ECLI:NL:RBNNE:2026:806

ECLI:NL:RBNNE:2026:806

Instantie Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak 03-03-2026
Datum publicatie 16-03-2026
Zaaknummer 25/1231
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

Varia. Toeslagen. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van het verzoek van eiseres om compensatie kinderopvangtoeslag. Eiseres is het niet eens met de afwijzing. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat eiseres niet voor compensatie in aanmerking kan komen. Eiseres heeft onvoldoende aangedragen om te kunnen vaststellen dat de motivering van verweerder onvoldoende is. Verweerder zich daarom op het standpunt kunnen stellen dat richting eiseres niet is gebleken van institutioneel vooringenomen handelen. Eiseres heeft ook niet onderbouwd waar haar schade uit bestaat. Zij heeft dus geen recht op compensatie voor het toeslagenjaar 2014.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 maart 2026 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres

Belastingdienst/Dienst Toeslagen, verweerder

Samenvatting

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: LEE 25/1231

(gemachtigde: mr. E.P. Groot),

en

(gemachtigde: [gemachtigde] ).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van het verzoek van eiseres om compensatie kinderopvangtoeslag. Eiseres is het niet eens met de afwijzing. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de aanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat eiseres niet voor compensatie in aanmerking kan komen. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. In de bijlage staan wetsartikelen die van belang zijn.

Procesverloop

2. Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor compensatie kinderopvangtoeslag over het jaar 2014. Zij heeft dit gedaan naar aanleiding van de toeslagenaffaire.

Met het primaire besluit van 17 mei 2021 heeft verweerder deze aanvraag afgewezen.

Met het bestreden besluit van 17 februari 2025 op het bezwaar van eiseres is verweerder bij de afwijzing gebleven.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Verweerder heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 28 januari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van verweerder.

Beoordeling door de rechtbank

3. Eiseres schrijft in haar beroepschrift over stopzetting van uitbetaling van de kinderopvangtoeslag in het jaar 2013. Op de zitting bevestigt eiseres het vermoeden van de rechtbank dat dit een verschrijving is en dat zij hiermee het jaar 2014 heeft bedoeld.

Heeft verweerder terecht geconcludeerd dat er in 2014 geen sprake was van institutioneel vooringenomen handelen?

4. Eiseres stelt dat zij in 2014 slachtoffer was van de toeslagenaffaire en daarom recht heeft op compensatie. Verweerder heeft volgens haar institutioneel vooringenomen gehandeld. Eiseres onderbouwt dit als volgt.

In 2014 is de uitbetaling van de kinderopvangtoeslag tijdelijk stopgezet. Eiseres is daardoor in grote financiële problemen geraakt. Zij kon haar betalingsverplichtingen niet meer nakomen en kreeg deurwaarders aan de deur. Dit heeft voor veel spanningen gezorgd bij eiseres en haar kinderen. Verder voert eiseres aan dat verweerder een en ander te fors heeft verrekend met de huur- en zorgtoeslag. Maar in antwoord op haar bezwaren verwijst hij eiseres dan naar een aparte regeling waar zij gebruik van moet maken. Eiseres vindt dat verweerder zich er daarmee te gemakkelijk vanaf maakt. Ook voelt eiseres zich gediscrimineerd vanwege haar dubbele nationaliteit.

5. Verweerder stelt zich op het standpunt dat eiseres geen recht heeft op compensatie, omdat hij in 2014 richting haar niet vooringenomen heeft gehandeld. Uit afzonderlijke onderzoeken en adviezen komt dit ook naar voren. Wel is de kinderopvangtoeslag in januari 2014 met enkele dagen vertraging uitbetaald aan eiseres. Regulier vinden betalingen plaats halverwege de maand. Bij eiseres is het bedrag overgemaakt op 21 januari 2014. Maar deze vertraging van enkele dagen betekent nog niet dat er bij verweerder sprake is van vooringenomenheid. Verder merkt verweerder op dat hier gaat om een verzoek herbeoordeling kinderopvangtoeslag. Verrekeningen met huur- en zorgtoeslag of bezwaren kunnen daarbij niet worden betrokken. Bovendien is daar een andere regeling voor en dat is ook wat de Wht voorschrijft. Verweerder heeft dus niet te kort door de bocht geoordeeld, maar slechts zijn wettelijke bevoegdheid uitgeoefend.

6. De rechtbank komt tot het oordeel dat deze beroepsgrond van eiseres niet slaagt.

Als gevolg van de kinderopvangtoeslagaffaire kan een gedupeerde worden gecompenseerd, wanneer zij aantoonbaar schade heeft geleden als gevolg van institutionele vooringenomenheid van verweerder.

Voor de motivering van het bestreden besluit heeft verweerder verwezen naar het advies van de bezwaaradviescommissie (de bac). De rechtbank stelt vast dat de bac in zijn advies gemotiveerd is ingegaan op de bezwaren van eiseres. Daarbij is de bac tot de conclusie gekomen dat zij geen recht heeft op compensatie, omdat niet is gebleken van institutionele vooringenomenheid of geleden schade. Het enige dat wel naar voren komt is dat eiseres enkele dagen te laat is uitbetaald in januari 2014. Maar uit rechtspraak volgt dat dit niet wordt aangemerkt als vooringenomen handelen.

Verder stelt de rechtbank vast dat deze procedure alleen gaat over compensatie met betrekking tot kinderopvangtoeslag. De bepalingen die hiervoor gelden staan in de Wht, Afdeling 2.1. Compensatie en tegemoetkomingen gedupeerde aanvrager kinderopvangtoeslag. Dat zijn dus de bepalingen waar de rechtbank in deze zaak naar kijkt. In het geval van compensatie huur- zorgtoeslag (en kindgebonden budget) zijn andere bepalingen geldig en daarvoor geldt dus ook een ander beoordelingskader. Dat verweerder eiseres heeft verwezen naar die bepalingen, is daarom terecht.

De rechtbank komt dan ook tot het oordeel dat eiseres in beroep onvoldoende heeft aangedragen om te kunnen vaststellen dat de motivering van verweerder onvoldoende is. Verweerder zich daarom op het standpunt kunnen stellen dat richting eiseres niet is gebleken van institutioneel vooringenomen handelen. Eiseres heeft ook niet onderbouwd waar haar schade uit bestaat. Zij heeft dus geen recht op compensatie voor het toeslagenjaar 2014. De rechtbank begrijpt dat eiseres een moeilijke tijd heeft gehad, maar dat kan nog niet leiden tot vernietiging van het bestreden besluit.

Conclusie en gevolgen

7. Het beroep is ongegrond. Eiseres krijgt dus geen gelijk. Zij krijgt daarom het griffierecht niet terug en ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.W. de Jonge, rechter, in aanwezigheid van

K.D. Bosklopper, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 3 maart 2026.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving

Algemene wet bestuursrecht

Artikel 2:4

1. Het bestuursorgaan vervult zijn taak zonder vooringenomenheid.

(…)

Wet hersteloperatie toeslagen

Artikel 2.1. Compensatie en aanvullende compensatie voor aanvrager kinderopvangtoeslag

1. De Dienst Toeslagen kent op aanvraag compensatie toe aan een aanvrager van een kinderopvangtoeslag, die schade heeft geleden, doordat ten aanzien van hem:

a. voor 23 oktober 2019 bij de uitvoering van de kinderopvangtoeslag sprake is geweest van institutionele vooringenomenheid van de Dienst Toeslagen; (…)

Besluit Compensatieregeling CAF 11 en vergelijkbare (CAF-)zaken

(geldend van 8 september 2020 tot en met 4 november 2022, vervallen per 2 februari 2023 met terugwerkende kracht tot en met 5 november 2022)

2.2.

Vergelijkbare (CAF-)onderzoeken

(…)

De Adviescommissie heeft in haar advies de (CAF-)onderzoeken geïdentificeerd waarin waarschijnlijk sprake is geweest van een institutioneel vooringenomen handelwijze of waarin mogelijk sprake is geweest van een institutioneel vooringenomen handelwijze. De Belastingdienst/Toeslagen zal voor deze (CAF-)onderzoeken aan de hand van de door de Adviescommissie beschreven kenmerken beoordelen of daadwerkelijk sprake was van een institutioneel vooringenomen handelwijze. Het gaat hierbij om de volgende kenmerken:

1. Een collectieve stopzetting zonder een voorafgaande individuele beoordeling die dit rechtvaardigde (‘zachte stop’).

2. Het breed uitvragen van bewijsstukken over één of meerdere jaren.

3. Een zero tolerance-onderzoek naar fouten, tekortkomingen en ontbrekende bewijsstukken met (soms/veelal) een tweede check wanneer bij eerste lezing geen grond voor afwijzing was gevonden.

4. Het niet nader uitvragen van informatie bij gebleken tekortkoming in de door de ouder verstrekte bewijsstukken.

5. Het afwijzen of reduceren van de aanspraak op kinderopvangtoeslag bij de minste of geringste onregelmatigheid in de door de ouder verstrekte bewijsstukken.

Bij de beoordeling van de (CAF-)onderzoeken aan deze kenmerken gaat het niet om de optelsom van deze kenmerken of het afzonderlijk aanwezig zijn daarvan, maar om het in samenhang voorkomen daarvan in een onderzoek. De afwezigheid van één kenmerk betekent niet dat er geen sprake is van een institutioneel vooringenomen handelwijze evenmin als dat de aanwezigheid van meerdere kenmerken per definitie een institutioneel vooringenomen handelwijze betekent. De beoordeling geschiedt op basis van alle op de zaak betrekking hebbende stukken, inclusief het onderzoeksdossier.

(…)

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?