ECLI:NL:RBNNE:2025:5187

ECLI:NL:RBNNE:2025:5187, Rechtbank Noord-Nederland, 23-09-2025, 11438190 BU VERZ 24-2887

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 23-09-2025
Datum publicatie 18-12-2025
Zaaknummer 11438190 BU VERZ 24-2887
Rechtsgebied Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Procedure Mondelinge uitspraak
Zittingsplaats Leeuwarden

Samenvatting

Geen keuringsbewijs. De schorsing is vroegtijdig beëindigd omdat betrokkene op de openbare weg reed met het voertuig. Betrokkene is daarom als bestuurder verantwoordelijk voor het niet hebben van een geldig keuringsbewijs. Ook hebben de verbalisanten wel aanstonds de identiteit van betrokkene vastgesteld, omdat zij hem hebben herkend.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Leeuwarden

Bestuursrecht

beschikkingsnummer: 261529253

zaaknummer: 11438190 BU VERZ 24-2887

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 23 september 2025

in de zaak van

[betrokenne] (de betrokkene),

die woont in [woonplaats] .

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De overtreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘voor het motorrijtuig met een toegestane maximummassa v 3500 kg of minder heeft het keuringsbewijs geldigheid verloren’, verricht op 8 augustus 2023, om 19:52 uur, op het Noorderend in Drachten, met een bedrijfsauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 169,00 (inclusief administratiekosten).

Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De kantonrechter heeft het beroep op 23 september 2025 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig als vertegenwoordigster van de officier van justitie mr. P. Veenstra.

Na afloop van de behandeling op de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de kantonrechter

Beslissing

2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep ongegrond is. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.

Standpunten

3. Betrokkene voert aan dat de auto al enige tijd stil stond omdat de startmotor defect is. De auto is opgehaald door een bedrijf dat bedrijfskentekenplaten achter de ramen had. De verbalisant vertelde hem in een telefoongesprek dat hij de auto zag rijden met het originele kenteken. De verbalisant gaf aan dat betrokkene had gereden. Betrokkene heeft echter niet gereden en hij is ook niet aangehouden. De auto is netjes opgehaald en overgeschreven. Ondertussen is de auto weer gemaakt en APK-gekeurd. Verder heeft het kenteken nooit op betrokkenes naam gestaan en kan de verbalisant hem niet gezien hebben. Een vermoeden vindt hij geen bewijs om een beschikking van € 650,00 en een boete voor het niet hebben van een geldige APK op te leggen. Hij betaalt deze vorderingen niet. Als de verbalisanten zo zeker van hun zaak waren, hadden zij de auto moeten aanhouden en beter moeten controleren. Zij hadden dan kunnen zien dat alle papieren wel voor elkaar waren.

4. De vertegenwoordigster stelt zich op het standpunt dat het beroep ongegrond verklaard moet worden. De boete is terecht aan de bestuurder opgelegd, omdat de verbalisanten betrokkene ambtshalve hebben herkend. Het maakt niet uit dat hij niet de kentekenhouder was, omdat de boete is opgelegd aan de bestuurder. Als bestuurder is hij verantwoordelijk voor het niet keuren van het voertuig. Zij ziet geen reden om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant.

Overwegingen

5. De kantonrechter stelt allereerst vast dat betrokkene geen zekerheid heeft gesteld. Betrokkene moet (tijdig) een bedrag betalen als zekerheid voor de boete en de administratiekosten. Hij heeft verklaard dat hij een Wajong-uitkering krijgt en dat hij de zekerheid niet kan betalen. De kantonrechter ziet hierin aanleiding om het te betalen bedrag aan zekerheid op nul te zetten.

6. Betrokkene betwist de verkeersovertreding. In zaken op grond van de Wahv is de verklaring van de verbalisant in het zaakoverzicht in beginsel voldoende voor het vaststellen van de verkeersovertreding, tenzij concrete omstandigheden worden aangevoerd die aanleiding geven tot twijfel.

7. De overtreding kan worden vastgesteld. De verbalisanten verklaren dat betrokkene inderdaad niet de kentekenhouder is van het voertuig. Als een niet-goedgekeurd voertuig op de openbare weg rijdt, is de bestuurder aansprakelijk voor het niet hebben van een geldig keuringsbewijs. Uit het afschrift van het BCS-portaal, dat in het dossier zit, blijkt dat het kenteken van de auto geschorst was van 27 oktober 2022 tot en met 27 september 2023. Deze schorsing is echter op de pleegdatum al geëindigd omdat betrokkene toen met het voertuig op de openbare weg reed. Op de pleegdatum was het voertuig dus niet gekeurd en ook niet geschorst. Daarnaast heeft betrokkene niet aannemelijk gemaakt dat de startmotor van de auto defect is en dat de auto is opgehaald door een bedrijf.

8. In principe houdt de verbalisant de bestuurder staande op het moment dat een verkeersovertreding wordt vastgesteld om zijn identiteit vast te stellen. De verbalisanten konden betrokkene echter niet staande houden omdat zij bij een ongeval met materiële schade stonden en zij niet zomaar weg konden. De identiteit van een bestuurder kan ook op een andere manier worden vastgesteld dan door een staandehouding. De verbalisanten hebben betrokkene herkend als de bestuurder. De verklaring van betrokkene geeft de kantonrechter geen aanleiding om te twijfelen aan deze herkenning. De verbalisanten verklaren in het proces-verbaal van bevindingen dat zij zagen dat betrokkene reed in een auto met kenteken [kenteken] . Zij herkenden hem door zijn haarkleur, zijn piercing en omdat zij al een aantal keren met hem te maken hebben gehad. Omdat de verbalisanten direct hebben vastgesteld wat de identiteit was van de bestuurder, is de boete terecht opgelegd aan betrokkene als de bestuurder.

9. De kantonrechter ziet geen aanleiding om de boete te matigen.

Conclusie

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.

Waarvan proces-verbaal,

mr. M. Hidding, griffier, is verhinderd om mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter

dit proces-verbaal te tekenen.

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het

gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of

b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.

Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. P.G. Wijtsma

Griffier

  • mr. M. Hidding

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?