ECLI:NL:RBNHO:2026:5440

ECLI:NL:RBNHO:2026:5440

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 22-04-2026
Datum publicatie 15-05-2026
Zaaknummer 11546629 \ CV EXPL 25-1030
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Haarlem

Samenvatting

Luchtvaart. AirHelp vordert compensatie vanwege een langdurig vertraagde vlucht. Zij heeft voldoende onderbouwd dat een aantal passagiers hun vorderingsrechten daartoe aan haar hebben overgedragen. Het verweer van de vervoerder dat hij de passagiers al via een andere partij zou hebben gecompenseerd slaagt niet. De vordering wordt (grotendeels) toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11546629 \ CV EXPL 25-1030

Uitspraakdatum: 22 april 2026

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de vennootschap naar het recht harer vestigingAirHelp Germany GmbH

gevestigd te Berlijn, Duitsland

eiseres

hierna te noemen: AirHelp

gemachtigde: mr. D.E. Lof (Lof Legal Services)

tegen

de buitenlandse vennootschap

Air Europa Lineas Aereas S.A.

gevestigd te Balearen, Spanje

gedaagde

hierna te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. S. van den Boogaard (De La Fuente advocaten)

De zaak in het kort

AirHelp vordert compensatie vanwege een langdurig vertraagde vlucht. Zij heeft voldoende onderbouwd dat een aantal passagiers hun vorderingsrechten daartoe aan haar hebben overgedragen. Het verweer van de vervoerder dat hij de passagiers al via een andere partij zou hebben gecompenseerd slaagt niet. De vordering wordt (grotendeels) toegewezen.

1. Het procesverloop

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding:

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

[betrokkene 1], [betrokkene 2], [betrokkene 3] en [betrokkene 4] en [betrokkene 5] (hierna: de passagiers) hebben met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 31 mei en 1 juni 2023 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport, via Madrid, Spanje, naar Lima, Peru, met vluchtcombinatie UX1094 en UX175.

De vervoerder heeft vlucht UX175 van Madrid naar Lima (hierna: de vlucht) vertraagd uitgevoerd. De passagiers zijn met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming.

AirHelp heeft compensatie van de vervoerder gevorderd.

De vervoerder heeft niet uitbetaald.

3. Het geschil

AirHelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 3.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de datum van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- € 450,00 aan buitengerechtelijke incassokosten;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente.

AirHelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). AirHelp stelt dat de passagiers hun eventuele vorderingsrechten aan haar hebben overgedragen en dat de vervoerder haar daarom en vanwege de vertraging van de vlucht de compensatie moet voldoen van € 600,- per persoon.

De vervoerder betwist dat de passagiers hun eventuele vorderingsrechten aan AirHelp hebben overgedragen. Daarnaast voert hij aan dat hij de gevorderde compensatie al (via een derde) aan de passagiers heeft betaald.

4. De beoordeling

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat zij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

De vervoerder betwist dat de passagiers hun eventuele vorderingsrechten aan AirHelp hebben overgedragen. Hij voert aan dat de door AirHelp overgelegde cessieaktes dateren van 27 oktober 2024. De passagiers hebben hun eventuele vorderingsrechten echter al op 3 juli 2023 overgedragen aan een derde (EUclaim B.V.). Daarom waren de passagiers op het moment van het tekenen van de cessieaktes niet meer bevoegd om de vorderingen (opnieuw) over te dragen. Bovendien heeft hij de passagiers al via EUclaim gecompenseerd. Ter onderbouwing heeft hij een aantal documenten van EUclaim overgelegd.

Het verweer slaagt niet. De kantonrechter oordeelt dat AirHelp voldoende concreet heeft gesteld en onderbouwd dat de passagiers hun eventuele vorderingsrechten (geldig) aan haar hebben overgedragen. De vervoerder heeft dit onvoldoende gemotiveerd betwist. Hoewel de overgelegde documenten van EUclaim te denken geven, hebben deze de titel ‘Power of attorney form adults (volmacht meerderjarige passagiers)’. Het betreffen dus volmachten van de passagiers aan EUclaim om namens hen in rechte op te treden. Ook uit de tekst van deze documenten blijkt niet dat de passagiers daarin hun eventuele vorderingsrechten hebben overgedragen aan EUclaim (of een ander). De vervoerder heeft niet anderszins betwist dat de passagiers op het moment van het tekenen van de cessieaktes bevoegd waren om hun eventuele vorderingsrechten aan AirHelp over te dragen. Daarmee staat vast dat zij deze (geldig) aan haar hebben overgedragen.

Het verweer dat de vervoerder de passagiers al zou hebben gecompenseerd (via EUclaim) slaagt evenmin. De vervoerder heeft deze stelling namelijk in het geheel niet onderbouwd en AirHelp heeft dit betwist. Het had daarom op de weg van de vervoerder gelegen om deze stelling nader te onderbouwen, bijvoorbeeld door concreet te stellen op welke datum het bedrag zou zijn betaald en daarvan betaalbewijzen te overleggen. Omdat hij dit heeft nagelaten, heeft hij onvoldoende concreet gesteld en onderbouwd dat hij de compensatie al heeft betaald. De vervoerder heeft voor het overige geen verweer gevoerd tegen de vordering tot compensatie. Daarom zal deze worden toegewezen.

De over de compensatie gevorderde wettelijke rente is eveneens toewijsbaar vanaf het moment waarop de passagiers schade hebben geleden. Dat is de dag waarop zij op de eindbestemming hadden moeten aankomen. Het betreft hier een vordering tot vergoeding van forfaitair berekende schade, zodat deze direct opeisbaar is. Het verzuim treedt zonder ingebrekestelling in op het moment dat de schade wordt geleden. De wettelijke rente wordt daarom toegewezen vanaf 1 juni 2023.

AirHelp heeft een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. De vervoerder betwist deze vordering. De vordering heeft geen betrekking op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van toepassing is. Daarom moet de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn, toetsen aan het rapport Voorwerk II. AirHelp heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de verrichte werkzaamheden meer hebben omvat dan de verzending van een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten moet daarom worden afgewezen.

De vervoerder zal grotendeels in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal hij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door AirHelp worden gemaakt. De gevorderde rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.

5. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt de vervoerder tot betaling aan AirHelp van € 3.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 1 juni 2023 tot aan de dag van voldoening van dit bedrag;

veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van AirHelp tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 144,47;griffierecht € 514,00;salaris gemachtigde € 506,00;

vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

veroordeelt de vervoerder tot betaling van € 126,50 aan nakosten, voor zover AirHelp daadwerkelijk nakosten zal maken, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S. Kleij, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. S. Kleij

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand