ECLI:NL:RBOBR:2025:5015

ECLI:NL:RBOBR:2025:5015, Rechtbank Oost-Brabant, 14-08-2025, 11365586 \ CV EXPL 24-7532

Instantie Rechtbank Oost-Brabant
Datum uitspraak 14-08-2025
Datum publicatie 12-12-2025
Zaaknummer 11365586 \ CV EXPL 24-7532
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Eindhoven
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

Arbeidsrecht. Werknemer is op staande voet ontslagen en berust daairn. Werkgever vordert in conventie een gefixeerde schadevergoeding, vergoeding van schade van de weggenomen goederen en kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid. Werknemer vordert in reconventie betaling van loon, vakantiegeld, niet-opgenomen vakantie-uren en overuren.

Uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Eindhoven

Zaaknummer: 11365586 \ CV EXPL 24-7532

Vonnis van 14 augustus 2025

in de zaak van

STIPT POLISH POINT SHOP B.V.,

te Vught,

eisende partij in conventie,

verwerende partij in reconventie,

hierna te noemen: Stipt ,

gemachtigde: mr. D.I. Doolaar,

tegen

[gedaagde] ,

te [plaats] ,

gedaagde partij in conventie,

eisende partij in reconventie,

hierna te noemen: [gedaagde] ,

procederend in persoon.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 11 september 2024 met producties 1 tot en met 9,

- het mondelinge antwoord van 31 oktober 2024,

- de akte wijziging eis van Stipt van 21 maart 2025,

- de mondelinge behandeling van 21 maart 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

Stipt Polish Point Shop B.V. (hierna: “ Stipt ”) is een onderneming die zich heeft gespecialiseerd in de online en offline verkoop van een uiteenlopend assortiment aan autopoetsproducten en -machines.

De producten die Stipt niet via internet verkoopt, verkoopt Stipt in haar eigen fysieke winkel of via externe verkooppunten. Stipt heeft ten behoeve van haar productvoorraad een eigen magazijn op de bovenverdieping van haar bedrijfspand gelegen aan de [adres] te [plaats] . Vanuit dat magazijn worden bestellingen door medewerkers verwerkt, ingepakt en op transport gezet. Dit verwerken van bestellingen geschiedt door personeel dat werkzaam is in de functie van ‘Medewerker Webshop’.

[gedaagde] is op 6 mei 2024 in dienst getreden bij Stipt als Medewerker Webshop voor 40 uur per week op basis van een contract voor bepaalde tijd met als einddatum 6 december 2024, tegen een bruto maandsalaris van € 3.000,00.

Op 16 augustus 2024 is [gedaagde] door Stipt op staande voet ontslagen.

Bij verzoekschrift van 26 augustus 2024 heeft Stipt de voorzieningenrechter van deze rechtbank verzocht om haar vordering op [gedaagde] inclusief rente en kosten te begroten op € 10.000,00, en om ten laste van [gedaagde] conservatoir derdenbeslagen te mogen leggen onder de naamloze vennootschap ING Bank N.V., de naamloze vennootschap ABN AMRO N.V., de coöperatie Coöperatieve Rabobank U.A. en op de in eigendom aan [gedaagde] toebehorende auto met kenteken [kentekennummer] Bij beschikking van 27 augustus 2024 is het verlof verleend, met begroting van de vordering zoals door Stipt verzocht. Stipt heeft vervolgens op 27 augustus conservatoire beslagen gelegd.

3. Het geschil

In conventie

Stipt vordert in conventie na wijziging van eis- samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 8.970,82, vermeerderd met rente en kosten.

Stipt legt aan haar vordering ten grondslag dat [gedaagde] terecht op staande voet is ontslagen wegens diefstal dan wel verduistering. Stipt stelt dat [gedaagde] wegens het rechtsgeldig gegeven ontslag op staande voet een gefixeerde schadevergoeding van € 4.500,00 verschuldigd is die ziet op het loon (inclusief vakantiegeld) over de periode van 16 augustus 2024 tot en met 30 september 2024. Stipt maakt daarnaast aanspraak op vergoeding van de schade die hij heeft geleden als gevolg van de door [gedaagde] ontvreemde producten, wat neerkomt op een bedrag van € 1.175,00. Verder maakt Stipt aanspraak op vergoeding van de gemaakte juridische kosten ter vaststelling van de schade, daaronder begrepen de daadwerkelijke kosten van advocaat en jurist, beslagkosten, deurwaarderskosten en overige juridische kosten, in totaal een bedrag van € 3.295,82.

[gedaagde] voert verweer. [gedaagde] heeft berust in het ontslag op staande voet en erkent dat hij de goederen heeft ontvreemd. Ook de hoogte van het bedrag dat hij aan goederen zou hebben weggenomen betwist [gedaagde] niet. [gedaagde] voert echter aan dat hij moeite heeft met de gevorderde gefixeerde schadevergoeding, omdat hij betwijfelt of daar voldoende grondslag voor is.

In reconventie

[gedaagde] vordert in reconventie – samengevat – betaling van zijn salaris over de eerste helft van augustus 2024, een vergoeding voor niet-genoten vakantiedagen, uitbetaling van overuren en het vakantiegeld over de periode 1 juni tot 16 augustus 2024.

Stipt erkent dat zij geen eindafrekening heeft opgemaakt, maar zij voert aan dat zij nadat er vonnis is gewezen een en ander zal verrekenen met hetgeen [gedaagde] nog aan haar moet betalen.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4. De beoordeling

In conventie en in reconventie

De kantonrechter zal -gelet op de onderlinge samenhang- de vorderingen in conventie en reconventie gezamenlijk beoordelen.

Gefixeerde schadevergoeding

Op grond van artikel 7:677 lid 2 BW is de partij die door opzet of schuld aan de andere partij een dringende reden heeft gegeven om de arbeidsovereenkomst onverwijld op te zeggen een vergoeding verschuldigd, indien de wederpartij van die bevoegdheid gebruik heeft gemaakt. Aangenomen moet worden dat de gefixeerde schadevergoeding strekt ter compensatie van het nadeel dat de wederpartij van de veroorzaker van de dringende reden lijdt, doordat zij wordt geconfronteerd met een eerder einde van de arbeidsovereenkomst dan het geval zou zijn geweest bij opzegging met inachtneming van de geldende opzegtermijn door de partij die aan haar wederpartij een dringende reden voor ontslag op staande voet heeft gegeven.

Stipt heeft [gedaagde] op 16 augustus 2024 op staande voet ontslagen wegens het ontvreemden van handelsvoorraad. [gedaagde] heeft dat erkend en in het ontslag berust. Stipt stelt dat [gedaagde] de dringende reden door opzet of schuld aan haar heeft gegeven en maakt daarom aanspraak op gefixeerde schadevergoeding. [gedaagde] vraagt zich af of er wel voldoende grondslag is voor zo’n vordering. Naar het oordeel van de kantonrechter is tenminste sprake van schuld bij [gedaagde] . Hij heeft immers verwijtbaar gehandeld door handelsvoorraad van Stipt te ontvreemden. Dat betekent dat Stipt aanspraak heeft op de gefixeerde schadevergoeding.

Het betreft een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die tussentijds kan worden opgezegd. In artikel 7:677 lid 3 onder a is bepaald dat in dat geval schadevergoeding gelijk is aan het bedrag van het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging (door de dringende reden gevende partij) had behoren voort te duren. De door [gedaagde] in acht te nemen opzegtermijn was één maand, zodat de gefixeerde schadevergoeding een maandloon van € 3.000,- bruto bedraagt (vgl. ECLI:NL:HR:2023:1058). Dit bedrag zal worden toegewezen, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding op 11 september 2024.

Schade weggenomen goederen

Stipt vordert vergoeding van schade als gevolg van het wegnemen van de goederen van in totaal € 1,175,00. [gedaagde] erkent dat hij de goederen heeft weggenomen en betwist ook niet dat deze goederen een waarde van € 1.175,00 vertegenwoordigen. De gevorderde schade is daarom toewijsbaar. De gevorderde wettelijke rente over de schade zal worden toegewezen vanaf de datum van de dagvaarding, 11 september 2024 (artikel 6:119 BW).

Kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid

Stipt vordert ook betaling van in totaal een bedrag van € 3.295,82 aan kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid als bedoeld in artikel 6:96 lid 2 sub b BW. Stipt legt aan die vordering ten grondslag dat [gedaagde] onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld door goederen uit het magazijn te ontvreemden. Volgens Stipt moeten de kosten die zij in verband hiermee heeft moeten maken, te weten de advocaatkosten, kosten van jurist, beslagkosten, deurwaarderskosten en overige juridische kosten voor rekening van [gedaagde] komen.

Een afdoende specificatie van die kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid geeft Stipt niet. Dat Stipt zoveel kosten heeft moeten maken voor de vaststelling van schade en aansprakelijkheid is ook nauwelijks voorstelbaar. De aansprakelijkheid en schade is eenvoudig vast te stellen. [gedaagde] erkent immers dat hij handelsvoorraad van Stipt heeft ontvreemd, hij erkent ook aansprakelijkheid daarvoor, terwijl de schade een gemakkelijke optelsom is van de inkoopwaarde van de ontvreemde handelsvoorraad. Ook die schade is door [gedaagde] erkend. Het lijkt erop dat Stipt langs een omweg de werkelijke proceskosten vergoed wil krijgen, maar voor vergoeding daarvan, als uitzondering op de limitatieve en exclusieve regeling voor de proceskosten in de artikelen 237 tot en met 240 Rv, bestaat alleen aanleiding onder buitengewone omstandigheden (misbruik van procesrecht of het onrechtmatig instellen van een procedure), maar dat daarvan sprake is, is gesteld noch gebleken. Deze vordering zal dus worden afgewezen.

De beslagkosten komen, zij het deels, voor rekening van [gedaagde] . Op grond van artikel 706 Rv kunnen de kosten van een conservatoir beslag worden teruggevorderd, tenzij het beslag nietig, onnodig of onrechtmatig was. [gedaagde] ’ salaris werd gebruikelijk gestort op zijn bankrekening bij ING-bank. Het is dus begrijpelijk dat Stipt onder die bank beslag heeft laten leggen. De kosten van dat beslag moet [gedaagde] vergoeden. De derdenbeslagen onder ABNAMRO-bank en RABO-bank zijn gelegd zonder duidelijke aanwijzingen dat [gedaagde] daar bankrekeningen aanhield. Dat bleek ook niet het geval, zodat die beslagen onnodig zijn gelegd en de kosten daarvan voor Stipt blijven. Omdat Stipt de kosten van de deurwaarder niet voor elk afzonderlijk gelegd derdenbeslag heeft gespecificeerd, zal de kantonrechter de beslagkosten begroten op een derde van de door Stipt gevorderde kosten van de derdenbeslagen, zijnde € 77,76 (233,28 : 3). De gevorderde kosten van het beslag op de auto bedragen € 147,54. De gevorderde beslagkosten worden derhalve toegewezen tot een totaalbedrag van € 225,30. Het griffierecht dat Stipt heeft betaald voor het beslagverzoek wordt meegenomen in de proceskostenveroordeling.

De gevorderde wettelijke rente over de beslagkosten zal worden toegewezen vanaf de veertiende dag na betekening van deze uitspraak (artikel 6:119 BW).

Buitengerechtelijke incassokosten

Stipt vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). De kantonrechter stelt vast dat [gedaagde] een consument is (een natuurlijk persoon die niet heeft gehandeld in de uitoefening van een beroep of bedrijf). Daarom moet de kantonrechter controleren of is voldaan aan de dan geldende extra eisen voor de verschuldigdheid van buitengerechtelijke incassokosten. Stipt heeft aan [gedaagde] een of meer aanmaningen gestuurd die voldoen aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. De gevorderde vergoeding is hoger dan het tarief dat is vermeld in de aanmaning(en) als bedoeld in artikel 6:96 lid 6 BW. De vergoeding wordt daarom toegewezen tot het tarief dat in de aanmaning(en) is vermeld. Daarom zal een bedrag van € 578,99 worden toegewezen. De gevorderde rente over de buitengerechtelijke incassokosten zal worden toegewezen.

Proceskosten in conventie

[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom in conventie de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Stipt worden conform het liquidatietarief (waarbij voor het belang van de zaak is aangesloten bij de hoogte van de toe te wijzen vorderingen) tot op heden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

112,37

- griffierecht

688,00

- salaris gemachtigde

714,00

(3 punten × € 238)

- nakosten

135,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

1.649,37

Loon, vakantiegeld, niet-opgenomen vakantie-uren en overuren

[gedaagde] heeft in reconventie gesteld dat hij het loon over 1 tot en met 15 augustus 2024, het vakantiegeld, het nog openstaande vakantiesaldo en de door hem opgebouwde overuren aan het einde van het dienstverband niet uitbetaald heeft gekregen. Stipt heeft ter zitting erkend dat er nog geen eindafrekening heeft plaatsgevonden. Zij heeft echter aangevoerd dat zij nadat er vonnis wordt gewezen een en ander zal verrekenen met hetgeen [gedaagde] naar verwachting nog aan haar moet betalen.

Nu Stipt in deze procedure geen beroep heeft gedaan op verrekening en heeft erkend dat er nog geen eindafrekening heeft plaatsgevonden is de kantonrechter van oordeel dat de vordering van Stipt tot betaling van het bruto maandloon over de periode 1 tot en met 15 augustus 2024, ter hoogte van € 1.500,00 bruto, toewijsbaar is. Het gevorderde vakantiegeld is naar het oordeel van de kantonrechter naar rato toewijsbaar over de periode 1 juni tot en met 15 augustus 2025, ter hoogte van € 600,00 bruto. Ter zitting heeft [gedaagde] verklaard dat hij geen openstaand vakantiesaldo meer had, waardoor Stipt dan ook geen vergoeding meer verschuldigd is voor niet-opgenomen vakantie-uren. De door [gedaagde] gevorderde vergoeding voor 10 uur aan opgebouwde overuren tegen een uurloon van € 17,30 bruto, ter hoogte van € 173,00 bruto, zal als onbetwist worden toegewezen. In mindering daarop strekt al hetgeen [gedaagde] reeds daarvan zou hebben ontvangen.

Proceskosten in reconventie

Stipt wordt als de in het ongelijk gestelde partij in reconventie veroordeeld in de proceskosten. De kantonrechter vindt het redelijk om deze kosten aan de kant van [gedaagde] – in dit geval – op nihil te begroten, omdat hij in persoon procedeert.

5. De beslissing

De kantonrechter

in conventie

veroordeelt [gedaagde] om aan Stipt te betalen een bedrag van € 3.000,- bruto en een bedrag van € 1.175,- , te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 11 september 2024, tot de dag van volledige betaling,

veroordeelt [gedaagde] in de beslagkosten, tot op heden vastgesteld op € 225,30, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf de veertiende dag na betekening van deze uitspraak tot de dag van volledige betaling;

veroordeelt [gedaagde] om aan Stipt te betalen een bedrag van € 578,99 aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW, vanaf de dag van dagvaarding, tot de dag van volledige betaling,

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.649,37, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

wijst het meer of anders gevorderde af.

in reconventie

veroordeelt Stipt om aan [gedaagde] te betalen een bedrag van € 2.273,00 bruto,

veroordeelt Stipt in de proceskosten aan de kant van [gedaagde] begroot op nihil,

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.A. van Voorthuizen en in het openbaar uitgesproken op 14 augustus 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl AR-Updates.nl 2025-1566
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?