ECLI:NL:RBNHO:2026:953

ECLI:NL:RBNHO:2026:953

Instantie Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak 05-01-2026
Datum publicatie 04-02-2026
Zaaknummer C/15/368900 / FA RK 25-4350
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Haarlem

Samenvatting

Beëindiging gezamenlijk gezag. De vader heeft een langdurige drugs- en alcoholverslaving, is onbereikbaar en heeft de kinderen al meerdere maanden niet gezien. De kinderen hebben specifieke hulpverlening en medische behandeling(en) nodig. De Raad is het eens met het verzoek.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Familie en Jeugd

Locatie Haarlem

gezag

zaak-/rekestnr.: C/15/368900 / FA RK 25-4350

Beschikking van de enkelvoudige kamer voor familiezaken van 5 januari 2026

in de zaak van:

[de moeder] ,

wonende in [plaats] ,

hierna te noemen: de moeder,

advocaat mr. A.F.M. Visscher uit Volendam,

tegen

[de vader] ,

wonende in [plaats] ,

hierna te noemen: de vader.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

­ het verzoek, met bijlagen, van de moeder, ontvangen op 26 augustus 2025;

­ het F-formulier, met bijlagen, van de moeder, ontvangen op 4 december 2025.

De behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden op de zitting van 12 december 2025 in aanwezigheid van de moeder en haar advocaat. Ook was tijdens de zitting als informant aanwezig [vertegenwoordiger van de raad] namens de Raad voor de Kinderbescherming (hierna te noemen: de Raad).

De vader is, zonder afmeldbericht, niet verschenen tijdens de zitting.

De advocaat van de moeder heeft tijdens de zitting een pleitnota overgelegd.

2. De feiten

Partijen zijn op [huwelijksdatum] in [plaats] met elkaar gehuwd, welk huwelijk op [datum] is ontbonden door inschrijving in de registers van de burgerlijke stand van de echtscheidingsbeschikking van deze rechtbank van 27 november 2024 (hierna: de echtscheidingsbeschikking).

De minderjarige kinderen van partijen zijn:

­ [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] in [plaats] ;

­ [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] in [plaats] ;

­ [de minderjarige 3], geboren op [geboortedatum] in [plaats] .

[de minderjarige 1] , [de minderjarige 2] en [de minderjarige 3] worden hierna samen ook genoemd: de kinderen.

Het gezamenlijk gezag over de kinderen is na de echtscheiding in stand gebleven. De hoofdverblijfplaats van de kinderen is bij de moeder.

Bij de echtscheidingsbeschikking is – voor zover hier van belang – bepaald dat de zorgregeling tussen de vader en de kinderen onder regie van het Jeugdteam, of met behulp van een door het Jeugdteam aan te wijzen hulpinstantie, zo spoedig mogelijk wordt opgebouwd.

Partijen zijn op [datum] een ouderschapsplan overeengekomen. Daarin is een zorgregeling opgenomen waarbij de kinderen – kort gezegd – wekelijks op woensdagmiddag en één keer in de twee weken van vrijdag tot zondag bij de vader verblijven, waarbij de vader de kinderen brengt en haalt. Partijen spraken af deze regeling in ieder geval zes maanden na ondertekening van het ouderschapsplan aan te houden.

3. Het verzoek

De moeder verzoekt te bepalen dat het gezamenlijk gezag over de kinderen wordt beëindigd en de moeder met het eenhoofdig gezag over de kinderen wordt belast. Zij verzoekt de beschikking uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

De moeder heeft haar verzoek als volgt onderbouwd. De vader heeft al sinds zijn tienertijd een cocaïne- en alcoholverslaving. Hij is ook aangehouden voor het dealen van drugs. Tijdens het huwelijk was de vader agressief richting de moeder en zijn gedrag is nog steeds erg zorgelijk (waaronder zijn paranoïde periodes). De inzet van het Jeugdteam heeft onvoldoende geholpen en de in het ouderschapsplan opgenomen zorgregeling is maar kort uitgevoerd. Sinds maart 2025 heeft de vader de kinderen niet meer gezien, waardoor hij niet weet wat in hun belang is. Ook is hij (bijna) niet bereikbaar voor het nemen van belangrijke beslissingen over de kinderen. Zo reageert hij niet op de verzoeken tot toestemming voor de nodige (school)onderzoeken, behandelingen en afspraken voor de kinderen en voor de vakanties van de moeder met de kinderen. Sinds mei 2025 betaalt hij ook geen kinderbijdrage meer aan de moeder. De moeder wil voorkomen dat als haar iets overkomt, de vader alleen het gezag over de kinderen uitoefent.

Door en namens de moeder is tijdens de zitting naar voren gebracht dat zij de kinderen al jarenlang volledig verzorgt. De vader houdt zich afzijdig van de kinderen en heeft bij de moeder aangegeven dat hij hen niet meer hoeft te zien. De kinderen zijn te vroeg geboren. [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] hebben een taalontwikkelingsstoornis en bij [de minderjarige 3] is sprake van doofheid. Het inschakelen van de daarvoor noodzakelijke hulpverlening en onderzoeken loopt vertraging op, doordat de vader onbereikbaar is. De moeder benadrukt dat de vader nog steeds erg verslaafd is. In de afgelopen maanden is hij ook in contact geweest met de politie vanwege mishandeling, vernieling en zijn wietplantage. De grootmoeder vaderszijde deelt de zorgen van de moeder.

4. De beoordeling

Rechtsmacht

Omdat de moeder de Franse nationaliteit heeft, moet eerst de vraag worden beantwoord of de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft met betrekking tot het verzoek. De gewone verblijfplaats van de kinderen is in Nederland, zodat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft. Het Nederlands recht is van toepassing op het verzoek.

Gezag

De rechtbank kan het gezamenlijk gezag beëindigen en één van beide ouders met het gezag over een kind belasten, als er een onaanvaardbaar risico is dat het kind klem of verloren zou raken tussen de ouders en niet te verwachten is dat hierin binnen afzienbare tijd voldoende verbetering komt of als dit anderszins in het belang van het kind noodzakelijk is.

Voor gezamenlijk gezag is vereist dat de ouders daadwerkelijk in staat zijn tot een behoorlijk overleg ter zake en dat zij beslissingen van enig belang over hun kind in gezamenlijk overleg kunnen nemen, of in ieder geval in staat zijn afspraken te maken over situaties die zich rond het kind kunnen voordoen, zodanig dat het kind niet klem of verloren raakt tussen de ouders.

Bij de beoordeling van het verzoek van de moeder stelt de rechtbank voorop dat het uitgangspunt van de wet is dat ouders in beginsel gezamenlijk het gezag over hun minderjarige kinderen uitoefenen. Er kunnen zich echter situaties voordoen waarin het noodzakelijk is dat slechts één van de ouders na het uiteengaan het ouderlijk gezag uitoefent.

In dit geval ziet de rechtbank voldoende grond om van het genoemde wettelijk uitgangspunt af te wijken en legt uit waarom. Uit de stukken en de zitting blijkt dat er bij de vader al jarenlang sprake is van cocaïne- en alcoholverslavingsproblematiek. De vader is onbereikbaar en heeft de kinderen al meerdere maanden niet gezien. [de minderjarige 1] , [de minderjarige 2] en [de minderjarige 3] zijn te vroeg geboren en als gevolg daarvan hebben zij specifieke hulpverlening en medische behandeling(en) nodig. Het is dan ook van groot belang dat gezagsbeslissingen – zonder vertraging – genomen kunnen worden. Het is gebleken dat dat in de huidige situatie niet mogelijk is, omdat de vader onbereikbaar is. In het verleden gaf de vader soms aan dat hij zijn toestemming zou verlenen, wat hij vervolgens niet deed. De moeder heeft hem om toestemming en betrokkenheid gevraagd voor logopedie en ergotherapie voor [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] , maar de vader heeft daaraan niet meegewerkt. Ook worden de onderzoeken en behandelingen van [de minderjarige 3] in verband met haar doofheid uitgesteld, omdat het de moeder niet lukt om de toestemming van de vader te krijgen. Verder verleent de vader geen toestemming voor vakantie(s) van de moeder met de kinderen. De vader heeft de moeder aangegeven dat hij de kinderen niet wil zien en is ook niet tijdens de zitting verschenen.

De Raad heeft tijdens de zitting aangegeven dat de problematiek van de vader langdurig is, zodat niet te verwachten is dat daarin op korte termijn verandering komt. Uit de afwezigheid van de vader tijdens de zitting, maakt de Raad op dat de vader zijn verantwoordelijkheid voor de kinderen op dit moment niet neemt. Dit, in combinatie met de specifieke (medische) behoeften en behandelingen van de kinderen, leidt ertoe dat het volgens de Raad in het belang is van de kinderen om het verzoek van de moeder toe te wijzen. De Raad merkt nog op dat als het contact tussen de kinderen en de vader later zou worden opgebouwd, daar hulpverlening voor nodig is.

De rechtbank deelt de visie van de Raad. Doordat de vader onbereikbaar is en onvoldoende betrokken is bij de kinderen, is hij niet in staat om samen met de moeder gezagsbeslissingen te nemen die in het belang zijn van [de minderjarige 1] , [de minderjarige 2] en [de minderjarige 3] . Het is ook niet te verwachten dat hierin binnen afzienbare tijd verandering komt. Daarbij komt dat de moeder door de afwezige en onbereikbare houding van de vader stress ervaart, wat niet in het belang is van de kinderen. Vanwege het voorgaande wijst de rechtbank het verzoek van de moeder toe.

De rechtbank verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

5. De beslissing

De rechtbank:

bepaalt dat het gezamenlijk gezag van partijen over de minderjarigen [de minderjarigen] :

­ [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum] in [plaats] ;

­ [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum] in [plaats] ;

­ [de minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum] in [plaats] ;

wordt beëindigd en dat de moeder alleen het gezag over voornoemde minderjarigen toekomt;

verklaart deze beslissing uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. E.I. Terborg-Wijnaldum, rechter, tevens kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. F.G. van der Erve als griffier en in het openbaar uitgesproken op 5 januari 2026.

Tegen deze beschikking kan – voor zover er definitief is beslist – door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De verzoekende partij en/of de zich verwerende partij dient het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. E.I. Terborg-Wijnaldum

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?