RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Alkmaar
Zaaknummer: 12062160 \ CV EXPL 26-304 (NE)
Vonnis van 12 augustus 2026
in de zaak van
[eiser] ,
te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: mr. M. Heimensem,
[toevoeging verleend onder nummer [nummer] ]
tegen
[gedaagde] , H.O.D.N. AUTOBEDRIJF [naam],
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
De zaak in het kort
Een consument heeft een tweedehands auto uit 2006 gekocht bij een autohandelaar en beroept zich erop dat de auto niet aan de overeenkomst beantwoordt (non-conformiteit) omdat kort na aankoop gebreken zijn opgetreden. Dit beroep slaagt. Op grond van de wet wordt vermoed dat dit gebrek al bestond toen de consument de auto kocht. Dit bewijsvermoeden is niet weerlegd door de autohandelaar. Dit betekent dat is komen vast te staan dat de auto niet aan de overeenkomst heeft beantwoord. Daarom was de autohandelaar verplicht binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast voor de consument tot herstel over te gaan. De consument heeft de autohandelaar daartoe in de gelegenheid gesteld. Omdat de autohandelaar daar niet toe is overgegaan, heeft de consument de koopovereenkomst rechtsgeldig ontbonden.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 5 januari 2026 met producties
- het mondeling antwoord
- het tussenvonnis van 18 februari 2026
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 16 juni 2026.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De feiten
[eiser] heeft naar aanleiding van een advertentie op 21 mei 2025 van [gedaagde] een tweedehands auto van het merk Citroën, type C3 en bouwjaar 2006 gekocht voor € 2.950,00. De advertentie vermeldde een geldige APK tot 24 mei 2026. [gedaagde] heeft de factuur op verzoek van [eiser] op 29 mei 2025 aan haar toegezonden.
[eiser] is op 23 mei 2025 teruggegaan naar [gedaagde] voor een APK keuring, omdat deze anders dan in de advertentie stond bijna was verlopen. Ondanks voorafgaand telefonisch contact daarover, was er niemand aanwezig voor een APK keuring.
[eiser] heeft de APK keuring vervolgens bij een garage bij haar in de buurt laten uitvoeren. Daaruit kwam een storing in de versnellingsbak naar voren. Na veel overleg heeft [gedaagde] van de totale kosten van deze keuring € 90,00 betaald.
[eiser] heeft in een e-mail van 28 mei 2025 aan [gedaagde] gemeld dat er een storing zit in de versnellingsbak en heeft aangegeven graag met de auto bij [gedaagde] langs te komen, omdat zij er nu weinig plezier van heeft. In juni 2025 heeft de auto ongeveer anderhalve week bij [gedaagde] gestaan, waarna [gedaagde] heeft verklaard dat de storingen zijn verholpen. [eiser] heeft de auto op 26 juni 2025 opgehaald.
[eiser] heeft op 21 juli 2025 de volgende e-mail aan [gedaagde] verstuurd:“Ik zou de C3 naar de garage brengen, helaas is het overal erg druk. 15 augustus heb ik nu een afspraak. Zodra ik meer weet hoort u van mij. Ik krijg eerst een kostenoverzicht zoals afgesproken.”
Op 28 juli 2025 heeft [eiser] met de auto bij een tankstation gestaan met pech. ANWB Pechhulp heeft de auto aan de praat gekregen, zodat [eiser] met de auto naar huis kon. Daarna is ANWB nog een keer langs geweest in verband met een storing, maar kon dat niet oplossen.
Autovakmeester Schaap heeft de auto op 15 augustus 2025 onderzocht en geconstateerd:“Er zitten wat storingen in, deze nagezien/uitgelezen
Storingen: Vaak melding, parkeerlicht of mistlamp melding in cockpit. Werkt nu geen fouten.
Electrische spiegels gaan niet naar binnen. Rechter kant stuurbediening doet het niet, radio moet eerst aan en dan werkt hij.
Als mevrouw aan het rijden is 80 km/uur, dan een grote schok en gaat achter de D een signaal knipperen. Transmissie druksensor zweet bak olie. Olie bijvullen of sensor? Advies eerst spoelen maar kan geen garantie geven dat het probleem dan is opgelost. Startmotor is defect, heeft ANWB geconstateerd.”
[eiser] heeft [gedaagde] op 3 oktober 2025 aangeschreven over de gebreken en verzocht tot kosteloos herstel daarvan of tot ontbinding en terugbetaling van de koopprijs over te gaan. Op 27 oktober 2025 heeft [eiser] [gedaagde] een herinnering gestuurd met een termijn tot en met 4 november 2025. [gedaagde] heeft daarop telefonisch gereageerd en heeft in dat gesprek onder andere laten weten dat de auto zonder garantie is verkocht en [eiser] niet meewerkt aan herstel.
Op 30 oktober 2025 heeft [eiser] [gedaagde] een laatste gelegenheid gegeven om tot herstel over te gaan. [gedaagde] heeft daarop schriftelijk geantwoord dat hij heeft aangeboden de auto te laten nakijken, maar dat [eiser] de auto niet naar zijn zaak wil brengen en hij tegen [eiser] heeft gezegd dat de auto bij hem is gekocht en dus bij hem terug moet komen.
Op 21 november 2025 heeft [eiser] de auto laten keuren door Carhost. Uit de rapportage van Carhorst volgt de auto niet start door een defecte startmotor, de automaat een bekende storing geeft en in dit geval de plunjers (schakelkleppen) moeten worden vervangen en de remmen niet heel goed zijn.
[eiser] heeft het kenteken van de auto bij het RDW op 3 december 2026 laten schorsen.
[eiser] heeft de koopovereenkomst op 18 december 2025 buitengerechtelijk ontbonden en aanspraak gemaakt op de koopprijs en aanvullende kosten.
3. Het geschil
[eiser] vordert - samengevat – primair een verklaring voor recht dat de koopovereenkomst rechtsgeldig buitengerechtelijk is ontbonden (en subsidiair dat de koopovereenkomst onder invloed van een wilsgebrek tot stand is gekomen) en veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 2.950,00 en meer subsidiair veroordeling van [gedaagde] tot transport van de auto en herstel van de gebreken. In alle gevallen vordert [eiser] veroordeling van [gedaagde] tot betaling van aanvullende schadevergoeding van € 620,47 en de buitengerechtelijke incassokosten van € 583,28, vermeerderd met rente en kosten.
[eiser] legt aan de vordering het volgende ten grondslag. Gebruik van de auto op de snelweg is niet mogelijk doordat de auto vanaf een snelheid van 80 km per uur gaat schokken als gevolg van een gebrek aan de versnellingsbak. Ook start de auto nu niet meer door een defecte startmotor. Deze gebreken maken dat de auto niet geschikt is voor normaal gebruik. Ook vertoont de auto diverse storingen in de elektronische systemen waardoor de bedieningspanelen en inklapbare spiegels niet werken. De gebreken maken dat de auto niet beantwoordt aan de overeenkomst. De gebreken openbaarden zich binnen drie maanden, zodat wordt vermoed dat deze bij aankoop al aanwezig waren. Verder is geen sprake van eenvoudig vast te stellen en eenvoudig te herstellen gebreken. [eiser] heeft [gedaagde] tevergeefs verzocht over te gaan tot kosteloos herstel dan wel tot onderzoek van de auto. Als gevolg van het verstrijken van de aan [gedaagde] gestelde termijn, is hij is verzuim komen te verkeren. [eiser] heeft vervolgens de koopovereenkomst buitengerechtelijk ontbonden. De gevorderde aanvullende schadevergoeding ziet op wegenbelasting, verzekeringspremies, de kosten van de rapportage van Carhost en de kosten van de schorsing van het kenteken.
[gedaagde] voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eiser] , met veroordeling van [eiser] in de kosten van deze procedure.
[gedaagde] voert het volgende aan. De auto kon niet bij hem APK worden gekeurd, omdat hij niet aanwezig was. Wel heeft hij de kosten van de APK betaald. Daarna is gebleken dat er een storing was in de versnellingsbak en heeft [gedaagde] de auto opgehaald en is het probleem verholpen. Eind augustus kreeg de auto opnieuw een storing en haperde de startmotor. [gedaagde] heeft toen tegen [eiser] gezegd dat zij de auto terug mocht brengen om het probleem te kunnen verhelpen. [eiser] wilde de auto niet naar zijn garage brengen. [eiser] heeft [gedaagde] niet in de gelegenheid gesteld het gebrek aan de auto te herstellen.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4. De beoordeling
mondelinge behandeling
Door een technisch probleem aan de zijde van [gedaagde] was hij via de teams verbinding niet meer te horen en is de mondelinge behandeling zonder [gedaagde] voortgezet. [gedaagde] is vervolgens in de gelegenheid gesteld te reageren op het proces-verbaal van de mondelinge behandeling, maar heeft geen gebruik gemaakt van die gelegenheid. De reactie van [eiser] op het verweer van [gedaagde] in zijn mondeling antwoord, zoals opgenomen in het proces-verbaal, is daarom onweersproken gebleven. Ook heeft [gedaagde] zijn verweer niet nader onderbouwd.
consumentenkoop
De overeenkomst die partijen hebben gesloten, is een consumentenkoop, omdat [gedaagde] handelt in de uitoefening van een bedrijf en [eiser] een natuurlijk persoon is die met de aankoop van de auto niet heeft gehandeld in de uitoefening van een beroep of bedrijf.
Tussen partijen is in geschil of er sprake is van een tekortkoming aan de zijde van [gedaagde] , op grond waarvan [eiser] de koopovereenkomst kon ontbinden. Voor de beantwoording van deze vraag moet worden vastgesteld of de auto beantwoordt aan de koopovereenkomst.
non-conformiteit
Een zaak moet aan de overeenkomst beantwoorden. Daarvan is geen sprake als de zaak, mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten. De koper mag verwachten dat de zaak de eigenschappen bezit die voor normaal gebruik daarvan nodig zijn en waarvan hij de aanwezigheid niet behoefde te betwijfelen. De koper kan geen beroep op non-conformiteit doen als hem dit ten tijde van het sluiten van de overeenkomst bekend was of redelijkerwijs bekend kon zijn. Tegen deze achtergrond overweegt de kantonrechter als volgt.
[gedaagde] heeft in de correspondentie tussen partijen er onder andere op gewezen dat [eiser] de auto zonder garantie heeft gekocht. Als [gedaagde] dat standpunt ook in deze procedure heeft willen innemen en daarmee heeft bedoeld te stellen dat [eiser] geen beroep kan doen op de hiervoor vermelde wettelijke regels, kan hij daarin niet worden gevolgd. In geval van een consumentenkoop, waarvan hier sprake is, kan daar namelijk niet ten nadele van de consument van worden afgeweken. De afspraak dat de auto zonder garantie is gekocht, die overigens door [eiser] is betwist, kan weliswaar invloed hebben op de verwachtingen die [eiser] mocht hebben, maar kan er niet aan afdoen dat de auto moet beantwoorden aan de overeenkomst.
gebreken
[gedaagde] heeft in zijn mondeling antwoord de door [eiser] met stukken onderbouwde gebreken aan de auto niet weersproken, zodat van de juistheid van deze gebreken kan worden uitgegaan. Ook heeft [gedaagde] het door [eiser] met stukken onderbouwde standpunt dat de auto als gevolg van de gebreken niet geschikt is voor normaal gebruik niet betwist.
wettelijk vermoeden
Aangenomen moet worden dat de auto ten tijde van de koop niet beantwoordde aan de overeenkomst. In de wet staat namelijk dat bij een consumentenkoop wordt vermoed dat de zaak bij aflevering niet aan de overeenkomst beantwoordt, als de afwijking zich binnen een jaar na aflevering openbaart. Dat is hier het geval. Het bewijsvermoeden dat de gebreken ten tijde van de koop al bestonden is niet weerlegd door [gedaagde] . Dit betekent dat is komen vast te staan dat de auto niet aan de overeenkomst heeft beantwoord en levert een tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst op.
herstel zonder ernstige overlast
Omdat de auto niet aan de overeenkomst heeft beantwoord, was [gedaagde] verplicht binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast voor [eiser] tot herstel over te gaan. [eiser] heeft [gedaagde] verschillende keren en in ieder geval schriftelijk met de brieven van 3 en 30 oktober 2025 in de gelegenheid gesteld de tekortkoming te herstellen. De kantonrechter volgt [gedaagde] dan ook niet in zijn verweer dat hij die gelegenheid niet heeft gekregen. De reactie van [gedaagde] daarop was dat [eiser] de auto niet langs wilde brengen, maar de kantonrechter is van oordeel dat [eiser] , vanwege de defecte startmotor en de afstand tussen haar woonplaats en de garage van [gedaagde] , niet verplicht was de auto terug te (laten) brengen en dat het aan [gedaagde] was de auto op te (laten) halen. Herstel moet namelijk zonder ernstige overlast van [eiser] plaatsvinden. [gedaagde] heeft niet willen meewerken aan het ophalen van de auto en is hierdoor tekort geschoten in zijn wettelijke verplichting om binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast voor [eiser] tot herstel over te gaan.
ontbinding
[eiser] was daarom bevoegd om de overeenkomst buitengerechtelijk te ontbinden. Dat heeft zij op 3 december 2025 gedaan. De gevorderde verklaring voor recht zal daarom worden toegewezen.
terugbetaling koopprijs
De ontbinding leidt ertoe dat partijen van hun verbintenissen zijn bevrijd. Daarom zal [gedaagde] worden veroordeeld tot terugbetaling aan [eiser] van de koopprijs van€ 2.950,00. Ook zal [gedaagde] worden veroordeeld tot het terugnemen van de auto en op zijn naam zetten van het kenteken, zoals gevorderd. De gevorderde dwangsom van € 250,00 per dag met een maximum van € 5.000,00 zal worden toegewezen voor iedere dag dat [gedaagde] niet voldoet aan de veroordeling tot het terugnemen van de auto en het op zijn naam zetten van het kenteken binnen zeven dagen na betekening van het vonnis.
nevenvorderingen
[eiser] vordert ook veroordeling van [gedaagde] tot het verlenen van medewerking aan het transporteren van de auto op kosten van [gedaagde] . In geval van gehele of gedeeltelijke ontbinding is de koper ( [eiser] ) gehouden de zaak op kosten van de verkoper ( [gedaagde] ) terug te zenden. [gedaagde] is dus niet verplicht om de auto zelf op te halen, maar moet wel de transportkosten betalen als hij dat niet doet. Vergoeding van deze transportkosten is in deze procedure niet gevorderd, maar kunnen door [gedaagde] dus wel verschuldigd worden als hij ervoor kiest de auto niet zelf op te halen en [eiser] de auto laat bezorgen. De vordering van [eiser] om [gedaagde] te veroordelen de auto bij haar op te komen halen en de daaraan gekoppelde dwangsom, komen echter niet voor toewijzing in aanmerking.
[eiser] heeft kosten gemaakt voor de autoverzekering en de wegenbelasting vanaf het moment dat zij de auto niet meer kon gebruiken tot de schorsing van het kenteken, voor de rapportage door Carhost en voor de schorsing van het kenteken van in totaal € 620,47. Omdat de tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst aan [gedaagde] kan worden toegerekend, moet hij deze schade van [eiser] vergoeden. [gedaagde] zal worden veroordeeld tot betaling van dat bedrag.
De slotsom van het voorgaande is dat [gedaagde] een bedrag van totaal € 3.570,47 aan [eiser] moet betalen.
De wettelijke rente over de koopprijs van de auto en de schade zal worden toegewezen zoals gevorderd.
Incassokosten
De buitengerechtelijke incassokosten van € 583,28 zijn eveneens toewijsbaar. Voldoende is gebleken dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht en het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten is in overeenstemming met het in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten bepaalde tarief. Omdat [eiser] niet heeft gesteld dat de schade (de buitengerechtelijke incassokosten) al eerder dan op de datum van de dagvaarding is geleden, zal de gevorderde rente worden toegewezen vanaf de dag van dagvaarding.
proceskosten
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. [eiser] heeft geprocedeerd op basis van een toevoeging. Daarom zal [gedaagde] niet worden veroordeeld tot betaling van de explootkosten en betekeningskosten. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:
- griffierecht
€
93,00
- salaris gemachtigde
€
506,00
(2 punten × € 253,00)
- nakosten
€
126,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
725,50
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
5. De beslissing
De kantonrechter
verklaart voor recht dat de koopovereenkomst tussen partijen op 18 december 2025 rechtsgeldig buitengerechtelijk is ontbonden,
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 3.570,47, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag met ingang van 18 december 2025, tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt [gedaagde] tot het terugnemen van de auto en het op eigen naam stellen van de kenteken van de auto op straffe van een door [gedaagde] te verbeuren dwangsom van € 250,00 voor iedere dag of gedeelte van een dag dat hij nalatig zal zijn hieraan te voldoen, met ingang van de zevende dag na betekening van dit vonnis, met een maximum van € 5.000,00,
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 583,28 aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente, vanaf de dag van dagvaarding, tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 725,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,
veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. F.J. Lourens en in het openbaar uitgesproken op 12 augustus 2026.