijn niet in de gelegenheid deze beslissing te ondertekenen.