RECHTBANK Noord-Holland
Civiel recht
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: C/15/381942 / KG ZA 26-518
Vonnis in kort geding van 16 september 2026
in de zaak van
[eiser] ,
te [plaats],
eisende partij,
hierna te noemen: de man,
advocaat: mr. E.J. Huizinga,
tegen
[gedaagde] ,
wonende te Cuba, zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland of daarbuiten,
gedaagde partij,
hierna te noemen: de vrouw,
niet verschenen.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
de dagvaarding met 2 producties
de mondelinge behandeling van 16 september 2026
het tegen de vrouw verleende verstek
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De beoordeling
De man heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.
De vordering komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen.
Omdat partijen voormalig echtelieden zijn zullen de proceskosten worden gecompenseerd.
3. De beslissing
De voorzieningenrechter
bepaalt dat dit vonnis in de plaats treedt van de voor de notariële eigendomsoverdracht van de woning aan de koper vereiste toestemming c.q. handtekening van de vrouw,
bepaalt de termijn bedoeld in artikel 3:301, eerste lid aanhef en onder b BW op één dag na betekening van het vonnis;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Wolfs en in het openbaar uitgesproken op 16 september 2026.
1155