ECLI:NL:RBNNE:2026:2171

ECLI:NL:RBNNE:2026:2171

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 12-05-2026
Datum publicatie 04-06-2026
Zaaknummer 12136680 CV EXPL 26-1408
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Verstek
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

Eiseres is een buitenlandse vennootschap. Ambtshalve toetsing bevoegdheid en toepasselijkheid recht.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Groningen

Zaaknummer: 12136680 CV EXPL 26-1408

Verstekvonnis van 12 mei 2026

in de zaak van

Coeo Securitisation Ltd.,

te Dublin (Ireland),

eisende partij,

gemachtigde: Rosmalen Gerechtsdeurwaarders B.V.,

kenmerk gemachtigde: 24000896,

tegen

[gedaagde] ,

te [woonplaats] ,

gedaagde partij,

niet in het geding verschenen.

1. De procedure

De eisende partij heeft bij dagvaarding, op de daarin geformuleerde gronden, gevorderd dat de gedaagde partij veroordeeld wordt om aan de eisende partij te betalen

€ 90,53, vermeerderd met rente en kosten.

Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.

2. De beoordeling

Bevoegdheid en toepasselijk recht

De kantonrechter stelt vast dat het geschil een internationaal karakter heeft, omdat de eisende partij in Ierland is gevestigd. Allereerst dient daarom ambtshalve te worden beoordeeld of de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft en welk recht op het voorliggende geschil van toepassing is.

De kantonrechter overweegt daartoe het volgende. Artikel 18 lid 2 van de Brussel I bis Verordening bepaalt dat de rechtsvordering die tegen de consument wordt ingesteld door de wederpartij bij de overeenkomst slechts kan worden gebracht voor de gerechten van de lidstaat op het grondgebied waarvan de consument woonplaats heeft. De gedaagde partij is woonachtig in Nederland waardoor de Nederlandse kantonrechter bevoegd is om over de vordering te beslissen.

Over het toepasselijke recht overweegt de kantonrechter het volgende. Artikel 14 lid 1 van de Rome I verordening bepaalt dat de betrekkingen tussen cedent en cessionaris of tussen subrogant en gesubrogeerde uit hoofde van een contractuele subrogatie van een vordering op een andere persoon („de schuldenaar”) worden beheerst door het recht dat door deze verordening op de tussen hen bestaande overeenkomst van toepassing is. Niet is gesteld of gebleken dat door partijen een keuze is gemaakt ten aanzien van het toepasselijke recht. Op grond van artikel 6 van diezelfde verordening is dan het recht van toepassing van het land waar de consument zijn gewone verblijfplaats heeft. Nu de gedaagde partij in Nederland woont, is het Nederlandse recht van toepassing.

Gelet op het voorgaande komt de kantonrechter toe aan de inhoudelijke beoordeling van het onderhavige geschil naar Nederlands recht.

De kantonrechter zal, nu zij heeft geoordeeld dat de Nederlandse rechter bevoegd is en het Nederlands recht van toepassing is in een procedure tussen de eisende partij en een Nederlandse consument, in volgende procedures van de eisende partij de bevoegdheid van de rechter en het toepasselijk recht niet meer uitdrukkelijk overwegen.

Inhoudelijke beoordeling

De onderhavige vordering ziet op een overeenkomst op afstand tussen een consument en een handelaar. Bij dat soort overeenkomsten moet de kantonrechter ambtshalve controleren of aan de informatieplichten als bedoeld in artikel 6:230m en 6:230v van het Burgerlijk Wetboek (BW) is voldaan. Bij een schending van de informatieplichten past de kantonrechter een sanctie toe. De onderhavige vordering op de gedaagde partij is uiteindelijk aan de eisende partij overgedragen.

verzendkosten

De eisende partij heeft niet voldaan aan artikel 6:230m lid 1 sub e BW, omdat zij in de dagvaarding niet helder heeft uiteengezet wat de prijscondities zijn met betrekking tot de gevorderde verzendkosten. De gevorderde verzendkosten worden daarom op grond van artikel 6:230n lid 3 BW afgewezen.

Dit betekent dat aan hoofdsom een bedrag van (€ 42,47 minus € 5,00 =) € 37,47 zal worden toegewezen.

De kantonrechter stelt vast dat aan de overige essentiële (pre)contractuele informatieverplichtingen is voldaan. De vordering komt de kantonrechter verder niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal daarom worden toegewezen, met inachtneming van het volgende.

De gevorderde reeds verschenen wettelijke rente van € 8,06 zal worden afgewezen, omdat dit is gebaseerd op een hoger bedrag dan de toewijsbare hoofdsom. De (verder) gevorderde wettelijke rente zal worden toegewezen over de toewijsbare hoofdsom vanaf de dag van de dagvaarding tot de dag van de volledige voldoening.

Ten aanzien van de buitengerechtelijke kosten ad € 40,00 wordt het volgende overwogen. De eisende partij pleegt een bedrag aan aanmaningskosten in rekening te brengen terwijl niet wordt voldaan aan de vereisten die artikel 6:96 lid 6 BW daaraan stelt. De eisende partij handelt daarmee in strijd met de wet. In onderhavige procedure blijkt niet dat deze aanmaningskosten voor het versturen van de veertiendagenbrief zijn gecrediteerd.

De eisende partij heeft geen factuur overgelegd – verzonden vóór de veertiendagenbrief – waarin de aanmaningskosten worden verrekend en ook in de veertiendagenbrief wordt niet met zoveel woorden vermeld en toegelicht dat eerder in rekening gebrachte aanmaningskosten op het openstaande bedrag in mindering zijn gebracht. Hierdoor was bij ontvangst van die veertiendagenbrief onvoldoende duidelijk dat slechts het maximumbedrag volgens de staffel BIK aan incassokosten verschuldigd was en werd gevorderd. De kantonrechter zal die onduidelijkheid voor rekening van de eisende partij laten en de buitengerechtelijke kosten afwijzen.

De gedaagde partij zal als de in het ongelijk te stellen partij in de proceskosten (inclusief nakosten) worden veroordeeld.

3. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt de gedaagde partij om aan de eisende partij te betalen € 37,47, vermeerderd met de wettelijke rente over € 37,47 vanaf 2 maart 2026 tot de dag van betaling;

veroordeelt de gedaagde partij in de proceskosten (inclusief nakosten), tot op heden aan de zijde van de eisende partij vastgesteld op: dagvaarding € 127,08, griffierecht

€ 139,00, salaris gemachtigde € 43,00 en nakosten € 21,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de gedaagde partij niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

verklaart dit vonnis - tot zover - uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af - voor zover nodig - het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. L.T. de Jonge en in het openbaar uitgesproken op

12 mei 2026.

typ: 64527

coll:

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand