ECLI:NL:RBMNE:2026:873

ECLI:NL:RBMNE:2026:873

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 12-02-2026
Datum publicatie 10-03-2026
Zaaknummer 11903040 UB VERZ 25-395
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Erfrecht; Verzoekschrift; De kantonrechter ontslaat de testamentair bewindvoerder niet. Hoewel de samenwerking tussen verzoekers en verweerster op dit moment niet optimaal is, er onvoldoende grond is om verweerster te ontslaan als testamentair bewindvoerder. Indien beide partijen hun best doen om de communicatie te verbeteren, zal het bewind naar verwachting een betere kans van slagen hebben en uitgevoerd kunnen worden zoals erflater dat in gedachten had.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Kantonrechter

locatie Utrecht

zaaknummer: 11903040 UB VERZ 25-395

Beschikking van 12 februari 2026

Inzake het verzoek van:

1. [verzoekster sub 1] ,

2. [verzoeker sub 2],

3. [verzoekster sub 3],

handelend als wettelijk vertegenwoordiger van de minderjarige:

[minderjarige] ,

geboren op [geboortedatum 1] 2008,

allen wonend in [plaats 1] ,

hierna: verzoekers,

tegen:

[verweerster] ,

wonend in [woonplaats] ,

hierna: verweerster,

gemachtigde: mr. A.H.J. Emmen, advocaat.

Verzoekers hebben het verzoek gedaan in hun hoedanigheid van belanghebbende in de nalatenschap van:

[erflater] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum 2] 1969, overleden in [plaats 2] op [datum overlijden] 2023, laatste woonplaats [plaats 1] , hierna: erflater.

Ook als belanghebbende wordt aangemerkt:

[belanghebbende] ,

wonend in [woonplaats] ,

hierna: de heer [belanghebbende] .

1. De procedure

De griffie heeft op 18 september 2025 het verzoek ontvangen van verzoekers om verweerster als testamentair bewindvoerder te ontslaan en een opvolgend testamentair bewindvoerder te benoemen.

Verweerster heeft een verweerschrift ingediend.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft op 20 januari 2026 plaatsgevonden. Tijdens de zitting waren verzoekers, verweerster met haar gemachtigde en de heer [belanghebbende] aanwezig.

2. De feiten

Erflater heeft voor het laatst bij testament over zijn nalatenschap beschikt op 20 april 2023. Erflater heeft zijn kinderen, [verzoekster sub 1] , [verzoeker sub 2] en [minderjarige] , als zijn enige erfgenamen achtergelaten.

In zijn testament heeft erflater verweerster tot (onder meer) testamentair bewindvoerder benoemd. De heer [belanghebbende] is benoemd tot opvolgend testamentair bewindvoerder.

3. Het verzoek

Verzoekers verzoeken om ontslag van verweerster als testamentair bewindvoerder en de benoeming van een opvolgend testamentair bewindvoerder.

Als onderbouwing voeren verzoekers - kort gezegd - aan dat de verhouding tussen verzoekers en verweerster ernstig is verstoord. Verweerster zet verzoekers emotioneel onder druk en zij verwijt hen dat zij hun vader niet respecteren en liefhebben, omdat zij niet doen wat zij wil. Verweerster zet verzoekers ook financieel onder druk. Zij moeten de aanslagen inkomstenbelasting uit hun eigen vermogen, dus van hun zakgeld, voldoen.

4. Het verweer

Verweerster vraagt de verzoeken af te wijzen.

Voor zover het verzoek erop gericht zou zijn het testamentair bewind te beëindigen, geldt dat het afgewezen moet worden. Het bewind is door erflater ingesteld met de duidelijke bedoeling de erfgenamen te begeleiden en niet is gesteld of gebleken dat deze bedoeling niet redelijk of niet meer actueel zou zijn.

Voor zover het verzoek zich alleen richt op de persoon van de bewindvoerder kan het evenmin worden toegewezen. Verweerster wijst er in dat verband op dat er geen sprake is van gewichtige redenen die het ontslag rechtvaardigen. De verhoudingen tussen partijen zijn niet dusdanig verstoord dat er niet meer kan worden samengewerkt. Verweerster staat ook open voor overleg. Het enkele feit dat zij, als bewindvoerder, soms niet (direct) ingaat op een verzoek van een rechthebbende levert geen gewichtige reden op voor ontslag. Het is juist de taak van de bewindvoerder om in het belang van de rechthebbenden een eigen beleid vast te stellen.

5. De overwegingen van de kantonrechter

Tijdens de zitting is door verzoekers toegelicht dat er geen verzoek is gedaan om het testamentaire bewind geheel op te heffen. Op de opheffing van het testamentaire bewind zal de kantonrechter verder daarom niet in gaan.

De kantonrechter zal de verzoeken om verweerster te ontslaan als testamentair bewindvoerder en om een opvolgend testamentair bewindvoerder te benoemen afwijzen. De kantonrechter heeft daarvoor de volgende redenen.

Erflater heeft op 20 april 2023 zijn laatste testament gemaakt. Dit was circa zes maanden voor zijn overlijden, toen hij al ernstig ziek was. Erflater heeft in zijn testament expliciet opgenomen dat hij zijn zus, verweerster, als testamentair bewindvoerder aanwijst voor zijn kinderen, verzoekers, tot hun achtentwintigste jaar. Het bewind heeft, blijkens het testament, de strekking dat verweerster verzoekers begeleidt bij het op verantwoorde wijze omgaan met het onder bewind gestelde vermogen en de inkomsten daaruit. De kantonrechter stelt voorop dat aan deze wens van erflater niet te gemakkelijk voorbij kan worden gegaan.

Een testamentair bewindvoerder kan worden ontslagen als daar gewichtige redenen voor zijn. Dit staat in artikel 4:164 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Er is volgens vaste rechtspraak sprake van gewichtige redenen voor ontslag als de testamentair bewindvoerder in ernstige mate tekortschiet in de nakoming van zijn verplichtingen of ongeschikt is geworden om het bewind te voeren. Daarvan is naar het oordeel van de kantonrechter geen sprake in dit geval. Verweerster heeft haar taken als testamentair bewindvoerder (en executeur) voortvarend opgepakt en, zo blijkt uit de stukken bij het verweerschrift, ook inzicht gegeven aan verzoekers in haar werkzaamheden. Dat verweerster haar taken inhoudelijk niet goed zou hebben uitgevoerd is niet gebleken en als zodanig ook niet door verzoekers aangevoerd.

Verzoekers hebben wel aangevoerd dat er sprake is van verstoorde verhoudingen, die maken dat het bewind niet goed (meer) werkt. De kantonrechter overweegt dat ook verstoorde verhoudingen en wantrouwen een gewichtige reden kunnen zijn voor ontslag van een testamentair bewindvoerder, als dit is gebaseerd op concrete en objectieve feiten. Enkel subjectieve belevenissen zijn dus niet genoeg.

Het is gebleken - uit de stukken en tijdens de zitting - dat er spanningen zijn tussen verzoekers en verweerster over de uitvoering van verweersters taak als testamentair bewindvoerder. De vraag die de kantonrechter moet beantwoorden is of die spanningen zodanig zijn dat sprake is van een (blijvende) ernstig verstoorde verhouding die het ontslag van verweerster rechtvaardigt. Naar het oordeel van de kantonrechter is dat niet het geval.

De door verzoekers genoemde voorbeelden, bijvoorbeeld met betrekking tot het zelf moeten betalen van de inkomstenbelasting, zijn door verweerster nader geduid en (deels) weersproken. Verweerster heeft bovendien tijdens de zitting benadrukt dat zij open staat voor overleg met verzoekers, óók over bijvoorbeeld het betalen van de inkomstenbelasting. Verweerster heeft verder terecht opgemerkt dat hoewel zaken bespreekbaar zijn met haar, dat niet betekent dat zij elk verzoek zonder meer zal inwilligen. De kantonrechter merkt op dat dat ook niet haar taak is als bewindvoerder, waarbij zij moet waken over de (financiële) belangen van verzoekers. Wél dient verweerster open te staan voor verzoeken en opmerking van verzoekers. Verzoekers hebben tijdens de zitting aangegeven dat zij door verweerster gehoord willen worden en niet als kleine kinderen behandeld willen worden. Zij willen hun redenen kunnen toelichten waarom zij bepaalde uitgaven nodig vinden en zij verwachten dat verweerster duidelijk uitlegt waarom zij hier wel of niet mee akkoord gaat. De kantonrechter heeft begrip voor dat standpunt en verzoekt verweerster dringend hiermee rekening te houden en haar communicatiestijl hierop aan te passen. Verzoekers zijn geen kleine kinderen en zij dienen serieus genomen te worden. Als testamentair bewindvoerder dient verweerster zorgvuldig naar verzoekers te luisteren en daarna een weloverwogen beslissing te nemen.

De kantonrechter concludeert dat hoewel de samenwerking tussen verzoekers en verweerster op dit moment niet optimaal is, er onvoldoende grond is om verweerster te ontslaan als testamentair bewindvoerder. Indien beide partijen hun best doen om de communicatie te verbeteren, zal het bewind naar verwachting een betere kans van slagen hebben en uitgevoerd kunnen worden zoals erflater dat in gedachten had.

6. De beslissing

De kantonrechter:

- wijst de verzoeken om verweerster te ontslaan als testamentair bewindvoerder en een opvolgend testamentair bewindvoerder te benoemen af.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. M.C. Verra

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl VEAN-ERF-Updates.nl 2026-0154
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand