ECLI:NL:RBNNE:2026:706

ECLI:NL:RBNNE:2026:706

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 10-03-2026
Datum publicatie 10-03-2026
Zaaknummer 24/5107
Rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

ongegrond, bezwaar terecht niet-onvankelijk

Uitspraak

[eiser] , uit [woonplaats] , eiser

en

de inspecteur van de Belastingdienst / Centrale administratieve processen / kantoor Apeldoorn, de inspecteur.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 31 december 2024.

De inspecteur heeft met dagtekening 21 augustus 2024 aan eiser voor het tijdvak

1 mei 2023 tot en met 30 april 2024 een naheffingsaanslag in de motorrijtuigenbelasting (mrb) opgelegd ten bedrage van € 2.286.

Gelijktijdig met de vaststelling van de naheffingsaanslag heeft de inspecteur eiser een verzuimboete van € 1.143 opgelegd.

De inspecteur heeft het bezwaar van eiser niet-ontvankelijk verklaard.

De inspecteur heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 12 december 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van de inspecteur [naam 1] , bijgestaan door [naam 2] .

Eiser procedeert vrijwillig digitaal bij de rechtbank. De griffier van de rechtbank heeft op 17 september 2025, om 14:24 uur, een bericht in het digitale dossier van eiser geplaatst, waarbij hij onder vermelding van tijd en plaats is uitgenodigd voor de mondelinge behandeling van de zaak op 12 december 2025. Van de vrijgave van dit bericht in het digitale dossier is op hetzelfde tijdstip een geautomatiseerd notificatiebericht gestuurd aan het e-mailadres dat eiser voor dit doel heeft opgegeven. Bij het opgeven van zijn e-mailadres heeft eiser niet expliciet toestemming gegeven om de verdere correspondentie over de zaak ook digitaal te ontvangen. De rechtbank heeft na het digitaal indienen van het beroep geen nadere stukken van eiser via het digitale dossier ontvangen. De rechtbank kan daarom niet met zekerheid vaststellen of eiser de uitnodiging voor de zitting heeft ontvangen. De rechtbank heeft besloten het onderzoek ter zitting te schorsen.

De rechtbank heeft op 15 december 2025 eiser via een aangetekende brief medegedeeld dat het onderzoek ter zitting is geschorst. In haar bericht vraagt de rechtbank of eiser alsnog een mondeling behandeling van zijn zaak wenst. Eiser heeft tot

15 januari 2026 gekregen om te reageren op deze brief.

Uit informatie van PostNL is gebleken dat de aangetekend verzonden brief op

16 december 2025 om 10:37 uur is bezorgd en dat voor ontvangst is getekend.

Eiser heeft niet gereageerd op de brief (1.7). De rechtbank heeft het onderzoek op 28 januari 2026, zonder nadere zitting, gesloten.

Feiten

2. Eiser was volgens de kentekenregistratie van de Dienst Wegverkeer (RDW) van 27 december 2022 tot en met 28 oktober 2024 houder van het motorrijtuig met kenteken [kenteken] , merk Peugeot, type Boxer 330 L2H1 (het motorrijtuig).

De geldigheid van het kentekenbewijs van het motorrijtuig is met regelmaat geschorst geweest. Voor de naheffingsperiode zijn de schorsingsperioden zijn 27 december 2022 tot en met 14 december 2023 en 15 december 2023 tot en met 10 oktober 2024 van belang.

Op 5 maart 2024 om 11:03 uur is door een controlemedewerker van de Belastingdienst geconstateerd dat met het motorrijtuig gebruik van de openbare weg is gemaakt, terwijl het kentekenbewijs was geschorst.

Beoordeling door de rechtbank

3. De rechtbank beoordeelt of de inspecteur het bezwaarschrift van eiser terecht

niet-ontvankelijk heeft verklaard. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser.

4. De rechtbank is van oordeel dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard door de inspecteur. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Is het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard?

5. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift bedraagt zes weken. Deze termijn vangt aan met ingang van de dag na die van dagtekening van het aanslagbiljet, tenzij de dag van dagtekening gelegen is vóór de dag van bekendmaking. Een bezwaarschrift is tijdig ingediend, indien het voor het einde van de termijn is ontvangen. Ten aanzien van een na afloop van de termijn ingediend beroepschrift blijft niet-ontvankelijkverklaring op die grond achterwege indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.

6. De rechtbank constateert dat dat het bezwaarschrift door de inspecteur op 11 oktober 2024 is ontvangen. De bezwaartermijn liep af op 2 oktober 2024. Dit betekent dat het bezwaarschrift na afloop van de bezwaartermijn is ingediend. en eiser heeft daarmee te laat bezwaar gemaakt. Dit is ook niet in geschil tussen partijen. Eiser is echter van mening dat de termijnoverschrijding verschoonbaar is.

7. De rechtbank is van oordeel dat de door eiser aangedragen persoonlijke omstandigheden de termijnoverschrijding niet verontschuldigen. Eiser stelt – onder andere – dat hij niet op tijd bezwaar kon indienen, omdat hij in het ziekenhuis in Turkije lag. Uit verschillende verklaringen van eiser blijkt echter dat het om een gepland ziekenhuisbezoek ging. Het had daarom op de weg van eiser gelegen om maatregelen te treffen die nodig zijn om tijdig het bezwaar in te dienen. Eiser heeft verder geen bewijs aangeleverd dat er sprake was overmacht. De rechtbank is van oordeel dat de inspecteur daarom in alle redelijkheid de termijnoverschrijding als niet verschoonbaar heeft beoordeeld en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard.

Conclusie en gevolgen

8. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat naheffingsaanslag in stand blijft. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. L.M. Praamstra, rechter, in aanwezigheid van

mr. R. Schultinga, griffier.

Uitgesproken op 10 maart 2026.

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is bekendgemaakt.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (belastingkamer), Locatie Arnhem, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl Viditax (FutD) 2026060908
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand