RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 252653731
zaaknummer: 11912683 BU VERZ 25-2078
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van
19 mei 2026
in de zaak van
[betrokkene] (de betrokkene),
die woont in [woonplaats] .
Inleiding
1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘11 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom’, verricht op 23 september 2022, om 19:26 uur, op de Auwemalaan ter hoogte van kruising Oldenoert in Leek, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 111,00 (inclusief administratiekosten).
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kantonrechter heeft het beroep op 19 mei 2026 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig als vertegenwoordiger van de officier van justitie mr. M. van der Spek.
Na afloop van de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beoordeling door de kantonrechter
Standpunten
2. Betrokkene voert aan dat hij pas in juni 2024 op zoek kon gaan naar zijn auto door zijn persoonlijke problemen. Hij heeft samen met zijn begeleider ervoor gezorgd dat zijn auto op 3 september 2024 naar de sloop werd gebracht en gevrijwaard. Hij was niet op de hoogte van de situatie van zijn auto en hij was daarna door zijn medische en psychische situatie niet in staat om de boetes goed af te handelen.
3. De vertegenwoordiger stelt zich op het standpunt dat het beroep ongegrond verklaard moet worden. Betrokkene heeft geen verschoonbare reden gegeven voor de termijnoverschrijding bij de officier van justitie.
Beslissing
4. De kantonrechter beoordeelt het beroep mede aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Zij oordeelt dat het beroep ongegrond is. Zij zal hierna uitleggen waarom zij dat doet.
Overwegingen
Heeft betrokkene voldoende zekerheid gesteld?
5. De kantonrechter stelt allereerst vast dat betrokkene geen zekerheid heeft gesteld. Betrokkene moet (tijdig) een bedrag betalen als zekerheid voor de boete en de administratiekosten.
Betrokkene heeft verklaard dat hij dakloos is. De kantonrechter ziet hierin aanleiding om het te betalen bedrag aan zekerheid op nul te zetten.
Heeft betrokkene te laat beroep ingesteld bij de officier van justitie?
6. De kantonrechter stelt vast dat het beroepschrift in administratief beroep te laat is ingediend. De termijn voor het indienen van een beroepschrift is zes weken. Het beroepschrift had uiterlijk op 16 november 2022 ontvangen moeten zijn. Het beroepschrift is pas op 10 oktober 2024 bij de CVOM binnengekomen.
Betrokkene verklaart dat hij door persoonlijke omstandigheden niet in staat was om eerder te reageren. Hij heeft nu nog steeds hulp nodig om te kunnen reageren op deze beslissingen. Daarnaast blijkt uit de notitie van de arts in Griekenland dat betrokkene bipolair is en dat hij daardoor in november 2022 naar Griekenland is gegaan. Ook blijkt uit de notitie dat hij een tijd spoorloos was en hij daarna is opgenomen in het ziekenhuis. De kantonrechter ziet hierin aanleiding om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten. Zij zal het beroep inhoudelijk behandelen.
Kan de verkeersovertreding vastgesteld worden?
7. Betrokkene ontkent de verkeersovertreding niet en hij voert ook geen omstandigheden aan die betrekking hebben op deze boete. De verkeersovertreding kan daarom vastgesteld worden. De kantonrechter ziet verder geen aanleiding om de boete te matigen.
Conclusie
De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Waarvan proces-verbaal,
mr. M. Hidding, griffier mr. V.A.G. van Dijk, kantonrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.