RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Leeuwarden
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 265183473
zaaknummer: 11635651 BU VERZ 25-748
uitspraak van de kantonrechter van 20 november 2025
in de zaak van
Athlon Car Lease Nederland B.V. (Athlon),
gevestigd in Almere,
(gemachtigde: mr. M. Lagas, Appjection B.V.).
Inleiding
1. Aan Athlon is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘een voertuig parkeren waar dat niet mag (bord E1, parkeerverbod(szone))’, verricht op 12 maart 2024, om 09:54 uur, op De Jerden in Drachten, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 129,00 (inclusief administratiekosten).
Gemachtigde heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft gemachtigde beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kantonrechter heeft het beroep op 10 november 2025 op de zitting behandeld. Daarbij waren aanwezig: [lessee] , lessee, en als vertegenwoordigster van de officier van justitie mr. M. Kalsbeek.
Beoordeling door de kantonrechter
Standpunten
2. De lessee voert aan dat het bord achter een lantaarnpaal staat. Hierdoor heeft hij het bord gemist. Hij heeft zijn auto vlak voor een ander bord geparkeerd, maar dit bord was alleen zichtbaar vanaf de andere rijrichting. Aan zijn kant stond geen bord met ‘einde parkeerverbodszone’. Gemachtigde verzoekt om vergoeding van de proceskosten.
3. De vertegenwoordigster is van mening dat het beroep ongegrond moet worden verklaard.
Overwegingen
4. De lessee betwist de gedraging niet, maar voert argumenten aan ter verklaring. Daarmee is de gedraging komen vast te staan. Vervolgens is de vraag of er feiten en omstandigheden zijn die aanleiding geven tot een wijziging van de boete.
5. De kantonrechter ziet geen aanleiding om de boete te matigen of te vernietigen. De lessee heeft niet aannemelijk gemaakt dat de situatie onduidelijk was. Het parkeerverbod is duidelijk aangegeven met twee E1-borden. Dat één van de borden vanuit een bepaalde hoek deels wordt afgeschermd door een lantaarnpaal, maakt de bebording niet onduidelijk. Vanuit andere hoeken is het bord volledig zichtbaar, zodat de lessee het had kunnen en moeten zien. Hij had dus moeten weten dat op de plek waar hij zijn auto heeft geparkeerd een parkeerverbod geldt. Het ontbreken van een bord ‘einde parkeerverbod’ doet hier niets aan af. Van een parkeerverbodszone is namelijk geen sprake, zodat een dergelijk bord niet vereist is. Ook als verderop een bord zou staan dat het einde van het parkeerverbod aanduidt, blijft het verbod van kracht op de plek waar hij heeft geparkeerd.
Conclusie
De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. F Sijens, kantonrechter, in aanwezigheid van mr. W.B. Jongsma, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 20 november 2025.
griffier kantonrechter
Rechtsmiddel
Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.