ECLI:NL:RBNHO:2026:11287

ECLI:NL:RBNHO:2026:11287

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 17-08-2026
Datum publicatie 28-08-2026
Zaaknummer HAA 25/2461
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Alkmaar

Samenvatting

De burgemeester mocht de alcohol- en exploitatievergunning weigeren op grond van artikel 3, eerste lid, van de wet Bibob en de exploitatievergunning ook op grond van artikel 2:28, derde lid, van de APV. Het beroep is ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 augustus 2026 in de zaak tussen

[eiseres] , uit Den Helder, eiseres,

de burgemeester van de gemeente Den Helder

Samenvatting

Zittingsplaats Alkmaar

Bestuursrecht

zaaknummer: HAA 25/2461

en

(gemachtigden: mr. D.A.E. van der Gragt en mr. L. Smit).

1. Deze uitspraak gaat over het afwijzen van de aanvraag van eiseres voor een alcohol- en exploitatievergunning voor café de [naam Café] in Den Helder. Eiseres is het niet eens met de afwijzing van de aanvraag. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de aanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de burgemeester de alcohol- en exploitatievergunning mocht weigeren op grond van artikel 3, eerste lid, van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (wet Bibob) en de exploitatievergunning ook op grond van artikel 2:28, derde lid, van de Algemene plaatselijke verordening Den Helder 2021 (APV 2021). Eiseres krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Onder 2 staat het procesverloop in deze zaak. Onder 3 staan de van belang zijnde feiten en omstandigheden die hebben geleid tot het bestreden besluit. De beoordeling door de rechtbank volgt vanaf 4. Daarbij gaat de rechtbank in op de volgende vragen. Is de gemachtigde van eiseres bevoegd? Is er sprake van een mandaatgebrek bij het bestreden besluit? Moeten het advies van het Landelijk Bureau Bibob (het Bibob-advies) en de anonieme meldingen buiten beschouwing worden gelaten? Mocht de burgemeester de alcohol- en exploitatievergunning weigeren op grond van artikel 3, eerste lid, van de wet Bibob? Heeft de burgemeester zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van het café of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed? Aan het eind staan de beslissing van de rechtbank en de gevolgen daarvan.

Procesverloop

2. Eiseres heeft op 23 november 2023 een aanvraag gedaan voor een exploitatievergunning en op 30 november 2023 voor een alcoholvergunning. Op 26 augustus 2024 heeft de burgemeester een voornemen tot weigering aan eiseres gestuurd. Eiseres heeft naar aanleiding daarvan op 7 oktober 2024 een zienswijze ingediend. De burgemeester heeft de vergunningen met het besluit van 27 november 2024 geweigerd. Met het bestreden besluit van 15 april 2025 op het bezwaar van eiseres is de burgemeester bij het weigeren van de vergunningen gebleven.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. De burgemeester heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 26 mei 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: mr. dr. A.J.J. van der Heiden, advocaat, als gemachtigde van eiseres, [partner] , de partner van eiseres, en de gemachtigden van de burgemeester.

Het bestreden besluit en vaststaande feiten

3. Eiseres is de exploitant van café de [naam Café] . Het café is gevestigd aan de [adres] in Den Helder. Het pand en de inventaris zijn in eigendom van [naam Café] B.V., dat op hetzelfde adres is gevestigd en waarvan [partner] sinds 1 november 2023 enig bestuurder is. [partner] is de partner van eiseres. Op 4 augustus 2023 heeft de burgemeester de exploitatievergunning en de drank- en horecavergunning van de toenmalige exploitant van het café ingetrokken. Deze intrekking staat in rechte vast. Eiseres heeft vervolgens in november 2023 nieuwe vergunningen aangevraagd.

De burgemeester heeft beide vergunningen geweigerd op grond van artikel 3, eerste lid, van de wet Bibob en de exploitatievergunning ook op grond van artikel 2:28, derde lid, van de APV 2021. Volgens de burgemeester bestaat ernstig gevaar dat de vergunningen mede zullen worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten, of strafbare feiten te plegen. Daarnaast moet volgens de burgemeester worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van het café of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed.

Beoordeling door de rechtbank

De bevoegdheid van de gemachtigde van eiseres

4. De rechtbank heeft naar aanleiding van een na de zitting door de burgemeester gedane melding vastgesteld dat de gemachtigde van eiseres sinds 11 mei 2026 raadscommissielid is van de gemeente Den Helder. Uit artikel 4, derde lid, van de Verordening op de raadscommissies Den Helder 2024 in samenhang met artikel 15 van de Gemeentewet volgt dat een raadscommissielid niet als advocaat, adviseur of gemachtigde in geschillen werkzaam mag zijn ten behoeve van de wederpartij van de gemeente of het gemeentebestuur.

De rechtbank ziet in het bovenstaande geen aanleiding om het onderzoek te heropenen. Artikel 8:25, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geeft de bestuursrechter de mogelijkheid om bijstand of vertegenwoordiging door een persoon tegen wie ernstige bezwaren bestaan, te weigeren. Uit rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State volgt dat er bij strijd met artikel 15 van de Gemeentewet sprake is van ernstige bezwaren. Artikel 8:25, derde lid, van de Awb bepaalt echter dat het eerste lid van dit artikel niet van toepassing is op advocaten. Het feit dat de gemachtigde van eiseres tevens raadscommissielid is van de gemeente Den Helder zal binnen deze procedure dan ook geen gevolgen hebben. Overigens heeft de gemachtigde van eiseres zich inmiddels teruggetrokken als haar vertegenwoordiger in deze procedure.

Mandaatgebrek

5. De rechtbank heeft ambtshalve vastgesteld dat het primaire besluit van 27 november 2024 door de burgemeester zelf is genomen en dat het bestreden besluit van 15 april 2025 door een gemeentelijke functionaris in mandaat namens de burgemeester is genomen. In artikel 10:3, eerste lid, van de Awb is bepaald dat een bestuursorgaan mandaat kan verlenen, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald of de aard van de bevoegdheid zich tegen de mandaatverlening verzet. Uit rechtspraak van de Afdeling volgt dat de wijze waarop het bestreden besluit is genomen, zich niet verdraagt met de heroverweging die wordt voorgeschreven in artikel 7:11 van de Awb. Deze heroverweging mag zich niet beperken tot de rechtmatigheid van het primaire besluit, maar dient zich binnen de grenzen van de wet ook uit te strekken tot kwesties van beleid. Aldus wordt een zekere controle uitgeoefend op degene die het primaire besluit heeft genomen en op het daarbij gevoerde beleid. Dit komt niet tot zijn recht als een ambtenaar in mandaat beslist op een bezwaar tegen een door het bestuursorgaan zelf genomen besluit.

De burgemeester heeft op 25 mei 2026 persoonlijk een nieuwe beslissing op bezwaar genomen. Dit besluit strekt tot vervanging van de beslissing op bezwaar van 15 april 2025 en komt neer op een bekrachtiging van dat besluit. Op grond van artikel 6:19 van de Awb heeft het beroep van eiseres van rechtswege mede betrekking op het besluit van 25 mei 2026. De rechtbank is van oordeel dat het gebrek daarmee is hersteld en dat het gebrek gepasseerd kan worden op grond van artikel 6:22 van de Awb. Het passeren van een gebrek is mogelijk als aannemelijk is dat de belanghebbende door het gebrek in het bestreden besluit niet is benadeeld. De rechtbank acht het aannemelijk dat eiseres niet is benadeeld door het gebrek, aangezien eiseres daarover geen beroepsgrond heeft aangevoerd.

Moeten het Bibob-advies en de anonieme meldingen buiten beschouwing worden gelaten?

6. Eiseres stelt dat zij geen efficiënte bezwaarschriftprocedure heeft kunnen voeren, omdat zij niet in staat is gesteld de juistheid van de verklaringen in het Bibob-advies te verifiëren. De namen van de verbalisanten en van de klager zijn onleesbaar gemaakt. De burgemeester heeft geweigerd deze doorhaling ongedaan te maken en enkel aangegeven dat de gemachtigde het advies op het gemeentehuis zou mogen lezen, maar dit niet zou mogen kopiëren of met eiseres zou mogen delen. De conclusie van het Bibob-advies moet daarom in ieder geval op het punt van deze verklaringen buiten beschouwing blijven. Wat betreft de beïnvloeding van de woon- en leefsituatie of de openbare orde heeft de burgemeester gesteld dat regelmatig klachten over overlast van het café zijn ingediend. Eiseres stelt dat zij wordt beperkt in de weerspreking daarvan, aangezien de burgemeester niet kenbaar wil maken welke buren regelmatig zouden hebben geklaagd.

Wat betreft de weggelaten namen van verbalisanten of andere bronnen in het Bibob-advies, overweegt de rechtbank als volgt. De feiten die uit deze verklaringen volgen, te weten de strafbare feiten die zijn geregistreerd op naam van [naam] en de onverklaarbare uitgaven die hij heeft gedaan, worden door eiseres echter niet betwist. Het verdedigingsbeginsel is daarom in deze procedure niet in het geding. Wat betreft de anonieme meldingen, overweegt de rechtbank dat een grote hoeveelheid klachten een relevant gegeven is voor de besluitvorming, ook als deze klachten uit anonieme meldingen komen. Verder merkt de rechtbank op dat bij een schietincident op de laatste avond dat het café open was een vaste bezoeker van het café is overleden en twee anderen gewond zijn geraakt. Voor dit incident is veel aandacht geweest in de media. Dat dit incident heeft plaatsgevonden staat ook niet ter discussie. In de berichtgeving worden ook omwonenden geciteerd die klagen over overlast van het café. Gelet op het voorgaande ziet de rechtbank geen aanleiding om het Bibob-advies of de anonieme verklaringen buiten beschouwing te laten. De beroepsgrond slaagt niet.

Mocht de burgemeester de alcohol- en exploitatievergunning weigeren op grond van artikel 3, eerste lid, van de wet Bibob?

7. Eiseres voert aan dat de relatie tussen [naam] en de [naam Café] op 24 februari 2023 is beëindigd en dat [naam] uit het aandeelhoudersregister is uitgeschreven. De burgemeester heeft het daarom ten onrechte aannemelijk geacht dat zij in een zakelijk samenwerkingsverband staat tot [partner] en [naam] . De bezwaarschriftencommissie heeft verder ten onrechte overwogen dat [partner] en [naam] in het verleden betrokken zijn geweest bij schijnconstructies. Eiseres betwist daarnaast dat zij feitelijk zal samenwerken met [naam] . Hij moet een celstraf van vijf jaar, waarvan één jaar voorwaardelijk, uitzitten en kan dan niet als feitelijk leidinggevende optreden. Eiseres geeft ook aan niet te zullen toestaan dat [naam] leiding zal geven in het café. Eiseres voert verder aan dat uit de feiten en omstandigheden niet blijkt dat sprake is van een ernstig gevaar dat de vergunning mede zal worden gebruikt om strafbare te plegen. Eiseres verwijst in dit verband naar een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland, waarin werd geoordeeld dat uit de strafbare feiten, die waren gepleegd door de echtgenoot van de aanvraagster, haar vader en haar schoonvader, en het feit dat het ging om familieleden niet blijkt dat sprake is van een dergelijk ernstig gevaar. In die uitspraak waren de familieleden ook aandeelhouders, financiers en feitelijk leidinggevenden. Eiseres wijst ook op artikel 3, zevende lid, van de wet Bibob dat de burgemeester de bevoegdheid geeft om voorschriften aan de vergunningen te verbinden. Eiseres kan niet volgen dat de burgemeester geen gebruik heeft gemaakt van deze bevoegdheid in plaats van de aanvraag in zijn geheel af te wijzen. Eiseres doet in dit verband een beroep op de evenredigheid.

De rechtbank is van oordeel dat de burgemeester de alcohol- en exploitatievergunning mocht weigeren op grond van artikel 3, eerste lid, van de wet Bibob. De burgemeester heeft aannemelijk gemaakt dat sprake is van een zakelijk samenwerkingsverband tussen eiseres en [naam] . De rechtbank merkt in dit verband op dat alleen het zakelijk samenwerkingsverband met [naam] van belang is, omdat alleen [naam] strafbare feiten op zijn naam heeft staan. [naam] is de broer [partner] en daarmee de zwager van eiseres. Er is dus sprake van een familieband. Daarnaast is [naam Café] B.V. eigenaar en verhuurder van het pand en de inventaris van het café. [naam] is, anders dan eiseres stelt, aandeelhouder van deze vennootschap. De moeder van [partner] en [naam] was enig aandeelhouder van de vennootschap voor haar overlijden. Ter zitting is gebleken dat zij de aandelen van de vennootschap heeft nagelaten aan [partner] en aan [naam] . [naam] is dus aandeelhouder van de vennootschap. Dat de nalatenschap nog niet is afgewikkeld doet hier niet aan af. Verder was [naam] tot kort voor de aanvraag door eiseres bestuurder van de vennootschap. Daar komt bij dat [naam] in het verleden bij café de [naam Café] heeft gewerkt. De laatst verleende exploitatievergunning en drank- en horecavergunning voor het café zijn ingetrokken, mede omdat [naam] feitelijk leidinggevende was maar bij de aanvraag niet als leidinggevende was vermeld. De intrekking staat in rechte vast. In deze periode was eiseres ook werkzaam bij café de [naam Café] . Op basis van deze feiten en omstandigheden mocht de burgemeester aannemelijk achten dat er een zakelijk samenwerkingsverband is tussen eiseres en [naam] . Dat [naam] een gevangenisstraf moet uitzitten doet aan het voorgaande niet af, omdat ook dan invloed denkbaar is. Daarnaast is dit een tijdelijke situatie. De door eiseres aangevoerde uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland doet er evenmin aan af, alleen al omdat de Afdeling die uitspraak heeft vernietigd en de weigering van vergunningen op grond van artikel 3, eerste lid, van de wet Bibob in de desbetreffende zaak rechtmatig heeft geacht. Wat betreft artikel 3, zevende lid, van de wet Bibob, is de rechtbank van oordeel dat de burgemeester in redelijkheid heeft kunnen besluiten om geen gebruik te maken van de daarin opgenomen bevoegdheid. De rechtbank volgt de burgemeester in het standpunt dat de ernst en pleegdata van de feiten maken dat de weigering van de vergunningen niet onevenredig is. [naam] is immers gedagvaard wegens het invoeren van en/of het handelen in honderden kilo’s cocaïne in 2020 en 2021 en het voorhanden hebben van een wapen in strijd met de Wet wapens en munitie in 2023. De beroepsgrond slaagt niet.

Heeft de burgemeester zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van het café of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed?

8. Eiseres voert aan dat de burgemeester ten onrechte heeft gesteld dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van het café of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed. Ten eerste verwijst de burgemeester naar het feit dat de vergunningen eerder zijn ingetrokken vanwege regelmatige klachten over overlast en dat eiseres toen ook leidinggevende was van het café. Eiseres is slechts bekend met één buurtbewoner die regelmatig klaagt. De burgemeester weigert om kenbaar te maken welke buren regelmatig zouden hebben geklaagd en waarover. Ten tweede betwist eiseres de stelling dat in een woonwijk sneller sprake is van overlast. Het café zit al meer dan honderd jaar op de huidige locatie en de omwonenden zijn stamgasten. Klachten van buurtbewoners zou de burgemeester moeten doorsturen aan eiseres, zodat zij die kan beoordelen en weerspreken. Ook is er zoals eerder aangegeven geen sprake van een zakelijk samenwerkingsverband met [naam] . Tot slot betwist eiseres de stelling dat zij de enige leidinggevende is en dat het voor haar niet mogelijk is om van 12:00 tot 4:00 uur aanwezig te zijn van woensdag tot en met zondag. Eiseres heeft aangegeven dat zij personeel gaat zoeken dat in het bezit is van de benodigde horecapapieren en voldoet aan de vergunningsvoorwaarden. Dat kan echter pas als de vergunningen zijn verleend.

De rechtbank is van oordeel dat de burgemeester de exploitatievergunning mocht weigeren op grond van artikel 2:28, derde lid, van de APV 2021. De rechtbank overweegt dat er veel anonieme klachten zijn geweest over overlast die door café de [naam Café] wordt veroorzaakt. Zoals ook overwogen onder 6.1, is een groot aantal meldingen een relevant gegeven voor de besluitvorming. Verder blijkt de overlast niet alleen uit anonieme meldingen maar zijn in de berichtgeving rondom het schietincident ook bewoners geciteerd die klagen over overlast. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat de burgemeester het schietincident zwaar heeft mogen laten meewegen bij de belangenafweging, mede omdat het een recent incident betreft. De rechtbank overweegt verder dat de burgemeester ook hier heeft mogen laten meewegen dat er een zakelijk samenwerkingsverband bestaat met [naam] en dat daarom een groot risico bestaat dat hij opnieuw betrokken zal zijn bij de exploitatie. Verder zijn de exploitatievergunning en drank- en horecavergunning in 2023 ook ingetrokken naar aanleiding van meldingen over overlast. De exploitatievergunning die nu voorligt, is ingediend door een persoon die toen ook werkzaam was bij het café. Gelet op het voorgaande, kon de burgemeester zich in redelijkheid op het standpunt stellen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van het café of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed. De beroepsgrond slaagt niet.

Slecht levensgedrag

9. De rechtbank overweegt tot slot dat een aantal beroepsgronden van eiseres zich richt tegen de weigeringsgrond dat eiseres van slecht levensgedrag zou zijn. Deze weigeringsgrond heeft de burgemeester alleen ten grondslag gelegd aan de weigering van de vergunningen in het primaire besluit. Naar aanleiding van het advies van de bezwaarschriftencommissie, heeft de burgemeester deze weigeringsgrond ingetrokken. Nu deze weigeringsgrond geen onderdeel is van het bestreden besluit, heeft eiseres geen belang bij bespreking van de beroepsgronden die daartegen zijn gericht.

Conclusie en gevolgen

10. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat de weigering van de alcohol- en exploitatievergunning in stand blijft. De burgemeester moet wel het griffierecht aan eiseres vergoeden. Dit omdat er een mandaatgebrek kleefde aan het bestreden besluit. Eiseres krijgt daarom ook een vergoeding van haar proceskosten. De burgemeester moet deze vergoeding betalen. Deze vergoeding bedraagt op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht € 1.868,- omdat de gemachtigde van eiseres als beroepsmatige rechtsbijstandverlener een beroepschrift heeft ingediend en aan de zitting heeft deelgenomen. Verder zijn er geen kosten gemaakt die vergoed kunnen worden.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep ongegrond;

- bepaalt dat de burgemeester het griffierecht van € 194,- aan eiseres moet vergoeden;

- veroordeelt de burgemeester tot betaling van € 1.868,- aan proceskosten aan eiseres.

Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. J. de Vries, rechter, in aanwezigheid van mr. K.H.M. Duijkersloot, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 17 augustus 2026.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. drs. J. de Vries

Griffier

  • mr. K.H.M. Duijkersloot

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand