RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 11334860 \ WM VERZ 24-1480
CJIB-nummer : ['nummer']
Uitspraakdatum : 12 maart 2025
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) en proces-verbaal van de zitting
in de zaak van
naam : [betrokkene]
adres : [betrokkene]
woonplaats : [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene)
Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 26 februari 2025. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft na de zitting uitspraak gedaan.
Overwegingen
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft aangevoerd dat hij per ongeluk naar links reed, maar dat hij meteen na het verbodsbord is omgekeerd in de juiste richting. Betrokkene is dus niet de straat met het verbodsbord ingereden. Betrokkene heeft nauwelijks ooit een boete ontvangen. Tegenover de uitgang van de parkeergarage zou een blauw bord met een pijl naar rechts moeten staan. Het in de beschikking genoemde adres kan niet kloppen; Heul 17 ligt even verderop in een voor auto’s ontoegankelijke steeg.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft op de zitting meegedeeld de beslissing en het standpunt te handhaven en heeft de kantonrechter verzocht om het beroep ongegrond te verklaren. Dat betrokkene is omgekeerd is geen reden om de boete te matigen. Een blauw bord naar rechts biedt geen oplossing omdat voertuigen met een ontheffing de geslotenverklaring mogen passeren.
Betrokkene erkent de gedraging te hebben verricht, maar stelt het verbodsbord niet te hebben gezien en meteen te zijn omgedraaid na het passeren van het bord. De kantonrechter is van oordeel dat betrokkene zich had moeten vergewissen of er een bord stond en dat de omstandigheid dat betrokkene dit heeft nagelaten, voor rekening en risico van betrokkene komt.
Het verweer dat betrokkene meteen na de gedraging is omgekeerd treft geen doel, nu dit niet afdoet aan het verboden karakter van de gedraging. Ook het aantal verkeersboetes dat betrokkene in het verleden heeft ontvangen is niet van belang voor de beoordeling van de opgelegde boete. Uit het aanvullend proces-verbaal van 4 oktober 2023 blijkt dat de tekst ‘Heul Heul 17’ per ongeluk in de registraties is verwerkt. De verbalisant geeft aan dat dit niet klopt en dat de exacte pleeglocatie de Heul, te Alkmaar is.
De boete is terecht opgelegd. De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
De uitspraak
De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: