ECLI:NL:RBNHO:2025:15135

ECLI:NL:RBNHO:2025:15135, Rechtbank Noord-Holland, 19-03-2025, 11444773 \ CV EXPL 24-4171

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 19-03-2025
Datum publicatie 08-01-2026
Zaaknummer 11444773 \ CV EXPL 24-4171
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Alkmaar

Samenvatting

ambtshalve toetsing consumentenrecht

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknr./rolnr.: 11444773 \ CV EXPL 24-4171

Uitspraakdatum: 19 maart 2025

Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de besloten venoootschap CKH Advocaten B.V.

te Alkmaar

de eisende partij

gemachtigde: mr. D. Molenkamp

tegen

[gedaagde]

te [plaats]

de gedaagde partij

niet verschenen

1. De procedure

De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.

2. De beoordeling

De eisende partij vordert veroordeling van de gedaagde partij tot betaling van € 2.988,00, te vermeerderen met de buitengerechtelijke incassokosten, de wettelijke rente en de proces- en nakosten.

Ambtshalve toetsing van de (pre)contractuele informatieplichten

De kantonrechter dient vervolgens te beoordelen of bij het sluiten van de overeenkomst is voldaan aan de (pre)contractuele informatieverplichtingen. Uit de dagvaarding maakt de kantonrechter op dat de vordering is gebaseerd op een overeenkomst tussen een handelaar en een consument, anders dan een overeenkomst op afstand of buiten de verkoopruimte gesloten. Bij het sluiten van dergelijke overeenkomsten moet de handelaar voldoen aan de wettelijke precontractuele informatieplichten van artikel 6:230l van het Burgerlijk Wetboek (BW). Dat aan deze plichten is voldaan, moet gemotiveerd worden gesteld en onderbouwd. De kantonrechter moet er ambtshalve op toezien dat die voorschriften worden nageleefd, dus ook als er geen verweer is gevoerd.

De eisende partij heeft naar het oordeel van de kantonrechter niet voldoende gesteld en onderbouwd dat zij heeft voldaan aan de op haar rustende (pre)contractuele informatieplichten. De eisende partij heeft namelijk nagelaten concreet aan te geven welke informatie waar en wanneer aan de gedaagde partij is verstrekt en waaruit dat blijkt, terwijl het op de weg van de eisende partij had gelegen om expliciet en op een duidelijke manier aan te geven op producties waar welke informatie van artikel 6:230l lid 1 BW en artikel 6:230v BW te vinden is (bijvoorbeeld door de relevante informatie in de betreffende producties te arceren, maar tenminste door aan te geven op welke bladzijde van de productie de betreffende informatie te vinden is). Het is niet aan de kantonrechter om eigenhandig op zoek te gaan naar informatie in het dossier.

Bij wijze van uitzondering heeft de kantonrechter in dit geval wel zelf in de stukken gecontroleerd of de eisende partij bij het sluiten van de overeenkomst aan de wettelijk voorgeschreven (pre)contractuele informatieverplichtingen heeft voldaan, hetgeen naar het oordeel van de kantonrechter het geval is. De kantonrechter wijst de eisende partij er wel op dat de eisende partij in eventuele vervolgzaken zelf duidelijk in de dagvaarding aan moet geven dat en op welke wijze is voldaan aan de (pre)contractuele informatieverplichtingen.

Ambtshalve toetsing van de algemene voorwaarden

De kantonrechter is, gelet op het Dexia-arrest, ook gehouden om onderzoek te doen naar (mogelijk) oneerlijke bedingen in de toepasselijke algemene voorwaarden. Volgens Richtlijn 93/13/EEG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten is een beding oneerlijk wanneer dit het evenwicht tussen de wederzijdse rechten en verplichtingen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoort. De kantonrechter moet in iedere procedure over ieder onderdeel van de vordering beoordelen of daarover in de algemene voorwaarden afspraken zijn gemaakt en of die afspraken al dan niet oneerlijk zijn ten opzichte van de consument. Als de kantonrechter oordeelt dat een contractuele afspraak oneerlijk is, moet het beding worden vernietigd en moet de vordering op dat onderdeel worden afgewezen (ook als de eisende partij in de procedure een beroep doet op wettelijke bepalingen in plaats van op die contractuele afspraak).

Uit de overgelegde stukken blijkt dat op de overeenkomst(en) de volgende algemene voorwaarden van de eisende partij van toepassing zijn verklaard: Algemene Voorwaarden CKH Advocaten B.V. (hierna: de algemene voorwaarden).

Het beding uit de algemene voorwaarden die verband houdt met de vordering, te weten artikel 4, is door de kantonrechter getoetst en niet oneerlijk bevonden.

Wat is toewijsbaar?

De gevorderde hoofdsom, bestaande uit viermaal de door de Raad voor de Rechtsbijstand vaststelde eigen bijdrage, wordt toegewezen, omdat deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt. Omdat de gedaagde partij in verzuim is met betaling van de hoofdsom is de gevorderde wettelijke rente eveneens toewijsbaar.

De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen, omdat het toepasselijke wettelijke tarief niet in de aanmaning is vermeld, zoals vereist volgens artikel 6:96 lid 6 BW.

De gedaagde partij wordt (overwegend) in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. Daarbij wordt de gedaagde partij ook veroordeeld tot betaling van € 116,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt. De gevorderde rente over de proceskosten zal worden toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis

3. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 2.988,00, te vermeerderen met de wettelijke rente;

vanaf 21 december 2022 over de facturen 20224072, 20224073 en 20224074, en

vanaf 26 februari 2023 over factuur 20230522

tot aan de dag van de gehele betaling;

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:

dagvaarding € 113,54

griffierecht € 514,00

salaris gemachtigde € 238,00

vermeerderd met de wettelijke rente over de proceskosten vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van € 116,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt;

verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. Woerdman en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. M. Woerdman

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?