RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer: 12050413 \ VV EXPL 26-3
Vonnis ex artikel 31 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering d.d. 6 maart 2026
in het kort geding dat bij de rechtbank aanhangig is geweest tussen
[eiser] ,
te [woonplaats] ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: mr. F. Gietema-van der Heide,
tegen
[gedaagde] ,
te [woonplaats] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
gemachtigde: mr. J.S. Bauer.
1. Het verzoek tot verbetering
Bij e-mail van 4 maart 2026 is namens [eiser] de kantonrechter verzocht om verbetering van het op 4 maart 2026 tussen partijen gewezen vonnis, in die zin dat in r.o. 5.1 van het dictum " [eiser] " wordt gewijzigd in " [gedaagde] ". Bij e-mail van 4 maart 2026 heeft mr. Bauer namens [gedaagde] aangegeven met dit verzoek akkoord te zijn.
2. De beoordeling
De kantonrechter is van oordeel dat in het vonnis van 4 maart 2026 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. Uit de vordering in conventie en de motivering van het vonnis volgt dat in r.o. 5.1 niet [eiser] moet worden veroordeeld maar [gedaagde] . De kantonrechter zal het verzoek dan ook toewijzen.
3. De beslissing
De kantonrechter
bepaalt dat rechtsoverweging 5.1 van het op 4 maart 2026 tussen partijen gewezen vonnis in kort geding, waar staat " [eiser] " wordt gewijzigd in " [gedaagde] ",
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 6 maart 2026 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 4 maart 2026.
Dit vonnis is gewezen door mr. T.K. Hoogslag en in het openbaar uitgesproken op 6 maart 2026.
542