ECLI:NL:RBNHO:2026:7002

ECLI:NL:RBNHO:2026:7002

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 10-06-2026
Datum publicatie 12-06-2026
Zaaknummer HAA 25/4267
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Alkmaar

Samenvatting

Aanvraag voor kosten van levensonderhoud en een bedrijfskapitaal (Bbz) op juiste gronden buiten behandeling gesteld wegens ontbrekende stukken.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 juni 2026 in de zaak tussen

[eiser] , uit Hoorn, eiser

het dagelijks bestuur van WerkSaam Westfriesland, Werksaam

Inleiding

Zittingsplaats Alkmaar

Bestuursrecht

zaaknummer: HAA 25/4267

en

(gemachtigden: S. Achterberg en H. Mentink).

1. Deze uitspraak gaat over het niet in behandeling nemen van de aanvraag van eiser voor de kosten van levensonderhoud en een bedrijfskapitaal op grond van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz 2004).

Procesverloop

2. Werksaam heeft de aanvraag van eiser met het besluit van 8 mei 2025 buiten behandeling gesteld (primair besluit).

Met het bestreden besluit van 1 september 2025 op het bezwaar van eiser is Werksaam bij het primair besluit gebleven.

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

Werksaam heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 29 april 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser en de gemachtigden van Werksaam.

Beoordeling door de rechtbank

3. In deze zaak is in geschil of Werksaam de aanvraag van eiser op juiste gronden niet in behandeling heeft genomen. Samengevat betwist eiser dat sprake is van een incomplete aanvraag en stelt hij dat Werksaam over voldoende informatie beschikte om zijn aanvraag inhoudelijk te kunnen beoordelen.

Op 6 februari 2025 heeft eiser een aanvraag gedaan voor de kosten van levensonderhoud en een bedrijfskapitaal.

Met de brief van 6 maart 2025 is eiser verzocht de ontbrekende stukken, die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van zijn aanvraag, aan te leveren bij Werksaam. Eiser is hiervoor een hersteltermijn gegund en hij dient de ontbrekende stukken aan te leveren voor 21 maart 2025.

Op 13 maart 2025 verzoekt eiser de hersteltermijn te verlengen. Dat verzoek is door Werksaam gehonoreerd: eiser krijgt tot 4 april 2025 de tijd de ontbrekende stukken alsnog aan te leveren.

Op 3 april 2025 laat de Participatiecoach van eiser weten dat het eiser niet gaat lukken de benodigde stukken binnen de hersteltermijn aan te leveren. Daarom wordt eiser nogmaals een hersteltermijn gegund: hij dient de ontbrekende stukken alsnog voor 20 april 2025 aan te leveren.

Werksaam heeft de opgevraagde gegevens niet ontvangen. Dit heeft geleid tot het primair besluit zoals hiervoor is weergegeven.

Eiser heeft te laat bezwaar gemaakt tegen het primair besluit. Werksaam heeft het bezwaar van eiser toch ontvankelijk verklaard en eiser nogmaals de gelegenheid gegeven de ontbrekende stukken aan te leveren. Eiser wordt hiervoor een termijn gegund tot 15 augustus 2025. Dit blijkt uit het e-mailbericht van 22 juli 2025.

Vervolgens is eiser uitgenodigd voor een hoorzitting op 27 augustus 2025. Hier is hij niet verschenen.

Eisers aanvraag is met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht door Werksaam niet in behandeling genomen, omdat de gegevens die nodig zijn voor de beoordeling van zijn aanvraag niet zijn verkregen. Dit wordt uitgelegd in het bestreden besluit. Daarin is ook aangegeven welke stukken wel al zijn ontvangen en welke gegevens nog ontbreken.

Vast staat dat eiser uiteindelijk niet alle gevraagde gegevens heeft overgelegd. Dit heeft eiser ook niet betwist. Het gaat daarbij onder meer om een financiële rapportage (winst- en verliesrekening) over 2024, aangiften omzetbelasting over 2024, overzichten van eventuele schulden en/of betalingsachterstanden, informatie van de Belastingdienst en kopieën van bankafschriften (zakelijk en privé). De rechtbank is van oordeel dat het hier om voor de beoordeling van de aanvraag noodzakelijke gegevens gaat. Werksaam dient zich immers een beeld te kunnen vormen van eisers financiële situatie en zijn plannen om als zelfstandige (rijschoolhouder) inkomsten te genereren. Werksaam moet daarbij ook kunnen beoordelen of de beoogde onderneming levensvatbaar is. Anders dan eiser stelt, rust de verplichting om deze gegevens te verzamelen niet op de beoordelende instantie, maar op de aanvrager, wat zijn persoonlijke leefsituatie ook is. Eiser heeft met de gegeven hersteltermijnen ruimschoots gelegenheid gehad de benodigde informatie (alsnog) te verzamelen en deze tijdig aan te leveren. Dat eiser redelijkerwijs niet over (alle) gevraagde informatie kon beschikken en dat Werksaam daarom anderszins had moeten besluiten is wel gesteld, maar niet onderbouwd.

Nu de voor de beoordeling benodigde gegevens en bescheiden ontbraken, heeft Werksaam de aanvraag van eiser terecht buiten behandeling gesteld. De beroepsgronden van eiser slagen niet.

Conclusie en gevolgen

4. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiser geen gelijk krijgt en dat het bestreden besluit in stand blijft. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Postma, rechter, in aanwezigheid van mr. S.A. Zorge, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 10 juni 2026.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand