[naam], uit [gemeente], verzoekster
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stadskanaal
(gemachtigde: mr. van der Kamp).
Inleiding
1. In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening.
Het college heeft met het besluit van 6 oktober 2026 besloten de opvang met ingang van 7 oktober 2026 te beëindigen. Verzoekster heeft hiertegen bezwaar gemaakt.
In verband met het spoedeisende karakter van dit verzoek om een voorlopige voorziening, heeft een openbare behandeling van het verzoek niet plaatsgevonden.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. Het college heeft aan het besluit ten grondslag gelegd dat in de nacht van 3 op 4 oktober 2026 sprake is geweest van overlast en agressie. Zonder toestemming heeft verzoekster iemands persoonlijke gegevens openbaar gemaakt, met het doel te intimideren te chanteren of lastig te vallen. Het besluit houdt in dat verzoekster de opvang in Stadskanaal dient te verlaten. Tegelijkertijd krijgt verzoekster een nieuwe plek aangeboden in Gees. Verzoekster is niet verplicht dit aanbod te accepteren, maar een weigering leidt tot verlies van de huidige opvangplek. Het college zal de toegang tot de huidige opvanglocatie ontzeggen op grond van artikel 7, eerste lid, onder a, van de Regeling opvang ontheemden uit Oekraïne (RooO).
3. Verzoekster heeft bezwaar gemaakt. Ook heeft zij een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend. Zij heeft gevraagd het besluit te schorsen tot op bezwaar is beslist. Zij bestrijdt dat zij de agressor is. Onmiddellijke overplaatsing heeft voor haar ingrijpende gevolgen, mede gezien de medische toestand, haar veiligheidssituatie en dat zij slachtoffer is van het incident.
4. De griffier van de rechtbank heeft de gemachtigde van het college gevraagd of aanleiding bestaat om de rechtsgevolgen van het besluit te schorsen en daarbij aangegeven dat de behandeling van het verzoek in dat geval zo spoedig mogelijk zal plaatsvinden. Ook heeft de griffier gevraagd naar de onderliggende stukken van het besluit. De gemachtigde van de gemeente heeft de griffier omstreeks 14.30 uur telefonisch laten weten dat de gemeente niet bereid is de rechtsgevolgen te schorsen. Ook is aangegeven dat de onderliggende stukken in de loop van de middag aan de rechtbank zullen worden toegezonden.
5. Gelet op het tijdsverloop en de omstandigheid dat de voorzieningenrechter nog niet in het bezit is van alle onderliggende stukken is de voorzieningenrechter niet in staat een zorgvuldig oordeel te vellen. Daarom treft de voorzieningenrechter bij wijze van ordemaatregel de voorlopige voorziening dat de rechtsgevolgen van het bestreden besluit van 6 oktober 2026 worden geschorst tot de voorzieningenrechter uitspraak heeft gedaan op het verzoek om een voorlopige voorziening. Dat betekent dat de opvangvoorzieningen tot die tijd niet mogen worden beëindigd.
Beslissing
De voorzieningenrechter treft bij wijze van ordemaatregel de voorlopige voorziening dat de rechtsgevolgen van het bestreden besluit van 6 oktober 2026 worden geschorst tot de voorzieningenrechter uitspraak heeft gedaan op het verzoek om een voorlopige voorziening.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.A. Buikema, griffier en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: