ECLI:NL:RBNNE:2025:3199

ECLI:NL:RBNNE:2025:3199, Rechtbank Noord-Nederland, 18-07-2025, 25/2202

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 18-07-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 25/2202
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Groningen
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

Herhaald verzoek om een voorlopige voorziening. Afgewezen onder verwijzing naar eerder gedane uitspraak. Herziening van een vovo-uitspraak is niet mogelijk.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

uitspraak van de voorzieningenrechter van 18 juli 2025 in de zaak tussen

[verzoeker] , uit [woonplaats] verzoeker

de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (SVB).

Bestuursrecht

zaaknummer: LEE 25/2202

en

Procesverloop

1. De SVB heeft met het besluit van 19 juni 2024 het bezwaar gericht tegen het besluit van 14 februari 2024 ongegrond verklaard. Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen dit besluit, geregistreerd onder AWB 24/4358.

De SVB heeft bij besluit van 7 juni 2024 het bezwaar van verzoeker tegen het besluit van 9 februari 2024 en 15 maart 2024 ongegrond verklaard. Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen dit besluit, geregistreerd onder AWB 24/4363.

De SVB heeft bij besluit van 21 november 2024 verzoekers bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen dit besluit, geregistreerd onder AWB 24/4618.

Verzoeker heeft de voorzieningenrechter op 18 juni 2025 gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft bij uitspraak van 23 juni 2025 het verzoek afgewezen.

Verzoeker heeft de voorzieningenrechter op 25 juni 2025 verzocht om de uitspraak van 23 juni 2025 te herzien dan wel zijn verzoek aan te merken als een nieuw verzoek om een voorlopige voorziening.

Omdat het verzoek kennelijk ongegrond is, doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De voorzieningenrechter legt hierna uit waarom het verzoek kennelijk ongegrond is.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. In artikel 8:119 van de Awb is bepaald dat de bestuursrechter in bepaalde gevallen een onherroepelijk geworden uitspraak kan herzien. Een uitspraak van de voorzieningenrechter is geen onherroepelijke einduitspraak en dus niet vatbaar voor herziening. Het verzoek wordt daarom afgewezen.

3. Voor wat betreft het hernieuwde verzoek om een voorlopige voorziening, verwijst de voorzieningenrechter naar zijn uitspraak van 25 juni 2025. Hij ziet geen aanleiding om anders te oordelen dan de voorzieningenrechter in die uitspraak heeft gedaan.

4. Het verzoek is kennelijk ongegrond. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af. Voor een proceskostenveroordeling of een vergoeding van het griffierecht bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. H.J. Bastin, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J.A. van Loo, griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 18 juli 2025.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. H

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand