RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: 12128718 \ CV EXPL 26-1464
Vonnis van 19 augustus 2026
in de zaak van
de rechtspersoon naar buitenlands recht,
ALEKTUM CAPITAL II AG,
te Zug, Zwitserland (Zwitserland),
eisende partij,
hierna te noemen: Alektum,
gemachtigde: [gemachtigde],
tegen
[gedaagde] ,
te [plaats],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde],
procederend in persoon.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding;- de conclusie van antwoord;- de conclusie van repliek;- de conclusie van dupliek;- de akte van Alektum.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. Het geschil
Alektum vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 460,85, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 328,75 en de proceskosten.
Alektum legt – kort gezegd – het volgende aan de vordering ten grondslag. [gedaagde] heeft goederen gekocht via de website van Zara (hierna: de webwinkel), waarbij zij heeft gekozen voor de achteraf betaalmethode van Klarna. Dat wil zeggen dat [gedaagde] de gekochte goederen later, namelijk binnen 30 dagen na de aankoop of binnen 14 dagen na verzending van de bestelling, zou betalen aan Klarna. [gedaagde] heeft dat niet gedaan. Klarna heeft de vordering op [gedaagde] vervolgens verkocht aan Alektum.
[gedaagde] voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van Alektum. Zij voert daartoe aan dat zij de bestelling volledig retour heeft gezonden naar de webwinkel.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
3. De beoordeling
[gedaagde] heeft niet betwist dat zij op 1 september 2020 een bestelling heeft geplaatst bij de webwinkel en dat zij die bestelling ook heeft ontvangen. Het uitgangspunt is daarom dat zij de koopprijs moet betalen.
[gedaagde] verweert zich met de stelling dat zij de bestelling heeft teruggestuurd naar de webwinkel. Op grond van artikel 7:11 BW draagt de consument-koper het risico van het bestelde zodra hij dit ontvangen heeft. Op grond van artikel 6:230r lid 4 BW heeft de consument pas recht op terugbetaling (of, in dit geval, is zij pas bevrijd van haar betalingsverplichting) als de handelaar de zaken heeft ontvangen of de consument heeft aangetoond dat hij de zaken heeft teruggezonden. Dat betekent dat [gedaagde] verantwoordelijk is voor een goede retourzending. [gedaagde] heeft ter onderbouwing van haar retourzending een verzendbewijs van PostNL ingebracht waarop staat dat op 17 september 2020 een pakket is verstuurd aan Antwoordnummer 219, 1440VB te Purmerend. Alektum heeft niet betwist dat de webwinkel het pakket op 18 september 2020 heeft ontvangen, maar voert aan dat [gedaagde] niet alle artikelen heeft teruggestuurd.
De vraag is dus of [gedaagde] voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat alle bestelde artikelen in het teruggestuurde pakket zaten. [gedaagde] heeft ter onderbouwing van haar standpunt een bericht van de klachtenafdeling van Klarna van 15 februari 2021 overgelegd, waaruit volgt dat zij al ruim vóórdat Alektum in beeld kwam vragen heeft gesteld over de verwerking van haar retour. In haar (eveneens overgelegde) reactie daarop heeft zij (nogmaals) aan Klarna laten weten dat zij de gehele bestelling heeft geretourneerd. Daarbij heeft zij ook een dossiernummer vermeld dat verwijst naar de correspondentie die zij met de webwinkel heeft gevoerd. Dat zij zich ook bij de webwinkel heeft beklaagd over het feit dat haar retourzending niet volledig was verwerkt, blijkt bovendien uit de door Alektum overgelegde e-mail van de webwinkel van 15 juli 2021. Opvallend is ook dat uit het bericht van Klarna volgt dat de retour in twee delen is verwerkt. [gedaagde] heeft terecht opgemerkt dat het erop lijkt dat de webwinkel na ontvangst van de klacht is gaan zoeken naar de overige artikelen en vervolgens nog twee artikelen heeft teruggevonden. Het valt dan ook niet uit te sluiten dat artikelen waarvan in deze procedure betaling wordt gevorderd bij de verwerking van de retour (eveneens) zijn zoekgeraakt.
De kantonrechter ziet niet in wat [gedaagde] nog meer had kunnen doen om haar standpunt te onderbouwen. Daarbij weegt mee dat Alektum pas na (ruim) vijf jaar een vordering heeft ingesteld, waardoor een eventueel bewijsprobleem aan de zijde van [gedaagde] voor rekening en risico van Alektum komt. De conclusie is dan ook dat [gedaagde] haar stelling voldoende aannemelijk heeft gemaakt, zodat het vervolgens aan Alektum is om gemotiveerd te betwisten dat de volledige bestelling is geretourneerd. Daarin is zij niet geslaagd. Alektum had (bijvoorbeeld) het oorspronkelijke verzendbewijs van de (afgeleverde) bestelling in het geding kunnen brengen, zodat het gewicht van de bestelling en de retournering met elkaar vergeleken konden worden. Dat heeft zij nagelaten. De conclusie is dat het ervoor moet worden gehouden dat [gedaagde] de volledige bestelling heeft teruggestuurd. Daarom is [gedaagde] bevrijd van haar betalingsverplichting. De vordering van Alektum tot betaling van de koopsom wordt dan ook afgewezen.
Alektum zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten. Aangezien [gedaagde] zich niet heeft laten bijstaan door een professioneel gemachtigde, en gesteld noch gebleken is dat zij anderszins kosten heeft gemaakt in het kader van deze procedure die voor vergoeding in aanmerking komen, zullen de proceskosten aan de zijde van [gedaagde] worden vastgesteld op nihil.
4. De beslissing
De kantonrechter
wijst de vorderingen van Alektum af,
veroordeelt Alektum in de proceskosten, die worden vastgesteld op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Dijk en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter