RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 10847581 \ CV EXPL 23-8266
Uitspraakdatum: 15 oktober 2025
Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:
de vennootschap naar het recht harer vestiging
AirHelp Germany GmbH
gevestigd te Berlijn (Duitsland)
eiseres
hierna te noemen: AirHelp
gemachtigde: mr. D.E. Lof (Lof Legal Services)
tegen
de buitenlandse vennootschap
British Airways Plc
gevestigd te Harmondsworth (Verenigd Koninkrijk)
gedaagde
hierna te noemen: de vervoerder
gemachtigde: mr. J.J.O. Zandt (Ploum Rotterdam Law Firm)
De zaak in het kort
AirHelp heeft van de vervoerder compensatie gevraagd voor een meer dan drie uur vertraagde vlucht. De vervoerder heeft geen verweer gevoerd tegen de door AirHelp gevorderde hoofdsom. De vordering van AirHelp wordt daarom toegewezen.
De kantonrechter ziet echter aanleiding om de proceskosten te compenseren.
1. Het procesverloop
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding:
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De feiten
[betrokkene] (hierna: de passagier) heeft een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hem op 24 maart 2023 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport, via Heathrow Airport, Londen (Verenigd Koninkrijk), naar Chhatrapati Shivaji International Airport, Mumbai (India), met vluchtcombinatie BA447 en BA1199.
De vervoerder had vlucht BA447 van Amsterdam naar Londen (hierna: de vlucht) vertraagd uitgevoerd. Hierdoor heeft de passagier zijn overstap gemist en is hij met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming.
De passagier heeft zijn eventuele vorderingsrecht overgedragen aan AirHelp.
AirHelp heeft daarom compensatie van de vervoerder gevorderd.
De vervoerder heeft niet uitbetaald.
3. Het geschil
AirHelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 600,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de datum van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente.
AirHelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). AirHelp stelt dat de vervoerder haar vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 300,00 per passagier (artikel 7 van de Verordening).
De vervoerder betwist dit. Op zijn verweer wordt, voor zover relevant, ingegaan bij de beoordeling.
4. De beoordeling
De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat zij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.
De vervoerder heeft erkend de door AirHelp gevorderde hoofdsom verschuldigd te zijn, zodat dit vaststaat. De door AirHelp gevorderde hoofdsom zal daarom worden toegewezen.
De vervoerder voert verweer tegen de proceskosten, omdat sprake is van rauwelijks dagvaarden. In beginsel wordt de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten. Dit kan anders zijn als vast komt te staan dat deze kosten nodeloos zijn aangewend of veroorzaakt.
Airhelp heeft gesteld dat zij op 20 april 2023 een ‘letter before action’ aan de vervoerder heeft gestuurd, zodat van rauwelijks dagvaarden naar haar inzicht geen sprake is. De vervoerder heeft aangevoerd dat hij deze ‘letter before action’ niet heeft ontvangen. AirHelp heeft nagelaten om deze bij de dagvaarding of conclusie van repliek over te leggen. Daarom is niet vast komen te staan dat de vervoerder deze voorafgaand aan de dagvaarding heeft ontvangen, zodat hij kan worden gevolgd in het standpunt dat rauwelijks is gedagvaard. Anderzijds heeft de vervoerder gesteld dat hij de gevorderde compensatie bereid is te betalen, maar heeft hij erkend dat hij niet is overgegaan tot betaling daarvan. Aldus staat vast dat vervoerder ook heeft bijgedragen aan het nodeloos maken van proceskosten. De kantonrechter ziet daarom aanleiding om de proceskosten tussen partijen te compenseren, in die zin dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.
5. De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt de vervoerder tot betaling aan AirHelp van € 600,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 maart 2023, tot aan de dag van voldoening van dit bedrag;
compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. S. Kleij, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter