RECHTBANK Noord-Nederland
Civiel recht
Zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer: C/17/201568 / HA ZA 25-160
Vonnis van 24 september 2025
in de zaak van
DOPEDATIE B.V.,
te Made, kantoorhoudende te Woudsend,
eisende partij,
hierna te noemen: eiseres,
advocaat: mr. M. Sweerts,
tegen
FCC ADVISORY B.V., thans aan het rechtsverkeer deelnemend onder de naam
FCC ADVISORY B.V. IN LIQUIDATIE,
te Haarlem, kantoorhoudende te Woudsend,
gedaagde partij,
hierna te noemen: gedaagde,
niet verschenen.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- het tegen gedaagde verleende verstek.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De beoordeling
Eiseres heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.
Eiseres vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). Eiseres heeft voldoende gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Eiseres heeft daarom recht op een vergoeding voor de kosten van die werkzaamheden. Daarom zal een bedrag van € 3.832,00 worden toegewezen.
Eiseres vordert gedaagde te veroordelen tot betaling van de beslagkosten. Deze vordering is gelet op het bepaalde in artikel 706 Rv toewijsbaar. De beslagkosten worden vastgesteld op € 416,27 voor kosten deurwaardersexploten, € 714,00 voor griffierecht en € 3.502,00 voor salaris advocaat (1,0 punt(en) × € 3.502,00), totaal € 4.632,27.
Eiseres vordert vergoeding van de wettelijke handelsrente over de buitengerechtelijke incassokosten. Buitengerechtelijke incassokosten zijn een vorm van vermogensschade (art. 6:96 sub c BW). De wettelijke handelsrente-regeling van artikel 6:119a en 6:119b BW is niet van toepassing op schadevergoedingsbedragen.
De rechtbank zal deze vordering daarom afwijzen.
Eiseres vordert ook vergoeding van de wettelijke handelsrente over de beslagkosten. Beslagkosten maken onderdeel uit van de proceskosten. Slechts de wettelijke rente van artikel 6:119 BW is toewijsbaar over de proceskosten. Omdat artikelen 6:119a en 6:119b BW (wettelijke handelsrente) alleen zien op vorderingen tot betaling van het op grond van de overeenkomst verschuldigde, zijn deze bepalingen niet van toepassing op vorderingen tot betaling van proceskosten.
De vordering komt de rechtbank voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.
Gedaagde is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van eiseres worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
122,35
- griffierecht
€
6.147,00
- salaris advocaat
€
3.502,00
(1 punt × € 3.502,00)
- nakosten
€
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
9.949,35
3. De beslissing
De rechtbank
veroordeelt gedaagde om aan eiseres te betalen, binnen 14 dagen na betekening van de datum van dit vonnis, een bedrag van € 411.400,00, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag, vanaf 16 juli 2025, tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt gedaagde om aan eiseres te betalen, binnen 14 dagen na betekening van de datum van dit vonnis, een bedrag van € 3.832,00 aan buitengerechtelijke kosten,
veroordeelt gedaagde in de beslagkosten, te betalen binnen 14 dagen na de datum van dit vonnis, tot op heden vastgesteld op € 4.632,27,
veroordeelt gedaagde in de proceskosten van € 9.949,35, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als gedaagde niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.E. Biesma en in het openbaar uitgesproken op 24 september 2025.
conc: 423
Als bij dit vonnis een vordering tegen u is toegewezen, kunt u bij de rechtbank daartegen in verzet komen. Het verzet moet namens u door een advocaat worden ingesteld. Voor het instellen van dit rechtsmiddel geldt slechts een korte termijn. Als u in verzet wilt komen, dient u zich dus zo spoedig mogelijk tot een advocaat te wenden. Mocht u op grond van onvoldoende financiële draagkracht niet in staat zijn de kosten daarvan te dragen, dan kunt u wellicht aanspraak maken op toevoeging van een bij de raad voor rechtsbijstand ingeschreven advocaat. Inlichtingen daarover zijn te verkrijgen bij het Juridisch Loket.