RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknr./rolnr.: 11739878 \ CV EXPL 25-2184
Uitspraakdatum: 24 december 2025
Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:
Stichting Noordwest Ziekenhuisgroep
te Alkmaar
de eisende partij
gemachtigde: [gemachtigde]
tegen
[gedaagde]
te [plaats]
de gedaagde partij
niet verschenen
1. De verdere procedure
Bij tussenvonnis is de eisende partij in de gelegenheid gesteld om de toepasselijke algemene voorwaarden te overleggen. Daartoe heeft de eisende partij een akte genomen.
2. De verdere beoordeling
Het prijsbeding
In de akte heeft de eisende partij de toepasselijke algemene voorwaarden overgelegd. In de toepasselijke algemene voorwaarden staat dat de kosten van de behandeling(en) door de eisende partij worden berekend overeenkomstig de geldende tarievenlijst, zoals deze door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) is vastgesteld en gepubliceerd.
De kantonrechter oordeelt dat dit prijsbeding niet transparant is, omdat daarin een vindplaats naar de toepasselijke tarievenlijst van de NZa ontbreekt. Bovendien is het maar de vraag of de patiënt in staat is om op basis van deze tarievenlijst de prijs voor de behandeling vast te stellen. Echter, omdat de eisende partij de behandelingskosten berekent aan de hand van de door de NZa vastgestelde tarieven is naar het oordeel van de kantonrechter per definitie geen sprake van een oneerlijk beding. Het prijsbeding wordt dus in stand gelaten.
De algemene voorwaarden
De kantonrechter is ook gehouden om ambtshalve onderzoek te doen naar (mogelijk) oneerlijke bedingen in de toepasselijke algemene voorwaarden.
Op de overeenkomst(en) zijn de ‘Algemene voorwaarden van Stichting Noordwest Ziekenhuisgroep en de daaraan verbonden medisch specialisten’ van 2 mei 2023 van toepassing verklaard: (hierna: de algemene voorwaarden).
Het beding uit de algemene voorwaarden dat verband houdt met de vordering, te weten artikel 4.1, is door de kantonrechter getoetst en niet oneerlijk bevonden.
Wat is toewijsbaar?
De vordering wordt toegewezen, omdat deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
Conclusie en proceskosten
De vordering wordt toegewezen.
De gedaagde partij wordt in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten voor de genomen akte blijven echter voor rekening van de eisende partij, omdat het aan haarzelf te wijten is dat het nodig was deze akte op te stellen. Daarbij wordt de gedaagde partij ook veroordeeld tot betaling van € 41,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt.
3. De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 500,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 28 mei 2025 tot aan de dag van de gehele betaling;
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:
dagvaarding € 145,88;
griffierecht € 135,00;
salaris gemachtigde € 82,00;
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van € 41,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt;
verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter