RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: 11822727 \ CV EXPL 25-5077
Vonnis van 18 maart 2026
in de zaak van
INFOMEDICS B.V.,
te Almere,
eisende partij,
hierna te noemen: Infomedics ,
gemachtigde: Yards Deurwaardersdiensten B.V.,
tegen
[gedaagde] ,
te [plaats],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde],
procederend in persoon.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding- het mondelinge antwoord- de conclusie van repliek.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. Feiten
[gedaagde] heeft op 5 februari 2025 een geneeskundige behandeling ondergaan bij [bedrijf] (hierna: de tandarts).
Bij e-mail van 10 februari 2025 heeft Infomedics voor de behandeling een factuur ter hoogte van € 28,83 aan [gedaagde] gestuurd. Op de Factuur staat dat de tandarts het eigendom van de vordering heeft overgedragen aan Infomedics Finance B.V. (cessie) en dat tegelijkertijd aan Infomedics opdracht is gegeven de vordering te incasseren. Bij de factuur zijn de Betaalvoorwaarden Infomedics gevoegd.
Bij e-mail van 14 maart 2025 heeft Infomedics een betalingsherinnering aan [gedaagde] gestuurd met het verzoek om de Factuur te betalen binnen 15 dagen nadat de e-mail bij [gedaagde] is bezorgd, bij gebreke waarvan [gedaagde] naast de hoofdsom ook € 31,50 aan incassokosten moet betalen.
Bij e-mail van 31 maart 2025 heeft Infomedics een betalingsherinnering aan [gedaagde] gestuurd met het verzoek om de Factuur te betalen, vermeerderd € 31,50 aan incassokosten.
Bij brieven van 2 en 30 mei 2025 heeft een incassobureau namens Infomedics sommaties aan [gedaagde] gestuurd met het verzoek om de Factuur te betalen, vermeerderd met € 40,00 aan incassokosten en rente.
[gedaagde] heeft aan de betalingsverzoeken geen gehoor gegeven.
3. Het geschil
Infomedics vordert - samengevat - dat de kantonrechter [gedaagde] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, veroordeelt tot betaling van € 69,47, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 28,83 vanaf 24 juli 2025 tot aan de dag van volledige betaling, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten vermeerderd met wettelijke rente. De hoofdsom van € 69,47 bestaat uit een bedrag van € 28,83 voor de geneeskundige behandeling, een bedrag van € 0,64 voor de wettelijke rente berekend tot 24 juli 2025 en een bedrag van € 40,00 voor de buitengerechtelijke incassokosten conform BIK.
Infomedics legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde] op grond van de medische behandelovereenkomst die hij met de tandarts heeft gesloten verplicht is om de kosten van de behandeling te voldoen.
[gedaagde] voert verweer. [gedaagde] erkent de hoofdsom, maar verzet zich tegen de bijkomende kosten. [gedaagde] vindt deze kosten niet terecht. Na ontvangst van een betalingsherinnering per e-mail heeft [gedaagde] geen bericht over de openstaande rekening en de € 40,00 incassokosten meer ontvangen, totdat eind juli 2025 de dagvaarding aan hem werd betekend. Als [gedaagde] nog een aanmaning had gehad met de € 40,00 incassokosten erbovenop, dan had hij die gewoon betaald.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4. De beoordeling
De kern van het geschil is of [gedaagde] de hoofdsom vermeerderd met rente en kosten aan Infomedics moet betalen. De kantonrechter oordeelt dat dat het geval is en licht dat oordeel hierna toe.
Infomedics heeft onbetwist gesteld, zoals ook op de Factuur vermeld staat, dat de tandarts de vordering heeft overgedragen (gecedeerd) aan Infomedics Finance B.V., waarna Infomedics last en opdracht heeft gekregen om de vordering in eigen naam te incasseren. De kantonrechter stelt vast dat Infomedics gerechtigd is de vordering te incasseren.
Ambtshalve toetsing
De geneeskundige behandelingsovereenkomst die aan de vordering ten grondslag ligt is gesloten tussen de tandarts als handelaar en [gedaagde] als consument. In dat geval moet ambtshalve, dus ook als dat door partijen niet aan de orde is gesteld en/of de vordering is erkend, worden getoetst aan het Europese en Nederlandse consumentenrecht.
Ambtshalve toetsing van informatieplichten is hier niet aan de orde, omdat een geneeskundige behandelingsovereenkomst op grond van artikel 6:230h lid 2 sub d van het Burgerlijk Wetboek (BW) is uitgezonderd van toetsing.
Er moet wel ambtshalve getoetst worden aan de Richtlijn oneerlijke bedingen 93/13/EEG. Infomedics vordert immers betaling van de kosten voor een tandartsbehandeling. Daarmee is de vordering gebaseerd op een zogenoemd kernbeding, namelijk de prijs van een behandeling. Op grond van artikel 4 lid 2 van deze richtlijn zijn kernbedingen (zoals het prijsbeding) uitgesloten van toetsing op oneerlijkheid, mits deze transparant zijn.
De kantonrechter oordeelt dat dit prijsbeding niet transparant is. Infomedics heeft gesteld dat de tarieven transparant zijn omdat deze voorafgaand aan de behandeling te raadplegen zijn op de website en/of in de tandarts van de tandarts en/of in de wachtruimte van de zorgaanbieder en omdat het gaat om van overheidswege vastgestelde tarieven die algemeen bekend worden verondersteld. Het is echter de vraag of een patiënt in staat is om op basis van deze tarievenlijst de prijs voor de behandeling vast te stellen. Echter, omdat de tandarts de behandelingskosten berekent aan de hand van de door de NZa vastgestelde (maximum-) tarieven is naar het oordeel van de kantonrechter per definitie geen sprake van een oneerlijk beding. Het prijsbeding wordt dus in stand gelaten.
De kantonrechter heeft onderzocht of er nog andere oneerlijke bedingen van belang voor de vordering zijn, maar die zijn er niet.
[gedaagde] moet het factuurbedrag vermeerderd met de wettelijke rente betalen
Omdat [gedaagde] erkent dat hij het factuurbedrag van € 28,83 verschuldigd is, en geen sprake is van een oneerlijk kernbeding, zal hij worden veroordeeld tot betaling van dit bedrag.
De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf de dag van dagvaarden, omdat Infomedics onvoldoende heeft onderbouwd dat het verzuim vanaf een eerdere datum is ingetreden. Zij stelt dat het verzuim is ingetreden op het moment dat de uiterlijke betaaltermijn van de factuur van 30 dagen is verstreken. Daarmee bedoelt zij kennelijk dat sprake is van een fatale termijn in de zin van artikel 6:83 onder a BW. De kantonrechter volgt dit standpunt niet. Uit de overgelegde stukken blijkt namelijk niet dat partijen een dergelijke fatale betaaltermijn zijn overeengekomen. Blijkens de betaalvoorwaarden (onder bulletpoint 5) gaat ook Infomedics niet uit van een fatale betaaltermijn.
[gedaagde] moet de buitengerechtelijke incassokosten betalen
Infomedics vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). Omdat [gedaagde] een consument is, is voor het toekennen van een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten vereist dat Infomedics hem na het intreden van het verzuim vruchteloos heeft aangemaand door middel van een zogenoemde 14-dagenbrief. De kantonrechter stelt vast dat de door Infomedics verzonden aanmaning van 14 maart 2025, waarvan [gedaagde] de ontvangst niet (voldoende gemotiveerd) heeft weersproken, voldoet aan de wettelijke vereisten. Het gevorderde bedrag van € 40,00 is conform de wettelijke staffel, zodat dit bedrag wordt toegewezen.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. [gedaagde] stelt zich op het standpunt dat hij de kosten van de dagvaarding niet hoeft te betalen, omdat hij na ontvangst van een betalingsherinnering waarin in geval van niet-tijdige betaling aanspraak werd gemaakt op incassokosten, geen bericht meer heeft ontvangen totdat de dagvaarding werd betekend. De kantonrechter volgt [gedaagde] niet in dit betoog. Infomedics heeft immers bij repliek brieven van 2 en 30 mei 2025 overgelegd, waarin [gedaagde] (ter voorkoming van een procedure) nogmaals in de gelegenheid is gesteld om het openstaande factuurbedrag vermeerderd met rente en kosten te betalen. [gedaagde] heeft de ontvangst van deze brieven niet betwist. Pas nadat [gedaagde] ook die betaaltermijnen had laten verstrijken, is Infomedics tot dagvaarden overgegaan.
De proceskosten van Infomedics worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
120,78
- griffierecht
€
135,00
- salaris gemachtigde
€
86,00
(2 punten × € 43,00)
Totaal
€
341,78
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
5. De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen een bedrag van € 68,83, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over een bedrag van € 28,83, met ingang van 31 juli 2025 tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 341,78, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.W. Koenis en in het openbaar uitgesproken op 18 maart 2026.