ECLI:NL:RBMNE:2026:6487

ECLI:NL:RBMNE:2026:6487

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 28-08-2026
Datum publicatie 22-09-2026
Zaaknummer UTR 26/6678
Rechtsgebied Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

BNT UHT, bezwaar, samenhangende beschikking

Uitspraak

[eiser] , uit [plaats] (Verenigde Arabische Emiraten), eiser

(gemachtigde: mr. P.E. Epping),

en

Dienst Toeslagen, verweerder(gemachtigde: mr. [gemachtigde] ).

Inleiding

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingesteld, omdat verweerder volgens hem niet op tijd heeft beslist op zijn bezwaar van 4 augustus 2025 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag met kenmerk [kenmerk 1] .

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Overwegingen

Standpunt verweerder

1. Het beroep is ingediend bij de rechtbank Rotterdam, die het vervolgens heeft

doorgestuurd naar de rechtbank Midden-Nederland. Deze laatste rechtbank is namelijk de bevoegde rechtbank om op het beroep van eiser te beslissen.

2. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig

is.

3. Tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan beroep worden ingesteld. Het

beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.

4. Tussen partijen is niet in geschil dat de beslistermijn is overschreden. Bij brief van

29 april 2026, ontvangen door verweerder op 30 april 2026, is verweerder in gebreke gesteld. Eiser heeft meer dan twee weken daarna, te weten bij brief van 14 juli 2026, beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn bezwaar.

5. Het beroep is gegrond.

6. Verweerder heeft, onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling

bestuursrechtspraak van de Raad van State van 3 mei 2023 (ECLI:NL:RVS:2023:1746), verzocht het beroep ongegrond te verklaren. Daaraan heeft verweerder het volgende ten grondslag gelegd. Op 30 maart 2022 is een beschikking gegeven in het kader van de integrale herbeoordeling met kenmerk [kenmerk 2] . Daartegen is bezwaar gemaakt en op 26 juni 2025 is op dat bezwaar besloten. Tussentijds zijn meerder beroepen niet tijdig ingediend en door de rechtbank gegrond verklaard en zijn (bestuurlijke) dwangsommen verbeurd. Het besluit waar in deze zaak bezwaar tegen is gemaakt, hangt inhoudelijk sterk samen met het besluit met kenmerk [kenmerk 2] . Beide besluiten berusten namelijk op dezelfde wettelijke grondslag en het onderhavige bezwaar ‘vormt geen zelfstanding rechtsbelang dat los kan worden gezien van de eerdere beschikkingen’. Volgens verweerder is zij daarom niet nogmaals dwangsommen verschuldigd en moet het beroep ongegrond worden verklaard.

7. De rechtbank volgt verweerder hierin niet. De door verweerder aangehaalde uitspraak van de Afdeling ziet op een andere situatie. In die zaak waren de ‘samenhangende’ besluiten gelijktijdig genomen en bovendien inhoudelijk gelijkluidend. Daarvan is in dit geval geen sprake. Er zit een aantal jaar tussen de twee genomen besluiten en in die besluiten is over andere jaren beoordeeld of er recht bestaat op compensatie in het kader van de integrale herbeoordeling. Bij beide bezwaarprocedures bestaat dan ook een zelfstandig belang. De rechtbank ziet dan ook geen aanleiding om het beroep ongegrond te verklaren of geen nadere dwangsom op te leggen.

Verweerder moet alsnog een besluit nemen

8. Omdat verweerder nog geen (nieuw) besluit heeft genomen, bepaalt de rechtbank dat

verweerder dit alsnog moet doen. Het bestuursorgaan moet dit in principe doen binnen twee weken na het verzenden van de uitspraak. In bijzondere gevallen kan de bestuursrechter een andere termijn bepalen. Het is vaste rechtspraak van de Afdeling dat die termijn niet onnodig lang, maar ook niet onrealistisch kort moet zijn.

9. De rechtbank stelt vast dat sprake is van een bijzonder geval waarin de wettelijke

beslistermijn te kort is om een besluit te nemen. Over de vraag welke beslistermijn wel realistisch is, heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) op 26 maart 2025 uitspraak gedaan. De Afdeling heeft geoordeeld dat bij beroepen tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar een nadere beslistermijn van zestig weken na de datum waarop de wettelijke beslistermijn voor het nemen van een besluit op bezwaar is verstreken, realistisch is. In geval ten tijde van de uitspraak al zestig weken zijn verstreken na ommekomst van de beslistermijn op bezwaar, geldt een nadere beslistermijn van twee weken na de dag waarop de uitspraak wordt verzonden. De rechtbank sluit zich aan bij dit oordeel van de Afdeling en hoe zij hiertoe is gekomen. Voor de overwegingen verwijst de rechtbank naar de uitspraak van de Afdeling.

10. Voor deze zaak betekent dit het volgende. Verweerder heeft op 26 mei 2025 de

definitieve beschikking genomen. Het bezwaarschrift van eiser tegen dit besluit is door verweerder ontvangen op 4 augustus 2025. De beslistermijn om op dit bezwaar te beslissen is dus aangevangen op 5 augustus 2025 en verliep op 8 december 2025. De uiterlijke datum waarop verweerder een besluit op bezwaar bekend moet maken is dus 1 februari 2027.

11. De rechtbank bepaalt dat verweerder een dwangsom van € 100,- moet betalen voor elke

dag waarmee hij de hiervoor genoemde beslistermijn overschrijdt. Daarbij geldt een maximum van € 15.000,-. Deze bedragen zijn volgens het beleid van de rechtspraak het uitgangspunt voor dit soort zaken en de rechtbank ziet geen reden om hier in dit geval van af te wijken.

Proceskosten en griffierecht 12. Omdat het beroep gegrond is, krijgt eiser een vergoeding voor de proceskosten die hij

heeft gemaakt. Verweerder moet die vergoeding betalen. De vergoeding wordt met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht als volgt berekend. De bijstand door een gemachtigde levert 1 punt op (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 934,-), bij een wegingsfactor 0,5. Toegekend wordt € 467,-. 13. Omdat de rechtbank het beroep gegrond verklaart, moet verweerder aan eiser het door

hem betaalde griffierecht vergoeden.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt het, met een besluit gelijk te stellen, niet tijdig nemen van een besluit;

- draagt verweerder op uiterlijk 1 februari 2027 een besluit op bezwaar bekend te maken;- bepaalt dat verweerder aan eiser een dwangsom van € 100,- moet betalen voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-;

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 467,-;

- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 54,- aan eiser te vergoeden.

Deze uitspraak is gedaan door mr. G. Schnitzler, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 28 augustus 2026.

De griffier is niet in de gelegenheidte ondertekenen

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. G. Schnitzler

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand