ECLI:NL:RBNNE:2025:5418

ECLI:NL:RBNNE:2025:5418, Rechtbank Noord-Nederland, 04-12-2025, C/18/250481 KG RK 25-360

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 04-12-2025
Datum publicatie 22-12-2025
Zaaknummer C/18/250481 KG RK 25-360
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Wraking
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk. Er is al einduitspraak gedaan.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

beslissing

Wrakingskamer

zaaknummer: C/18/250481 KG RK 25-360

Beslissing van 4 december 2025

van de voorzitter van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van

[verzoeker]

hierna te noemen: verzoeker,

1. De procedure

Op 22 november 2025 heeft verzoeker een verzoek tot wraking ingediend.

2. Het wrakingsverzoek

In het verzoek tot wraking heeft verzoeker het zaaknummer [nummer]

genoemd. Verzoeker geeft aan dat bij zijn eerdere wrakingsverzoek van 16 oktober 2025 hij een verkeerd zaaknummer had vermeld doordat hij per abuis het cijfer naast de 3 had aangeraakt waardoor er in dat wrakingsverzoek het zaaknummer [nummer] stond vermeld. Hierbij heeft verzoeker aangegeven dat het overduidelijk was dat hij verwees naar de zaak [nummer] omdat hij meer dan 50 keer in de betreffende processtukken aan de rechtbank Noord-Nederland naar die zaak heeft verwezen.

3. De beoordeling

Naar het oordeel van de voorzitter van de wrakingskamer is sprake van een kennelijk niet-ontvankelijk verzoek en daarom laat de voorzitter van de wrakingskamer een mondelinge behandeling van het verzoek achterwege, overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, tweede lid, van het Wrakingsprotocol van deze rechtbank. Hierna legt de voorzitter van de wrakingskamer uit hoe hij tot deze beslissing is gekomen.

Artikel 8:15 van de Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat op verzoek van een partij elk van de rechters die een zaak behandelen kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

Op grond van artikel 1, onder 5, van het Wrakingsprotocol Rechtbank Noord-Nederland (vastgesteld op 4 april 2023) moet het wrakingsverzoek worden gedaan voordat in de hoofdzaak een aanvang is gemaakt met het doen van de einduitspraak. Op grond van artikel 4, tweede lid, aanhef en onder d, van het Wrakingsprotocol kan de wrakingskamer het verzoek tot wraking zonder behandeling ter zitting aanstonds ongegrond of niet-ontvankelijk verklaren indien het verzoek is ingediend na het tijdstip waarop in de hoofdzaak einduitspraak is of wordt gedaan.

De voorzitter overweegt dat in de zaak [nummer] de rechter al een einduitspraak heeft gedaan. Dit betekent dat verzoeker te laat is met het indienen van zijn wrakingsverzoek. Om die reden zal verzoeker niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn wrakingsverzoek.

4. De beslissing

De voorzitter van de wrakingskamer verklaart het verzoek van 22 november 2025 van verzoeker niet-ontvankelijk.

Deze beslissing is gegeven door mr. Th. A. Wiersma, voorzitter, in tegenwoordigheid van de griffier mr. S.I. Havinga en in openbaar uitgesproken op 4 december 2025.

de griffier de voorzitter

(de griffier is verhinderd deze beslissing

mede te ondertekenen)

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. Th. A. Wiersma

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?