ECLI:NL:RBNNE:2026:761

ECLI:NL:RBNNE:2026:761

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 12-03-2026
Datum publicatie 12-03-2026
Zaaknummer 18.264114.23
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

De rechtbank veroordeelt verdachte voor het plegen van mensenhandel en gewoontewitwassen tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

[verdachte ] ,

Tenlastelegging

Beoordeling van het bewijs

Bewezenverklaring

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Strafbaarheid van verdachte

Strafmotivering

Toepassing van wetsartikelen

Uitspraak

De rechtbank

een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden.

Afdeling strafrecht

Locatie Groningen

parketnummer 18.264114.23

Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 12 maart 2026 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte

geboren op [geboortedatum] 1997 te [geboorteplaats] , zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 5 februari 2026.

Ter terechtzitting van 5 februari 2026 is verdachte verschenen, bijgestaan door mr. P.W. Szymkowiak, advocaat te Maastricht. Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. drs. J. Hoekman. Het onderzoek is gesloten ter terechtzitting van 12 maart 2026, waarna direct uitspraak is gedaan.

De (gewijzigde) tenlastelegging is als bijlage 1 aan dit vonnis gehecht.

Aan verdachte is, na wijziging van de tenlastelegging, - kort gezegd - ten laste gelegd dat:

1. hij zich in de periode van 19 juli 2023 tot en met 9 oktober 2023 te Groningen en/of op een of meerdere (andere) locaties in Nederland en/of Roemenië en/of Litouwen heeft schuldig gemaakt aan het (medeplegen) van mensenhandel (seksuele uitbuiting, sub 1, 3, 4, 6 en 9) ten aanzien van [slachtoffer

1] ;

2. hij zich in de periode van 26 juli 2023 tot en met 16 september 2023 te Groningen en/of op een of meerdere (andere) locaties in Nederland en/of Roemenië en/of Litouwen heeft schuldig gemaakt aan het medeplegen van (gewoonte)witwassen/schuldwitwassen.

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft veroordeling gevorderd voor de feiten 1 en 2.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft betoogd dat verdachte integraal moet worden vrijgesproken van de feiten 1 en 2.

Ten aanzien van feit 1 heeft de raadsman kort weergegeven aangevoerd dat geen sprake is geweest van (voorwaardelijk) opzet op uitbuiting, noch van een oogmerk tot uitbuiting.

[slachtoffer 1] werkte vrijwillig in de prostitutie. Verdachte wist dit en voerde met [slachtoffer 1] gesprekken over haar werkzaamheden en bemoeide zich daar ook wel mee. Verdachte heeft geen dwangmiddelen toegepast en [slachtoffer 1] ook niet in haar keuzevrijheid belemmerd. [slachtoffer 1] was niet kwetsbaar en er is geen misbruik gemaakt van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht.

Met betrekking tot feit 2 heeft de raadsman kort weergegeven aangevoerd dat er geen sprake is van witwassen, omdat het gronddelict (de seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] waaruit de geldbedragen afkomstig zouden zijn) niet bewezen kan worden.

Oordeel van de rechtbank

Korte inleiding

De zaak van verdachte maakt deel uit van het politieonderzoek Bjarna. Dit onderzoek heeft geresulteerd in de vervolging van zes Roemeense verdachten, te weten, verdachte en medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] .

Deze verdachten worden - in wisselende samenstelling - verdacht van het (medeplegen) van seksuele uitbuiting, dan wel medeplichtigheid hieraan van drie Roemeense vrouwen, te weten [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] .

Het strafrechtelijk onderzoek is gestart op basis van gegevens uit de webcrawler mensenhandel, die het internet afzoekt naar seksadvertenties met signalen van seksuele uitbuiting. De advertentie van ene [werknaam 1 slachtoffer 2] viel om die reden op.

Op 12 april 2023 heeft een politiecontrole plaatsgevonden aan [adres] te Groningen. Aldaar werden aangetroffen [slachtoffer 2] , die werkzaam was onder de naam [werknaam 1 slachtoffer 2] , en [slachtoffer 3] . Zij verklaarden dat zij vrijwillig sekswerk deden en dat zij alle verdiensten zelf hielden. Hun toekomst zou hier beter zijn dan in Roemenië.

Uit onderzoek in de webcrawler bleek dat dezelfde foto's die bij de advertentie van [werknaam 1 slachtoffer 2] werden gebruikt, later werden gebruikt bij een seksadvertentie met de werknaam [werknaam 2 slachtoffer 2] .

Er werd door de politie op 1 juni 2023 een afspraak gemaakt met deze [werknaam 2 slachtoffer 2] bij [hotel] in Groningen. [werknaam 2 slachtoffer 2] werd gebracht in een witte VW Passat voorzien van Roemeens kenteken [kenteken] . In deze auto zaten vier mannen: medeverdachten [medeverdachte 2] ,

[medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 1] . [werknaam 2 slachtoffer 2] bleek dezelfde [slachtoffer 2] te zijn.

Er vonden vervolgens doorzoekingen plaats en telefoons werden in beslag genomen en doorzocht. Ook werden observaties uitgevoerd, telefoons getapt en vond er een financieel onderzoek plaats. Dit heeft geleid tot de aanhouding van verdachte en medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 9 oktober 2023. Tijdens deze aanhouding kwam ook [slachtoffer 1] in beeld. Op 17, 18 en 19

januari 2024 werden medeverdachten [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] aangehouden.

Bewijsmiddelen

De rechtbank past ten aanzien van de ten laste gelegde feiten 1 en 2 de in de bijlage 2 bij dit vonnis opgenomen en zakelijk weergegeven bewijsmiddelen toe die de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden bevatten.

Daarbij is ieder bewijsmiddel -ook in onderdelen- slechts gebruikt voor het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

Juridisch kader mensenhandel

Aan verdachte is onder feit 1 mensenhandel ten laste gelegd zoals omschreven in artikel 273f, eerste lid, sub 1, 3, 4, 6 en 9 van het Wetboek van Strafrecht (Sr). Dit artikel staat in titel XVIII, die ziet op de misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid. Uit de wetsgeschiedenis en de jurisprudentie over dit wetsartikel volgt dat mensenhandel is gericht op uitbuiting. Het belang van het individu staat voorop; dat belang is het behoud van zijn of haar lichamelijke of geestelijke integriteit en vrijheid. De in artikel 273f Sr verboden gedragingen beïnvloeden de wil, waaronder is begrepen de keuzemogelijkheid van het slachtoffer, in die zin dat zij leiden tot het ontbreken van vrijwilligheid, waartoe ook behoort het ontbreken of de vermindering van de mogelijkheid een bewuste keuze te maken. Dit gebrek aan een vrije keuze komt nader tot uitdrukking in de verschillende bestanddelen die deel uitmaken van artikel 273f Sr.

De opbouw van de (aan verdachte ten laste gelegde) sub-onderdelen van artikel 273f Sr is als volgt. Er is telkens een gedraging (bij sub 1 o.a. verwerven, vervoeren, huisvesten, bij sub 3 het halen uit een ander land, bij sub 4 het dwingen/bewegen zich beschikbaar stellen tot het verrichten van arbeid of diensten van seksuele aard, bij sub 6 en 9 voordeel trekken) beschreven. In het geval van sub 1, 4 en 6 is vereist dat verdachte daarbij gebruik heeft gemaakt van een dwangmiddel (dwang, (dreiging met) geweld, (dreiging met) een andere feitelijkheid, afpersing, fraude, misleiding, misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of misbruik van een kwetsbare positie).

Er dient een causaal verband te bestaan tussen het gebruik van het dwangmiddel en de gedraging.

Ten aanzien van alle ten laste gelegde sub-onderdelen geldt dat sprake dient te zijn van (oogmerk van) uitbuiting. Als uitbuiting dient in elk geval te worden aangemerkt uitbuiting van een ander in de prostitutie. De vraag of - en zo ja, wanneer - sprake is van 'uitbuiting' in de zin van de artikel 273f, eerste lid, Sr, is niet in algemene termen te beantwoorden, maar is sterk verweven met de omstandigheden van het geval. Bij de beantwoording van die vraag komt onder meer betekenis toe

aan de aard en duur van de tewerkstelling of de te verrichten activiteit, de beperkingen die zij voor de betrokkene meebrengt en het economisch voordeel dat daarmee door verdachte wordt behaald.1

Uitbuiting veronderstelt altijd een zekere mate van onvrijwilligheid of onderwerping van degene die wordt uitgebuit. In het geval van prostitutiewerkzaamheden zal er - gelet op de aard van het werk en de forse inbreuk op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer - in het geval van gebruik van enig dwangmiddel en enig financieel gewin bij verdachte al snel sprake zijn van uitbuiting. Instemming van het slachtoffer met de beoogde of bestaande uitbuiting is niet relevant indien één van de in art 273f Sr genoemde dwangmiddelen is gebruikt.

Ten aanzien van het dwangmiddel misbruik van een kwetsbare positie kan een kwetsbare positie onder andere het gevolg zijn van illegale binnenkomst of illegaal verblijf, een ongedocumenteerde status, verslaving of een psychische of lichamelijke handicap.

Ten aanzien van het dwangmiddel misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht kan dit veelal uit de omstandigheden worden afgeleid. In de wetsgeschiedenis wordt hierbij de vergelijking gemaakt met de mogelijkheid zich op te stellen als een mondige Nederlandse prostitué(e). Voor een bewezenverklaring van (een van) de misbruik-dwangmiddelen is vereist dat een verdachte zich ook daadwerkelijk bewust was van de relevante feitelijke omstandigheden waaruit de kwetsbare positie of het overwicht voortvloeit, dan wel verondersteld moet worden voort te vloeien, in die zin dat voorwaardelijk opzet ten aanzien van die omstandigheden bij hem aanwezig moet zijn.

Voor oogmerk van uitbuiting is vereist dat het handelen van verdachte, naar hij moet hebben beseft, als noodzakelijk en dus door hem gewild gevolg meebracht dat de ander door hem werd of zou kunnen worden uitgebuit.

Ten aanzien van feit 1

De rechtbank zal aan de hand van het zojuist geschetste kader beoordelen of verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 1 ten laste gelegde (medeplegen) van mensenhandel (seksuele uitbuiting, subonderdelen 1, 3, 4 en 6) ten aanzien van [slachtoffer 1] .

Verklaringen [slachtoffer 1] en verdachte

Uit het dossier blijkt dat de politie op 10 oktober 2023 een gesprek heeft gevoerd met [slachtoffer 1] over haar prostitutiewerkzaamheden. [slachtoffer 1] is op 11 maart 2025 eveneens gehoord door de rechter-commissaris. [slachtoffer 1] heeft verklaard waarom zij naar Nederland is gekomen, onder welke omstandigheden zij het sekswerk verrichte en daarbij benadrukt dat zij niet werd uitgebuit, dat zij al haar verdiende geld zelf mocht houden en dat zij dit geld naar haar moeder in Roemenië heeft gestuurd. In eerste instantie verklaarde zij dat zij geen relatie had met verdachte, maar hier komt zij op terug bij de rechter-commissaris. [slachtoffer 1] heeft ook geen aangifte gedaan tegen verdachte. In mensenhandelzaken is het niet ongebruikelijk dat slachtoffers terughoudend zijn of hun situatie als “vrijwillig” beschrijven.

De betrouwbaarheid van zowel belastende als ontlastende verklaringen kan onder druk staan of negatief beïnvloed worden door afhankelijkheid, schaamte, maar ook door gevoelens van loyaliteit. Gelet hierop ziet de rechtbank aanleiding om zeer behoedzaam om te gaan met de verklaringen van [slachtoffer 1] en deze slechts te gebruiken voor het bewijs waar deze worden ondersteund door andere bewijsmiddelen.

Verdachte heeft gedurende het strafproces herhaaldelijk aangegeven dat hij wel wist van het feit dat [slachtoffer 1] in de (illegale) prostitutie werkzaam was, maar dat hij niet betrokken was bij het door haar verrichte sekswerk. Ter zitting van 5 februari 2026 ontkent verdachte opnieuw dat hij bemoeienis heeft gehad. Hij wist ook niet van het sekswerk dat plaatsvond in de woningen waar hij verbleef en hij ontkent klantcontact te hebben gehad. Deze ontkenningen worden echter weerlegd door de inhoud van de in bijlage 2 opgenomen bewijsmiddelen.

Bewijsoverwegingen

Aan de hand van de in bijlage 2 opgenomen bewijsmiddelen stelt de rechtbank de volgende feiten en omstandigheden vast.

Verdachte en [slachtoffer 1] zijn geliefden en vanuit Roemenië naar Nederland gekomen.

[slachtoffer 1] verrichtte in de ten laste gelegde periode van 19 juli 2023 tot en met 9 oktober 2023 sekswerk in en vanuit diverse woningen in Groningen. Verdachte regelde deze woningen via medeverdachte [medeverdachte 1] en [slachtoffer 1] betaalde de huur. Zij verbleven in deze woningen met eveneens uit Roemenië afkomstige stellen, waarbij de vrouwen tevens werkzaam waren in de illegale prostitutie. De werknaam van [slachtoffer 1] in de seksadvertenties op de website Kinky.nl was [advertentienaam] . Uit de tussen verdachte en [slachtoffer 1] gevoerde WhatsApp-gesprekken volgt dat verdachte ook betrokken was bij haar sekswerk en zich actief bemoeide met het maken van de afspraken, de tarieven, de handelingen en de duur. Bovendien heeft verdachte financieel voordeel genoten van het door [slachtoffer 1] verrichte sekswerk, zoals in het navolgende uiteen zal worden gezet.

Gedragingen en handelingen

De rechtbank acht op grond van het vorenstaande en de in de bijlage 2 opgenomen bewijsmiddelen de feitelijke gedragingen zoals ten laste gelegd onder de verschillende gedachtestreepjes, onder B, bewezen, met uitzondering van het maken van een seksadvertentie voor de website Kinky.nl, het doen van betalingen voor het omhoog plaatsen van seksadvertenties, de tussen [slachtoffer 1] en een klant verstuurde berichten lezen, het laten vervoeren van [slachtoffer 1] naar klanten, als beveiliger fungeren en [slachtoffer 1] in haar bewegingsvrijheid belemmeren, alsmede het maken van betaalverzoeken voor seksafspraken nu de inhoud van het dossier onvoldoende aanknopingspunten bevat om deze gedragingen te kunnen vaststellen. De rechtbank zal verdachte hiervan (partieel) vrijspreken.

Verdachte zal ook worden vrijgesproken van subonderdeel 3 (het aanwerven) omdat niet wettig en overtuigend kan worden vastgesteld dat verdachte [slachtoffer 1] in Roemenië daadwerkelijk heeft aangeworven, op een actieve wijze benaderd, om in Nederland in de prostitutie te gaan werken.

Wel acht de rechtbank bewezen dat er sprake was van de handeling “huisvesten”. Verdachte heeft [slachtoffer 1] ondergebracht in diverse woningen in Groningen, waaronder aan de [adres] , [adres] en de [adres] . Deze woningen heeft verdachte geregeld via medeverdachte [medeverdachte 1] , zodat hij hier met [slachtoffer 1] kon verblijven en zij het sekswerk vanuit daar kon verrichten.

Niet gebleken is dat sprake is geweest van andere handelingen zoals genoemd in sub 1 van artikel 273f, eerste lid, Sr.

Dwangmiddelen

De verdediging stelt zich op het standpunt dat geen sprake is van gebruik van dwangmiddelen en dat [slachtoffer 1] niet is uitgebuit. De rechtbank deelt dit standpunt niet.

Zoals overwogen onder het juridische kader is er wanneer het gaat om prostitutiewerkzaamheden in het geval van gebruik van enig dwangmiddel en enig financieel gewin bij de verdachte al snel sprake van uitbuiting.

Ten aanzien van het gebruik van dwangmiddelen overweegt de rechtbank als volgt.

Misbruik van een kwetsbare positie en misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht

[slachtoffer 1] was afkomstig uit Roemenië en sprak de Nederlandse taal niet. De Engelse taal sprak zij moeizaam. Zij belandde in Nederland in de illegale prostitutie, onttrokken aan het officiële toezicht waardoor er geen garantie of handhaving was van de hygiëne- en gezondheidsvoorschriften die gelden voor de legale sector en waar bovenal geen officieel toezicht op de veiligheid van de vrouwen

plaatsvond. Het sekswerk verrichte zij zodat zij geld naar haar moeder in Roemenië kon sturen voor de hypotheek. In Nederland had [slachtoffer 1] geen sociaal netwerk, anders dan de stellen om haar heen die allen ook afkomstig waren uit Roemenië en werkzaam in de illegale prostitutie. Hoewel het er op lijkt dat [slachtoffer 1] de klantafspraken deels zelf maakte, volgt uit de diverse WhatsAppgesprekken tussen verdachte en [slachtoffer 1] dat ook verdachte hier een grote rol had. Uit deze gesprekken volgt dat zij zeer beperkt zelf kon bepalen welke werkzaamheden zij verrichtte en tegen welke prijs.

Zij kon ook niet over al haar verdiensten beschikken. Voor huisvesting was zij afhankelijk van anderen. Hierdoor had [slachtoffer 1] niet de mogelijkheid om zich op te stellen als “een mondige prostituee”.

Dit wist verdachte en onder deze omstandigheden heeft hij misbruik gemaakt van haar kwetsbare positie en het overwicht dat hij op haar had. [slachtoffer 1] kon hier geen weerstand aan bieden.

Dreiging met geweld

Uit de WhatsAppgesprekken tussen verdachte en [slachtoffer 1] volgt dat veelvuldig sprake was van het dreigen met geweld. Regelmatig zegt verdachte dat hij [slachtoffer 1] (verrot) gaat slaan, dreigt hij haar door elkaar te schudden en stuurt hij: “ik ga mijn lul in je moeder steken”, “als ik je hand niet van je schouder ruk” en “ik trek je kiezen uit”.

Al deze bedreigingen vinden plaats in de context van het sekswerk van [slachtoffer 1] en de omstandigheid dat verdachte kennelijk vindt dat zij haar werk slecht doet. Zo stuurt verdachte op 7 oktober 2023: “Klaar. Ik sla je. Ik zweer het op mijn moeder. Kom op, doe je werk. Als je onzin uitkraamt zal ik je verrot slaan. Ik zweer het op mijn moeder.”

Gelet op de context waarin de dreigende en dwingende berichten hebben plaatsgevonden, alsmede de omstandigheid dat sprake was van een onevenwichtige relatie waarin [slachtoffer 1] zich naar de wensen van verdachte moest voegen en geld in het laatje moest brengen, is de rechtbank van oordeel dat door verdachte ook dreiging met geweld werd gebruikt om zijn wil aan haar op te leggen.

Gebruik van de dwangmiddelen misbruik van een kwetsbare positie en misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht alsmede dreiging met geweld kan daarom wettig en overtuigend worden bewezen. Niet gebleken is dat sprake is geweest van andere dwangmiddelen zoals genoemd in sub 1 van artikel 273f, eerste lid, Sr.

Oogmerk van uitbuiting

Nu naar het oordeel van de rechtbank vaststaat dat [slachtoffer 1] met toepassing van voornoemde dwangmiddelen er toe is bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van prostitutiewerkzaamheden én verdachte hier financieel voordeel van heeft genoten, is de rechtbank van oordeel dat [slachtoffer 1] door hem is uitgebuit. Dat verdachte financieel voordeel heeft gehad staat wel vast. Verdachte had in Nederland geen inkomsten en leefde van het door [slachtoffer 1] met sekswerk verdiende geld. Daarnaast is het overgrote deel van het door [slachtoffer 1] verdiende geld niet naar haar moeder naar Roemenië verstuurd, maar door verdachte via moneytransfers naar diverse andere personen in Roemenië. [slachtoffer 1] was verdachtes verdienmodel. Het op deze wijze financieel voordeel behalen uit werkzaamheden die door een ander onder deze omstandigheden in de prostitutie worden verricht leidt tot uitbuiting als bedoeld in artikel 273f Sr.

De rechtbank zal de aan verdachte ten laste gelegde subonderdelen 1, 4, 6 en 9 dan ook bewezen verklaren.

Vrijspraak medeplegen

Verdachte zal worden vrijgesproken van het ten laste gelegde medeplegen, omdat uit de inhoud van het dossier onvoldoende is komen vast te staan dat sprake is geweest van het “in vereniging plegen” van mensenhandel ten aanzien van [slachtoffer 1] . Uit de inhoud van het dossier komt het beeld naar voren dat sprake is geweest van seksuele uitbuiting van meerdere Roemeense vrouwen gepleegd door meerdere Roemeense mannen. Dit betroffen (in ieder geval) drie stellen, te weten verdachte en [slachtoffer 1] , medeverdachte [medeverdachte 1] en [slachtoffer 2] en medeverdachte [medeverdachte 2] en [slachtoffer 3] , afkomstig uit [geboorteplaats] , waarbij de vrouwen allen in de

illegale prostitutie in Nederland werkzaam waren en de stellen in dezelfde woningen verbleven waar ook het sekswerk werd verricht. Deze kwetsbare vrouwen, hoe ogenschijnlijk soms ook krachtig in hun optreden, lijken een verdienmodel te zijn geworden van hun partners. Hoewel uit de inhoud van het dossier kan worden afgeleid dat verdachte en voornoemde medeverdachten elkaar kenden en elkaar ook over en weer wel eens hielpen met bijvoorbeeld betalingen voor Kinky.nl is van een nauwe en/of bewuste samenwerking tussen verdachte en deze medeverdachten ten aanzien van de gepleegde seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] onvoldoende gebleken.

Ten aanzien van feit 2 Gronddelict

Gelet op hetgeen hiervoor reeds is overwogen ten aanzien van feit 1, en hetgeen uit de onder bijlage 2 opgenomen bewijsmiddelen blijkt, staat vast dat verdachte zich in de periode van

19 juli 2023 tot en met 9 oktober 2023 schuldig heeft gemaakt aan seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] en dat hij hier opzettelijk financieel voordeel uit heeft getrokken. Verdachte had in Nederland geen ander verifieerbaar inkomen. Het staat naar het oordeel van de rechtbank dan ook vast dat de in de tenlastelegging onder feit 2 opgenomen geldbedragen afkomstig zijn van een door verdachte begaan misdrijf.

Gedragingen gericht op verbergen en/of verhullen

Omdat de geldbedragen (onmiddellijk) afkomstig zijn uit een door verdachte begaan misdrijf, moet de rechtbank vervolgens beoordelen of op grond van de uit de bewijsmiddelen blijkende feiten en omstandigheden een gedraging van verdachte kan worden vastgesteld, die meer omvat dan het enkele voorhanden hebben van het geldbedrag.

Die gedraging moet gericht zijn op het daadwerkelijk verbergen en/of verhullen van de criminele herkomst van het door het eigen misdrijf verkregen geldbedrag.

Uit de onder bijlage 2 opgenomen bewijsmiddelen leidt de rechtbank af dat verdachte in de periode van 26 juli 2023 tot en met 16 september 2023 via moneygram verdeeld over zes transacties (4 x 500 euro en 2 x 1000 euro) een totaalbedrag van 4000,- heeft verzonden aan respectievelijk [naam 1] en [naam 2] . Alle bedragen zijn opgenomen in [plaats] in Roemenië. De kosten die zijn gemaakt voor de gedane money transfers bedragen 159,96. Het veelvuldig versturen van geld via Moneygram is een witwasindicator, omdat deze transfers duur zijn en bedoeld zijn om de meldgrens te ontduiken.

Hiermee heeft verdachte de herkomst van de uit misdrijf afkomstige geldbedragen verhuld en tevens verhuld wie de rechthebbende(n) op deze geldbedragen waren en wie deze geldbedragen voorhanden hadden.

Gewoontewitwassen

Gelet op de periode waarin verdachte zich aan het witwassen heeft schuldig gemaakt en de daarmee gepaard gaande geldbedragen en de vele transacties, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte van het witwassen een gewoonte heeft gemaakt.

De rechtbank acht de feiten 1 en 2 wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat:

1

hij in de periode van 19 juli 2023 tot en met 9 oktober 2023 te Groningen en op andere locaties in Nederland, meerdere malen,:

(A)

een ander, te weten [slachtoffer 1] , telkens

(B)

2

hij in de periode van 26 juli 2023 tot en met 16 september 2023, te Groningen en op andere locaties in Nederland, meerdere malen, meerdere voorwerpen, te weten

Verdachte zal van het meer of anders ten laste gelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Het bewezen verklaarde levert op:

Deze feiten zijn strafbaar nu geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid uitsluiten.

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken.

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van de feiten 1 en 2 wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 48 maanden, met aftrek van de tijd die verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht. De officier van justitie heeft in zijn strafeis rekening gehouden met de overschrijding van de redelijke termijn met circa 5 maanden.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft, mocht de rechtbank toch tot een bewezenverklaring komen, gepleit voor oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan de duur van het voorarrest met daarnaast een voorwaardelijk deel.

Oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek ter terechtzitting en het (gedateerde) advies van Reclassering Nederland van 8 februari 2024 voor de raadkamerzitting, het uittreksel uit de justitiële documentatie van 9 december 2025, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de verdediging.

Ernst van de feiten

De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het seksueel uitbuiten van zijn vriendin [slachtoffer 1] . Verdachte heeft [slachtoffer 1] er door dreiging met geweld toe bewogen om sekswerk te verrichten in de (illegale) prostitutie. Daarbij heeft hij misbruik gemaakt van haar kwetsbare positie en het overwicht dat hij op haar had. Verdachte heeft daarbij enkel uit financieel gewin gehandeld. [slachtoffer 1] heeft geen aangifte tegen verdachte gedaan. Ook als een betrokkene zichzelf niet als een slachtoffer ziet en geen aangifte heeft gedaan, doet dit niet af aan de ernst van het feit. Het gaat bij mensenhandel immers niet alleen om de individuele beleving van

degene die (seksueel) is uitgebuit, maar ook om de aantasting van de menselijke waardigheid en de ernstige inbreuk op de lichamelijke en geestelijke integriteit die daarmee gepaard gaan. De rechtbank rekent verdachte dit feit dan ook zwaar aan.

Verdachte heeft zich verder schuldig gemaakt aan het (gewoonte)witwassen. Daarbij heeft hij de herkomst van het geld afkomstig uit de bewezen verklaarde seksuele uitbuiting verhuld. Door witwassen wordt de integriteit van het financiële en economische verkeer aangetast en meer specifiek het vertrouwen van de burger in het handelsverkeer. Witwassen is een ernstig strafbaar feit dat ondermijnend is voor de samenleving. Ook dit feit rekent de rechtbank verdachte aan.

Persoon van verdachte

De rechtbank heeft tevens in aanmerking genomen dat verdachte in Nederland niet eerder is veroordeeld voor (soortgelijke) strafbare feiten. Uit informatie uit Roemenië volgt dat verdachte daar evenmin in aanraking is geweest met politie en/of justitie.

De reclassering heeft aangegeven dat zij mede gelet op de proceshouding van verdachte geen inschatting kunnen maken van het recidiverisico. Ter zitting is door verdachte naar voren gebracht dat hij inmiddels met [slachtoffer 1] in Roemenië verblijft, hij geen werk heeft en dat zij beiden financieel worden geholpen door hun ouders.

Overschrijding redelijke termijn

De rechtbank stelt verder vast dat sprake is van overschrijding van de redelijke termijn met circa 5 maanden, uitgaande van de aanvang van de strafzaak op 10 oktober 2023, de dag waarop verdachte in verzekering is gesteld. De rechtbank zal daar in het voordeel van verdachte rekening mee houden.

Strafoplegging

De rechtbank is van oordeel dat met name gelet op de aard en de ernst van de bewezen verklaarde seksuele uitbuiting volgt dat uit het oogpunt van normhandhaving en vergelding een onvoorwaardelijke gevangenisstaf van langere duur op zijn plaats is.

De rechtbank heeft daarbij acht geslagen op de LOVS-oriëntatiepunten voor straftoemeting mensenhandel en merkt deze zaak aan als een categorie II-zaak. Voor categorie II geldt een oriëntatiepunt van 14 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor een bewezenverklaarde periode, variërend van een dag/dagen tot enkele maanden, zoals in onderhavig geval. Daarnaast weegt de rechtbank in strafverzwarende zin mee dat sprake is van seksuele uitbuiting van [slachtoffer 1] , en dat verdachte zich ook schuldig heeft gemaakt aan gewoontewitwassen. De rechtbank ziet dan ook aanleiding om de duur van de in de LOVS-oriëntatiepunten genoemde gevangenisstraf “op te plussen”.

Alles afwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden, met aftrek van de tijd die verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht, passend en geboden. Deze straf is lager dan door de officier van justitie is geëist, omdat de rechtbank zich baseert op de LOVS-oriëntatiepunten in plaats van de (strengere) OM-richtlijnen.

Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat aan verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend als bedoeld in artikel 6:2:10 van het Wetboek van Strafvordering.

Beslag

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie vordert verbeurdverklaring van de onder verdachte inbeslaggenomen

505,-, alsmede de onder verdachte niet inbeslaggenomen witwasbedragen. De officier van justitie verwijst daartoe naar artikel 34 van het Wetboek van Strafrecht (Sr).

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft geen standpunt ingenomen ten aanzien van het beslag.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat het op de beslaglijst vermelde contante geldbedrag van

505,- moet worden verbeurdverklaard, omdat het een voorwerp betreft die aan verdachte toebehoort, die hij geheel of ten dele ten eigen bate kan aanwenden en die geheel door middel van of uit de baten van de strafbare feiten zijn verkregen.

De rechtbank ziet af van toepassing van artikel 34 Sr. De witwasgelden zijn niet onder verdachte in beslag genomen. Het is voor de rechtbank niet duidelijk of de betreffende geldbedragen nog aan verdachte toebehoren, dan wel of hij feitelijke macht beheer of zeggenschap hierover heeft. De feitelijke situatie is hiermee te onduidelijk voor een rechtmatige verbeurdverklaring.

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 33, 33a, 57, 273f en 420bis Sr.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.

Verklaart het onder de feiten 1 en 2 ten laste gelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar zoals voormeld en verdachte daarvoor strafbaar.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij.

Veroordeelt verdachte tot:

Beveelt dat de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf, geheel in

mindering zal worden gebracht.

Heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.

Verklaart verbeurd het onder verdachte in beslag genomen geldbedrag van 505,-.

Dit vonnis is gewezen door mr. O.J. Bosker, voorzitter, mr. S.T. Kooistra en mr. M.M. Spooren, rechters, bijgestaan door mr. H. Wachtmeester-Koning, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 12 maart 2026.

Mr. S.T. Kooistra en mr. M.M. Spooren zijn buiten staat deze uitspraak mede te ondertekenen.

Bijlage 1

1

hij (op een of meerdere tijdstippen) in of omstreeks de periode van 19 juli 2023 tot en met 9 oktober 2023 te Groningen en/of op een of meerdere (andere) locaties in Nederland en/of in Roemenië, meerdere malen, althans eenmaal, tezamen en in vereniging met een of meerdere anderen, althans alleen:

(A)

een ander, te weten (mevrouw) [slachtoffer 1] , (telkens)

heeft

(sub 4) en/of

- gedwongen dan wel bewogen verdachte en/of zijn mededader(s) te bevoordelen uit de opbrengst van haar, te weten die [slachtoffer 1] , seksuele handelingen met en/of voor een derde, (sub 9) en/of

(B)

ruk. van de elleboog" en/of “als ik je handen niet van je schouder breek" en/of “ik trek je kiezen uit", althans woorden van gelijke aard en/of strekking, en/of

(zulks) terwijl die [slachtoffer 1] :

(aldus) terwijl die [slachtoffer 1] zich in een kwetsbare positie bevond, bewerkstelligd dat die [slachtoffer

1. van hem, verdachte, en/of zijn mededader(s) afhankelijk was, waaraan die [slachtoffer 1] zich niet heeft kunnen onttrekken en/of ten gevolge waarvan die [slachtoffer 1] geen weerstand aan verdachte en/of zijn mededader(s) heeft kunnen bieden;

2

hij (op een of meerdere tijdstippen) in of omstreeks de periode van 26 juli 2023 tot en met 16 september 2023, te Groningen en/of op een of meerdere (andere) locaties in Nederland en/of in Roemenië, meerdere malen, althans eenmaal, tezamen en in vereniging met een of meerdere anderen, althans alleen, (van) een of meerdere voorwerpen, te weten

(a)

Bijlage 2

Bewijsmiddelen ten aanzien van de feiten 1 en 2

Daarbij is ieder bewijsmiddel -ook in onderdelen- slechts gebruikt voor het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

1. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen samenvatting intake gesprek [slachtoffer 1] d.d. 10 oktober 2023, opgenomen op pagina 1679 e.v. van het dossier van eenheid Politie Noord-Nederland, team Migratiecriminaliteit en Mensenhandel met nummer NNRCC23009 BJARNA (onderzoek Bjarna), inhoudend als verklaring van [slachtoffer 1] :

Samengevat verklaarde [slachtoffer 1] het volgende:

Dat zij vanuit [plaats] , Roemenië hier naartoe is gegaan. Dat zij eerst in een andere woning heeft gezeten en later in de woning waar de politie haar had aangetroffen.

Dat zij daar samen met [naam 3] zat en nog met één jongen. Later zegt ze dat hij [medeverdachte 1] heet.

Dat zij zelf de keuze heeft gemaakt om in de prostitutie te gaan werken.Dat zij zelf de klanten regelde. Dat zij zelf de advertentie op Kinky heeft gezet, dat zij de foto's zelf heeft gemaakt

met de timer. Dat haar advertentienaam “ [advertentienaam] ” is. Dat zij zelf de site betaalde. Dat zij zelf de afspraken regelde. Dat zij honderd euro per dag betaalde voor de huur. Dat zij de afgelopen maand in Groningen in de prostitutie heeft gewerkt en dat zij niet weet hoeveel geld zij heeft verdiend en hoeveel klanten zij heeft gehad. Dat zij niet aan haar moeder kan vertellen wat voor werk zij doet, maar dat haar moeder het misschien wel vermoedt. Dat zij bewust voor de prostitutie heeft gekozen.

Dat haar motivatie is om dit te doen om haar moeder te helpen om de hypotheek te betalen. Dat [verdachte ] een jongen is die haar heeft geholpen om geld over te maken naar haar moeder want zij kon niet tweemaal op dezelfde dag geld overmaken. Dat ze verder geen andere personen kent behalve [naam 3] , [verdachte ] en [medeverdachte 1] .

2. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor getuige door de rechter-commissaris d.d. 11 maart 2025, los opgenomen in het dossier:

U heeft een relatie met de heer [verdachte ] ? Ja, ik heb sinds drie jaar een relatie met hem. We hadden al een relatie voordat we naar Nederland kwamen. Ik werkte in Roemenië ook als prostituee. Toen ik naar Nederland kwam wilde ik eigenlijk doorgaan met nagels, maar vanwege mijn slechte Engels en omdat ik geen Nederlands sprak lukte dat niet en heb ik besloten om in Nederland in de prostitutie te gaan werken. We zijn samen naar Nederland gekomen.

3. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 11 oktober 2023, opgenomen op pagina 751 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als verklaring van [verdachte ] :

A: Mijn geliefde is [slachtoffer 1] . Mijn geliefde is samen met [naam 1] en [medeverdachte 1] aangehouden op de plek waar wij sliepen. Dat zijn kennissen, vrienden vanuit [plaats] .

V: [adres] . Verbleven jullie daar? A: Ja, daar hebben wij geslapen.

V: Hoe lang hebben jullie een relatie? A: Een jaar en nog een beetje. [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] hebben elkaar hier leren kennen. Wij zijn eigenlijk als familie, onze families kennen elkaar.

V: Wat voor inkomen heb jij? A: Niks.

V: En de kosten voor het levensonderhoud hier in Nederland (eten, drinken, kleding, etc ); wie betaalde dit?

A: Ik en mijn geliefde.

V: Wanneer ben je in Nederland gekomen?

A: Ongeveer 3 weken geleden. Met de auto, met een transportbedrijf. Ik moest gewoon betalen voor de reis. Ik denk 300 euro, 350 euro voor twee personen. Ik en mijn geliefde. Mijn vriend [medeverdachte 1] heeft dat geregeld.

V: Had je wel sleutels van een adres?

A: Van de [adres] . Van [medeverdachte 1] . V: Waar ontving zij klanten?

A: Aan [adres] . Ik ging dan als een gek wandelen, of rustig zitten. V: Wie regelde de seksafspraken van jouw geliefde? A: Zij.

V: Wie heeft er contact met klanten? A: Zij, via google translate. V: Wie bepaalde de prijzen voor de werkzaamheden? A: Zij.

V: Hoe betaalden de klanten [slachtoffer 1] ?

A: Contant. Zij stuurde geld naar huis. 1 x 1000 euro. Ik denk dat het geld op naam van mijn moeder is overgemaakt. Via [naam 6] . Dat is hetzelfde als Moneygram.

V: Van welk geld heb jij jezelf hier gedurende de afgelopen drie weken verder onderhouden?

A: Van mijn eigen geld. Mijn vriendin heeft mij ook wel geholpen met bijvoorbeeld sigaretten of eten. O: Verdachte wordt een foto getoond van hem met twee andere mannen.

A: Dat ben ik, [medeverdachte 1] en een vriend van [medeverdachte 1] . Ik heb hem hier leren kennen. Ik ken zijn naam niet, maar hij wordt [bijnaam medeverdachte 5] (de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 5] ) genoemd.

V: Met wie was [bijnaam medeverdachte 5] hier? A: Met zijn vriendin.

4. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 10 oktober 2023, opgenomen op pagina 677 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als verklaring van [medeverdachte 2] :

V: Wanneer ben je naar Nederland gekomen?

A: Vrijdagnacht. Met een minibus die vervoerd mensen. Ik wist het adres van mijn vriend. [medeverdachte 1] . Hij doet prostitutie. Hij heeft mij een sleutel gegeven van een ander huis zodat ik daar kon verhuizen. [adres] , [adres] .

De meisjes hadden nog geen sites geopend. Het was weekend en zij konden niks doen. V: Wie zouden die sites maken? A: [slachtoffer 3]

V: [slachtoffer 3] is jouw vriendin? A: Ja. [naam 1] is de vriendin van [medeverdachte 1] . Ik noem hem [medeverdachte 1] . [bijnaam verdachte] (de rechtbank begrijpt: verdachte) is een vriend van [medeverdachte 1] . Ik heb hem hier leren kennen. [slachtoffer 1] is de vrouw van [bijnaam verdachte] . V: Het zijn allemaal stellen dus? A: Ja.

V: [adres] , wie hebben daar verbleven?

A. [medeverdachte 1] en [bijnaam verdachte] . Hun twee met hun vrouwen. Een vriend van mij had een auto en die hielp ons. Een Passat. Wit van kleur. [bijnaam medeverdachte 4] (de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 4] ). Ik ben alleen mee geweest als passagier.

V: Wie betaalt er voor de woning?

A: 100 euro per vrouw per dag. De mannen hoefden niet te betalen.

5. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen recensies seksadvertentie [advertentienaam] / [slachtoffer 1] d.d. 16 november 2023, opgenomen op pagina 1804 e.v. inhoudend als relaas van verbalisant [verbalisant] :

Uit onderzoek BJARNA is gebleken dat de advertentie van [advertentienaam] ' op Kinky.nl van

[slachtoffer 1] is. Sekswerkers kunnen via Kinky.nl de mogelijkheid aan en uit zetten voor klanten om een score en recensie te plaatsen van hun interactie en/of afspraak met de betreffende sekswerker. Op 16 oktober 2023 zag ik bij de advertentie van [slachtoffer 1] op Kinky.nl dat drie personen overwegend negatieve recensies hadden geplaatst. Wel gaven ze allen aan dat de foto's in de advertentie correct waren.

Recensie [naam 4] Geplaatst 3 maanden geleden (i.e. juli 2023)

“If I can give it 0 stars, I will. The lady gave the impression that she speaks English via

communication over WhatsApp, but when we met, she didn't even speak one word in English or Dutch. Before the meeting, she agreed on 69 and BJ without condom for 200 per hour, and when we met, she asked for 50 more via Google Translate, and even after paying the extra 50, the first thing she did was put a condom on me, which stressed me out. (..) Big con: don't go here and be aware that the same address is used by many ladies from the same country. I am not sure about the other ladies, but this one was a con."

Recensie [naam 5] Geplaatst 14 dagen geleden (i.e. 2 oktober 2023)

Was echt matig heb betaald voor zonder condoom maar ze deed gelijk condoom erom heen sex was ook matig zat geen beweging in hele tijd op telefoon letten niks anders had gevoel dat ik gelijk eruit moest was er nog geen 10 min Terwel ik betaald had voor uurtje"

6. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen onderzoek telefoon [verdachte ] d.d. 19 oktober 2023, opgenomen op pagina e.v. 1729 van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant [verbalisant] :

Op 9 oktober 2023 is de politie binnengetreden in de woning aan [adres] te Groningen. In de woning werd onder andere aangetroffen: [verdachte ] . Bij

hem werd een telefoon aangetroffen en deze is in beslag genomen.

De eerste noemenswaardige activiteiten zijn te zien op 9 juli 2023 en de telefoon is gebruikt tot op de dag van de inbeslagneming op 9 oktober 2023.

Op de telefoon zijn verschillende gebruikersaccounts opgeslagen, van [slachtoffer 1] en [verdachte ] :

Eén opvallende afwijking van de hierboven genoemde accounts, betreft een Whatsapp business-gebruikersaccount [advertentienaam] , met het telefoonnummer [telefoonnummer] . Dit telefoonnummer werd gebruikt voor een seksadvertentie op Kinky.nl (werknaam [advertentienaam] ).

Op de telefoon staat een grote hoeveelheid beeldmateriaal. Ook zijn er verschillende fotos gemaakt van [slachtoffer 1] , waarbij zij niet degene was die het toestel in handen had.

Daarnaast zijn er diverse fotos gemaakt met dit toestel die zijn gebruikt bij de seksadvertentie van [advertentienaam] ' op Kinky.nl.

7. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen vertaling chat tussen [verdachte ] en [slachtoffer 1] d.d. 14 november 2023, opgenomen op pagina 1698 e.v. van voorgenoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant [verbalisant] :

In dit proces-verbaal is de WhatsApp chat beschreven tussen verdachte [verdachte ] en zijn vriendin [slachtoffer 1] . Ik zag dat de chat begon op 8 maart 2023 en eindigde op 9 oktober 2023.

[afkorting slachtoffer 1] [gebruikersnaam 1] [afkorting slachtoffer 1] ( [slachtoffer 1] ) [gebruikersnaam 2] (verdachte [verdachte ] )

[afkorting slachtoffer 1] 30-9-2023 22:48:38 150 met wil hij het

30-9-2023 Ok

[afkorting slachtoffer 1] 30-9-2023 Tikkie

30-9-2023 Momenteel. Van 300. Direct. Nee? Jij en [naam 1] ?

[afkorting slachtoffer 1] 30-9-2023 Ja. Wacht, ik praat hier, ik vertel hem over plassen

30-9-2023 Oké. Vertel hem dat je je hebt onthouden. Voor hem om niet te plassen. Onthouding. Zowel jij en zij. Voor hem. Omdat hij een aardige jongen is

[afkorting slachtoffer 1] 30-9-2023 Ja

30-9-2023 Dus voor hoeveel doe ik het? (..)

[afkorting slachtoffer 1] 30-9-2023 22:53:15 Nu zegt hij dat hij niet wil betalen voor het likken 30-9-2023 en kont. 20. Laat de kut. De kus is gratis. Kont 20. Wil hij?

[afkorting slachtoffer 1] 30-9-2023 Ja

dus hoeveel/voor hoeveel doe ik. Vraag het hem

[afkorting slachtoffer 1] 30-9-2023 Even wachten

30-9-2023 Ok

[afkorting slachtoffer 1] 30-9-2023 Tikkie 440 in totaal. 220 ik 220 zij

30-9-2023 Ja

[afkorting slachtoffer 1] 30-9-2023 maak de tikkie 30-9-2023 ik het gestuurd (..)

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 03:17:17 Hij kwam om 43, hij heeft nog 16 minuten 1-10-2023 Hoe 16 [slachtoffer 1] je kunt niet rekenen. Je moeder mag doodgaan [afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 Nou er zijn 26 min verstreken

1-10-2023 hij wil nog blijven 36

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 Ja 36 1-10-2023 Ga toch weg. Lul.

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 wacht ik vraag het aan hem

1-10-2023 ga naar de duivel. In mijn lul. Je blijft langer dan nodig joh. Ik neuk je doden 1-10-2023 ik heb het niet goed gerekend ik keek snel

1-10-2023 wil hij nog?

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 wacht even

1-10-2023 Je hebt het hem nog niet gevraagd. Ik neuk je doden. Stom wijf. Dom. Je maakt me kwaad [afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 Ik praat met hem op google je stuurt bericht na bericht

1-10-2023 joh, hoe gaat het. Je blijft precies een uur?

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 Ik praat met hem, dat hij nog een half uur blijft en ik zei 100, hij vindt het veel. Ik zei dat de tijd om is

1-10-2023 Schop hem eruit als hij niet wil.

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 [bijnaam verdachte] , ik maak ruzie met hem. Hij wil niet weggaan want het uur is niet om, zegt ie

1-10-2023 hij heeft 44 min laat het hem zien [afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 we praten

1-10-2023 praten, maar je blijft echt. Ik stop mijn lul in zijn ras. Langer dan het moet. Je vindt het leuk, he? Je let niet op. Of wat?

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 Je loopt te zeiken, ik keek net, toen ik zei dat hij het overmaakt en ik tegen hem zei dat hij klaar is

1-10-2023 je hebt drie minuten. Ik steek mijn lul in je ras. Jouw [afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 ik zei dat hij/het klaar is

1-10-2023 ga naar de duivel. Je doden. Joh. Je blijft langer dan nodig. ik ga mijn lul in je moeder steken, stomme die je bent. Niet geletterd. Die niet kan rekenen/tellen. Op je geld. Je blijft langer dan je zou moeten.

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 ik heb je gezegd dat zei dat ik klaar ben/dat het klaar is. nu zegt hij dat hij een recensie schrijft

1-10-2023 Is hij weg? Laat hem het doen. Want je bleef langer dan de bedoeling was. [afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 om 43 is hij aangekomen

1-10-2023 hij vertrok/hij is vertrokken 7 min sinds hij klaar is en ik sla je sla (..)

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 05:16:26 31591400664 heeft gebeld. 1-10-2023 op de trap

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 ok 1-10-2023 hij komt naar boven

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 hij is er. 150

1-10-2023 ja normaal 1 uur

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 ja ik heb er nog 50 genomen/gekregen voor het likken

1-10-2023 ok hoe gaat het. Je komt binnen en zegt niets joh. Niets. Mijn lul. Wie heb je opgezocht dat je niets hebt geschreven

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 ik keek hoe laat hij is gekomen 1-10-2023 aha

[afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 je bedonderd de boel heel herg 1-10-2023 jeetje wat maak je me kwaad (..)

1-10-2023 21:53:59 die duivel komt eraan 150 een half uur zonder hij is in de buurt zei hij [afkorting slachtoffer 1] 1-10-2023 ok. Ik ga het bed opmaken.

1-10-2023 ok over 6-7 minuten is hij er. (..)

[afkorting slachtoffer 1] 2-10-2023 20:49:29 Hij wil [naam 1] ook zien

2-10-2023 goed

[afkorting slachtoffer 1] 2-10-2023 maar hij wil haar niet 2-10-2023 ok

[afkorting slachtoffer 1] 2-10-2023 hij wilde roken en ik heb hem naar de woonkamer gebracht

2-10-2023 ok. Vanaf nu laat je ze roken. Steek ik mijn lul in je moeder. Want het is niet jouw huis. Ga naar je doden. Kapotte. Ik sla je. Sla.

[afkorting slachtoffer 1] 2-10-2023 Nou ik bracht hem naar de woonkamer zodat hij kan roken 2-10-2023 als je ze volgende keer niet daar laat roken sla ik je. Sla

[afkorting slachtoffer 1] 2-10-2023 ik heb hem niet daar laten roken

2-10-2023 joh. Je moet ze laten/toestaan. Laat ze. Anders sla ik je. Ga naar mijn lul. Lees. Wat ik zeg. Dooie. Ik sla je. Je werkt op me zenuwen. Volgende keer als de sukkel wil roken en je laat hem niet sla ik je.

[afkorting slachtoffer 1] 2-10-2023 oke

2-10-2023 lees verdomme. Ongeletterde. Je leest niet goed. (..)

6-10-2023 22:27:13 Kom op, je bent gaan roken. Jij. Rondhangen met de meiden. Ik stop mijn lul in je ras. Wacht maar af. Ik sla je tegen je hoofd [slachtoffer 1] .

[afkorting slachtoffer 1] 6-10-2023 Ik heb niet meer gerookt sinds je naar buiten ging. Sindsdien heb ik niet gerookt. Ze vroeg om een sigaret en ik stak er ook een op om te roken

6-10-2023 joh. Je hebt 7 min sinds je rookt. Ik sla je. Als ik naar boven kom. Geef ik je een klap. Ik zal je door elkaar schudden schudden schudden (..)

7-10-2-23 01:15:17 Klaar. Ik sla je. Ik zweer het op mijn moeder. Kom op, doe je werk. Als je onzin uitkraamt zal ik je verrot slaan. Ik zweer het op mijn moeder.

9-10-2023 15:58:57 let op wat je zegt als je met haar/hem praat ik zweer het op mijn moeder (dat ze dood gaat) aan kanker. Als ik je hand niet van je schouder ruk. Van de elleboog en gewrichten.

[afkorting slachtoffer 1] 9-10-2023 wat zou ik kunnen zeggen/bespreken 9-10-2023 ik zweer dat mijn moeder vandaag mag doodgaan

[afkorting slachtoffer 1] 9-10-2023 je ik heb er niets mee te maken Om te praten

9-10-2023 hij kijkt naar je, ik steek mijn lul in zijn ras, en ik vreet je op, ik zweer het. Als ik je handen niet van je schouder breek (..)

[afkorting slachtoffer 1] 9-10-2023 wat is de reden dat je mijn handen breekt? 9-10-2023 ik trek je kiezen uit, mijn moeder en mijn familie mogen doodgaan

8. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen fouillering [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] d.d. 16 oktober 2023, opgenomen op pagina 1430 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant [verbalisant] :

Ik zag dat [slachtoffer 1] twee tasjes bij zich droeg. Ik zag dat zij een beige portemonnee bij zich had, welke was voorzien van Bosniche, Moldavische en Roemeense geldbiljetten. Ik heb geen Eurobiljetten aangetroffen.

[slachtoffer 1] liet mij op afstand zien dat het roze tasje leeg was. Echter toen ik zelf het tasje bekeek vond ik achter een ritsje aan de binnenzijde van het tasje twee MoneyGram klantenkaarten. Ik zag dat deze kaarten waren voorzien van de namen [verdachte ] en [slachtoffer 1] .

9. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen money transfers d.d. 10 januari 2024, opgenomen op pagina 2065 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant [verbalisant] :

Op 4 juli 2023 heb ik namens de Officier van Justitie een vordering 126nd Wetboek van

Strafvordering doen toekomen aan de Nederlandse Bank ten einde de money transfers te verkrijgen die door [verdachte ] zijn gedaan in Nederland.

In proces-verbaal AH-051 (zie bewijsmiddel 8) is gerelateerd dat er een klantenkaartje is aangetroffen van Moneygram met daar op de naam [verdachte ] , geboren [geboortedatum] 1997.

In het verhoor verdachte van [verdachte ] , zegt hij het volgende:

“O: Wij laten een afbeelding zien van twee moneygram klantenkaart. V: Daar staat een NL-telefoonnummer op...

A: Ik ben daar geweest, zij heeft dit kartonnetje voor mij gemaakt. V: Er staan jouw gegevens op, waar komt dat nummer vandaan?

A: Er staat [verdachte ] op. Die mevrouw heeft deze kaart voor mij gemaakt, ik ben op [geboortedatum] geboren. Er staat een andere dag op.”

Naar aanleiding van deze feiten en omstandigheden heb ik namens de Officier van Justitie een nieuwe vordering gedaan bij Moneygram op de nieuwe persoonsgegevens van verdachte [verdachte ] . Ik ontving de volgende gegevens:

Vanaf 26 juli 2023 tot en met 16 september 2023 heeft [verdachte ] , verdeeld over zes transacties van 4x 500 euro en 2x 1000 euro, een totaalbedrag van 4000,00 euro verzonden aan respectievelijk [naam 1] (4x

500 euro) en [naam 2] (2x 1000 euro). Alle bedragen zijn verzonden vanaf [bedrijf] te Groningen en opgenomen in [plaats] Roemenië. De kosten die zijn gemaakt voor de gedane money transfers bedragen 159,96 euro.

1. HR 27 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BI7099 (Chinese Horeca); HR 24 november 2015,

ECLI:NL:HR:2015:3309.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?