RECHTBANK Noord-Nederland
Civiel recht
Zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer: C/18/251334 / KG ZA 26-4
Vonnis in kort geding van 12 maart 2026
in de zaak van
SCHIETVERENIGING ''WILHELMINA'',
te Leeuwarden ,
eisende partij,
hierna te noemen: SV Wilhelmina ,
advocaat: mr. D.S. Muller,
tegen
STICHTING INDOORSCHIETBAAN LEEUWARDEN,
te Leeuwarden,
gedaagde partij,
hierna te noemen: SISL,
advocaat: mr. T.E. Heslinga.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties
- de conclusie van antwoord met producties
- de nadere producties van SISL- de mondelinge behandeling van 4 maart 2026- de pleitnota van SV Wilhelmina .
2. De feiten
SV Wilhelmina is een schietvereniging. SISL is een stichting die een indoorschietbaan in Leeuwarden exploiteert. Deze schietbaan wordt door meerdere schietverenigingen gebruikt en die hebben daarvoor huurovereenkomsten met SISL gesloten.
Het bestuur van SISL wordt op grond van haar statuten gevormd door leden die worden afgevaardigd door een aantal in die statuten genoemde schietverenigingen.
Op 27 oktober 2025 heeft er een vergadering van het bestuur van SISL plaatsgevonden. De voor deze zaak van belang zijnde bepalingen uit de statuten van SISL luidden op dat moment als volgt:
Artikel 3
De Stichting heeft ten doel:
a. het behartigen van belangen van sport- en jachtschietverenigingen; en
b. al hetgeen in de ruimste zin met het voorgaande verband houdt, daartoe behoort en/of
daartoe bevorderlijk kan zijn.
Bestuur
Artikel 5
De Stichting heeft een Bestuur bestaande uit elf (11) of meer personen, als volgt te
benoemen:
a. drie (3) bestuurders, door en uit de leden van Schietsportvereniging de Vrijheid;
b. twee (2) bestuurders, door en uit de leden van Schietsportvereniging Hertog
Hendrik ;
c. twee (2) bestuurders, door en uit de leden van Schietsportvereniging Wilhelmina :
d. twee (2) bestuurders, door en uit de leden van Kleiduiven Schietvereniging
Friesland;
e. twee (2) bestuurders, door en uit de leden van Schietsportvereniging S.V. Noconi;
f. het Bestuur is bevoegd maximaal negen (9) bestuurders te benoemen die over specifieke, door het Bestuur gewenste, deskundigheid beschikken.
Het Bestuur is bevoegd de door de Sportverenigingen voorgedragen bestuurders, zoals bedoeld onder dit Artikel 5,1 sub a tot en met e, af te wijzen. Een besluit tot afwijzing van een voorgedragen bestuurslid kan slecht worden genomen met volstrekte meerderheid in een uitsluitend tot dat doel bijeengeroepen vergadering.
Het aantal bestuurders wordt, met inachtneming van het bepaalde in Artikel 5.1, door het Bestuur vastgesteld
Taak en bevoegdheden
Artikel 7
Behoudens de beperkingen volgens de Statuten is het Bestuur belast met het besturen van de Stichting. Bij de vervulling van hun taak richten de bestuurders zich
naar het belang van de Stichting en de met haar verbonden onderneming of organisatie.
Bestuursvergaderingen
Artikel 8
Vergaderingen van het Bestuur worden gehouden in de gemeente waar de Stichting
haar zetel heeft. Vergaderingen kunnen voorts worden gehouden op zodanige andere
locatie als de bestuurders, al dan niet bij reglement, unaniem zijn overeengekomen.
leder kwartaal wordt ten minste één bestuursvergadering gehouden.
Vergaderingen van het Bestuur zullen voorts steeds worden gehouden, wanneer de
voorzitter dit wenselijk acht of indien één van de andere bestuurders daartoe
schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen onderwerpen aan de
voorzitter het verzoek richt. Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg
geeft, zodanig dat de vergadering kan worden gehouden binnen drie (3) weken na het
verzoek, is de verzoeker gerechtigd zelf een vergadering bijeen te roepen op een door
hem te bepalen plaats en met inachtneming van de bij deze Statuten vereiste
formaliteiten.
De oproeping tot de vergadering geschiedt — behoudens het in de tweede zin van
artikel 8.3 bepaalde — schriftelijk door de secretaris (of in geval van zijn ontstentenis of
belet, de bestuurder die de taken van de voorzitter vervult of waarneemt), ten minste
acht (8) dagen tevoren, de dag van oproeping en die van de vergadering niet
meegerekend, schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen
onderwerpen.
Indien de door de Statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van
vergaderingen van het Bestuur niet in acht zijn genomen, kunnen desalniettemin
geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits
in de betreffende vergadering van het Bestuur alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn en mits geen van hen zich tegen de besluitvorming in de betreffende vergadering verzet.
Het Bestuur kan enkel besluiten nemen indien ten minste de helft van het aantal
zitting hebbende bestuurders ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is, onverminderd het bepaalde in Artikel 9. (…)
Bijzondere besluiten
Artikel 9
Besluiten van het Bestuur tot;
a. (…)
c. statutenwijziging;
(…)
kunnen slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde
(2/3) van de geldig uitgebrachte stemmen, genomen in een vergadering waarin alle
bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
Statutenwijziging
Artikel 13
Het Bestuur is met inachtneming van het bepaalde in deze Statuten bevoegd de
Statuten te wijzigen.
Op 27 oktober 2025 heeft een bestuursvergadering van SISL plaatsgevonden.
De vooraf aan de bestuursleden toegezonden agenda luidde als volgt:
1 Opening en vaststellen agenda;
2 Benoeming [naam 1] ;
3 Waar staan we nu ( [naam 2] );
4 Aanpassen statuten nodig?;
5 Grondwerk ( [naam 3] , zie mail [naam 4] );
6 Rondvraag;
7 Sluiting vergadering.
De agenda bevatte als bijlage enige stukken met betrekking tot agendapunt 5 en aanpassing van de schietbaan.
Tijdens de vergadering van 27 oktober 2025 is besloten om de statuten van SISL te wijzigen in die zin dat SV Wilhelmina geen bestuursleden meer zou kunnen voordragen. Op de twee bestuursleden die op voordracht van SV Wilhelmina in het bestuur van SISL zaten na hebben alle bestuursleden hier voorgestemd.
Op 7 november 2025 is deze wijziging in de statuten doorgevoerd en wordt zij in artikel 5.1 van de statuten niet meer genoemd. Tijdens een bestuursvergadering van
3 december 2025 zijn de twee bestuursleden die op voordracht van SV Wilhelmina in het bestuur van SISL zaten ontslagen.
Bij exploot van 13 januari 2026 heeft SV Wilhelmina SISL in een bodemprocedure gedagvaard voor deze rechtbank met een vordering die strekt tot nietigverklaring dan wel vernietiging van de bestuursbesluiten van 27 oktober 2025 en 3 december 2025 aangaande de statutenwijziging en het ontslag van de bestuurders die door SV Wilhelmina waren voorgedragen.
3. Het geschil
SV Wilhelmina vordert in dit kort geding, bij vonnis zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad;
1. de besluiten van 27 oktober 2025 en 3 december 2025 te schorsen totdat in de
bodemprocedure op de vorderingen van SV Wilhelmina (zoals ingesteld bij
dagvaarding) is besloten;
2. de op 7 november 2025 vastgestelde statuten buiten werking te stellen totdat in de
bodemprocedure op de vorderingen van SV Wilhelmina (zoals ingesteld bij
dagvaarding, productie 3) is besloten;
3. SISL te veroordelen in de kosten van dit geding.
SISL heeft verweer gevoerd tegen de vordering.
4. De beoordeling
SISL heeft bij haar verweer onder meer het spoedeisend belang bij de vordering van SV Wilhelmina betwist. Zij heeft in dit verband aangevoerd dat over de geldigheid van de twee aangevochten bestuursbesluiten in de bodemprocedure moet worden beslist.
De statutenwijziging is al geëffectueerd en het schorsen van het besluit tot statutenwijziging zou voor het bestuur leiden tot een onwerkbare situatie. Het gaat hier om een interne bestuursaanpassing en die heeft geen onmiddellijk onomkeerbare externe gevolgen.
SV Wilhelmina heeft volgens SISL ook niet concreet gesteld welke onherstelbare schade zij lijdt indien de uitkomst van de bodemprocedure wordt afgewacht. Een louter bestuurlijk meningsverschil levert geen spoedeisend belang op. Dat SV Wilhelmina mee wil beslissen over de indoorschietbaan is geen argument voor spoedeisend belang.
Met SV Wilhelmina is er een huurovereenkomst met betrekking tot het gebruik van de schietbaan en die overeenkomst wordt door SISL gerespecteerd, zodat volgens SISL ook daarin geen spoedeisendheid is gelegen.
SV Wilhelmina heeft gesteld dat zij wil voorkomen dat het bestuur nog meer
voor haar nadelige besluiten neemt zonder dat zij hierop vanuit het bestuur kan reageren. Zij hoort nu niet meer wat er speelt bij SISL. Zij kan haar stem niet meer in het bestuur laten horen waardoor haar belangen niet worden betrokken bij besluitvorming. In het bijzonder heeft zij in dit verband gewezen op veranderingen in de huurprijzen en de verlenging van de huurovereenkomst.
De voorzieningenrechter oordeelt hierover als volgt. Artikel 254 Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv) vereist spoedeisendheid of spoedeisend belang om een voorziening in kort geding te kunnen verkrijgen. De vraag of een eisende partij in kort geding voldoende spoedeisend belang heeft bij de gevraagde voorziening, dient volgens de Hoge Raad beantwoord te worden aan de hand van een afweging van de belangen van partijen, beoordeeld naar de toestand ten tijde van de uitspraak.
Volgens artikel 3 van de statuten behartigt SISL de belangen van de schietsportverenigingen en daarmee ook de belangen van SV Wilhelmina . In die zin is de belangenbehartiging statutair gewaarborgd, ook in de huidige situatie waarin er geen bestuursleden meer zijn die SV Wilhelmina heeft aangedragen.
SV Wilhelmina heeft een voorziening gevorderd voor de periode hangende de bodemprocedure en deze voorziening ziet daarom slechts op een beperkte periode.
Voor wat betreft de huurrelatie geldt dat er in het afgelopen jaar een nieuw vijfjaarscontract tussen partijen is gesloten waarvan SISL heeft verklaard dat zij daaraan is gebonden. De voorzieningenrechter is gezien dit feit van oordeel dat verlenging van de huurovereenkomst zodanig ver in de toekomst ligt dat dit buiten de periode ligt waarvoor de gevorderde voorziening, indien toegewezen, zou gelden.
Het door SV Wilhelmina aangedragen argument met betrekking tot de huurprijs kan evenmin bijdragen aan het gestelde spoedeisende belang. SV Wilhelmina huurt de accommodatie van SISL net als andere huurders en niet is aannemelijk gemaakt dat de huidige afwezigheid van door SV Wilhelmina voorgedragen bestuursleden haar voor wat betreft de huurprijs kan benadelen. Daarbij geldt dat, mocht SISL een in de ogen van SV Wilhelmina onredelijke huurverhoging doorvoeren, daartegen rechtsmiddelen openstaan.
Ter zitting is gebleken dat het bestuur van SISL de besturen van de in artikel 5.1 van de statuten genoemde verenigingen in de regel niet informeert over haar bestuursvergaderingen door middel van het toezenden van de notulen. Deze verenigingen zullen dit moeten vernemen via de door hen voorgedragen bestuursleden. SV Wilhelmina is hierdoor momenteel verstoken van deze informatie, maar haar positie is daardoor momenteel niet anders dan die van andere huurders van de accommodatie die geen bestuursleden in SISL voordragen. Ter zitting is verder gebleken dat SV Wilhelmina op dit moment geen prijs stelt op bijvoorbeeld toezending van de notulen, hetgeen dit door haar gestelde belang relativeert.
SISL heeft verder aangevoerd dat er als gevolg van SV Wilhelmina een vrijwel onwerkbare situatie binnen haar bestuur was ontstaan, alsmede dat het bestuur in feite vleugellam wordt indien de besluiten waar het om gaat nu zouden worden geschorst en dat zij daarom gedurende de periode van de bodemzaak belang heeft bij handhaving van de huidige situatie.
De voorzieningenrechter is alles afwegende van oordeel dat SV Wilhelmina onvoldoende heeft gesteld en aannemelijk gemaakt, mede gelet op het verweer van SISL, waarom onder de huidige omstandigheden de door haar gewraakte besluiten moeten worden geschorst in afwachting van de uitslag in de bodemprocedure. Dit brengt mee dat haar vordering wegens onvoldoende spoedeisend belang zal worden afgewezen.
SV Wilhelmina zal als de in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de proceskosten. Aan de zijde van SISL worden deze kosten begroot op € 723,00 vanwege griffierecht, € 1.177,00 vanwege salaris advocaat (gemiddelde zaak) en € 189,00 vanwege nakosten (totaal € 2.089,00), te voldoen binnen veertien dagen na aanschrijving door SISL, te vermeerderen met, indien SV Wilhelmina niet binnen deze termijn voldoet en SISL overgaat tot betekening van dit vonnis, € 98,00 en de kosten van de betekening.
5. De beslissing
De voorzieningenrechter
wijst de vorderingen af,
veroordeelt SV Wilhelmina in de proceskosten, aan de zijde van SISL begroot op
€ 2.089,00, te voldoen binnen veertien dagen na aanschrijving door SISL, te vermeerderen met, indien SV Wilhelmina niet binnen deze termijn voldoet en SISL overgaat tot betekening van dit vonnis, € 98,00 en de kosten van de betekening,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad voor wat betreft de proceskostenveroordeling,.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. Idzenga en in het openbaar uitgesproken op
12 maart 2026.
c. 730