RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zaanstad
Zaaknummer: 12116112 \ CV EXPL 26-700 (SJ)
Vonnis van 16 juli 2026
in de zaak van
Infomedics B.V.
te Almere,
eisende partij,
hierna te noemen: Infomedics,
gemachtigde: Yards Deurwaardersdiensten B.V.,
tegen
[gedaagde] ,
te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
De zaak in het kort
Deze zaak gaat over de vraag of gedaagde aan eiseres een factuur voor tandheelkundige behandelingen moet betalen. De kantonrechter oordeelt dat eiseres niet heeft voldaan aan haar verplichting om de feiten volledig en naar waarheid aan te voeren (de substantiëringsplicht). De kantonrechter verbindt daaraan het gevolg dat de vordering gedeeltelijk wordt afgewezen.
1. De procedure
Infomedics heeft bij dagvaarding 11 februari 2026 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord.
Infomedics heeft hierop schriftelijk gereageerd, waarna [gedaagde] een schriftelijke reactie heeft gegeven.
2. De feiten
Op 3 juli 2025 heeft [gedaagde] een tandheelkundige behandeling ondergaan bij Tandheelkundige Verwijspraktijk Waterland te Amsterdam (hierna: de tandarts), te weten: een consult en het maken en beoordelen van een kaakoverzichtsfoto t.b.v. implantologie in de tandeloze kaak.
Op 7 augustus 2025 heeft [gedaagde] nogmaals een tandheelkundige behandeling ondergaan bij de tandarts, te weten: het maken en beoordelen van een meerdimensionale kaakfoto.
In een e-mail van 13 augustus 2025 heeft Infomedics voor de behandelingen een factuur van in totaal € 377,81 aan [gedaagde] gestuurd. Voor het consult en het maken en beoordelen van een kaakoverzichtsfoto op 3 juli 2025 is € 28,83 respectievelijk € 91,04 in rekening gebracht. Voor het maken en beoordelen van een meerdimensionale kaakfoto op 7 augustus 2025 is € 257,94 in rekening gebracht.
Op de factuur staat dat de tandarts het eigendom van de vordering heeft overgedragen aan Infomedics Finance B.V. (cessie) en dat tegelijkertijd aan Infomedics Finance B.V. opdracht is gegeven de vordering te incasseren.
Tussen Infomedics Finance B.V. en Infomedics is een overeenkomst van lastgeving gesloten op grond waarvan Infomedics de opdracht heeft om de vorderingen in eigen naam te incasseren. Bij de factuur zijn de Betaalvoorwaarden Infomedics gevoegd.
Op 28 augustus 2025 heeft [gedaagde] een bedrag van € 28,83 overgemaakt.
[gedaagde] heeft aan de verzoeken om het restant van de factuur te betalen geen gehoor gegeven.
3. Het geschil
Infomedics vordert – samengevat – dat de kantonrechter [gedaagde] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, veroordeelt tot betaling van € 408,96, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 348,98 vanaf 3 februari 2026 tot aan de dag van volledige betaling, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten vermeerderd met wettelijke rente. De hoofdsom van € 408,96 bestaat uit een bedrag van € 348,98 voor de geneeskundige behandeling, een bedrag van € 7,63 voor de wettelijke rente berekend tot 3 februari 2026 en een bedrag van € 52,35 voor de buitengerechtelijke incassokosten conform BIK.
Infomedics legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde] op grond van de medische behandelovereenkomst die hij met de tandarts heeft gesloten verplicht is om de kosten van de behandeling te voldoen.
[gedaagde] voert als verweer – kort weergegeven – dat met de tandarts mondeling is afgesproken dat een meerdimensionale (3D) foto mocht worden gemaakt als deze zou worden gebruikt voor de aanvraag van implantaten bij de verzekering. De kosten van de foto zouden worden vergoed als de aanvraag zou worden goedgekeurd. Maar deze aanvraag is nooit gedaan. Hij werd namelijk door de tandarts doorverwezen naar de kaakchirurg. Indien de tandarts had verteld dat deze foto alleen zou worden gebruikt om te beoordelen of de tandarts zelf de implantaten kon plaatsen dan wel dat doorverwijzing moest plaatsvinden, dan zou [gedaagde] direct – dus zonder het maken van een meerdimensionale foto – om een doorverwijzing hebben verzocht. Bij de kaakchirurg is nogmaals een dergelijke foto gemaakt en die is gebruikt voor een aanvraag bij de verzekering.
4. De beoordeling
Op grond van artikel 21 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) zijn partijen verplicht de voor de beslissing van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aan te voeren. Wordt deze verplichting niet nageleefd, dan kan de rechter daaruit de gevolgtrekking maken die hij geraden acht.
Op grond van artikel 111 lid 3 Rv vermeldt het exploot van de dagvaarding de door gedaagde tegen de eis aangevoerde verweren en de gronden daarvoor.
Infomedics heeft in de dagvaarding gesteld dat [gedaagde] de factuur van 13 augustus 2025 zonder protest heeft behouden en dat [gedaagde] geen inhoudelijk verweer heeft gevoerd tegen de factuur. Uit de stukken, die [gedaagde] bij de conclusie van antwoord heeft overgelegd, blijkt het tegendeel. De kantonrechter wijst onder meer op de door [gedaagde] bij de conclusie van antwoord overgelegde e-mails van 13 augustus 2025, 15 en 25 september 2025, 2 oktober 2025 en 26 januari 2026. Hieruit blijkt dat [gedaagde] van meet af aan gemotiveerd bezwaar heeft gemaakt tegen het in rekening brengen van de kosten van de meerdimensionale foto, die op 7 augustus 2025 is gemaakt. Door dit niet te vermelden en de e-mailwisseling tussen partijen niet over te leggen, heeft Infomedics de feiten niet volledig en naar waarheid aangevoerd en aldus niet voldaan aan de substantiëringsplicht. De omstandigheid dat Infomedics het verweer van [gedaagde] niet steekhoudend vindt, wat hier ook van zij, is geen reden om het verweer niet in de dagvaarding op te nemen.
Het is aan de kantonrechter om uit het niet naleven van de hiervoor genoemde verplichting(en) de gevolgtrekking te maken die hij geraden acht. In dit geval zal daaraan het gevolg worden verbonden dat de vordering ten aanzien van de kosten meerdimensionale foto zal worden afgewezen.
[gedaagde] heeft niet betwist dat hij de kaakoverzichtsfoto, die op 3 juli 2025 is gemaakt, moet betalen. Dit deel van de vordering zal daarom worden toegewezen. [gedaagde] zal dus worden veroordeeld tot betaling van € 91,04.
Vast staat dat [gedaagde] dat bedrag niet heeft betaald, zodat de gevorderde wettelijke rente zal worden toegewezen, vanaf de vervaldatum van de factuur, te weten: 12 september 2025.
Infomedics vordert € 52,35 als vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 van het Burgerlijk Wetboek (BW) en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat [gedaagde] een consument is (een natuurlijk persoon die niet heeft gehandeld in de uitoefening van een beroep of bedrijf). Daarom moet de kantonrechter controleren of is voldaan aan de dan geldende extra eisen voor de verschuldigdheid van buitengerechtelijke incassokosten. Infomedics heeft aan [gedaagde] een of meer aanmaningen gestuurd die voldoen aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. Gelet op de toegewezen hoofdsom zal een bedrag van € 40,00 aan buitengerechtelijke kosten worden toegewezen.
In de omstandigheden van het geval ziet de kantonrechter aanleiding om te bepalen dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.
5. De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen een bedrag van € 91,04, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag vanaf 12 september 2025 tot de dag van volledige betaling,
bepaalt dat iedere partij de eigen kosten draagt;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.J. Jansen en in het openbaar uitgesproken op 16 juli 2026.