ECLI:NL:RBMNE:2026:6657

ECLI:NL:RBMNE:2026:6657

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 11-09-2026
Datum publicatie 29-09-2026
Zaaknummer UTR 26/3087
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Eiseres heeft de inlichtingenplicht geschonden. De rechtbank volgt eiseres niet in haar stelling dat de bewijslast nu bij verweerder ligt. Het beroep is ongegrond.

Uitspraak

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 september 2026 in de zaak tussen

[eiseres] , te [plaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. L.M. van Rooij)

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (het Uwv), verweerder

(gemachtigde: mr. B.E. de Leng)

Inleiding

Eiseres heeft vanaf 26 januari 2014 een loongerelateerde WGA-uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) ontvangen, gebaseerd op een arbeidsongeschiktheidspercentage van 62,49. Met ingang van 26 november 2016 heeft zij ook een toeslag op deze uitkering ontvangen op grond van de Toeslagenwet (TW). Hiermee is de uitkering van eiseres aangevuld tot het sociaal minimum voor haar leefsituatie.

Met het besluit van 19 december 2025 (het primaire besluit) heeft het Uwv de toeslag van eiseres over de periode van 1 januari 2017 tot en met 30 november 2025, dus met terugwerkende kracht, herzien omdat zij te veel toeslag heeft ontvangen. Met dit besluit heeft het Uwv ook de te veel ontvangen toeslag teruggevorderd ten bedrage van € 11.842,80,-, maar beperkt tot de periode van 1 december 2023 tot en met 30 november 2025. Het Uwv heeft de periode van terugvordering beperkt tot twee jaar, omdat het Uwv zelf ook aandeel heeft gehad in het niet onderkennen dat er geen recht op toeslag meer bestond. Met het besluit van 6 januari 2026 heeft het Uwv het bedrag van € 11.842,80,- ingevorderd.

Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen het primaire besluit. In de beslissing op bezwaar van 31 maart 2026 (het bestreden besluit) heeft het Uwv de bezwaren van eiseres (deels) gegrond verklaard, omdat de berekening van de terugvordering niet klopte. Dit is met het bestreden besluit aangepast naar € 11.414,56,-. In het bestreden besluit is het Uwv verder bij zijn primaire besluit gebleven.

Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld en heeft op 26 mei 2026 de beroepsgronden aangevuld. Het Uwv heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift en een aanvullend verweerschrift gedateerd 19 juni 2026.

De rechtbank heeft het beroep op 11 augustus 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres en haar gemachtigde en de gemachtigde van het Uwv.

Standpunten van partijen

2. Eiseres voert aan dat zij de inlichtingenplicht niet heeft geschonden. Zij stelt dat ze het Uwv in januari 2017 (en op de zitting in juni 2017) heeft geïnformeerd over het arbeidsongeschiktheidspensioen dat zij ontving. Dat eiseres niet meer beschikt over de documenten uit 2017 om dit aan te tonen, kan haar niet worden tegengeworpen. Er geldt voor particulieren geen wettelijke bewaarplicht voor de financiële administratie. Gelet op het voorgaande en op de omstandigheid dat het Uwv pas nu de toeslag herziet en terugvordert, terwijl zij al sinds 2020 op de hoogte waren van de inkomsten uit het arbeidsongeschiktheidspensioen, stelt eiseres dat de bewijsplicht om aan te tonen dat de doorgegeven informatie door het Uwv in goede orde is ontvangen niet meer bij haar ligt. Eiseres mocht er nu, acht jaren later, redelijkerwijs van uitgaan dat de informatie door het Uwv was ontvangen.

3. Eiseres voert verder aan dat het haar niet redelijkerwijs duidelijk kon zijn dat zij te veel uitkering had ontvangen. Vanaf juni 2017 ontving zij minder toeslag en daaruit mocht zij opmaken dat de doorgeven informatie over het arbeidsongeschiktheidspensioen door het Uwv was verwerkt. Op basis van de door haar ontvangen WIA-uitkering en toeslag in het jaar 2017 kon door eiseres niet worden vastgesteld dat het Uwv de betreffende informatie over het pensioen niet had ontvangen, zo stelt zij. Met deze gronden voert eiseres eigenlijk aan dat het Uwv de toeslag in strijd met artikel 12, eerste lid, van de TW en de Beleidsregels Schorsing, opschorting, intrekking en herziening uitkering 2006 (Beleidsregels) met terugwerkende kracht heeft herzien en teruggevorderd. Daarnaast doet eiseres een beroep op de aanwezigheid van dringende redenen om van terugvordering af te zien, omdat het Uwv vijf jaar lang geen actie heeft ondernomen, terwijl het wist dat eiseres een arbeidsongeschiktheidspensioen ontving. Het Uwv heeft in het bestreden besluit het eigen aandeel in de ontstane situatie ook erkend.

4. Het Uwv stelt zich op het standpunt dat het niet is gebleken dat eiseres het Uwv heeft geïnformeerd over de arbeidsongeschiktheidsuitkering van het pensioenfonds. Verder stelt het Uwv dat eiseres zelf had kunnen constateren dat zij te veel toeslag ontving. Een WIA-uitwerking wordt jaarlijks geïndexeerd. Dit houdt in dat als de WIA-uitkering wordt verhoogd, dit een verlaging van de toeslag betekent. Omdat de totale uitkering (WIA en toeslag) nagenoeg hetzelfde is gebleven, had eiseres kunnen weten dat het inkomen van het arbeidsongeschiktheidspensioen niet was meegenomen in de berekening van de uitkering WIA en toeslag. Volgens het Uwv is verder niet is gebleken van dusdanige omstandigheden dat afgezien moet worden van de terugvordering. De terugvordering is door het Uwv al gematigd tot een periode van twee jaar.

Beoordeling door de rechtbank

5. Op grond van artikel 4:125 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft het beroep mede betrekking op het invorderingsbesluit van 6 januari 2026, zodat ook dit besluit in de beoordeling wordt betrokken.

Schending inlichtingenplicht en bewijslast

6. Iemand die een WIA-uitkering en toeslag ontvangt, moet aan het Uwv alle informatie meedelen waarvan het diegene redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat die van invloed kan zijn op het recht op uitkering en toeslag, de hoogte van de uitkering en toeslag of de betaling van de uitkering en toeslag. Dit is de inlichtingenplicht.

7. Volgens vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) is een besluit waarbij een uitkering en toeslag wordt herzien en teruggevorderd een belastend besluit. Dit heeft tot gevolg dat het Uwv met feiten aannemelijk moet maken dat aan de wettelijke voorwaarden voor herziening en terugvordering is voldaan. De bewijslast rust dus eerst op verweerder. Als verweerder hieraan heeft voldaan, verschuift de bewijslast naar eiseres. Het is dan aan eiseres om met tegenbewijs de onjuistheid van de bevindingen van verweerder aannemelijk te maken. Dit tegenbewijs moet bestaan uit objectieve en verifieerbare gegevens.

8. Uit artikel 3, tweede lid, van de Beleidsregels, volgt dat indien de uitkering tot een te hoog bedrag is verstrekt als gevolg van het niet nakomen van de inlichtingenverplichting, de uitkering met terugwerkende kracht wordt ingetrokken of herzien. Uit artikel 3, derde lid, van de Beleidsregels volgt dat de uitkering ook met terugwerkende kracht wordt ingetrokken of herzien indien het voor de ontvanger van de uitkering duidelijk was of duidelijk kon zijn dat hem ten onrechte of tot een te hoog bedrag uitkering werd verstrekt.

Heeft eiseres de inlichtingenplicht geschonden?

9. De rechtbank volgt eiseres niet in haar stelling dat de bewijslast nu bij het Uwv ligt om aan te tonen dat eiseres geen melding heeft gedaan en daarmee de inlichtingenplicht niet heeft geschonden. Het is de verantwoordelijkheid van eiseres – als degene die aanspraak maakt op toeslag – om aan het Uwv tijdig mededeling te doen van de inkomsten uit het arbeidsongeschiktheidspensioen. In het besluit tot toekenning van de toeslag van 6 oktober 2016 is ook vermeld dat eiseres wijzigingen in haar situatie moet melden bij het Uwv. Dat eiseres geen administratie heeft van de volgens haar doorgegeven informatie, komt in dit geval voor haar eigen rekening. Gelet op het voorgaande volgt de rechtbank het Uwv in zijn stelling dat eiseres de inlichtingenplicht heeft geschonden. De beroepsgrond slaagt niet.

Kon eiseres redelijkerwijs duidelijk zijn dat zij te veel toeslag ontving?

10. Tijdens de zitting heeft eiseres toegelicht dat zij uit het bedrag van de toeslag zoals opgenomen in de specificaties van het arbeidsongeschiktheidspensioen afleidde dat het Uwv op de hoogte was van het arbeidsongeschiktheidspensioen. Het Uwv heeft tijdens de zitting toegelicht dat niet alleen gekeken moet worden naar het bedrag van de toeslag, maar naar het totaalbedrag van de uitkering en de toeslag.

11. De rechtbank volgt het Uwv in zijn stelling dat eiseres uit het totaalbedrag van de uitkering (WIA en toeslag) in het jaar 2017 redelijkerwijs had kunnen opmaken dat het arbeidsongeschiktheidspensioen niet door het Uwv was meegenomen, omdat het totaalbedrag nagenoeg gelijk is gebleven. Uit de door eiseres overgelegde specificaties volgt dat het totale nettobedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering van eiseres in februari 2017 een bedrag van € 924,81,- bedroeg. Vanaf juli 2017 werd dit een bedrag van

€ 928,29,-. Uit het minimale verschil had eiseres kunnen afleiden dat het Uwv niet op de hoogte was van het arbeidsongeschiktheidspensioen. De beroepsgrond slaagt niet.

Dringende reden om van terugvordering af te zien

12. De rechtbank overweegt dat het Uwv op grond van artikel 20, vijfde lid, van de TW geheel of gedeeltelijk van terugvordering kan afzien als er daarvoor dringende redenen zijn. De CRvB heeft met de uitspraak van 18 april 2024 zijn uitleg van de dringende reden verruimd, in die zin dat (ook) betekenis toekomt aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Niet alleen moet rekening worden gehouden met de gevolgen van de terugvordering, maar ook met de oorzaak daarvan. Daarbij moeten alle relevante feiten en omstandigheden worden betrokken, waaronder de vraag wat het eigen aandeel van het Uwv is in de reden voor herziening en/of terugvordering.

13. Naar het oordeel van de rechtbank heeft het Uwv geen aanleiding hoeven zien om op grond van de dringende reden geheel of gedeeltelijk van de terugvordering af te zien. Het Uwv heeft in de situatie van eiseres zowel bij de oorzaak als bij de gevolgen van de terugvordering voldoende meegewogen dat het Uwv zelf ook een aandeel heeft in het niet onderkennen dat er al geruime tijd geen recht op toeslag meer bestond. De beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

14. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. De besluiten blijven in stand. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.C.A. Kuijeren, rechter, in aanwezigheid van mr. A.A. Mulder, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op

11 september 2026.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. S.C.A. Kuijeren

Griffier

  • mr. A.A. Mulder

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand