RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Team Straf, zittingsplaats Haarlem
Meervoudige strafkamer
Parketnummer: 15/271633-25 (P)
Uitspraakdatum: 2 april 2026
Tegenspraak
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 19 maart 2026 in de zaak tegen:
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 1988 te [geboorteplaats],
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres].
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. M.A. Oudendijk en van hetgeen de verdachte en zijn raadsvrouw, mr. B. van Straaten, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht.
1. Tenlastelegging
Aan de verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan:
Feit 1
Valsheid in geschrift begaan als ambtenaar
Feit 2
Oplichting begaan als ambtenaar
De volledige tekst van de tenlastelegging is als bijlage 1 aan dit vonnis gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Voorvragen
De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.
3. Beoordeling van het bewijs
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.
Standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft zich ten aanzien van de bewezenverklaring gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank komt op grond van de feiten en omstandigheden, die zijn vervat in de hierna te noemen bewijsmiddelen, tot een bewezenverklaring van de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten.
De rechtbank heeft vastgesteld dat ten aanzien van de bewezenverklaarde feiten sprake is van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste volzin, van het Wetboek van Strafvordering. Daarom volstaat de rechtbank met een opgave van de bewijsmiddelen op grond waarvan zij tot een bewezenverklaring is gekomen.
De bewijsmiddelen zijn, ook in onderdelen, telkens slechts gebruikt tot het bewijs van het feit of de feiten waarop zij blijkens hun inhoud betrekking hebben en, voor zover het geschriften als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef, onder 5°, van het Wetboek van Strafvordering betreft, telkens slechts gebezigd in verband met de inhoud van de andere bewijsmiddelen.
De hierna vermelde processen-verbaal zijn in de wettelijke vorm opgemaakt door personen die daartoe bevoegd zijn en voldoen ook overigens aan de daaraan bij wet gestelde eisen.
Ten aanzien van feiten 1 en 2:
De bekennende verklaring van de verdachte, zoals afgelegd op de terechtzitting van 19 maart 2026;
Een proces-verbaal van aangifte (zaaksdossier dig. pagina 27 e.v.). Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – in de op 5 februari 2024 door aangever
[naam aangever] afgelegde verklaring;
- Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 251 e.v.), inhoudende het (concept)bestemmingsplan van Bentveld, gemeente Zandvoort, inclusief verbeelding (documentnummer [documentnummer A].DOC);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 475 e.v.), inhoudende een verkoopovereenkomst aangaande een perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld, gemeente Zandvoort, kadastraal bekend als gemeente Zandvoort [kadasternummer], gedateerd 25 april 2022 en 26 april 2022 (documentnummer [documentnummer B].DOC) en de aan deze verkoopovereenkomst gehechte verkooptekening d.d. 1 februari 2022;
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 463), inhoudende een gemeentelijke volmacht op naam van [naam A], d.d. 26 oktober 2022 (documentnummer [documentnummer C].DOC);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 464), inhoudende een gemeentelijke volmacht op naam van [naam A], d.d. 2 november 2022
(documentnummer [documentnummer D].DOC)
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 390), inhoudende een e-mail van de verdachte aan [naam B] d.d. 4 mei 2021 met als onderwerp “verkoop gemeentegrond [straatnamen]” (documentnummer [documentnummer E]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 401), inhoudende een e-mail van de verdachte aan [naam B] d.d. 13 december 2021 met als onderwerp “verkoop gemeentegrond Bentveld” (documentnummer [documentnummer F]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 263 e.v.), inhoudende een notitie d.d. 6 februari 2024 met als onderwerp “input m.b.t. vragen gemeente Zandvoort bestemmingsplan Bentveld” (documentnummer [documentnummer G]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 251 e.v.), inhoudende een raadsstuk d.d. 18 januari 2022 met als onderwerp “vaststellen bestemmingsplan Bentveld” (documentnummer [documentnummer A]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 429 e.v.), inhoudende een e-mail van de verdachte aan [naam C] d.d. 8 februari 2022 met als onderwerp: “verzoek tot opstellen akte van levering” (documentnummer [documentnummer H]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 308 e.v.), inhoudende e-mail van [naam B] aan [naam D] met als onderwerp: “volmacht” (documentnummer [documentnummer I]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 439 e.v.), inhoudende e-mail van de verdachte aan [notariskantoor] d.d. 26 april 2022 met als onderwerp: “verzoek tot opstellen akte van levering” (documentnummer [documentnummer L]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 475 e.v.), inhoudende een verkoopovereenkomst grond [straatnaam A] te Bentveld, gemeente Zandvoort d.d. 25 en 26 april 2022 (documentnummer [documentnummer B].DOC);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 322 e.v.), inhoudende een e-mail van [naam E] aan [naam F] d.d. 5 februari 2024 met als onderwerp: “[verdachte]” (documentnummer [documentnummer J]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 463), inhoudende een volmacht [kadasternummer] Bentveld, gemeente Zandvoort d.d. 26 oktober 2022 (documentnummer [documentnummer C]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 464), inhoudende een volmacht [kadasternummer] Bentveld, gemeente Zandvoort d.d. 2 november 2022 (documentnummer [documentnummer D]);
Een schriftelijk bescheid (zaaksdossier dig. pagina 493), inhoudende een inschrijving ten kantore van de Dienst voor het Kadaster en de Openbare Registers op 21 november 2022 van perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld (documentnummer [documentnummer K]).
Bewezenverklaring
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan, met dien verstande dat
Feit 1:
hij op een of meer tijdstippen in de periode van 17 september 2021 tot en met 21 november 2022 te Zandvoort en/of Haarlem, althans in Nederland, als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr) geschriften, waaronder de navolgende:
1. Het (concept)bestemmingsplan van Bentveld, gemeente Zandvoort, inclusief verbeelding (documentnummer: [documentnummer A].DOC, dossierpagina 1222-1233)
2. Een verkoopovereenkomst aangaande een perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld, gemeente Zandvoort, kadastraal bekend als gemeente Zandvoort [kadasternummer], gedateerd 25 april 2022 en 26 april 2022 (documentnummer [documentnummer B].DOC, dossierpagina 1446-1451) en de aan deze verkoopovereenkomst gehechte verkooptekening d.d. 1 februari 2022
3. Een gemeentelijk volmacht op naam van [naam A], d.d. 26 oktober 2022 (documentnummer: [documentnummer C].DOC, dossierpagina 1434)
4. Een gemeentelijk volmacht op naam van [naam A], d.d. 2 november 2022
(documentnummer: [documentnummer D].DOC, dossierpagina 1435)
die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, telkens met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken valselijk heeft opgemaakt en/of heeft doen opmaken en/of heeft vervalst, bestaande die valsheid hierin dat hij telkens valselijk, immers opzettelijk in strijd met de waarheid telkens
- een wijziging aan de kadastrale kaart van het bestemmingsplan van het dorp Bentveld, gemeente Zandvoort, heeft laten toevoegen en
- genoemde geschriften (2, 3, 4) uit naam van [naam A] heeft opgesteld en
- op genoemde geschriften (2, 3, 4) de handtekening en paraaf van [naam A] heeft geplaatst;
terwijl hij door het begaan van het strafbaar feit een bijzondere ambtsplicht heeft geschonden of bij het begaan van een strafbaar feit gebruik heeft gemaakt van macht, gelegenheid of middel hem door zijn ambt geschonken;
Feit 2:
hij op een of meer tijdstippen in de periode van 4 mei 2021 tot en met 21 november 2022 te Zandvoort en/of Haarlem, althans in Nederland, deels als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr) telkens met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, de gemeente Zandvoort heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten de overdracht van een perceel, gelegen aan de [straatnaam A] te Bentveld, kadastraal bekend als gemeente Zandvoort [kadasternummer], immers heeft hij, verdachte, met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven
- valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid:
- vanaf 4 mei 2021 een voorstel bij [naam B], Assetmanager Vastgoed van de gemeente Zandvoort, neergelegd om een stuk groenstrook ter hoogte van de [straatnamen] te Bentveld “om niet of voor een symbolisch bedrag” te verkopen om tegemoet te komen aan bezwaren van buurtbewoners tegen woningontwikkelingen (documentnummer [documentnummer E], paginanummer 1361) en daarbij gesteld dat de huidige bestemming (groen) van het perceel ongewijzigd blijft (documentnummer [documentnummer F], paginanummer 1372) en
- een notitie gestuurd uit naam van gemeente Zandvoort aan [naam G] van de [bedrijfsnaam], d.d. 17 september 2021, met o.a. de opdracht een aanpassing te doen aan (de verbeelding van) het bestemmingsplan van Bentveld, door een woonkavel toe te voegen naast het perceel [straatnaam A] 6 te Bentveld (documentnummer [documentnummer G], paginanummer 1237, met name 1240 onder n) en
- een raadsstuk geschreven en ingebracht ten behoeve van het vaststellen van het bestemmingsplan Bentveld door het College van Burgemeester en Wethouders op 18 januari 2022, waarin hij de wijziging van de bestemming van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld niet noemt (documentnummer [documentnummer A], paginanummer 1222) en een verbeelding als bijlage bij het raadsstuk gevoegd, waarin de bestemming van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld is gewijzigd van “groen” naar “wonen en tuin” en
- op 8 februari 2022, als medewerker van de gemeente Zandvoort, een verzoek tot het opstellen van een akte van levering gedaan aan notariskantoor [kantoornaam] te Zandvoort, ten behoeve van de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld “om niet (€ 1,-)” aan mevrouw [moeder van verdachte], waarbij gemeld wordt dat het gaat om een groenstrook (documentnummer [documentnummer H], paginanummer 1400-1404) en
- in februari 2022 een verzoek gedaan aan dhr. [naam B], Assetmanager Vastgoed van de gemeente Zandvoort, voor het regelen van een volmacht ter afronding van de leveringsakte ten behoeve van de overdracht van het perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld aan mevrouw [moeder van verdachte] (documentnummer [documentnummer I], paginanummer 1279-1280) en
- in april 2022, als medewerker van de gemeente Zandvoort, een verzoek tot het opstellen van een akte van levering gedaan aan notariskantoor [kantoornaam B] te Amsterdam, ten behoeve van de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld aan mevrouw [moeder van verdachte] (documentnummer [documentnummer L], paginanummer 1411 en 1412) en
- een verkoopovereenkomst aangaande het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld opgesteld en deze verkoopovereenkomst, gedateerd 25 en 26 april 2022, laten tekenen door [moeder van verdachte] en getekend namens [naam A] (documentnummer [documentnummer B].DOC, dossierpagina 1446-1451) en
- op 18 oktober 2022 de mailbox [adresnaam]@haarlem.nl aangevraagd, waarvoor hij, verdachte, als enige medewerker van gemeente Haarlem-Zandvoort was geautoriseerd en middels dit e-mailadres gecommuniceerd ten behoeve van de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld (documentnummer [documentnummer J], paginanummer 1294-1295) en
- volmachten (d.d. 26 oktober 2022 en 2 november 2022) namens de gemeente Zandvoort op naam van [naam A] opgemaakt of laten opmaken en gebruikt, om de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld te bewerkstelligen (documentnummer [documentnummer C] en [documentnummer D], respectievelijk paginanummers 1434 en 1435) en deze volmachten en een kopie van het paspoort van [naam A] als medewerker van de gemeente Zandvoort gestuurd naar notariskantoor [kantoornaam B] te Amsterdam en
- op 21 november 2022, met gebruikmaking van de hiervoor genoemde volmachten, de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld van de gemeente Zandvoort aan [moeder van verdachte] bij notariskantoor [kantoornaam B] te Amsterdam heeft laten plaatsvinden (documentnummer [documentnummer K], paginanummer 1464)
terwijl hij door het begaan van het strafbaar feit een bijzondere ambtsplicht heeft geschonden en/of bij het begaan van het strafbaar feit gebruik heeft gemaakt van macht, gelegenheid of middel hem door zijn ambt geschonken.
De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten zijn verbeterd. Blijkens het verhandelde op de terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in zijn verdediging.
Hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.
4. Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
Het bewezenverklaarde levert op de eendaadse samenloop van:
Feit 1:
valsheid in geschrift, terwijl door het begaan van het feit de bijzondere ambtsplicht is geschonden, meermalen gepleegd
Feit 2:
oplichting, terwijl door het begaan van het feit de bijzondere ambtsplicht is geschonden, meermalen gepleegd
Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden waardoor de wederrechtelijkheid aan het bewezenverklaarde zou ontbreken. Het bewezenverklaarde is dus strafbaar.
5. Strafbaarheid van de verdachte
Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.
6. Motivering van de sanctie
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, waarvan zes (6) maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. De officier van justitie heeft daarnaast primair gevorderd als bijkomende straf een ontzetting uit het recht tot het uitoefenen van het beroep (juridisch) adviseur bij overheidsinstellingen, gedurende een periode van vijf (5) jaar. Subsidiair heeft de officier van justitie gevorderd om een verbod tot het uitoefenen van het beroep van (juridisch) adviseur bij overheidsinstellingen op te leggen als bijzondere voorwaarde gekoppeld aan het voorwaardelijk deel van de gevangenisstraf.
Standpunt van de verdediging
De raadvrouw heeft de rechtbank verzocht, rekening houdend met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en zijn proceshouding, de verdachte een geldboete op te leggen. De raadsvrouw acht de oplegging van een gevangenisstraf niet aangewezen, waarbij zij wijst op een aantal door haar genoemde eerdere uitspraken van rechtbanken en hoven. De raadsvrouw heeft de rechtbank verzocht om ook geen onvoorwaardelijke taakstraf op te leggen, nu een onttrekking aan de arbeidsmarkt nadelige gevolgen heeft voor zijn alimentatieverplichting richting zijn ex-partner en zijn dochter en zijn kostbare tijd met zijn dochter. Daarnaast heeft de raadsvrouw de rechtbank verzocht om geen beroepsverbod in de vorm van een bijkomende straf of als bijzondere voorwaarde aan de verdachte op te leggen, nu de verwachting is dat, vanwege een veroordeling in onderhavige zaak, aan de verdachte geen Verklaring Omtrent het Gedrag (hierna: VOG) zal worden verstrekt.
Oordeel van de rechtbank
Bij de beslissing over de sancties die aan de verdachte moeten worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van de bewezenverklaarde feiten en de omstandigheden waaronder deze feiten zijn begaan, alsmede de persoon van de verdachte, zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.
In het bijzonder heeft de rechtbank het volgende in aanmerking genomen.
De ernst van de feiten
De verdachte heeft zich, als ambtenaar zijnde bij de gemeente Zandvoort/Haarlem, gedurende een periode van ruim anderhalf jaar meermalen schuldig gemaakt aan valsheid in geschrift en oplichting. De verdachte heeft het bestemmingsplan van Bentveld valselijk doen opmaken door een perceel grond wat de bestemming “groen” had, te laten wijzigen in de bestemming “wonen en tuin”. Vervolgens heeft de verdachte dit perceel grond namens de gemeente voor een prijs ver onder de marktwaarde bij een gewijzigde bestemming verkocht aan zijn moeder, door gebruikmaking van valselijk opgemaakte volmachten en een valselijk opgemaakte koopovereenkomst. Pas ver ná de ten laste gelegde periode, namelijk in januari 2024, is er een verdenking jegens de verdachte ontstaan, dankzij de oplettendheid van een collega. Tot die tijd heeft de verdachte zijn strafrechtelijk verwijtbaar handelen weten te verdoezelen.
De verdachte heeft door zijn handelwijze stelselmatig het door de gemeente en de samenleving in hem gestelde vertrouwen beschaamd en zijn positie misbruikt voor persoonlijk voordeel. Burgers en bedrijven moeten erop kunnen vertrouwen dat beslissingen van de overheid op objectieve gronden worden genomen. Daarnaast moet het centrale gezag kunnen vertrouwen op de loyaliteit en betrouwbaarheid van de eigen ambtenaren. Door het handelen van de verdachte is dat vertrouwen geschaad en is het imago van de overheid aangetast.
Persoon van de verdachte
Met betrekking tot de persoon van de verdachte heeft de rechtbank gelet op zijn strafblad van 11 maart 2026, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder voor een strafbaar feit is veroordeeld.
Op te leggen straf
Op het moment van levering had het bewuste perceel als aanbouwgrond met bestemming “wonen en tuin” een objectieve waarde van € 330.000,-. De verdachte heeft het perceel in het kader van de bewezen verklaarde feiten voor € 15.000,- door de gemeente aan zijn moeder laten verkopen. Het bevoordelingbedrag is aldus € 315.000,-.
Om te bevorderen dat landelijk voor dezelfde feiten door rechtbanken en gerechtshoven ongeveer dezelfde straf wordt opgelegd, zijn landelijke oriëntatiepunten door het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (hierna: LOVS) ontwikkeld. De oriëntatiepunten adviseren in geval van een benadelingsbedrag tussen de € 250.000, - en
€ 500.000, - een gevangenisstraf tussen de 12 en 18 maanden.
De rechtbank ziet in dit geval echter aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken. Daartoe overweegt de rechtbank als volgt. Hoewel het perceel op enig moment juridisch in eigendom is overgedragen aan de moeder van de verdachte, is de feitelijke economische bevoordeling in de vorm van het hiervoor genoemde bedrag van € 315.000,- nooit gerealiseerd, omdat het strafrechtelijk verwijtbare handelen van de verdachte daarvoor werd ontdekt. De hiervoor benodigde kadastrale inmeting van de grond liep vast en kort daarna is het strafbaar handelen van de verdachte ontdekt. Voor de verdachte is het derhalve niet mogelijk geweest om van een beoogd voordeel van € 315.000,- daadwerkelijk te genieten. Dit maakt dat de rechtbank geen aanknoping zoekt bij dit benadelingsbedrag in de LOVS. De verdachte heeft het perceel grond aan de gemeente terug geleverd en ook een deel van de door de gemeente gemaakte kosten (in het kader van een schadeloosstelling) tot een bedrag van € 43.493,18 vergoed.
De rechtbank acht voorts het van belang dat de feiten inmiddels meer dan drie jaar geleden hebben plaatsgevonden.
Voorts acht de rechtbank het bij het bepalen van de straf van belang dat de verdachte het laakbare van zijn handelen niet volledig lijkt in te zien en de rechtbank ook twijfels heeft over het zelf reflecterend vermogen van de verdachte. Zo lijkt de verdachte zich onvoldoende bewust te zijn van de nadelige gevolgen die zijn strafbare gedragingen voor zijn toenmalige collega’s en de gemeenschap hebben gehad en is hij ná onderhavige verdenking als zelfstandig ondernemer werkzaam geweest bij een andere gemeente binnen hetzelfde werkgebied.
Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een taakstraf bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid van het na te noemen aantal uren moet worden opgelegd.
Voor het geval de verdachte de taakstraf niet naar behoren vervult, zal de rechtbank bevelen dat aan hem vervangende hechtenis zal worden opgelegd voor de hierna te vermelden duur.
Daarnaast acht de rechtbank een gevangenisstraf van na te noemen duur passend en geboden. De rechtbank zal echter bepalen dat deze straf vooralsnog niet ten uitvoer zal worden gelegd en zal daaraan een proeftijd verbinden van twee jaren, opdat de verdachte ervan wordt weerhouden zich voor het einde van die proeftijd schuldig te maken aan een strafbaar feit.
De rechtbank acht het opleggen van een beroepsverbod als bijkomende straf of als bijzondere voorwaarde gekoppeld aan een voorwaardelijk opgelegde straf niet noodzakelijk, omdat in dit geval het systeem van de VOG het beoogde doel van een beroepsverbod voldoende ondervangt dat de verdachte de komende jaren het beroep van adviseur bij overheidsinstellingen kan uitoefenen.
7. Toepasselijke wettelijke voorschriften
De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:
14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 44, 55, 225 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.
8. Beslissing
De rechtbank:
Verklaart bewezen dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan zoals hiervoor onder 3.4 weergegeven.
Verklaart niet bewezen wat aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt hem daarvan vrij.
Bepaalt dat de onder 1 en 2 bewezen verklaarde feiten de hierboven onder 4. vermelde strafbare feiten opleveren.
Verklaart de verdachte hiervoor strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) maanden, met bevel dat deze straf niet ten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van twee (2) jaren.
Stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.
Veroordeelt de verdachte tot het verrichten van 240 (tweehonderdveertig) uren taakstraf die bestaat uit het verrichten van onbetaalde arbeid, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.
Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum
Dit vonnis is gewezen door:
mr. C.S. Schoorl, voorzitter,
mr. A.K. Korteweg en mr. F.V. Streiff, rechters,
in tegenwoordigheid van de griffier mr. M.N. de Bruijn
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 2 april 2026.
Bijlage I
Tenlastelegging
Feit 1
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 17 september 2021 tot en met 21 november 2022 te Zandvoort en/of Haarlem, althans in Nederland, als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr) een of meer geschriften, waaronder de navolgende:
1. Het (concept)bestemmingsplan van Bentveld, gemeente Zandvoort, inclusief verbeelding (documentnummer: [documentnummer A].DOC, dossierpagina 1222-1233)
2. Een verkoopovereenkomst aangaande een perceel aan de [straatnaam A] te Zandvoort, kadastraal bekend als gemeente Zandvoort [kadasternummer], gedateerd 25 april 2022 en 26 april 2022 (documentnummer [documentnummer B].DOC, dossierpagina 1446-1451) en/of de aan deze verkoopovereenkomst gehechte verkooptekening d.d. 1 februari 2022
3. Een gemeentelijk volmacht op naam van [naam A], d.d. 26 oktober 2022
(documentnummer: [documentnummer C].DOC, dossierpagina 1434)
4. Een gemeentelijk volmacht op naam van [naam A], d.d. 02 november 2022 (documentnummer: [documentnummer D].DOC, dossierpagina 1435) althans één of meer geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, (telkens) met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken valselijk heeft opgemaakt en/of heeft doen opmaken en/of heeft vervalst en/of heeft doen vervalsen, bestaande die valsheid hierin dat hij (telkens) valselijk, immers opzettelijk in strijd met de
waarheid (telkens)
- een wijziging aan de kadastrale kaart van het bestemmingsplan van het dorp Bentveld, gemeente Zandvoort, heeft toegevoegd en/of heeft laten toevoegen en/of
- genoemde geschriften (2, 3, 4) uit naam van [naam A] heeft opgesteld en/of heeft laten opstellen en/of
- op genoemde geschriften (2, 3, 4) de handtekening en/of paraaf van [naam A] heeft geplaatst en/of heeft laten plaatsen;
terwijl hij door het begaan van het strafbaar feit een bijzondere ambtsplicht heeft geschonden of bij het begaan van een strafbaar feit gebruik heeft gemaakt van macht, gelegenheid of middel hem door zijn ambt geschonken;
Feit 2
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 04 mei 2021 tot en met 21 november 2022 te Zandvoort en/of Haarlem, althans in Nederland, (deels) als ambtenaar (als bedoeld in artikel 44 WvSr) (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, de gemeente Zandvoort heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten de overdracht van een perceel, gelegen aan de [straatnaam A] te Bentveld, kadastraal bekend als gemeente Zandvoort [kadasternummer],
immers heeft hij, verdachte, met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven
- valselijk en/of listeiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid:
- vanaf 4 mei 2021 een voorstel bij [naam B], Assetmanager Vastgoed van de gemeente Zandvoort, neergelegd om een stuk groenstrook ter hoogte van de [straatnamen] te Bentveld “om niet of voor een symbolisch bedrag” te verkopen om tegemoet te komen aan bezwaren van buurtbewoners tegen woningontwikkelingen (documentnummer [documentnummer E], paginanummer 1361) en/of (daarbij) gesteld dat de huidige bestemming (groen) van het perceel ongewijzigd blijft (documentnummer [documentnummer F], paginanummer 1372) en/of
- een notitie gestuurd uit naam van gemeente Zandvoort aan [naam G] van de [bedrijfsnaam], d.d. 17 september 2021, met o.a. de opdracht een aanpassing te doen aan (de verbeelding van) het bestemmingsplan van Bentveld, door een woonkavel toe te voegen naast het perceel [straatnaam A] te Bentveld (documentnummer [documentnummer G], paginanummer 1237, met name 1240 onder n) en/of
- een raadsstuk geschreven en ingebracht ten behoeve van het vast stellen van het bestemmingsplan Bentveld door het College van Burgemeester en Wethouders op 18 januari 2022, waarin hij de wijziging van de bestemming van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld niet noemt (documentnummer [documentnummer A], paginanummer 1222) en/of een verbeelding als bijlage bij het raadsstuk gevoegd, waarin de bestemming van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld is gewijzigd van “groen” naar “wonen en tuin” en/of
- op 8 februari 2022, als medewerker van de gemeente Zandvoort, een verzoek tot het opstellen van een akte van levering gedaan aan notariskantoor Van der Valk te Zandvoort, ten behoeve van de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld “om niet (€ 1,-)” aan mevrouw [moeder van verdachte], waarbij gemeld wordt dat het gaat om een groenstrook (documentnummer [documentnummer H], paginanummer 1400-1404) en/of
- in februari 2022 een verzoek gedaan aan dhr. [naam B], Assetmanager Vastgoed van
de gemeente Zandvoort, voor het regelen van een volmacht ter afronding van de leveringsakte ten behoeve van de overdracht van het perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld aan mevrouw [moeder van verdachte] (documentnummer [documentnummer I], paginanummer 1279-1280) en/of
- in april 2022, als medewerker van de gemeente Zandvoort, een verzoek tot het opstellen van een akte van levering gedaan aan notariskantoor [kantoornaam B] te Amsterdam, ten behoeve van de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld aan mevrouw [moeder van verdachte] (documentnummer [documentnummer L], paginanummer 1411 en 1412) en/of
- een verkoopovereenkomst aangaande het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld opgesteld en/of deze verkoopovereenkomst, gedateerd 25 en 26 april 2022, laten tekenen door [moeder van verdachte] en/of getekend of laten tekenen namens [naam A] (documentnummer [documentnummer B].DOC, dossierpagina 1446-1451)
en/of
- op 18 oktober 2022 de mailbox [adresnaam]@haarlem.nl aangevraagd, waarvoor hij, verdachte, als enige medewerker van gemeente Haarlem-Zandvoort was geautoriseerd en/of middels dit e-mailadres gecommuniceerd ten behoeve van de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld (documentnummer [documentnummer J], paginanummer 1294-1295) en/of
- een of meer volmachten (d.d. 26 oktober 2022 en 2 november 2022) namens de gemeente Zandvoort op naam van [naam A] opgemaakt of laten opmaken en/of gebruikt, om de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld te bewerkstelligen (documentnummer [documentnummer C] en [documentnummer D], respectievelijk paginanummers 1434 en 1435) en/of deze volmachten en/of een kopie van het paspoort van [naam A] als medewerker van de gemeente Zandvoort gestuurd naar notariskantoor [kantoornaam B] te Amsterdam en/of
- op 21 november 2022, met gebruikmaking van de hiervoor genoemde volmachten, de overdracht van het bewuste perceel aan de [straatnaam A] te Bentveld van de gemeente Zandvoort aan [moeder van verdachte] bij notariskantoor [kantoornaam B] te Amsterdam heeft laten plaatsvinden (documentnummer [documentnummer K], paginanummer 1464) terwijl hij door het begaan van het strafbaar feit een bijzondere ambtsplicht heeft geschonden en/of bij het begaan van het strafbaar feit gebruik heeft gemaakt van macht, gelegenheid of middel hem door zijn ambt geschonken.