ECLI:NL:RBNNE:2025:5814

ECLI:NL:RBNNE:2025:5814

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 04-12-2025
Datum publicatie 27-01-2026
Zaaknummer 11616799 BU VERZ 25-672
Rechtsgebied Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

Wahv. Niet op eerste vordering behoorlijk het kentekenbewijs ter inzage afgeven. Uit de verklaring van de verbalisanten in het zaakoverzicht en het verweer van betrokkene begrijpt de kantonrechter dat betrokkene, die taxiwerkzaamheden verrichtte, zijn kentekenbewijs wel op eerste vordering heeft getoond, maar dat dit volgens de verbalisanten niet voldoende was omdat een goedkeuringsdocument ontbrak. Het artikel waarop de verbalisanten zich bij de oplegging van onderhavige boete baseren bepaalt dat het verplicht is om op eerste vordering een kentekenbewijs te tonen, alsmede de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen delen van het kentekenbewijs. De kantonrechter is van oordeel dat de verklaring van de verbalisanten onvoldoende is om onderhavige gedraging met feitcode K150A vast te kunnen stellen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

beschikkingsnummer: 265090745

zaaknummer: 11616799 BU VERZ 25-672

uitspraak van de kantonrechter van 4 december 2025

in de zaak van

[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [woonplaats] ,

gemachtigde: mr. M. Lagas, Appjection B.V.

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘niet op eerste vordering behoorlijk het kentekenbewijs ter inzage afgeven’, verricht op 24 maart 2024, om 03:50 uur aan de Kreupelstraat te Groningen, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 69,00 (inclusief administratiekosten).

Gemachtigde heeft namens betrokkene tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De kantonrechter heeft het beroep op 19 november 2025 op de zitting behandeld. De vertegenwoordiger van de officier van justitie was niet aanwezig. Betrokkene en zijn gemachtigde waren ook niet aanwezig.

Beoordeling door de kantonrechter

2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden. Hij oordeelt dat het beroep gegrond is en hij zal de boete vernietigen. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.

Overwegingen

Kan de verweten gedraging worden vastgesteld?

3. Gemachtigde heeft aangevoerd dat betrokkene ontkent de vermeende gedraging te hebben verricht, nu betrokkene wel een kentekenbewijs heeft getoond. Dit wordt door de verbalisant beaamd in het zaakoverzicht. In artikel 160 lid 1 sub a van de Wegenverkeerswet 1994 wordt dan ook niet omschreven dat het tonen van een goedkeuringsdocument onderdeel is van het tonen van het kentekenbewijs. Hierdoor kan de opgelegde boete niet in stand blijven.

In Wahv zaken biedt de verklaring van de verbalisant in beginsel een voldoende grondslag voor de vaststelling dat de gedraging is verricht. Dat is anders indien de betrokkene voor zijn zaak specifieke feiten en omstandigheden aanvoert, die aanleiding geven te twijfelen aan de juistheid van één of meer onderdelen van de verklaring dan wel indien uit het dossier zulke feiten en omstandigheden blijken.

Uit het zaakoverzicht blijkt dat de verbalisanten hebben waargenomen dat betrokkene met het genoemde voertuig op de genoemde locatie reed, terwijl deze taxiwerkzaamheden verrichtte en op eerste vordering geen goedkeuringsdocument kon tonen. Het goedkeuringsdocument is volgens de verbalisanten onderdeel van het kentekenbewijs. De verbalisanten verklaren dat doordat het goedkeuringsdocument ontbrak, het kentekenbewijs niet compleet was en daarom niet aan het, op eerste vordering, tonen van het kentekenbewijs kon worden voldaan. Betrokkene is staande gehouden en heeft de volgende verklaring afgelegd: “ik heb daar geen verklaring voor”.

De kantonrechter neemt in aanmerking dat een goedkeuringsbewijs een document van de RDW is dat duidelijk maakt dat het voertuig voldoet aan de eisen voor taxivervoer, zoals het aantal zitplaatsen of een inrichting voor rolstoelen. Wanneer men een voertuig als taxi wil gaan gebruiken, moet het voertuig door de RDW worden geregistreerd, waarbij de bestuurder een taxivergunning nodig heeft om die registratie aan te vragen. De RDW keurt of de auto geschikt en veilig is om personen te vervoeren. Als de RDW het voertuig goedkeurt, wordt het als taxi geregistreerd in het kentekenregister en komt er een aantekening op het kentekenbewijs dat de auto als taxi mag worden gebruikt en voor hoeveel personen. Voor het voertuig wordt daartoe een aparte ‘kentekencard’ als applicatie verstrekt.

Uit zowel de verklaring van de verbalisanten in het zaakoverzicht als het verweer van betrokkene begrijpt de kantonrechter dat betrokkene, die taxiwerkzaamheden verrichtte, zijn kentekenbewijs wel op eerste vordering heeft getoond, maar dat dit volgens de verbalisanten niet voldoende was omdat een goedkeuringsdocument ontbrak. Het artikel waarop de verbalisanten zich bij de oplegging van onderhavige boete baseren betreft artikel 160 lid 1 sub a van de Wegenverkeerswet 1994. Dit artikel bepaalt dat het verplicht is om op eerste vordering een kentekenbewijs te tonen, alsmede de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen delen van het kentekenbewijs.

De kantonrechter is dan ook van oordeel dat de verklaring van de verbalisanten onvoldoende is om onderhavige gedraging met feitcode K150A vast te kunnen stellen. Het beroep wordt daarom gegrond verklaard.

Proceskostenvergoeding

4. Omdat de kantonrechter het beroep gegrond verklaart, zal hij de officier van justitie veroordelen in de proceskosten van betrokkene. Hij zal 1,5 punt toekennen met een waarde van € 647,00 voor het indienen van het administratief beroepschrift en de telefonische hoorzitting en 1 punt toekennen voor het

indienen van het beroepschrift bij de kantonrechter met een waarde van € 907,00. Gelet op de aard van de zaak past de kantonrechter de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toe. Omdat zowel de inleidende beschikking als de beslissing van de officier van justitie na 31 december 2023 zijn bekendgemaakt, past de kantonrechter de extra wegingsfactor uit artikel 13a, tweede lid, onder a, Wahv toe op beide fasen.

De berekening is als volgt: 1,5 (procespunten) x € 647,00 (tarief) x 0,5 (wegingsfactor, licht) x 0.25 (extra wegingsfactor herwaardering) + 1 (procespunt) x € 907,00 (tarief) x 0,5 (wegingsfactor, licht) x 0,25 (extra wegingsfactor herwaardering proceskostenvergoeding) = € 234,69.

Beslissing

De kantonrechter:

- verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond;- vernietigt die beslissing;- verklaart het beroep tegen de inleidende beschikking gegrond;- vernietigt die inleidende beschikking;- bepaalt dat betrokkene het bedrag van de zekerheidstelling terugkrijgt;

- veroordeelt de officier van justitie in de kosten van de procedure, aan de zijde van de betrokkene vastgesteld op € 234,69.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.Y.B. Jansen, kantonrechter, in aanwezigheid van R. de Hoop, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 4 december 2025.

griffier kantonrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het

gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of

b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.

Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?