ECLI:NL:RBNHO:2025:9410

ECLI:NL:RBNHO:2025:9410, Rechtbank Noord-Holland, 13-08-2025, 11624298

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 13-08-2025
Datum publicatie 28-10-2025
Zaaknummer 11624298
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Haarlem

Samenvatting

Luchtvaart; EPGV; niet is gebleken dat de vlucht geen (vertraagde) doorgang kon vinden

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11624298 \ CV FORM 25-2165

Uitspraakdatum: 13 augustus 2025

Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:

1. [verzoeker 1]

2. [verzoeker 2]

3. [verzoeker 3]

4. [verzoeker 4]

allen wonende te [plaats] verzoekende partij

verder te noemen: de passagiers

gemachtigde: [gemachtigde] (ProBe-ASP B.V., handelend onder de naam Aviclaim)

tegen

de vennootschap naar buitenlands recht

EasyJet Europe Airline GmbH

gevestigd te Wenen (Oostenrijk)

verwerende partij

verder te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. B. Koolhaas (BK Legal)

1. Het procesverloop

Dit verloop blijkt uit:

2. De feiten

De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan de vervoerder hen op 25 mei 2023 moest vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport naar Ibiza Airport (Spanje), met vlucht EC7891 (hierna: de vlucht).

De vervoerder heeft de vlucht geannuleerd.

De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder verzocht.

De vervoerder heeft niet uitbetaald.

Passagiers sub 1 en sub 4 hebben het vermeende vorderingsrecht van hun minderjarige kinderen [minderjarige 1] en [minderjarige 2] aan zichzelf gecedeerd.

3. Het geschil

De passagiers verzoeken de vervoerder te veroordelen tot betaling van:

- € 2.400,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 mei 2023 tot aan de dag der algehele voldoening; - € 360,00 aan buitengerechtelijke incassokosten;- de proceskosten.

De passagiers baseren hun verzoek op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 400,00 per passagier.

De vervoerder voert verweer. Op zijn verweer wordt ingegaan bij de beoordeling.

4. De beoordeling

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen.

De kantonrechter moet ook ambtshalve beoordelen of de passagiers in hun verzoek kunnen worden ontvangen. Vast staat dat [minderjarige 2] en [minderjarige 1] op het moment van het indienen van het verzoek niet bekwaam waren om zelfstandig in rechte op te treden, omdat zij minderjarig waren. De kantonrechter is echter, mede gelet op de deformaliseringstendens in de rechtspraak van de Hoge Raad, in de gegeven omstandigheden van oordeel dat dit niet tot niet-ontvankelijkheid leidt. De passagiers sub 1 en sub 4 hebben het vermeende vorderingsrecht van hun minderjarige kinderen namelijk rechtsgeldig aan zichzelf overgedragen. Het formulier A zal daarom als verbeterd worden gelezen, in die zin dat het uitsluitend is ingediend door de meerderjarige passagiers, hetgeen al in de kop van deze beschikking is verwerkt.

Niet in geschil is dat de vlucht is geannuleerd. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als de vervoerder kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van (de doorwerking van) buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden.

De kantonrechter is van oordeel dat het verweer van de vervoerder faalt. Het verzoek tot betaling van de hoofdsom zal daarom worden toegewezen. Hij overweegt daartoe als volgt.

De vervoerder stelt dat de vlucht (Amsterdam – Ibiza) vanwege (een doorwerking van) buitengewone omstandigheden dusdanig was vertraagd, dat het niet langer mogelijk was om de opvolgende vlucht (Ibiza – Amsterdam) uit te voeren zonder daarbij de nachtsluiting van Schiphol te schenden. De kantonrechter overweegt dat wat daar ook van zij, niet is gebleken dat de vlucht geen (vertraagde) doorgang kon vinden. De vlucht maakte onderdeel uit van de rotatie Amsterdam – Ibiza – Amsterdam. Slechts de terugvlucht naar Amsterdam werd onderworpen aan het nachtregime te Schiphol. Wellicht heeft de vervoerder keuzes gemaakt die vanuit het oogpunt van de onderneming het meest gunstig waren, maar dit ontslaat hem niet van zijn verplichting om gedupeerde passagiers te compenseren.

De over de hoofdsom verzochte wettelijke rente is als onvoldoende gemotiveerd weersproken toewijsbaar.

Het verzoek tot vergoeding van buitengerechtelijke (incasso-)kosten zal - mede gelet op de door deze rechtbank gevolgde aanbevelingen van het Rapport BGK-integraal - worden afgewezen. De passagiers hebben immers niet gesteld dat kosten zijn gemaakt die betrekking hebben op verrichtingen die meer omvatten dan een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een (niet aanvaard) schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De kosten waarvan de passagiers vergoeding verzoeken, moeten dan ook worden aangemerkt als betrekking hebbend op verrichtingen waarvoor de proceskostenveroordeling wordt geacht een vergoeding in te sluiten.

De vervoerder zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal hij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagiers worden gemaakt.

Op verzoek van de passagiers zal een certificaat aan deze beschikking worden gehecht.

5. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt de vervoerder tot betaling aan de passagiers van € 2.400,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 25 mei 2023 tot aan de dag van de algehele voldoening;

veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagiers tot en met vandaag worden begroot op € 257,00 aan griffierecht en € 204,00 aan salaris gemachtigde;

veroordeelt de vervoerder tot betaling van € 102,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagiers worden gemaakt;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. S.N. Schipper

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand