ECLI:NL:RBNHO:2026:5448

ECLI:NL:RBNHO:2026:5448

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 29-04-2026
Datum publicatie 15-05-2026
Zaaknummer 11704671 \ CV EXPL 25-3152
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Haarlem

Samenvatting

Luchtvaart. De passagiers vorderen compensatie voor een geannuleerde vlucht. De vervoerder doet een beroep op buitengewone omstandigheden. Dit verweer slaagt niet omdat hij onvoldoende heeft onderbouwd waarom het noodzakelijk was om de passagiers om te boeken naar een latere aansluitende vlucht. Daarmee heeft hij niet alle redelijke maatregelen getroffen om de vertraging te voorkomen. Daarnaast stelt de vervoerder dat de gevorderde compensatie moet worden gehalveerd omdat de passagiers binnen vier uur na de oorspronkelijk geplande aankomsttijd op de bestemming zijn aangekomen. Dit verweer slaagt. De compensatie wordt gehalveerd toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11704671 \ CV EXPL 25-3152

Uitspraakdatum: 29 april 2026

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

1. [eiser 1], wonende te [plaats 1]

2. [eiser 2], wonende te [plaats 2]

eisers

hierna gezamenlijk te noemen: de passagiers

gemachtigde: mr. R. Bos (ProBe-ASP B.V., handelende onder de naam Aviclaim)

tegen

de vennootschap naar buitenlands recht

British Airways PLC

gevestigd te Harmondsworth, Verenigd Koninkrijk

gedaagde

hierna te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. J.J.O. Zandt (Ploum)

De zaak in het kort

De passagiers vorderen compensatie voor een geannuleerde vlucht. De vervoerder doet een beroep op buitengewone omstandigheden. Dit verweer slaagt niet omdat hij onvoldoende heeft onderbouwd waarom het noodzakelijk was om de passagiers om te boeken naar een latere aansluitende vlucht. Daarmee heeft hij niet alle redelijke maatregelen getroffen om de vertraging te voorkomen. Daarnaast stelt de vervoerder dat de gevorderde compensatie moet worden gehalveerd omdat de passagiers binnen vier uur na de oorspronkelijk geplande aankomsttijd op de bestemming zijn aangekomen. Dit verweer slaagt. De compensatie wordt gehalveerd toegewezen.

1. Het procesverloop

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek;- de akte eisers.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

De passagiers hebben met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 8 juli 2023 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport, via Londen, Verenigd Koninkrijk, naar Los Angeles, Verenigde Staten, met vluchtcombinatie BA435 en AA135.

De vervoerder heeft vlucht BA435 van Amsterdam naar Londen (hierna: de vlucht) geannuleerd.

De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder gevorderd.

De vervoerder heeft niet uitbetaald.

3. Het geschil

De passagiers vorderen dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 1.200,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de dag van annulering van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- € 180,00 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de nakosten.

De passagiers baseren hun vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 600,- per persoon.

De vervoerder voert verweer. Hij voert onder meer aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden. Deze konden ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden.

4. De beoordeling

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

Vast staat dat de vlucht is geannuleerd. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als hij kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden.

De kantonrechter oordeelt dat de vervoerder, ongeacht of de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden, onvoldoende concreet heeft gesteld en onderbouwd dat hij alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging door de annulering te voorkomen. Vast staat namelijk dat alleen de vlucht in kwestie is geannuleerd en niet de aansluitende vlucht AA135 van Londen naar Los Angeles. Na de annulering van de vlucht in kwestie heeft de vervoerder de passagiers omgeboekt naar een alternatieve vlucht van Amsterdam naar Londen. Deze kwam een aantal uren eerder aan dan de vlucht in kwestie. Hij heeft de passagiers echter ook omgeboekt naar een andere aansluitende vlucht van Londen naar Los Angeles. Deze werd juist later uitgevoerd dan de oorspronkelijke aansluitende vlucht AA135. De passagiers hebben betwist dat dit de snelste mogelijkheid was.

De vervoerder heeft niet gesteld waarom het onmogelijk was om de passagiers alsnog met de oorspronkelijke aansluitende vlucht AA135 van Londen naar Los Angeles te vervoeren. Zij waren uiteindelijk immers eerder op de luchthaven van Londen dan gepland. Met deze aansluitende vlucht zouden zij zonder vertraging op de eindbestemming zijn aangekomen. Het had daarom op zijn weg gelegen om toe te lichten waarom het noodzakelijk was om ook een nieuwe en latere aansluitende vlucht voor de passagiers te boeken. De enkele stelling dat dit de snelst beschikbare optie was is op dit punt dan ook onvoldoende omdat het ervoor gehouden moet worden dat er in ieder geval nog plaats voor hen moet zijn geweest op vlucht AA135. Daarbij kan de discussie tussen partijen of er ook andere vluchten van Amsterdam naar Londen beschikbaar waren, in het midden blijven. Dit betekent dat de vervoerder de passagiers moet compenseren.

Subsidiair voert de vervoerder aan dat de gevorderde compensatie moet worden gehalveerd omdat de passagiers met minder dan vier uur vertraging op de eindbestemming zijn aangekomen. Dit verweer slaagt. De passagiers hebben ook niet weersproken dat zij met minder dan vier uur vertraging in Los Angeles zijn aangekomen. Daarom zal de gevorderde compensatie worden toegewezen tot een bedrag van € 300,- per persoon. De wettelijke rente over het toe te wijzen gedeelte van de hoofdsom is als onweersproken toewijsbaar vanaf de datum van de annulering van de vlucht.

De passagiers hebben een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. De vervoerder betwist deze vordering. De vordering heeft geen betrekking op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is. Daarom moet de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn, toetsen aan het rapport Voorwerk II. De passagiers hebben voldoende aannemelijk gemaakt dat zij buitengerechtelijke werkzaamheden hebben laten verrichten en dat hiervoor kosten zijn gemaakt. De omvang van de buitengerechtelijke incassokosten moet worden getoetst aan de tarieven uit het Besluit in plaats van aan de tarieven van het rapport Voorwerk II. De tarieven uit het Besluit worden redelijk geacht. Gelet op de toewijsbare hoofdsom is het gevorderde bedrag hoger dan het tarief dat in het Besluit is bepaald. De kantonrechter zal de vordering daarom toewijzen tot het wettelijke tarief, namelijk € 108,80 (inclusief btw), en voor het overige afwijzen.

De gevorderde rente over de buitengerechtelijke kosten is ook toewijsbaar, behalve dat deze wordt toegewezen vanaf de datum van de dagvaarding. De passagiers hebben daar in ieder geval vanaf die datum recht op. Het is niet gesteld of gebleken dat zij dit ook al vanaf een eerdere datum hadden.

De vervoerder zal overwegend in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal hij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagiers worden gemaakt. De gevorderde rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.

5. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt de vervoerder tot betaling aan de passagiers van € 708,80, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 600,00 vanaf 7 juli 2023, en over € 108,80 vanaf 17 april 2025, tot aan de dag van voldoening van deze bedragen;

veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagiers tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 144,47;griffierecht € 226,00;salaris gemachtigde € 360,00;

vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

veroordeelt de vervoerder tot betaling van € 72,00 aan nakosten, voor zover de passagiers daadwerkelijk nakosten zullen maken, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. S.N. Schipper

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand