ECLI:NL:RBNHO:2026:13175

ECLI:NL:RBNHO:2026:13175

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 24-09-2026
Datum publicatie 29-09-2026
Zaaknummer 15/166443-18
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig

Samenvatting

Veroordeling wegens witwassen en het gebruik maken van valse geschriften bij het verkrijgen van een hypothecaire geldlening. Gelet op de aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn acht de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet meer passend en zal worden volstaan met de oplegging van een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van acht maanden. Verbeurdverklaring geldbedragen en horloge. Onttrekking aan het verkeer van auto met verborgen bergruimte.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Team Straf, zittingsplaats Haarlem

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 15/166443-18 (P)

Uitspraakdatum: 24 september 2026

Tegenspraak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 10 september 2026 in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1983 te [geboorteplaats] ),

zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,

[adres] .

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie

mr. A.F. Hof en van wat de verdachte en zijn raadsman, mr. T. Nieuwburg, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht.

1. Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat hij zich – samengevat – heeft schuldig gemaakt aan:

feit 1: (schuld)witwassen van contante geldbedragen en een horloge op 22 augustus 2018 te Schiphol;

feit 2: medeplegen van gebruik maken, afleveren en/of voorhanden hebben van valse geschriften in de periode van 31 maart 2016 tot en met 21 januari 2018 te Amsterdam.

De volledige tekst van de tenlastelegging luidt als volgt:

feit 1

hij op of omstreeks 22 augustus 2018 te Schiphol (gemeente Haarlemmermeer), in elk geval in Nederland, van één of meer voorwerp(en) (te weten:

+ een contant geldbedrag (van (ongeveer) 76.320,00 euro) en/of

+ een contant geldbedrag (van (ongeveer) 2.272,00 Amerikaanse dollar) en/of

+ een horloge (merk Hublot, type Big Bang) (ter waarde van (ongeveer) 7.000 euro))

de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld en/of heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende was en/of wie die/dit voorwerp(en) (te weten die geldbedragen (groot (ongeveer) 76.320,00 euro en/of

(ongeveer) 2.272,00 Amerikaanse dollar) en/of dit horloge) voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat die/dit (voornoemde) voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren/was uit enig (eigen) misdrijf;

feit 2

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 31 maart 2016 tot en met 21 januari 2018 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk gebruik heeft gemaakt van en/of opzettelijk heeft afgeleverd en/of opzettelijk voorhanden heeft gehad een of meerdere valse of vervalste arbeidsovereenkomst(en) en/of salarisstro(o)k(en) en/of werkgeversverklaring(en) en/of schenkingsovereenkomst, zijnde (telkens) een of meerdere geschrift(en) dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, als ware het/die echt en onvervalst, bestaande die valsheid/valsheden en/of vervalsing(en) hierin dat in strijd met de waarheid (onder meer):

- die arbeidsovereenkomst(en) en/of salarisstro(o)k(en) en/of

werkgeversverklaring(en) (telkens) vermelden dat hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) in dienst treden en/of werkzaam zijn/arbeid verrichten (in loondienst) voor (ondernemingen/werkgever(s)) [naam 1] en/of [naam 2] en/of [naam 3] , en/of recht hebben op en/of (hebben) ontvangen salaris(betalingen) en/of maandloon van die (voornoemde) ondernemingen en/of werkgever(s), en/of

- die schenkingsovereenkomst vermeldt dat een schenking en/of betaling(en)

is/zijn gedaan door de schoonouders van verdachte en/of ouders van medeverdachte van een bedrag groot (ongeveer) 70.000,00 euro

bestaande dat gebruik maken en/of afleveren en/of voorhanden hebben hierin, dat hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), die arbeidsovereenkomst(en) en/of salarisstro(o)k(en) en/of werkgeversverklaring(en) en/of schenkingsovereenkomst (telkens) heeft/hebben verstrekt of doen toekomen aan

- ( hypotheekadviseur) [naam 4] en/of

- ( hypotheeknemer) [naam 5] Bank N.V.

terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), (telkens) wisten, althans redelijkerwijs moesten vermoeden dat die (valse of vervalste) arbeidsovereenkomst(en) en/of salarisstro(o)k(en) en/of werkgeversverklaring(en) en/of schenkingsovereenkomst bestemd waren/was tot gebruik als ware dit/deze geschrift(en) (telkens) echt en onvervalst.

2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

3. Beoordeling van het bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten, met dien verstande dat de verdachte partieel moet worden vrijgesproken van feit 2, voor zover dat ziet op de schenkingsovereenkomst.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit dat de verdachte integraal moet worden vrijgesproken.

Oordeel van de rechtbank

Bewijs

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten op grond van de bewijsmiddelen in de bijlage bij dit vonnis.

Met de officier van justitie en de raadsman is de rechtbank van oordeel dat het dossier onvoldoende aanknopingspunten biedt om te kunnen vaststellen dat de onder feit 2 ten laste gelegde schenkingsovereenkomst (ver)vals(t) is. De rechtbank zal de verdachte in zoverre vrijspreken van feit 2.

De rechtbank is verder van oordeel dat de bewezenverklaring van feit 2 volgt uit de inhoud van de bewijsmiddelen in de bijlage en, mede gelet op wat door de verdediging is aangevoerd, geen nadere motivering behoeft.

Bewijsmotivering feit 1

Juridisch kader Voor een bewezenverklaring van (schuld)witwassen op grond van artikelen 420bis en 420quater van het Wetboek van Strafrecht (Sr) is vereist dat de ten laste gelegde gedragingen betrekking hebben op een voorwerp dat onmiddellijk of middellijk, geheel of ten dele, afkomstig is uit enig misdrijf.

De rechtbank stelt vast dat er in deze zaak geen rechtstreeks verband valt te leggen tussen enerzijds de in de tenlastelegging genoemde voorwerpen en anderzijds een bepaald concreet misdrijf (gronddelict).

De Hoge Raad heeft met het oog op het bewijs van de criminele herkomst van een voorwerp ingeval er geen rechtstreeks verband valt te leggen tussen dat voorwerp en een concreet misdrijf het volgende beoordelingsschema opgesteld:

“Dat een voorwerp “afkomstig is uit enig misdrijf” (…) kan, als op grond van de beschikbare bewijsmiddelen geen rechtstreeks verband valt te leggen met een bepaald misdrijf, niettemin bewezen worden geacht als het op grond van de vastgestelde feiten en omstandigheden niet anders kan zijn dan dat het voorwerp uit enig misdrijf afkomstig is. Het is aan het openbaar ministerie bewijs aan te dragen van dergelijke feiten en omstandigheden. Als de door het openbaar ministerie aangedragen feiten en omstandigheden een vermoeden rechtvaardigen dat het niet anders kan zijn dan dat het voorwerp uit enig misdrijf afkomstig is, mag van de verdachte worden verlangd dat hij een concrete, verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring geeft dat het voorwerp niet van misdrijf afkomstig is. De omstandigheid dat deze verklaring van de verdachte mag worden verlangd, houdt niet in dat het aan de verdachte is om aannemelijk te maken dat het voorwerp niet van misdrijf afkomstig is.

Als de verdachte zo’n verklaring geeft, ligt het op de weg van het openbaar ministerie nader onderzoek te doen naar die verklaring. De rechter zal dan mede op basis van de resultaten van dat onderzoek moeten beoordelen of ondanks de verklaring van de verdachte het witwassen bewezen kan worden op de grond dat (het niet anders kan zijn dan dat) het voorwerp uit enig misdrijf afkomstig is. Als zo’n verklaring uitblijft, mag de rechter die omstandigheid betrekken in zijn overwegingen over het bewijs.”

De rechtbank zal hierna de witwasverdenking tegen de verdachte beoordelen aan de hand van dit beoordelingsschema.

Het vermoeden van witwassen

Op grond van de bewijsmiddelen en de overige inhoud van het dossier stelt de rechtbank vast dat de verdachte zich op 22 augustus 2018 op de luchthaven Schiphol bevond om uit te reizen van Nederland naar Madrid, Spanje. Tijdens een douanecontrole werd in zijn broekspijp een contant geldbedrag van in totaal € 76.320,- aangetroffen, bestaande onder meer uit 135 biljetten van € 500,-. De verdachte vervoerde het pakket met biljetten (omwikkeld met elastiek) aanvankelijk in zijn onderbroek. In de portemonnee van de verdachte werd een geldbedrag van $ 2.272,- aangetroffen. De verdachte had bij de Douane geen aangifte gedaan van het geld dat hij bij zich had. Tijdens zijn aanhouding droeg de verdachte om zijn pols een horloge van het merk Hublot met een taxatiewaarde van € 7.000,-. Ook was de verdachte in het bezit van een zogenoemde cryptotelefoon waarmee versleutelde berichten kunnen worden verstuurd. Het is een feit van algemene bekendheid dat dergelijke telefoons doorgaans worden gebruikt in het criminele circuit.

De verdachte heeft, zoals hierna uiteengezet, op de dag van zijn aanhouding sterk wisselende en tegenstrijdige verklaringen afgelegd over de herkomst en de rechthebbende van het aangetroffen geld. Bovendien kon de verdachte geen documentatie of andere bescheiden tonen waaruit de herkomst van het geld en het horloge bleek.

Tijdens de eerste douanecontrole gaf de rijksspeurhond liquide middelen een positieve reactie op de broek van de verdachte ter hoogte van zijn kruis. Desgevraagd ontkende de verdachte dat hij op die plek geld vervoerde en verklaarde hij dat hij € 10.000,- bij zich had. Na de vondst van het geldbedrag van € 76.320,- in zijn broekspijp verklaarde de verdachte in eerste instantie dat dit zijn eigen geld was, maar kort daarna vertelde hij – uit eigen beweging – dat hij het geld voor iemand anders moest meenemen maar hij niet ging vertellen voor wie. Later die ochtend heeft de verdachte tegen de hulpofficier van justitie verklaard dat het geld niet van hem was, dat hij niet wist wat de herkomst daarvan was en dat hij het geld slechts moest dumpen in Madrid. Tijdens het eerste verhoor door de FIOD diezelfde middag heeft de verdachte verklaard dat het bij hem aangetroffen geld van hem was en dat hij het geld heeft verdiend met professioneel pokerspelen en wedden op voetbalwedstrijden.

De FIOD heeft vervolgens onderzoek gedaan naar de financiële positie van de verdachte en zijn echtgenote in de tien jaar voorafgaand aan de aanhouding. Daaruit is onder meer gebleken dat van de verdachte alleen in het jaar 2017 inkomsten bekend waren ter hoogte van € 20.081,-. Zijn echtgenote heeft in de jaren 2016 tot en met 2018 inkomsten opgegeven van in totaal € 57.689,-. De hoogte van het bij de verdachte aangetroffen bedrag aan contant geld en de waarde van het horloge stonden niet in verhouding tot de bekende inkomsten van de verdachte en zijn echtgenote. Datzelfde gold voor de saldi op hun bankrekeningen.

Deze feiten en omstandigheden rechtvaardigen naar het oordeel van de rechtbank zonder meer het vermoeden dat de geldbedragen en het horloge van enig misdrijf afkomstig zijn.

Verklaring herkomst geld en horloge

De verdachte is in latere verhoren en op de zitting van 10 september 2026 gebleven bij de verklaring die hij heeft afgelegd in het eerste verhoor door de FIOD op 22 augustus 2018, zodat de rechtbank van die verklaring zal uitgaan bij de beoordeling of de verdachte een concrete, verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring over de herkomst van het aangetroffen geld heeft gegeven.

Die verklaring houdt – samengevat – het volgende in. Hij heeft jarenlang geld verdiend met professioneel pokerspelen. Hij heeft gespeeld in het Holland Casino (onder andere op het Leidseplein) en in het buitenland. De verdachte legde steeds contant geld in en liet zijn winsten ook altijd contant uitbetalen. Hij heeft daarvan geen winstverklaringen gekregen, omdat hij niet tegen het casino speelde maar tegen andere personen. De verdachte kan niet verklaren welk deel van het bij hem aangetroffen geld afkomstig is uit pokerwinsten. Hij heeft ook verklaard geld te hebben gewonnen met het wedden op voetbalwedstrijden. De verdachte legde steeds contant geld in en kreeg zijn winsten ook contant uitbetaald. Hij weet niet meer hoeveel geld hij hiermee in totaal heeft gewonnen. Wel heeft de verdachte hiervan bewijsstukken in de vorm van wedbriefjes aangeleverd. De verdachte heeft zijn winsten uit pokeren en gokken niet opgegeven bij de Belastingdienst. Over het Hublot horloge heeft de verdachte verklaard dat hij het horloge zeven of acht jaar geleden voor £ 6.000,- heeft gekocht in een tweedehands horlogewinkel in Londen.

Beoordeling verklaring verdachte De rechtbank stelt in de eerste plaats vast dat de verdachte niet heeft verklaard dat de voorwerpen die bij hem zijn aangetroffen afkomstig zijn uit pokerwinsten en weddenschappen, laat staan voor welk deel. De verdachte heeft slechts in algemene zin aangevoerd dat hij in de jaren voorafgaand aan zijn aanhouding op deze manier geld heeft verdiend. Over de inhoud van die verklaring overweegt de rechtbank daarnaast het volgende.

Pokeren

De rechtbank stelt vast dat de verdachte geen enkel concreet aanknopingspunt heeft verschaft over de winsten die hij met het spelen van poker zou hebben behaald. Zo heeft de verdachte niet kunnen verklaren op welke data, in welke specifieke casino’s (namen en locaties) en tegen welke inleg hij pokerwinsten heeft behaald. De verdachte heeft ook geen inschatting gegeven van de totale winst die hij met pokeren zou hebben verdiend en hoe deze winst zich verhoudt tot het contante geld dat hij op Schiphol bij zich droeg.

Weddenschappen

Op 3 oktober 2018 heeft de toenmalige raadsman van de verdachte een brief gestuurd aan de officier van justitie met bijgevoegd verschillende foto’s en kopieën van zogenoemde wedbriefjes (betting slips). Ook schreef de raadsman dat in de inbeslaggenomen iPhone van de verdachte informatie te vinden zou moeten zijn over zijn gokwinsten.

De rechtbank stelt vast dat de overgelegde wedbriefjes deels onleesbaar en grotendeels slecht leesbaar zijn en in het Albanees zijn uitgegeven. De wedbriefjes vermelden alleen de inzet van de weddenschap en de mogelijke winst die wordt uitbetaald bij een gewonnen weddenschap. De wedbriefjes verschaffen dus geen informatie over wie de weddenschap heeft afgesloten en of daadwerkelijk een bedrag is uitgekeerd. Alleen de verdachte kon hierover helderheid bieden, maar hij heeft dit nagelaten. In het verhoor van 15 november 2018 heeft de verdachte immers geen antwoord willen geven op vragen van de FIOD hierover. Zo heeft de verdachte (onder meer) niet willen verklaren of met alle overgelegde wedbriefjes geld is gewonnen, hoe het plaatsen van zo’n weddenschap in zijn werk ging en of die weddenschappen op locatie zijn geplaatst (en zo ja, welke) of (ook) online. De verdachte heeft telkens volstaan met de opmerking dat de FIOD zijn werk moest doen en het antwoord op de vragen zelf moest achterhalen. Daarnaast heeft de verdachte geweigerd de toegangscode van zijn iPhone te geven, terwijl volgens hem op die telefoon de originele wedbriefjes te vinden zouden zijn.

Horloge

De rechtbank stelt vast dat de verdachte geen concrete informatie heeft gegeven over de herkomst van het horloge. Zo heeft de verdachte de naam en de locatie van de winkel waar hij het horloge zou hebben gekocht niet genoemd, en ook de aankoopdatum heeft hij niet genoemd. Ook heeft de verdachte geen enkel stuk overgelegd waaruit die aankoop zou kunnen blijken.

Conclusie

Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de verklaring van de verdachte niet concreet en niet verifieerbaar is. Het door de verdachte geboden tegenwicht tegen het gerechtvaardigd witwasvermoeden geeft daarmee geen aanleiding om nader onderzoek door het openbaar ministerie te verlangen. Deze vaststelling leidt tot de conclusie dat het niet anders kan zijn dan dat de geldbedragen en het horloge uit enig misdrijf afkomstig zijn en dat de verdachte dit ook wist. De rechtbank acht dan ook wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde witwassen heeft begaan.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan, met dien verstande dat

Feit 1

hij op 22 augustus 2018 te Schiphol (gemeente Haarlemmermeer), van voorwerpen, te weten:

+ een contant geldbedrag van 76.320,00 euro, en

+ een contant geldbedrag van 2.272,00 Amerikaanse dollar, en

+ een horloge (merk Hublot, type Big Bang) ter waarde van ongeveer 7.000 euro,

de herkomst heeft verborgen en/of verhuld, terwijl hij wist dat die voornoemde voorwerpen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf;

Feit 2

hij in de periode van 29 juni 2017 tot en met 21 januari 2018 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk gebruik heeft gemaakt van valse arbeidsovereenkomsten en salarisstroken en werkgeversverklaringen, zijnde geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, als ware die echt en onvervalst, bestaande die valsheden hierin dat in strijd met de waarheid:

- die arbeidsovereenkomsten en salarisstroken en werkgeversverklaringen vermelden dat hij, verdachte, of zijn mededader in dienst treden en/of werkzaam zijn/arbeid verrichten (in loondienst) voor werkgevers [naam 1] en/of [naam 2] en/of [naam 3] , en/of recht hebben op en/of (hebben) ontvangen salaris(betalingen) en/of maandloon van die werkgevers, en bestaande dat gebruik maken hierin, dat hij, verdachte, en zijn mededader die arbeidsovereenkomsten en salarisstroken en werkgeversverklaringen hebben verstrekt of doen toekomen aan

- [naam 4] en

- [naam 5] Bank N.V.

terwijl hij, verdachte, en zijn mededader wisten dat die valse arbeidsovereenkomsten en salarisstroken en werkgeversverklaringen bestemd waren tot gebruik als ware deze geschriften echt en onvervalst.

Wat aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

4. Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten

Het bewezenverklaarde levert op:

feit 1: witwassen;

feit 2: medeplegen van opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, meermalen gepleegd.

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden waardoor de wederrechtelijkheid aan het bewezenverklaarde zou ontbreken. Het bewezenverklaarde is daarom strafbaar.

5. Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is daarom strafbaar.

6. Motivering van de sancties

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van acht maanden met een proeftijd van twee jaren. In haar strafeis heeft de officier van justitie in het voordeel van de verdachte rekening gehouden met een overschrijding van de redelijke termijn van zes en een half jaar.

Daarnaast heeft de officier van justitie ten aanzien van het beslag gevorderd dat de geldbedragen van € 76.320,- en $ 2.272,- en het Hublot horloge zullen worden verbeurd verklaard en dat de personenauto met kenteken [kenteken] zal worden onttrokken aan het verkeer wegens de daarin aangetroffen verborgen bergruimte.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft, indien de rechtbank tot strafoplegging komt, verzocht te volstaan met de oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf die gelijk is aan de tijd die de verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht. De raadsman ziet geen aanknopingspunten voor het opleggen van een voorwaardelijke sanctie als stok achter de deur.

Daarnaast heeft de raadsman ten aanzien van het beslag aangevoerd dat de geldbedragen van € 76.320,- en $ 2.272,- en het Hublot horloge moeten worden teruggegeven aan de verdachte, omdat vrijspraak van feit 1 is bepleit. Ten aanzien van de personenauto met kenteken [kenteken] heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Oordeel van de rechtbank

Bij de beslissing over de sancties die aan de verdachte moeten worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede de persoon van de verdachte, zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. In het bijzonder heeft de rechtbank het volgende in aanmerking genomen.

Ernst van de feiten

De verdachte heeft zich in de eerste plaats schuldig gemaakt aan witwassen. Door het witwassen van crimineel vermogen wordt de onderliggende criminaliteit gefaciliteerd en in stand gehouden. Het vormt een aantasting en ondermijning van de legale economie en is, mede vanwege de ondermijnende invloed ervan op het legale handelsverkeer, een bedreiging voor de samenleving. Daar heeft de verdachte door zijn handelen aan bijgedragen.

Daarnaast heeft de verdachte zich samen met zijn echtgenote schuldig gemaakt aan het gebruik maken van valse geschriften bij het verkrijgen van een hypothecaire geldlening. Hypothecaire geldleningen spelen een belangrijke rol in het economische verkeer. Dergelijk handelen tast het vertrouwen aan dat verstrekkers van hypothecaire leningen moeten kunnen stellen in de aan hen verstrekte stukken en dit kan leiden tot grote financiële schade. Meer in het algemeen schaadt een dergelijke handelwijze het vertrouwen dat in het maatschappelijk verkeer gesteld moet kunnen worden in documenten die strekken tot het bewijs van de daarin vermelde feiten.

Persoon van de verdachte De rechtbank heeft met betrekking tot de persoon van de verdachte gelet op het strafblad van de verdachte van 24 maart 2026. Hieruit blijkt dat de verdachte in Nederland niet eerder strafrechtelijk is veroordeeld. In het Verenigd Koninkrijk is de verdachte wel eerder veroordeeld, maar niet wegens soortgelijke feiten en langer geleden (2007-2008). De rechtbank weegt het strafblad van de verdachte daarom niet in zijn nadeel mee.

De rechtbank heeft verder kennisgenomen van de toelichting die de verdachte op de zitting heeft gegeven omtrent zijn persoonlijke omstandigheden.

Overschrijding van de redelijke termijn

De rechtbank is van oordeel dat in deze zaak sprake is van een aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn. Die termijn is gestart op 22 augustus 2018, de datum waarop de verdachte in verzekering is gesteld. Tot aan dit vonnis is een periode van ruim acht jaar verstreken. Als uitgangspunt heeft te gelden dat de behandeling ter terechtzitting dient te zijn afgerond met een eindvonnis binnen twee jaar nadat de redelijke termijn is aangevangen, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden. De rechtbank is van oordeel dat de overschrijding van de redelijke termijn niet aan de verdachte valt toe te rekenen. Wel is sprake van bijzondere omstandigheden, omdat het onderzoek van de FIOD vrij omvangrijk was en er rechtshulpverzoeken zijn gedaan aan Albanië om inzicht te krijgen in de financiële situatie van de verdachte. Gelet op de tijd die daarmee gemoeid was, stelt de rechtbank de redelijke termijn in deze zaak vast op drie jaar. Dit betekent dat de redelijke termijn met ruim vijf jaar is overschreden. Deze overschrijding moet worden gecompenseerd in de strafoplegging.

De op te leggen straf

De rechtbank is van oordeel dat de ernst van de bewezen verklaarde feiten in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigt. Gelet echter op de aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn acht de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet meer passend en zal worden volstaan met de oplegging van een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van acht maanden. De rechtbank zal daaraan een proeftijd verbinden van één jaar, om de verdachte ervan te weerhouden zich voor het einde van die proeftijd opnieuw schuldig te maken aan een strafbaar feit.

Verbeurdverklaring

De rechtbank is van oordeel dat de onder de verdachte in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen, te weten- een geldbedrag van € 76.320,00 (goednummers: 6063232_97719 t/m 97723);

- een geldbedrag van $ 2.272,00 (goednummers: 6063232_97724 t/m 97727);

- een horloge van het merk Hublot (goednummer: 6063232_97730),

moeten worden verbeurd verklaard.

Uit het onderzoek op de zitting is gebleken dat het onder 1 bewezen verklaarde feit met betrekking tot voornoemde voorwerpen, die aan de verdachte toebehoren, is begaan.

Onttrekking aan het verkeer

De rechtbank is van oordeel dat het onder de verdachte in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerp, te weten een personenauto van het merk Volkswagen met kenteken [kenteken] (goednummer: OI2943-6063232_97712), moet worden onttrokken aan het verkeer.

Dit voorwerp behoort de verdachte toe en is aangetroffen bij gelegenheid van het onderzoek naar de door hem begane feiten. Dit voorwerp kan wegens de daarin aangetroffen verborgen bergruimte dienen tot het begaan van soortgelijke feiten als het onder 1 bewezen verklaarde feit of tot de belemmering van de opsporing daarvan. Tevens is het ongecontroleerde bezit van voormeld in beslag genomen voorwerp in strijd met de wet (artikel 189a Sr).

7. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

14a, 14b, 14c, 33, 33a, 36b, 36d, 47, 57, 225 en 420bis van het Wetboek van Strafrecht.

8. Beslissing

De rechtbank:

Verklaart bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan zoals hiervoor onder 3.4 weergegeven.

Verklaart niet bewezen wat aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt hem daarvan vrij.

Bepaalt dat de bewezen verklaarde feiten de hierboven onder 4. vermelde strafbare feiten opleveren.

Verklaart de verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 (acht) maanden, met bevel dat deze straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat de verdachte voor het einde van de op één jaar bepaalde proeftijd zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Bepaalt dat de tijd die de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van dit vonnis in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de eventueel ten uitvoer te leggen gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Verklaart verbeurd:

- een geldbedrag van € 76.320,00 (goednummers: 6063232_97719 t/m 97723);

- een geldbedrag van $ 2.272,00 (goednummers: 6063232_97724 t/m 97727);

- een horloge van het merk Hublot (goednummer: 6063232_97730).

Onttrekt aan het verkeer:

- een personenauto van het merk Volkswagen met kenteken [kenteken] (goednummer: OI2943-6063232_97712).

Heft op het reeds geschorste bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte.Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. M.S. Neervoort, voorzitter,

mr. N.M.L. Rogmans en mr. J.T.P. Pot, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffier mr. L.S. Rietdijk,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 24 september 2026.

Bijlage

De bewijsmiddelen

(…)

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. M.S. Neervoort
  • mr. N.M.L. Rogmans
  • mr. J.T.P. Pot

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand