ECLI:NL:RBNHO:2025:14572

ECLI:NL:RBNHO:2025:14572, Rechtbank Noord-Holland, 28-11-2025, C/15/371850 / JU RK 25-1626

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 28-11-2025
Datum publicatie 31-12-2025
Zaaknummer C/15/371850 / JU RK 25-1626
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Haarlem

Samenvatting

Beschikking van de kinderrechter over een voorlopige ondertoezichtstelling en een (spoed)machtiging tot uithuisplaatsing. Sprake van een zeer onveilige thuissituatie vanwege de ex-partner van de moeder. Er moet onderzocht worden waar [de minderjarige] kan verblijven totdat de thuissituatie bij de moeder weer veilig is.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Haarlem

Zaaknummer: C/15/371850 / JU RK 25-1626

Datum uitspraak: 28 november 2025

Beschikking van de kinderrechter over een voorlopige ondertoezichtstelling en een machtiging tot uithuisplaatsing

in de zaak van

de Raad voor de Kinderbescherming,

hierna te noemen: de Raad,

gevestigd te Haarlem,

over

[de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] in [plaats] ,

hierna te noemen: [de minderjarige] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[de moeder] ,

hierna te noemen: de moeder,

wonende in [plaats] ,

advocaat: mr. P.J. van de Pol, kantoorhoudende te Haarlem.

De kinderrechter merkt als informant aan:

de gecertificeerde instelling Stichting De Jeugd- & Gezinsbeschermers,

hierna te noemen: de GI.

1. Het verdere verloop van de procedure

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- de beschikking van 18 november 2025;

het verzoekschrift van 19 november 2025 met bijlagen, ontvangen op dezelfde datum;

de aanvullende informatie van de Raad van 27 november 2025, ontvangen op dezelfde datum.

Op 28 november 2025 heeft de kinderrechter de zitting met gesloten deuren voortgezet. Daarbij waren aanwezig:

- de moeder met haar advocaat;

- de Raad, vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger van de raad] ;

- de GI, vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger van de GI] .

De kinderrechter heeft [de minderjarige] naar zijn mening gevraagd. [de minderjarige] heeft hierover een gesprek gevoerd met de kinderrechter. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter samengevat wat [de minderjarige] heeft verteld.

2. De feiten

De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige] .

[de minderjarige] verblijft op de groep [groep] van [een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder] .

De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 18 november 2025 [de minderjarige] voorlopig onder toezicht gesteld tot 18 februari 2025 en een spoedmachtiging verleend om [de minderjarige] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 16 december 2025. Het verzoek tot de machtiging tot uithuisplaatsing is voor het overige aangehouden tot deze zitting.

3. Het verzoek

De Raad handhaaft het verzoek om een machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder te verlenen voor de duur van de voorlopige ondertoezichtstelling en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

De Raad heeft ter onderbouwing het volgende naar voren gebracht. In de thuissituatie van [de minderjarige] bij de moeder heerst al jarenlang spanning en onrust in verband met ernstig huiselijk geweld door de ex-partner van de moeder. De moeder laat haar ex-partner, ondanks duidelijke veiligheidsafspraken, geregeld binnen, wat uitmondt in forse escalaties met verbaal en fysiek geweld. [de minderjarige] is hiervan geregeld getuige geweest. De ruzies tussen de moeder en haar ex-partner zijn verstorend voor de buurt waardoor ook spanning heerst tussen de moeder en de buren. De huidige situatie is acuut onveilig voor [de minderjarige] . De veiligheidsafspraken worden niet nageleefd, forse escalaties blijven zich voordoen en er is geen stabiele opvangmogelijkheid (meer) bij familie.

4. De standpunten

De GI heeft aangegeven contact te leggen met de hulpverlening van de moeder.

De moeder en de advocaat hebben zich niet verzet tegen het verzoek. De moeder wil het liefst dat [de minderjarige] weer thuis komt, maar weet dat het nu niet veilig is. Het klopt echter niet dat er al jarenlang problemen zijn en ook niet dat de moeder haar ex-partner binnenlaat, zoals de Raad stelt. De problemen die er nu zijn, zijn gerelateerd aan de ex-partner, daarvoor kon de moeder het redden met [de minderjarige] . De moeder heeft al meerdere keren aangifte gedaan tegen haar ex-partner, maar wordt daarin niet serieus genomen door de politie. Sinds de relatie met de ex-partner is de moeder geïsoleerd geraakt en zij weet dat zij nu zelf hulp nodig heeft. De moeder ontving hulpverlening van een IPA-coach en een gezinstherapeut, maar heeft sinds het incident geen contact meer met hen.

5. De mening van [de minderjarige]

heeft verteld dat het goed gaat bij [groep] . Hij zou wel wat meer schermtijd willen. In zijn vrije tijd gaat hij nu naar buiten met een vriend op de groep. [de minderjarige] gaat vanaf de groep naar school toe en dat gaat goed. Het liefst gaat hij terug naar de moeder, of anders naar de vader. Als de ex-partner van de moeder naar de gevangenis moet of een straatverbod krijgt, zijn de problemen volgens [de minderjarige] opgelost.

6. De beoordeling

De voorlopige ondertoezichtstelling en spoedmachtiging tot uithuisplaatsing

In wat er op de zitting naar voren is gekomen, ziet de kinderrechter geen aanleiding om het in de beschikking van 18 november 2025 geformuleerde oordeel over de voorlopige ondertoezichtstelling en de spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] te wijzigen. De kinderrechter zal die beslissing daarom handhaven.

De machtiging tot uithuisplaatsing

Daarnaast is de kinderrechter van oordeel dat het noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding dat [de minderjarige] uit huis wordt geplaatst. De kinderrechter legt hierna uit waarom.

Bij de moeder is sprake van een zeer onveilige thuissituatie vanwege hoogoplopende conflicten tussen de moeder en haar ex-partner, en tussen de ex-partner en buurtbewoners. Er hebben meerdere incidenten plaatsgevonden waarbij de politie moest ingrijpen en waarbij ook [de minderjarige] aanwezig was. Ook zijn er wapens (onder andere een luchtdrukpistool en een taser) bij de ex-partner aangetroffen en in beslag genomen. Nadat op 9 november 2025 twee zeer heftige escalaties hebben plaatsgevonden, waarbij bij één incident door de ex-partner vuurwerk naar [de minderjarige] en de moeder is gegooid, is [de minderjarige] voor enkele nachten naar de grootvader moederszijde gegaan. Door toenemende druk en dreigementen vanuit de moeder richting de grootvader vaderszijde was deze plaatsing niet langer mogelijk en is [de minderjarige] middels een spoedmachtiging uit huis geplaatst op de groep [groep] van [een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder] .

Het is de kinderrechter duidelijk dat [de minderjarige] op dit moment niet terug kan naar de moeder, omdat de thuissituatie nog niet veilig is. Het lukt de moeder niet om haar ex-partner buiten de deur te houden. Het risico dat hij binnenkort voor de deur staat en dat wederom incidenten plaatsvinden is zeer groot. Ook de moeder zelf heeft aangegeven dat het voor [de minderjarige] op dit moment beter is om ergens anders te wonen, ondanks dat zij hem het liefst thuis heeft. Omdat op dit moment binnen het netwerk geen passende plek beschikbaar is voor [de minderjarige] , is het nodig dat de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] langer voortduurt. De komende periode is van belang dat onderzocht wordt waar [de minderjarige] kan verblijven totdat de thuissituatie bij de moeder weer veilig is. Daarnaast moet de hulpverlening die eerder bij de moeder betrokken was, weer opgestart worden.

Gelet op het voorgaande verleent de kinderrechter de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] voor de duur van de voorlopige ondertoezichtstelling, te weten tot 18 februari 2026.

De kinderrechter verklaart de beslissing om de machtiging tot uithuisplaatsing af te geven uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

7. De beslissing

De kinderrechter:

verleent een machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder met ingang van 16 december 2025 tot 18 februari 2026;

verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. C.E. Voskens, kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken op 28 november 2025, in aanwezigheid van mr. E.E. ten Kate als griffier, en vastgesteld en ondertekend op 11 december 2025.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking over de machtiging tot uithuisplaatsing is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Amsterdam. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. E.E. ten Kate als

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?