ECLI:NL:RBNHO:2026:5576

ECLI:NL:RBNHO:2026:5576

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 20-05-2026
Datum publicatie 19-05-2026
Zaaknummer 15/158193-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig

Samenvatting

Bewezenverklaring vervaardigen, verspreiden en in bezit hebben van kinderpornografische foto’s van eigen zesjarige dochter. Afwijking LOVS gelet op de aard van het materiaal en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Oplegging voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden en een taakstraf van 240 uren.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Team Straf, zittingsplaats Alkmaar

Meervoudige strafkamer

Parketnummer: 15/158193-25 (P)

Uitspraakdatum: 20 mei 2026

Tegenspraak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 6 mei 2026 in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1994 te [geboorteplaats] ,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het [adres]

.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie,

mr. A. Peters, en van wat de verdachte en zijn raadsvrouw, mr. J.M. Neervoort (advocaat te Den Helder), naar voren hebben gebracht.

1. Tenlastelegging

Aan de verdachte is, kort en zakelijk weergegeven, ten laste gelegd dat zij kinderpornografische foto’s van haar minderjarige dochter heeft gemaakt en dat zij deze in bezit heeft gehad en heeft verspreid.

De volledige tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht en maakt daarvan deel uit.

2. Voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zij bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

3. Beoordeling van het bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft integrale vrijspraak bepleit en daartoe het volgende aangevoerd. De foto’s die de verdachte van haar dochter [slachtoffer] (hierna: [slachtoffer] ) heeft gemaakt en toegestuurd aan haar toenmalige vriend [naam] (hierna: [naam] ) bevatten geen seksuele gedraging(en). De verdachte bezat ook geen foto’s van [slachtoffer] van seksuele aard of met een onmiskenbaar seksuele strekking. De verdachte heeft foto’s van de blote vagina van [slachtoffer] gemaakt omdat zij zich zorgen maakte over de vagina van haar dochter. Deze foto’s heeft zij doorgestuurd naar [naam] omdat zij zijn (medisch) advies wilde inwinnen.

Oordeel van de rechtbank

Redengevende feiten en omstandigheden

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit op grond van de bewijsmiddelen die in bijlage II bij dit vonnis zijn opgenomen.

Bewijsmotivering

De verdachte heeft een groot aantal foto’s gemaakt van de blote vagina van haar toen 6-jarige dochter [slachtoffer] en zij heeft in elk geval een deel van deze foto’s aan haar toenmalige vriend [naam] toegestuurd.

Op de telefoon van [naam] zijn 131 foto’s van [slachtoffer] aangetroffen. Volgens [naam] heeft hij deze foto’s van de verdachte gekregen. Op de telefoon van de verdachte zijn 19 foto’s van [slachtoffer] aangetroffen. De politie heeft al deze foto’s beoordeeld en komt op basis van de daarvoor geldende criteria tot de conclusie dat de foto’s als kinderpornografisch moeten worden aangemerkt, omdat [slachtoffer] veelal zonder onderkleding op haar rug ligt, met haar benen wijd en waarbij de focus van de foto op de ontblote vagina van [slachtoffer] ligt. Op sommige foto’s worden de schaamlippen van [slachtoffer] door de verdachte gespreid.

De verdediging heeft betoogd dat de foto’s geen kinderpornografisch karakter hebben, aangezien deze alleen zijn gemaakt en aan [naam] zijn verstuurd omdat de verdachte zich zorgen maakte over de geïrriteerde vagina van [slachtoffer] en daarover advies wenste van [naam] . De rechtbank volgt dit standpunt niet en overweegt daartoe als volgt.

In de eerste plaats blijkt uit de beschrijving door de politie van de betreffende foto’s, op een enkele foto na, niet dat de vagina dan wel de schaamlippen van [slachtoffer] rood, geïrriteerd of gezwollen waren. Daarnaast bevatten de chatgesprekken tussen de verdachte en [naam] geen enkel spoor van de gestelde zorgen over de vagina van [slachtoffer] . Bovendien heeft de verdachte een (zeer) grote hoeveelheid foto’s van de blote vagina van [slachtoffer] gemaakt en aan [naam] verstuurd. Tot slot wist de verdachte dat [naam] geen enkele medische achtergrond of ervaring heeft.

Al deze omstandigheden verdragen zich niet met de gestelde zorgvraag. De rechtbank vindt het daarom niet geloofwaardig dat de verdachte vanuit haar rol als (bezorgde) moeder een grote hoeveelheid foto’s van de blote vagina van haar dochter heeft gemaakt en verspreid.

De rechtbank verwerpt het verweer van de raadsvrouw.

Bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, met dien verstande dat

zij in de periode van 7 november 2023 tot en met 30 juni 2024 in Nederland meermalen afbeeldingen, te weten: foto's, van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten: [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum] ), was betrokken heeft vervaardigd en heeft verspreid en in bezit heeft gehad

en

in de periode van 1 juli 2024 tot en met 13 maart 2025 visuele weergaven van seksuele aard en/of met onmiskenbaar seksuele strekking, waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, te weten: [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum] ) was betrokken in bezit heeft gehad te weten: een gegevensdrager, bevattende afbeeldingen, te weten: een telefoon (merk/type: Samsung Galaxy S22, goednummer 1708495) waarop te zien is dat:

het geslachtsdeel van die [slachtoffer] wordt aangeraakt

(Foto 5@files_231108_073224_902, Foto 56@files_231130_075750_496)

en

die [slachtoffer] poserend of in een pose is afgebeeld, waarbij:

- die [slachtoffer] gedeeltelijk naakt is en

- door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de uitsnede van de foto’s nadrukkelijk het geslachtsdeel van die [slachtoffer] in beeld wordt gebracht

(Foto 30@files_231123_073515_918, Foto 70@files_231130_075751_564, Foto 132@files@_231220_190604_524 en Foto 1, 2, 4, 11, 14).

De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten zijn verbeterd. Blijkens het verhandelde op de terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in haar verdediging.

Hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hier als bewezen is aangenomen, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

4. Kwalificatie en strafbaarheid van het feit

Het bewezenverklaarde levert op:

een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, vervaardigen, verspreiden en in bezit hebben, meermalen gepleegd;

en

een visuele weergave van seksuele aard en met een onmiskenbaar seksuele strekking, waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, is betrokken, in bezit hebben, meermalen gepleegd.

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden waardoor de wederrechtelijkheid aan het bewezenverklaarde zou ontbreken. Het bewezenverklaarde is daarom strafbaar.

5. Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is daarom strafbaar.

6. Motivering van de sanctie

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft verzocht om rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en een taakstraf op te leggen.

Oordeel van de rechtbank

Bij de beslissing over de sancties die aan de verdachte moeten worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, en de persoon van de verdachte, zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Ernst van het feit

De verdachte heeft een grote hoeveelheid kinderpornografische foto’s van haar minderjarige dochter gemaakt, waarbij steeds nadrukkelijk haar blote vagina in beeld is gebracht. Zij heeft deze foto’s vervolgens toegestuurd aan [naam] , met wie zij op dat moment een relatie had. Door zo te handelen heeft de verdachte haar eigen dochter, destijds zes jaar oud, slachtoffer gemaakt van kinderporno. De verdachte heeft hiermee een zeer ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijk integriteit van haar dochter. De verdachte heeft uitsluitend gehandeld vanuit haar eigen behoeften dan wel met het oog op de seksuele behoeften van haar toenmalige vriend. Zij heeft daarbij geen rekening gehouden met de schadelijke gevolgen voor [slachtoffer] . Het is algemeen bekend dat slachtoffers van dit soort feiten geruime tijd psychische klachten kunnen ervaren.

De verdachte heeft ter terechtzitting de beschuldiging ontkend en daarmee geen inzicht getoond in het kwalijke van haar handelen.

Persoon van de verdachte

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte van 26 maart 2026, waaruit blijkt dat zij niet eerder voor een strafbaar feit is veroordeeld.

Daarnaast heeft de rechtbank acht geslagen op het reclasseringsadvies van 3 november 2025.

Volgens de reclassering is bij de verdachte geen sprake van seksueel afwijkende voorkeuren of interesses, maar is zij onzorgvuldig en naïef geweest. Ten tijde van het bewezen verklaarde feit ging de verdachte gebukt onder emotionele problemen, voelde zij zich verstrikt in een verstikkende relatie en was zij geïsoleerd van familie en vrienden. Inmiddels, zo is ook op de zitting gebleken, staat de verdachte positiever en stabieler in het leven. De verdachte heeft een eigen woning, een baan en haar financiën zijn op orde. De huidige relatie van de verdachte beoordeelt de reclassering als steunend. Het (gebroken) gezin van de verdachte wordt bijgestaan door FamilySupporters. Verder is de verdachte zelf in behandeling, waarbij ze zich coöperatief opstelt. Omdat de reclassering het recidiverisico inschat als laag en hulpverlening al aanwezig is, vindt de reclassering toezicht niet nodig. Volgens de reclassering is de verdachte in staat een taakstraf te verrichten.

De verdachte is op dit moment hoogzwanger van haar tweede kind.

De op te leggen straf

Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank rekening met (i) de hiervoor genoemde omstandigheden, (ii) straffen die in soortgelijke zaken zijn opgelegd en (iii) de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS).

Gezien de ernst van het bewezenverklaarde feit is de rechtbank van oordeel dat in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op zijn plaats is. Voor het verspreiden van kinderporno geldt volgens de oriëntatiepunten als vertrekpunt een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van één jaar en voor het maken van kinderporno een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twee jaar.

De rechtbank ziet in de aard van het gemaakte materiaal (kinderpornografische afbeeldingen van de ‘lichtste categorie’) en in de persoonlijke omstandigheden van de verdachte - zij draagt mede de zorg voor [slachtoffer] , is in verwachting van een tweede kind en heeft de afgelopen periode hard aan zichzelf gewerkt - aanleiding om van genoemde uitgangspunten af te wijken.

De rechtbank acht het voor de verdachte, maar ook voor de samenleving, niet wenselijk dat de positieve ontwikkelingen zoals beschreven in het reclasseringsrapport en besproken op de zitting, die van belang zijn voor het voorkomen van recidive, worden doorkruist door een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.

Alles afwegend, acht de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes maanden passend, met een proeftijd van twee jaren, zodat de verdachte ervan wordt weerhouden zich voor het einde van die proeftijd opnieuw schuldig te maken aan een strafbaar feit. Om de ernst van het feit te benadrukken zal de rechtbank daarnaast de maximale taakstraf van 240 uren opleggen.

7. Beslag

De rechtbank is van oordeel dat het onder de verdachte in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerp, te weten 1 STK GSM (Omschrijving: PL1100-2024159648-1708495, Samsung), dient te worden onttrokken aan het verkeer. Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat het bewezen verklaarde feit met behulp van deze telefoon is begaan en het ongecontroleerde bezit van dat voorwerp, waarop kinderpornografische foto’s zijn aangetroffen, is in strijd met de wet of het algemeen belang.

8. Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel

De advocaat van de benadeelde partij, mr. J.J. Jorna, heeft namens de benadeelde partij, [benadeelde] , de wettelijke vertegenwoordiger van [slachtoffer] , een vordering tot schadevergoeding ingediend van € 2.500,- tegen de verdachte wegens immateriële schade die [slachtoffer] als gevolg van het ten laste gelegde feit zou hebben geleden, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Tevens is verzocht om het bedrag over te maken naar een rekening met een zogenoemde BEM-clausule (BEM: Belegging, Erfenis en andere gelden Minderjarigen).

Voor de hoogte van het gevorderde bedrag heeft de advocaat aansluiting gezocht bij paragraaf 15.4 onder b van de Rotterdamse schaal.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering geheel kan worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft verzocht om het gevorderde bedrag te matigen.

Oordeel van de rechtbank

Vergoeding van immateriële schade is op grond van artikel 6:106 sub b van het Burgerlijk Wetboek mogelijk als de benadeelde partij lichamelijk letsel heeft opgelopen, is aangetast in zijn eer en goede naam of ‘op andere wijze’ in zijn persoon is aangetast. De rechtbank begrijpt dat de vordering van de benadeelde partij in dit geval op deze laatste grondslag is gebaseerd.

Uit de rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat van aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ in ieder geval sprake is als het slachtoffer geestelijk letsel (psychische schade) heeft opgelopen. Het bestaan van geestelijk letsel moet naar objectieve maatstaven worden vastgesteld. Als geestelijk letsel niet kan worden vastgesteld, kan de aantasting in de persoon ‘op andere wijze’ volgen uit de aard en de ernst van de normschending (het strafbare feit) en de gevolgen daarvan. De gevolgen moeten met concrete gegevens worden onderbouwd.

In uitzonderlijke situaties kunnen de nadelige gevolgen voor het slachtoffer zó voor de hand liggen dat ook zonder nadere onderbouwing kan worden aangenomen dat sprake is van een aantasting in de persoon op andere wijze. De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de aard en de ernst van de onderhavige normschending, zo’n uitzonderlijke situatie zich in dit geval voordoet. Van de benadeelde partij zijn door haar eigen moeder kinderpornografische afbeeldingen gemaakt. Deze afbeeldingen heeft haar moeder vervolgens gestuurd naar een derde. De benadeelde partij zal moeten leren leven met de gedachte dat haar moeder dit soort afbeeldingen heeft gemaakt, terwijl zij niet weet of die derde deze afbeeldingen van haar verder (op internet) heeft verspreid. De benadeelde partij heeft dus recht op vergoeding van immateriële schade.

Voor de hoogte van het toe te wijzen bedrag heeft de rechtbank gekeken naar de Rotterdamse schaal, paragraaf 15.4 (Openbaarmaking van seksueel getint beeldmateriaal). De rechtbank is van oordeel dat sprake is van categorie b (ernstig), omdat de kinderpornografische foto’s, waarop het gezicht van [slachtoffer] niet in beeld wordt gebracht, zijn toegestuurd aan een derde.

Gelet op het voorgaande, de toelichting op de vordering en rekening houdend met schadevergoedingen die in min of meer vergelijkbare zaken worden toegekend, is de rechtbank van oordeel dat de gevraagde immateriële schadevergoeding van € 2.500,- billijk is.

Conclusie

De vordering van de benadeelde partij zal in zijn geheel worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 maart 2025 tot aan de dag der algehele voldoening.

Verder legt de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel aan de verdachte op, zodat (kort gezegd) de benadeelde partij de schadevergoeding niet zelf bij de verdachte hoeft te incasseren, maar dat de Staat dit voor hem doet.

De rechtbank bepaalt verder dat de als gevolg van deze uitspraak te betalen schadevergoeding moet worden gestort op een ten behoeve van [slachtoffer] te openen rekening met een BEM-clausule. Een dergelijke BEM-clausule is bedoeld ter bescherming van de belangen van de minderjarige. De minderjarige en haar wettelijke vertegenwoordiger kunnen aldus slechts met toestemming van de kantonrechter over het vermogen van de minderjarige beschikken tot zij achttien jaar is.

De rechtbank zal tevens bepalen dat de advocaat van de benadeelde partij binnen drie maanden het openbaar ministerie op de hoogte stelt welke rekening voor de benadeelde partij is geopend.

9. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De volgende wetsartikelen zijn van toepassing:

artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 36b, 36c, 36f, 57, 240b (oud) en 252 van het Wetboek van Strafrecht.

10. Beslissing

De rechtbank:

Verklaart bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan zoals hiervoor onder 3.4 weergegeven.

Verklaart niet bewezen wat aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt haar daarvan vrij.

Bepaalt dat het onder 3.4 bewezen verklaarde feit het hierboven onder 4. vermelde strafbare feit oplevert.

Verklaart de verdachte hiervoor strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot het verrichten van 240 (tweehonderdveertig) uren taakstraf die bestaat uit het verrichten van onbetaalde arbeid, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden, met bevel dat deze straf niet ten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van twee jaren.

Stelt als algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.

Onttrekking aan het verkeer

Onttrekt aan het verkeer: 1 STK GSM (Omschrijving: PL1100-2024159648-1708495, Samsung).

Vordering benadeelde partij

Wijst toe de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] tot vergoeding van de door [slachtoffer] geleden immateriële schade tot een bedrag van € 2.500,- en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 13 maart 2025 tot aan de dag der algehele voldoening.

Veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging alsnog te maken.

Legt de verdachte als schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van slachtoffer [slachtoffer] de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 2.500,-, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 25 dagen gijzeling en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 maart 2025 tot aan de dag der algehele voldoening. De toepassing van de gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.

Bepaalt dat betalingen aan de benadeelde partij in mindering strekken op de verplichting tot betaling aan de Staat en dat betalingen aan de Staat in mindering strekken op de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij.

Bepaalt dat de als gevolg van deze uitspraak te betalen schadevergoeding moet worden gestort op een ten behoeve van [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum] ) te openen rekening met een BEM-clausule. De advocaat van de benadeelde partij stelt hiertoe binnen drie maanden na het onherroepelijk worden van dit vonnis het openbaar ministerie op de hoogte welke rekening voor de benadeelde partij is geopend.

Samenstelling rechtbank en uitspraakdatum

Dit vonnis is gewezen door

mr. C.M.A.V. van Kleef, voorzitter,

mr. M. Rigter en P. Reemst, rechters,

in tegenwoordigheid van de griffiers M. van Splunter en E. Golstein,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 20 mei 2026.

Bijlage I – tenlastelegging

zij op een of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 juni 2023 tot en met 13 maart 2025 te Den Helder, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, (in de periode van 01 juni 2023 tot en met 30 juni 2024, artikel 240b Wetboek van Strafrecht) een of meer afbeeldingen, te weten: foto's - en/of een gegevensdrager, bevattende afbeeldingen, te weten: een telefoon (merk/type: Samsung Galaxy S22 en/of goednummer 1708495) – van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten: [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum] ) was betrokken en/of schijnbaar was betrokken heeft vervaardigd en/of heeft verspreid en/of in bezit heeft gehad

en/of

(in de periode van 1 juli 2024 tot en met 13 maart 2025, artikel 252 Wetboek van Strafrecht) een of meer visuele weergaven van seksuele aard en/of met onmiskenbaar seksuele strekking, waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, te weten: [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum] ) was betrokken of schijnbaar was betrokken in bezit heeft gehad te weten: foto's en/of een gegevensdrager, bevattende afbeeldingen, te weten: een telefoon (merk/type: Samsung Galaxy S22 en/of goednummer 1708495) waarop te zien is dat:

het geslachtsdeel van die [slachtoffer] wordt aangeraakt

(Foto 5@files_231108_073224_902, Foto 56@files_231130_075750_496 op pagina 36 van het proces-verbaal)

en/of

die [slachtoffer] poserend of in een pose is afgebeeld, waarbij:

- die [slachtoffer] geheel of gedeeltelijk naakt is en/of

- door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de uitsnede van de foto’s nadrukkelijk het geslachtsdeel van die [slachtoffer] in beeld wordt gebracht

(Foto 30@files_231123_073515_918, Foto 70@files_231130_075751_564, Foto 132@files@_231220_190604_524 op pagina 36 van het proces-verbaal en/of Foto 1, 2, 4, 11, 14 op pagina 56 en pagina 57 van het proces-verbaal).

Bijlage II - De bewijsmiddelen

(…)

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand