ECLI:NL:RBNHO:2026:9208

ECLI:NL:RBNHO:2026:9208

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 25-03-2026
Datum publicatie 22-07-2026
Zaaknummer 11573569
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Haarlem

Samenvatting

Meer dan 24 uur vertraging.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11573569 \ CV EXPL 25-1442

Uitspraakdatum: 25 maart 2025

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

[eiseres]

wonende te [plaats]

eiseres

hierna te noemen: de passagier

gemachtigde: Aviclaimrolgemachtigde: mr. A.Y. Lai

tegen

de rechtspersoon naar buitenlands recht

American Airlines gevestigd te Wilmington (Verenigde Staten)

gedaagde

hierna te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer

1. Het procesverloop

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding:

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. Feiten

De passagier heeft met CheapTickets een vervoersovereenkomst gesloten ten behoeve van vervoer op 7, 8 en 9 februari 2023 van Amsterdam via Londen Heathrow (Verenigd Koninkrijk) en Dallas (Verenigde Staten) naar Auckland (Nieuw-Zeeland), met vluchten BA431 (codeshare AA6443), AA21 en AA35.

De passagier is omgeboekt naar de alternatieve vlucht(en) BA285 en UA917 van Londen Heathrow via San Francisco (Verenigde Staten) naar Auckland.

De passagier heeft compensatie en schadevergoeding van de vervoerder gevorderd.

De vervoerder heeft niet uitbetaald.

3. Het geschil

De passagier vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 703,71, vermeerderd met de wettelijke rente;- € 105,56 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de nakosten.

De passagier baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagier stelt dat de vervoerder haar vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 600,00 (artikel 7 van de Verordening). Daarnaast moet de vervoerder de kosten voor de noodzakelijke hotelovernachting op Londen Heathrow vergoeden (€ 103,71).

De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling van het geschil ingegaan.

4. De beoordeling

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

De kantonrechter is van oordeel dat het door de passagier overgelegde e-ticket als een bevestigde boeking in de zin van de Verordening kan worden aangemerkt. Het e-ticket is uitgegeven door CheapTickets en vermeldt de luchthaven van vertrek en aankomst, de datum van de vlucht(en) en de vluchtnummers. Dat CheapTickets geen (erkende) touroperator is, heeft de vervoerder onvoldoende onderbouwd. Het verweer van de vervoerder dat de Verordening niet van toepassing is, slaagt daarom niet.

De kantonrechter is van oordeel dat de passagier voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij met vlucht BA431 (codeshare AA6643) naar Londen is gevlogen. Daarnaast heeft zij (onder verwijzing naar een schermafdruk van Flightera.net) voldoende onderbouwd dat deze vlucht om 15:07 uur (lokale tijd) met vertraging in Londen is aangekomen. De aansluitende vlucht stond gepland om 14:00 uur (lokale tijd) te vertrekken. Het is dan ook aannemelijk dat de passagier de aansluitende vlucht(en) heeft gemist vanwege de vertraging van vlucht BA431.

Wat er ook zij van eventuele buitengewone omstandigheden op vlucht BA431, niet is gebleken dat de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging op de eindbestemming te voorkomen dan wel te beperken. Het is vaste rechtspraak dat indien passagiers met een door de vervoerder zelf uitgevoerde alternatieve vlucht de dag na de oorspronkelijk vastgestelde dag aankomen, dit in beginsel geen redelijke maatregel vormt.

Vaststaat dat de passagier in Londen is omgeboekt naar de vlucht(en) BA285 en UA917. De passagier is met deze alternatieve vluchtcombinatie ten minste 24 uur later dan oorspronkelijk gepland in Auckland aangekomen. Het is aan de vervoerder om in een dergelijk geval voldoende aannemelijk te maken dat er geen enkele andere mogelijkheid voor een rechtstreekse of indirecte alternatieve vlucht bestond met een door hemzelf of door een andere luchtvaartmaatschappij uitgevoerde vlucht die op een minder laat tijdstip aankwam dan de aangeboden vlucht. De vervoerder is daar niet in geslaagd. Zodoende heeft de vervoerder naar het oordeel van de kantonrechter niet aannemelijk gemaakt dat de alternatief aangeboden vlucht een redelijke maatregel vormt in de zin van bovengenoemd arrest.

Het voorgaande betekent dat ook indien op enig moment zou komen vast te staan dat sprake was van buitengewone omstandigheden op vlucht BA431, de vervoerder gehouden is de compensatie te betalen in verband met de vertraging op de eindbestemming. De vordering tot compensatie zal worden toegewezen. De wettelijke rente is toewijsbaar vanaf 9 februari 2023, zijnde de dag waarop de passagier volgens de oorspronkelijke planning in Auckland zou aankomen.

De passagier heeft verder voldoende aannemelijk gemaakt dat zij als gevolg van de vertraging en de omboeking genoodzaakt was om een nacht in Londen door te brengen. De kantonrechter is van oordeel dat de gevorderde kosten voor de hotelovernachting in Londen in verhouding tot de wachttijd redelijk, noodzakelijk en passend zijn. Weliswaar heeft de vervoerder aangevoerd dat passagiers ‘in het algemeen’ bij langdurige vertraging een (gratis) hotelaccommodatie via de transferbalie op de luchthaven kunnen verkrijgen, maar dat zegt niets over het onderhavige geval. De conclusie is dan ook dat de gevorderde schadevergoeding wordt toegewezen. De wettelijke rente over dit bedrag is toewijsbaar vanaf 27 maart 2023, zijnde de verzuimdatum genoemd in de (eerste) aanmaning van 6 maart 2023.

De passagier heeft een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. De vordering heeft geen betrekking op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is. Daarom moet de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn, toetsen aan het rapport Voorwerk II. De passagier heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat zij buitengerechtelijke werkzaamheden heeft laten verrichten en dat hiervoor kosten zijn gemaakt. De omvang van de buitengerechtelijke incassokosten moet worden getoetst aan de tarieven uit het Besluit in plaats van aan de tarieven van het rapport Voorwerk II. De tarieven uit het Besluit worden redelijk geacht. Omdat het gevorderde bedrag niet hoger is dan het volgens het Besluit berekende tarief, zullen de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen. De wettelijke rente over de buitengerechtelijke incassokosten wordt toegewezen vanaf de datum van de dagvaarding.

De vervoerder is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van de passagier worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

€

144,47

- griffierecht

€

226,00

- salaris gemachtigde

€

288,00

(2 punten × € 144,00)

- nakosten

€

72,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

730,47

5. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt de vervoerder tot betaling aan de passagier van € 809,27, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 600,00 vanaf 9 februari 2023, over € 103,71 vanaf 27 maart 2023 en over € 105,56 vanaf 5 februari 2025 tot de dag van de gehele betaling;

veroordeelt de vervoerder in de proceskosten van € 730,47, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de vervoerder niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

veroordeelt de vervoerder tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. S.N. Schipper

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand