ECLI:NL:RBNHO:2025:13941

ECLI:NL:RBNHO:2025:13941, Rechtbank Noord-Holland, 29-10-2025, 11637857

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 29-10-2025
Datum publicatie 30-12-2025
Zaaknummer 11637857
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Alkmaar

Samenvatting

De vraag die voorligt, is of de huurovereenkomst tussen partijen moet worden beëindigd op grond van dringend eigen gebruik door de verhuurders. De kantonrechter oordeelt dat de verhuurders onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat zij de woning dringend nodig hebben voor eigen gebruik. De vordering wordt daarom afgewezen. Omdat de vordering wordt afgewezen, moet de kantonrechter beslissen of de huurovereenkomst voor onbepaalde tijd of voor een door hem vast te stellen bepaalde tijd wordt verlengd. De kantonrechter ziet in de gegeven omstandigheden aanleiding de overeenkomst voor bepaalde tijd te verlengen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Alkmaar

Zaaknummer: 11637857 \ CV EXPL 25-1296 (NE)

Vonnis van 29 oktober 2025

in de zaak van

1. [eiser 1] ,

te [plaats 1] , [land] ,2. [eiser 2],

te [plaats 1] , [land] ,

eisende partijen,

hierna samen te noemen: [eisers] ,

gemachtigde: Dennis Guldemond Juridisch Adviesbureau,

tegen

[gedaagde] ,

te [plaats 2] ,

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde] ,

gemachtigde: mr. R. Kiewitt.

De zaak in het kort

De vraag die voorligt, is of de huurovereenkomst tussen partijen moet worden beëindigd op grond van dringend eigen gebruik door de verhuurders. De kantonrechter oordeelt dat de verhuurders onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat zij de woning dringend nodig hebben voor eigen gebruik. De vordering wordt daarom afgewezen. Omdat de vordering wordt afgewezen, moet de kantonrechter beslissen of de huurovereenkomst voor onbepaalde tijd of voor een door hem vast te stellen bepaalde tijd wordt verlengd. De kantonrechter ziet in de gegeven omstandigheden aanleiding de overeenkomst voor bepaalde tijd te verlengen.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 27 maart 2025

- de conclusie van antwoord

- het tussenvonnis van 18 juni 2025

- de e-mail van 19 september 2025 met nadere stukken van [eisers]

- de brieven van 19 en 22 september 2025 met nadere stukken van [gedaagde]

- de mondelinge behandeling van 2 oktober 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

[eisers] zijn eigenaar van de woning aan het [adres] in [plaats 2] (hierna te noemen: de woning). [eisers] woonden tot 2019 zelf in de woning. Vanaf 2019 hebben zij de woning vanwege een verblijf en het voeren van een huisartspraktijk op het platteland in [land] verhuurd.

Tussen [eisers] als verhuurders en [gedaagde] als huurder is met ingang van 17 mei 2022 een huurovereenkomst gesloten met betrekking tot de woning. De huurovereenkomst is aangegaan voor twee jaar en is daarna voor onbepaalde tijd verlengd. De huurprijs bedroeg bij aanvang van de huur € 1.250,00 per maand.

Per deurwaardersexploot van 8 januari 2025, gericht aan [gedaagde] , hebben [eisers] de huurovereenkomst opgezegd tegen 1 april 2025 met als reden dat zij de woning dringend nodig hebben voor eigen gebruik.

[gedaagde] is niet akkoord gegaan met de beëindiging van de huur, maar laat weten dat hij zijn best zal doen om andere woonruimte te vinden. [eisers] hebben daarvoor uitstel gegeven, maar dat heeft niet geleid tot een oplossing tussen partijen.

3. Het geschil

[eisers] vorderen - samengevat - ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning.

[eisers] leggen aan de vordering ten grondslag dat zij de woning dringend nodig hebben voor eigen gebruik. [eiser 1] is met pensioen. [eisers] voelen zich geïsoleerd op het platteland van [land] , krijgen meer last van kwaaltjes en willen bij hun kinderen, kleinkinderen en vrienden zijn. Ook willen zij dichtbij hun jongste dochter zijn die ziek is, om haar te helpen. Ten slotte hebben [eisers] een pensioenbreuk en worden zij gekort op hun AOW en is de woning vrij van hypotheek. [eisers] hebben geen alternatieve woonruimte in Nederland, terwijl in de [gemeente] meerdere huurwoningen voor [gedaagde] beschikbaar zijn.

[gedaagde] voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eisers] , met veroordeling van [eisers] in de kosten van deze procedure.

[gedaagde] betwist de dringende reden voor eigen gebruik van de woning door [eisers] en de beschikbaarheid van vervangende woonruimte. In het kader van de belangenafweging wijst [gedaagde] op de persoonlijke omstandigheden van hem en zijn gezin.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4. De beoordeling

Ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming

[eisers] vorderen ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning, omdat zij het gehuurde dringend nodig hebben voor eigen gebruik. De kantonrechter begrijpt dat [eisers] hebben bedoeld te vorderen dat het tijdstip zal worden vastgesteld waarop de huurovereenkomst zal eindigen. [gedaagde] heeft de vordering ook zo begrepen. Daarom zal de kantonrechter de vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning lezen als een vordering tot vaststelling van het tijdstip waarop de huurovereenkomst zal eindigen. [gedaagde] wordt daardoor niet in zijn belangen geschaad.

Toetsingskader

Op grond van de wet duurt een door de verhuurder opgezegde huurovereenkomst ter zake van woonruimte na de dag waartegen is opgezegd van rechtswege voort, indien de huurder niet binnen zes weken na die opzegging met die opzegging instemt. Om toch een beëindiging van de huurovereenkomst te bewerkstelligen zal de verhuurder zich dan tot de rechter moeten wenden met het verzoek het tijdstip vast te stellen waarop de huurovereenkomst zal eindigen.

De kantonrechter kan de vordering van [eisers] alleen toewijzen als aannemelijk wordt gemaakt dat zij de huurwoning dringend nodig hebben voor eigen gebruik en dat, na afweging van de belangen van beide partijen, niet van hen kan worden gevergd dat de huurovereenkomst wordt verlengd, en ook blijkt dat [gedaagde] andere passende woonruimte kan verkrijgen.

Volgens vaste rechtspraak moet eerst de vraag worden beantwoord of [eisers] aannemelijk hebben gemaakt dat zij de woning dringend nodig hebben voor eigen gebruik. Als zij daarin slagen, moet vervolgens worden beoordeeld of [gedaagde] andere passende woonruimte kan verkrijgen en tot slot moet een belangenafweging worden gemaakt.

Dringend eigen gebruik

[eisers] stellen dat zij de woning dringend nodig hebben voor eigen gebruik en leggen daaraan verschillende redenen ten grondslag. [eisers] stellen dat zij met hun gezondheid kwakkelen en dat de gezondheidszorg in [land] minder goed is geregeld dan in Nederland. Het voorhanden willen hebben van goede gezondheidszorg is zeker begrijpelijk, maar niet is gebleken dat er op dit moment sprake is van een dringende noodzaak om in Nederland te verblijven om medische redenen.

Ook hebben [eisers] aangevoerd dat zij zich geïsoleerd voelen op het platteland in [land] en graag in [plaats 2] willen wonen zodat zij bij hun kinderen, kleinkinderen en vrienden zijn en om hun dochter te helpen. Dit is voorstelbaar, maar ook dit belang is niet zodanig geconcretiseerd dat dit leidt tot de conclusie dat [eisers] de woning dringend nodig hebben.

Ten slotte stellen [eiser 1] dat zij worden gekort op hun AOW en een pensioenbreuk hebben en de woning vrij van hypotheek is. Dit levert op zichzelf, zonder nadere toelichting die niet is gegeven, geen dringend eigen gebruik op. Dat geldt ook voor hun stelling dat zij een woning hebben en door de huurbescherming van [gedaagde] genoodzaakt zijn (in hetzelfde dorp) een huis te huren. Dat geldt voor elke verhuurder.

De conclusie is dat [eisers] onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat zij de woning dringend nodig hebben voor eigen gebruik. Dit leidt tot afwijzing van hun vordering. Daarmee wordt niet toegekomen aan een belangenafweging of beoordeling van de vraag naar de beschikbaarheid van passende vervangende woonruimte.

Verlenging van de huurovereenkomst

Omdat de vordering wordt afgewezen, wordt de huurovereenkomst van rechtswege verlengd en moet de kantonrechter beslissen of dat voor onbepaalde tijd of voor een door hem vast te stellen bepaalde tijd is. Een verlenging voor onbepaalde tijd leidt ertoe dat [eisers] de huurovereenkomst niet eerder opnieuw kan opzeggen dan drie jaren nadat deze beslissing onherroepelijk is geworden. Indien de rechter de overeenkomst voor bepaalde tijd verlengt, kunnen [eisers] de huurovereenkomst niet eerder opzeggen dan drie maanden voor het einde van de tijd waarvoor is verlengd.

De kantonrechter vindt dat verlenging van de huurovereenkomst voor onbepaalde tijd geen recht doet aan de belangen van partijen over en weer. [eisers] hebben verklaard dat het altijd de bedoeling was terug te keren naar Nederland en de huurovereenkomst als gevolg van een vergissing is verlengd naar onbepaalde tijd. Dit sluit aan bij de verklaring van [gedaagde] dat zijn buren bij aanvang van de huurovereenkomst tegen hem hebben gezegd dat [eisers] willen terugkeren naar hun woning. [gedaagde] heeft de wens uitgesproken dat [eisers] kunnen terugkeren naar hun woning, maar kan daar geen tijd aan koppelen. Rekening houdend met deze omstandigheden zal de huurovereenkomst worden verlengd tot 1 januari 2027.

Proceskosten

[eisers] zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:

- salaris gemachtigde

408,00

(2 punten × € 204,00)

- nakosten

41,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

449,00

5. De beslissing

De kantonrechter

wijst de vorderingen van [eisers] af,

bepaalt dat de huurovereenkomst wordt verlengd tot 1 januari 2027,

veroordeelt [eisers] in de proceskosten van € 449,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eisers] niet tijdig aan de veroordelingen voldoen en het vonnis daarna wordt betekend.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.S. Reid en in het openbaar uitgesproken op 29 oktober 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?