ECLI:NL:RBNHO:2025:9279

ECLI:NL:RBNHO:2025:9279, Rechtbank Noord-Holland, 30-07-2025, 11614637 \ CV EXPL 25-2002

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 30-07-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 11614637 \ CV EXPL 25-2002
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Haarlem
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 2 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

Luchtvaart. Bevoegdheidsincident. Vlucht van Edinburgh, Verenigd Koninkrijk, via Amsterdam-Schiphol Airport en via Minneapolis, Verenigde Staten, naar Rhinelander, Verenigde Staten. Schiphol was slechts een overstapluchthaven en daarom niet de plaats van uitvoering van de verbintenis. Ook geen andere aanknopingspunten waaraan de Nederlandse rechter rechtsmacht kan ontlenen. Kantonrechter onbevoegd om van het geschil kennis te nemen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11614637 \ CV EXPL 25-2002

Uitspraakdatum: 30 juli 2025

Vonnis van de kantonrechter in het incident van:

de rechtspersoon naar buitenlands recht

AirHelp Germany GmbH

gevestigd te Berlijn, Duitsland

eiser in de hoofdzaakverweerder in het incident

hierna te noemen: AirHelp

gemachtigde: mr. D.E. Lof (Lof Legal Services)

tegen

de rechtspersoon naar buitenlands recht

Delta Air Lines Inc.

gevestigd te Atlanta, Verenigde Staten

gedaagde in de hoofdzaakeiser in het incident

hierna te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer (AKD N.V.)

1. Het procesverloop

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;

- de incidentele conclusie tot onbevoegdheid.

AirHelp heeft niet meer gereageerd. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De vordering in de hoofdzaak

AirHelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van € 600,-, te vermeerderen met rente en kosten. AirHelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof).

AirHelp stelt dat [betrokkene] (hierna: de passagier) een vervoersovereenkomst heeft gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder haar op 15 oktober 2024 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport, via Minneapolis, Verenigde Staten, naar Rhinelander, Verenigde Staten. De vervoerder heeft vlucht DL4233 van Minneapolis naar Rhinelander (hierna: de vlucht) vertraagd uitgevoerd. De passagier is met een vertraging van meer dan drie uur op de eindbestemming aangekomen. AirHelp stelt dat de passagier haar eventuele vorderingsrecht aan AirHelp heeft overgedragen. Volgens AirHelp moet de vervoerder daarom en vanwege de vertraging van de vlucht de compensatie van € 600,- aan AirHelp voldoen.

3. De vordering in het incident

De vervoerder heeft de kantonrechter verzocht om zich onbevoegd te verklaren om van de vordering kennis te nemen, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van AirHelp in de kosten van het incident.

De vervoerder legt aan zijn vordering ten grondslag dat hij is gevestigd in de Verenigde Staten. Hij betwist dat de passagier (alleen) een boeking had om te reizen van Amsterdam, via Minneapolis naar Rhinelander. Volgens hem is de passagier overeengekomen om vervoerd te worden vanaf Edinburgh, Verenigd Koninkrijk, via Amsterdam-Schiphol Airport en via Minneapolis, naar Rhinelander, met de vluchtcombinatie DL9511, DL165 en DL4233. Dit betekent dat de Nederlandse rechter geen rechtsmacht heeft, aldus de vervoerder.

4. De beoordeling in het incident

De kantonrechter stelt voorop dat de vervoerder niet is gevestigd in een EU-lidstaat. Daarom moet de rechtsmacht van de Nederlandse rechter worden beoordeeld aan de hand van het Nederlandse procesrecht. Op grond daarvan heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht als de gedaagde zijn woonplaats of vaste verblijfplaats in Nederland heeft. De vervoerder is gevestigd in de Verenigde Staten en heeft dus geen woonplaats in Nederland. AirHelp heeft niet gesteld dat de boeking voor de vlucht in kwestie een aangelegenheid was die het filiaal van de vervoerder op Schiphol betreft, zodat de vervoerder ook niet op grond daarvan een woonplaats in Nederland heeft. Daarom kan de kantonrechter geen bevoegdheid ontlenen aan de woonplaats van de vervoerder.

De Nederlandse rechter heeft eveneens rechtsmacht als de verbintenis die aan de vordering ten grondslag ligt, in Nederland is uitgevoerd. Het gaat hier om een overeenkomst tot verstrekking van (luchtvervoers)diensten. De plaats van uitvoering van diensten is in Nederland gelegen als deze volgens de overeenkomst in Nederland verstrekt werden. Het Hof heeft geoordeeld dat diensten van luchtvervoer worden verstrekt op zowel de plaats van vertrek als de plaats van aankomst van het vliegtuig. In het incident staat als onbetwist vast dat de passagier niet is vertrokken vanaf Amsterdam-Schiphol Airport, maar vanuit Edinburgh, Verenigd Koninkrijk. De plaats van aankomst was Rhinelander, Verenigde Staten. Amsterdam-Schiphol Airport kan daardoor niet als plaats van uitvoering van de overeenkomst worden aangemerkt. Dit was immers slechts een overstapluchthaven. Dit betekent dat de Nederlandse rechter geen rechtsmacht heeft op grond van de plaats van uitvoering van de overeenkomst.

De kantonrechter ziet in dit geschil ook geen andere aanknopingspunten waaraan de Nederlandse rechter rechtsmacht kan ontlenen. Dit betekent dat de vordering van de vervoerder slaagt. De kantonrechter zal zich onbevoegd verklaren om van het geschil kennis te nemen.

AirHelp zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal hij worden veroordeeld in de kosten van de procedure.

5. De beslissing

De kantonrechter:

in het incident

veroordeelt AirHelp tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 82,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder;

verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad;in de hoofdzaak

verklaart zich onbevoegd om van de vordering kennis te nemen;

veroordeelt AirHelp in de kosten van de hoofdzaak, die aan de zijde van de vervoerder worden vastgesteld op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. S.N. Schipper

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand