ECLI:NL:RBNNE:2026:4260

ECLI:NL:RBNNE:2026:4260

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 06-10-2026
Datum publicatie 05-10-2026
Zaaknummer 18-122677-26
Rechtsgebied Strafrecht; Materieel strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

Integrale vrijspraak t.a.v. medeplegen van gekwalificeerde opzetverkrachting en -aanranding.

Uitspraak

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 2002 te [geboorteplaats] , wonende te [adres] .

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 22 september 2026. Verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. J. Boelstra, advocaat te Groningen.

Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. L. Potijk.

Tenlastelegging

Aan verdachte is, na wijziging van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 19 april 2026 te Groningen tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen met een persoon, te weten [aangeefster] een of meer seksuele handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam heeft verricht, te weten door

terwijl hij, verdachte en/of zijn mededaders, wisten, dat bij die [aangeefster] daartoe de wil ontbrak en welke opzetverkrachting werd voorafgaan door, vergezeld van en/of gevolgd door dwang, geweld en/of bedreiging, door

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 19 april 2026 te Groningen tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen met een persoon, te weten [aangeefster] een of meer seksuele handelingen heeft verricht, te weten door

terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededaders wisten, dat bij die [aangeefster] daartoe de wil ontbrak, en welke opzetaanranding werd voorafgegaan door, vergezeld van en/of gevolgd door dwang, geweld en/of bedreiging, door

Beoordeling van het bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft integrale vrijspraak gevorderd van het tenlastegelegde.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft betoogd dat verdachte moet worden vrijgesproken van het primaire én subsidiaire feit.

Oordeel van de rechtbank

Juridisch kader

De rechtbank stelt voorop dat zedenzaken zich vaak kenmerken door het feit dat slechts het vermeende slachtoffer en de vermeende dader(s) aanwezig waren bij de ten laste gelegde seksuele handelingen. Bij (een) ontkennende verdachte(n) blijft dan alleen de verklaring van het vermeende slachtoffer over als wettig bewijsmiddel. Het bewijs dat (een) verdachte(n) de ten laste gelegde feiten heeft/hebben begaan, kan niet uitsluitend worden aangenomen op basis van de verklaring van een slachtoffer. Er moet steunbewijs zijn uit een andere bron. Hierbij is voldoende dat de verklaring van een slachtoffer op

bepaalde onderdelen steun vindt in dit bewijs. Andere onderdelen mogen uitsluitend op de verklaring van een slachtoffer berusten. Daarbij geldt dat tussen de verklaring en het overige bewijs niet een te ver verwijderd verband mag bestaan.

Van opzetverkrachting en -aanranding is sprake als iemand seksuele handelingen met een ander verricht terwijl hij weet dat die ander dat niet wil (vol opzet). Dit is ook het geval als iemand zich bewust is van de mogelijkheid van een ontbrekende wil bij de ander en die mogelijkheid eenvoudigweg voor lief neemt (voorwaardelijk opzet). Deze wezenlijk onverschillige mentale houding vormt de ondergrens van het vereiste opzet.

Betrouwbaarheid verklaring aangeefster

De rechtbank ziet zich allereerst voor de vraag gesteld of de verklaring van aangeefster betrouwbaar is en zij overweegt daartoe als volgt.

Aangeefster [aangeefster] heeft in hoofdlijnen consistent verklaard over hetgeen haar was overkomen. Zij heeft kort na de gebeurtenis dezelfde nacht of later op die dag tegen de politie, haar moeder, huisgenote en vriend steeds eenzelfde verhaal verteld. Daarnaast heeft [aangeefster] (in het bijzonder in de aangifte) specifieke details genoemd omtrent de wijze waarop volgens haar de geweldshandelingen en seksuele gedragingen waren uitgevoerd en hoe daarbij door haar emoties werden geuit dan wel gevoeld. Tevens heeft aangeefster toegegeven dat zij behoorlijk onder invloed van alcohol verkeerde en dat zij met betrekking tot bepaalde (rand)zaken zich het een en ander niet meer kon herinneren/niet meer wist. De voormelde omstandigheden maken haar verklaring authentiek, waarbij enige discrepanties tussen de inhoud van aangeefsters verklaring en andere stukken onvoldoende zijn om de verklaring van aangeefster als ongeloofwaardig aan te merken.

Derhalve heeft de rechtbank geen reden om aan de betrouwbaarheid van de verklaring van aangeefster te twijfelen en daarmee acht zij deze in beginsel bruikbaar voor het bewijs.

Waardering steunbewijs; integrale vrijspraak

De rechtbank moet vervolgens beoordelen of de verklaring van aangeefster voldoende steun vindt in andere bewijsmiddelen en zij neemt daarbij het volgende in aanmerking.

Uit het dossier komt naar voren dat aangeefster, verdachte en medeverdachte als enige personen in de auto aanwezig waren, alwaar de volgens aangeefster ten laste gelegde seksuele handelingen (waaronder het seksueel binnendringen) zouden hebben plaatsgevonden. Enerzijds erkennen verdachte en medeverdachte dat zij zich gelijktijdig in het voertuig, respectievelijk als bijrijder achter aangeefster en als bestuurder naast haar, bevonden. Anderzijds ontkennen beiden (grotendeels) hun aandeel in de door aangeefster gestelde (seksuele) gedragingen; verdachte erkent alleen maar het voelen aan aangeefsters haar en medeverdachte bekent slechts het eenmaal aanraken met zijn hand van aangeefsters bovenbeen.

De rechtbank is van oordeel dat de (vorenbedoelde en andere) getuigenverklaringen in het dossier onvoldoende concrete steun bieden aan de verklaring van aangeefster. Aangeefsters moeder, huisgenote en vriend achtereenvolgens [getuige 1] , [getuige 2] en [getuige 3] hebben niet uit eigen waarneming de verweten seksuele handelingen welke zich in de auto zouden hebben afgespeeld vernomen, maar zij

hebben uitsluitend daarover het verhaal van aangeefster als bron gehoord. Wel zijn deze getuigen vrijwel direct nadat aangeefster uit het voertuig was gestapt afzonderlijk met haar (fysiek en/of telefonisch) in gesprek gegaan, waarbij door voornoemde getuigen zelfstandig verschillende emoties (zoals het in shock lijken, overstuur en/of in paniek zijn) bij aangeefster zijn waargenomen. Hoewel de rechtbank geen aanleiding ziet te twijfelen aan de juistheid van de voormelde getuigenverklaringen, is daarmee niet uitgesloten dat de door henzelf kort na het gebeuren waargenomen emotionele gemoedstoestand bij aangeefster eveneens kan zien op het door medeverdachte (meermaals) met zijn hand strelen over aangeefsters bovenbeen. Te meer omdat voor deze betasting, naast de verklaringen van aangeefster en medeverdachte, in tegenstelling tot het seksueel binnendringen en de overige (seksuele) handelingen wel ander ondersteunend, objectief bewijsmateriaal voorhanden is: de beschrijving van een verbalisant van de door verdachte zelf in de auto gemaakte filmbeelden, waarop het door medeverdachte met de duim van links naar rechts wrijven over (waarschijnlijk) het bovenbeen van aangeefster zichtbaar is en waarna meerdere keren, wanneer de hand van medeverdachte in de richting van aangeefsters been bewoog, telkens een aantal seconden een klets klinkend als een tik op een blote huid hoorbaar is.

Voorts leveren de resultaten van het forensisch onderzoek geen steunbewijs op voor het tenlastegelegde. De door aangeefster in de betreffende nacht gedragen slip en jurk zijn op zowel de binnen- als buitenzijde ter hoogte van het kruis en ter hoogte van de borsten, schouders en hals bemonsterd, desalniettemin zijn daarop geen DNA-sporen van verdachte(n) aangetroffen.

Gezien het voorgaande kan naar het oordeel van de rechtbank niet worden vastgesteld dat verdachte een van de op de tenlastelegging vermelde (seksuele) handelingen heeft begaan. Het door verdachte verklaarde voelen aan het haar van [aangeefster] vindt geen ondersteuning in de verklaring van aangeefster. Voor zover de seksuele handeling van medeverdachte het (meermaals) aanraken van aangeefsters bovenbeen bewezen wordt verklaard, kan verdachte op geen enkele manier als medepleger worden aangemerkt.

Concluderend acht de rechtbank zowel het primaire als het subsidiaire feit niet wettig en overtuigend bewezen, zodat verdachte hiervan zal worden vrijgesproken.

Benadeelde partij

[aangeefster] heeft zich als benadeelde partij in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Gevorderd wordt een bedrag van 9.242,72 ter vergoeding van materiële schade en 4.500,- ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan en met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft, gelet op de gevorderde integrale vrijspraak, hierover geen standpunt ingenomen.

Standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft verzocht de vordering van benadeelde niet-ontvankelijk te verklaren.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank acht het primaire en het subsidiaire feit niet bewezen waaruit de gestelde schade zou zijn ontstaan. De benadeelde partij zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard in de vordering. De vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Uitspraak

De rechtbank

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte primair en subsidiair is ten laste gelegd en spreekt verdachte daarvan vrij.

Ten aanzien van de vordering van benadeelde partij, primaire en subsidiaire feit:

Verklaart de vordering van [aangeefster] niet-ontvankelijk. De vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Dit vonnis is gewezen door mr. T.M.L. Wolters, voorzitter, mr. H.H. Kielman en mr. T.R. Bosker, rechters, bijgestaan door mr. M. Huiskamp, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 6 oktober 2026.

Mr. T.M.L. Wolters is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. T.M.L. Wolters
  • mr. H.H. Kielman
  • mr. T.R. Bosker

Griffier

  • mr. M. Huiskamp

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand