ECLI:NL:RBNHO:2026:9213

ECLI:NL:RBNHO:2026:9213

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 25-03-2026
Datum publicatie 22-07-2026
Zaaknummer 11575521
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Haarlem

Samenvatting

Vermiste koffers. De passagier kan zich niet met succes op revindicatie beroepen, omdat de locatie van de koffer met de AirTag zich niet op de luchthaven bevindt. De gevorderde schadevergoeding wordt toegewezen tot het maximum van 1000 bijzondere trekkingsrechten.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11575521 \ CV EXPL 25-1501

Uitspraakdatum: 25 maart 2026

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

[eiseres]

wonende te [plaats]

eiseres

hierna te noemen: de passagier

gemachtigde: Anker Rechtshulp B.V.

tegen

de rechtspersoon naar buitenlands recht

Royal Air Maroc

gevestigd te Schiphol

gedaagde

hierna te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. T. Teke

1. Het procesverloop

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding:

- de conclusie van antwoord tevens akte eiswijziging;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek;- de akte eiseres.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. Feiten

De passagier heeft met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder haar op 22 april 2024 vervoeren van Amsterdam via Casablanca (Marokko) naar Dakhla (Marokko), met de vluchten AT851 en AT1420 (hierna: de vlucht).

De passagier heeft op de vlucht een stuk ruimbagage ingecheckt. Het gaat om een tas met kitespullen. Bij aankomst in Dakhla bleek dat de bagage vermist werd.

Toen de bagage ook niet met de volgende vlucht meekwam, heeft de passagier op de luchthaven een Property Irregularity Report (PIR) ingevuld.

De passagier heeft haar bagage nog altijd niet terug in haar bezit.

De passagier had een AirTag in de bagage zitten. De huidige locatie van de AirTag bevindt zich op het adres [adres] te Casablanca. Op dat adres is een onderneming met de naam “[bedrijf]” gevestigd.

3. Het geschil

De passagier vordert – na eiswijziging – dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot: a. primair afgifte van de bagage;b. subsidiair tot betaling van € 4.340,14 aan schadevergoeding;c. subsidiair tot betaling van € 1.251,88 aan schadevergoeding;te vermeerderen met proceskosten en de nakosten (en de wettelijke rente daarover).

De passagier baseert haar vordering op artikel 22 van het Verdrag tot het brengen van eenheid in enige bepalingen inzake het internationale luchtvervoer van 28 mei 1999, Trb. 2001/91 (hierna: het Verdrag van Montreal). De vermiste bagage vertegenwoordigt een waarde van € 4.340,14.

De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling van het geschil ingegaan.

4. De beoordeling

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

De passagier heeft een beroep gedaan op het Verdrag van Montreal. De kantonrechter ontleent zijn bevoegdheid aan artikel 33 van dit Verdrag. Daartoe overweegt hij dat bij een heen- en terugvlucht die in één boeking zijn aangekocht, sprake is van een rondreis waarbij de eindbestemming dezelfde is als de vertrekplaats.

De passagier heeft primair afgifte van haar bagage gevorderd. De kantonrechter overweegt dat, hoewel de locatie van de bagage via de AirTag kan worden vastgesteld, deze locatie zich niet op de luchthaven bevindt. Hieruit volgt dat niet kan worden aangenomen dat de bagage zich nog steeds in de feitelijke macht van de vervoerder bevindt. De passagier kan zich daarom niet met succes op revindicatie jegens de vervoerder beroepen.

De kantonrechter is van oordeel dat de passagier voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat haar bagage is kwijtgeraakt terwijl deze zich in de macht van de vervoerder bevond. Dat betekent dat de vervoerder in beginsel aansprakelijk is voor de schade die zij als gevolg daarvan heeft geleden. De aansprakelijkheid van de vervoerder is op grond van het Verdrag van Montreal beperkt tot het bedrag van 1000 bijzondere trekkingsrechten per passagier, behoudens bijzondere verklaring omtrent belang bij de aflevering, gedaan door de passagier bij de afgifte van de aangegeven bagage aan de vervoerder en tegen betaling van een eventueel verhoogd tarief.

De passagier stelt dat haar kitespullen een waarde van € 4.340,14 vertegenwoordigen. Op het PIR-formulier is te zien hoe dit bedrag is opgebouwd, onderbouwd met betaalbewijzen. Gesteld noch gebleken is echter dat de passagier vóór afgifte bij de incheckbalie heeft aangegeven dat haar kitespullen een dergelijk hoge waarde vertegenwoordigen. Dat betekent dat kantonrechter niet méér kan toewijzen dan een bedrag gelijk aan 1000 bijzondere trekkingsrechten (€ 1.225,79). De vordering zal dan ook tot dat bedrag worden toegewezen, en voor het overige worden afgewezen.

De vervoerder is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van de passagier worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

€

148,04

- griffierecht

€

90,00

- salaris gemachtigde

€

288,00

(2 punten × € 144,00)

- nakosten

€

72,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

598,04

De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5. De beslissing

De kantonrechter

veroordeelt de vervoerder om 1000 bijzondere trekkingsrechten aan de passagier te betalen, hetgeen gelijk is aan een bedrag van € 1.225,79,

veroordeelt de vervoerder in de proceskosten van € 598,04, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de vervoerder niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

veroordeelt de vervoerder tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper en in het openbaar uitgesproken op 25 maart 2026.

De griffier De kantonrechter

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand